Phytomyza actaeae Hendel, 1922

Diptera, Agromyzidae

mijn Grote, bovenzijdige, grijsgroene, later bruinige blaasmijn met duidelijk primaire en secundaire vraatlijnen. Vaak verscheidene larven in een mijn. Frass in onregelmatig verspreide korrels. Volgens Hering (1957a) heeft de verpopping plaats buiten de mijn, maar Pakalniškis (2004a) schijft het omgekeerde.

mine Large upper-surface, greyish-green, later brownish, blotch with conspicuous primary and secondary feeding lines. Often several larvae in a mine. Frass in irregularly dispersed granules. According to Hering (1957a), pupation takes place outside the mine, but Pakalniškis (2004a) states the opposite.

waardplanten: Ranunculaceae, oligofaag

hostplants: Ranunculaceae, oligophagous

Actaea europaea, japonica, spicata.

Dreger & Myssura (2005a) noemen nog Clematis.

Dreger & Myssura (2005a) additionally mention Clematis.

fenologie Mijnen van mei tot augustus (Hering, 1957a).

phenology Mines from May to August (Hering, 1957a).

BENELUX

Niet bekend uit de Benelux-landen (Fauna Europaea, 2008).

BENELUX

Not known from the Benelux countries (Fauna Europaea, 2008).

verspreiding binnen Europa Van Scandinavië tot de Pyreneeën, Alpen en Polen (Fauna Europaea, 2008); ook Slovenië (Maček, 1999a).

distribution within Europe From Scandinavia to the Pyrenees, Alps, and Poland (Fauna Europaea, 2008); also Slovenia (Maček, 1999a)..

larve Mandibels met 2 alternerende tanden; voorspiraculum gegaffeld, met ca. 12 papillen; achterspiraculum met 16-18 papillen (de Meijere, 1937a).

larva Mandibles with 2 alternating teeth; front spiraculum bifid, with ca. 12 papillae; rear spiraculum with 16-18 papillae (de Meijere, 1937a).

synoniemen Phytomyza nigrociliata Sasakawa, 1961.

synonyms Phytomyza nigrociliata Sasakawa, 1961.

opmerkingen Ook Beri (1971e) publiceert een beschrijving van de larve. De vermelde waardplant, Aster asperulus, maakt echter duidelijk dat de determinatie niet juist kan zijn.

notes Also Beri (1971e) published a description of the larva. However, the hostplant he mentions, Aster asperulus, makes it clear that his identification is incorrect.

literatuur

references

Ahr (1966a), Beiger (1955a, 1960a, 1965a), Beri (1971e), Buhr (1932a, 1941b, 1964a), Dreger & Myssura (2005a), Haase (1942a), Hering (1931f, 1955b, 1957a), Huber (1969a), Maček (1999a), de Meijere (1937a), Michna (1975a), Pakalniškis (2004a), Sasakawa (1961a), Skala & Zavřel (1945a), Sønderup (1949a), Spencer (1976a), Starke (1942a), Starý (1930a), von Tschirnhaus (1999a).

29/11/2011