Phytomyza farfarae Hendel, 1935

Diptera, Agromyzidae

Tussilago © György Csóka

_0035

Tussilago © György Csóka

mijn Tot 20 cm lange en slechts 1 mm brede gangmijn. Doordat de gang interparenchymaal verloopt is hij geelgroen. De gang is in het begin vaak stervormig, volgt verderop vaak over grote afstanden een nerf. Frass in parelsnoertjes. Verpopping in de mijn, voorspiracula steken door de epidermis (de Meijere, 1938a).

mine Corridor, up to 20 cm long, and just 1 mm wide. The mine is interparenchymatous, therefore yellow in colour. The first part of the mine often stellate; later parts often follow a thick vein for a considerable length. Frass in pearl chains. Pupation within the mine; the front spiracula penetrate the epidermis (de Meijere, 1938a).

waardplanten: Asteraceae, nauw oligofaag

hostplants: Asteraceae, narrowly oligophagous

Adenostyles alliariae, alpina; Petasites albus, hybridus, paradoxus; Tussilago farfara.

fenologie Larven in juni en augustus (Hering, 1957a).

phenology Larvae in June and August (Hering, 1957a).

BENELUX

Niet bekend uit de Benelux-landen (Fauna Europaea, 2008).

BENELUX

Not known from the Benelux countries (Fauna Europaea, 2008).

verspreiding binnen Europa Van Duitsland en Polen tot Italië en Bulgarijë (Fauna Europaea, 2008); ook Slovenië (Maček, 1999a).

distribution within Europe From Germany and Poland to Italy and Bulgaria (Fauna Europaea, 2008); also Slovenia (Maček, 1999a).

larve Griffiths (1972b).

larva Griffiths (1972b).

puparium De Meijere (1938a, 1941a), Griffiths (1972b).

puparium De Meijere (1938a, 1941a), Griffiths (1972b).

literatuur

references

Beiger (1955a, 1979a), Buhr (1941b), Černý, Vála & Barták (2001a), Csóka (2003a), Dreger & Myssura (2005a), Griffiths (1972b), Hering (1957a), Huber (1969a), Maček (1999a), de Meijere (1938a, 1941a), Skala & Zavřel (1945a), Spencer (1976a), Surányi (1942a), von Tschirnhaus ( 1999a), Ureche (2010a).

27/01/2017