Phytomyza fallaciosa Brischke, 1880

Diptera, Agromyzidae

Ranunculus repens, Groote Peel

13499_1

Ranunculus repens, Groote Peel

vraatlijnen

13499_3

feeding lines

frass

frass

frass

mijn Een compacte secundaire blaasmijn, zonder eilandjes van niet uitgemineerd bladweefsel. Mijn gewoonlijk vuilbruin verkleurd, sprekend gelijkend op een dood en verrottende bladslip. Zowel primaire als secundaire vraatsporen opvallend. Frass gedeeltelijk in lange draadjes. De verpopping vindt plaats in het blad in een onderzijdig deel van de mijn, vaak een stukje van de eigenlijk mijn verwijderd.

mine A compact secundary blotch, without islands of unmined green tissue. Mines usually dirty brown in colour, strikingly resembling a dead and rotting leaf segment. Both primary and secondary feedling lines apparent. Frass partly in long strings. Pupation takes place within the leaf, in a lower-surface pupal chamber, often somewhat removed from the mine itself.

waardplanten: Ranunculaceae, monofaag

hostplants: Ranunculaceae, monophagous

Ranunculus acer, auricomus, breyninus, lanuginosus, lingua, repens.

Starke (1942a) meldt ook mijnen op Anemone sylvestris, maar dat wordt door latere auteurs niet overgenomen; mogelijk verwarring met mijnen van een Pseudodineura.

Starke (1942a) also reports mines on Anemone sylvestris, but this is not repeated by later authors; possibly consufion with a Pseudodineura mine.

fenologie Larven in mei-juni en augustus-september (Hering, 1957a).

phenology Larvae in May-June and August-September (Hering, 1957a).

BENELUX

BE waargenomen (Mortelmans ea, 2013a).

NE waargenomen (Ellis: Groote Peel, Losser).

LUX niet waargnomen (Fauna Europaea, 2008).

BENELUX

BE recorded (Mortelmans ao, 2013a).

NE recorded (Ellis: Groote Peel, Losser).

LUX not recorded (Fauna Europaea, 2008).

verspreiding binnen Europa Van IJsland, Scandinavië en Finland tot de Pyreneeën en Italië, en van Ierland tot de Balttische Staten en Polen (Fauna Europaea, 2008); ook Turkijë (Mart, Tursun & Civelek, 2005a).

distribution within Europe From Iceland, Scandinavia and Finalnd to the Pyrenees and Italy, and from Ireland to the Baltic States and Poland (Fauna Europaea, 2008); also Turkey (Mart, Tursun & Civelek, 2005a).

synoniemen Phytomyza pseudohellebori Hendel, 1920; Ph. auricomi Hering, 1924; Ph. mimica Hering, 1928; Ph. bonsdorfi Hendel, 1936; Ph. ranunculiphaga Lundqvist, 1950; Ph. fasciola: de Meijere (1937a), Buhr (1941b).

synonyms Phytomyza pseudohellebori Hendel, 1920; Ph. auricomi Hering, 1924; Ph. mimica Hering, 1928; Ph. bonsdorfi Hendel, 1936; Ph. ranunculiphaga Lundqvist, 1950; Ph. fasciola: de Meijere (1937a), Buhr (1941b).

opmerkingen Talrijke mijnen (met puparia en één late larve) gevonden in begin november 2004 in de Groote Peel; eind october 2006 teruggevonden in het Haagsche Bosch bij Losser.

notes Numerous mines (with puparia and one late larva) were found in early November 2004 in the nature reserve de Groote Peel; end October 2006 mines were found again in the Haagsche Bosch near Losser.

literatuur

references

Andersen & Jonassen (1994a), Beiger (1955a, 1960a, 1965a, 1970a, 1979a), Bland (1977a), Buhr (1932a, 1941b, 1964a), Černý (2001a, 2007a, 2011a), Černý & Merz (2006a, 2007a), Černý & Vála (1999a), Dreger & Myssura (2005a), Griffiths (1964a), Hering (1924b, 1928a, 1941a, 1954a, 1955b, 1957a), Huber (1969a), Mart, Tursun & Civelek (2005a), de Meijere (1928a, 1934a, 1937a), Michalska (1972a, 1976a), Mortelmans, Dekeukeleire & Baugnée (2013a), Ostrauskas, Pakalniškis & Taluntyte (2003a), Pakalniškis (2004a), Robbins (1991a), Sønderup (1949a), Spencer (1972a, 1976a), Starke (1942a), Süss (1992a), von Tschirnhaus (1999a), Zoerner (1969a).

22/10/2014