Phytomyza lappae Goureau, 1851

Diptera, Agromyzidae

Arctium sp., Nieuwendam

8635

Arctium sp., Nieuwendam

Arctium sp., Hilversum, Zwarte Berg: frass-patroon

15258_1 15258_2

Arctium sp., Hilversum, Zwarte Berg: frass pattern

mijn Lange, zich weinig verbredende gang. Het eerste deel van de gang is sterk gekronkeld, en het allereerste deel ervan is onderzijdig; voor het overige is de gang bovenzijdig. Het onderzijdige deel is bij doorvallend licht als een lichte plek zichtbaar. De gang is vaak nogal hoekig omdat hij over lange stukken een bladnerf kan volgen. Frass in vrij grote, wijd uiteenliggende korrels, vaak over een heel traject aan dezelfde zijde van de gang liggend. Vaak een aantal mijnen in een blad, dat er dan van een afstand soms bijna wit uitziet. Verpopping buiten de mijn; boogsnede in de bovenepidermis.

mine Long, little widening corridor. The first part is contorted, and its very first stretch is lower-surface; all other parts are upper-surface. The lower-surface part is visible as a light patch when illuminated from behind. The corridor often looks rather angular, because it tends to follow a vein over a considerable distance. Frass in rather large, well-spaced grains, often deposited at the same side of the corridor for a considerable lenghth. Often several mines in leaf, that may seem white then when seen from a distance. Pupation outside the mine; exit slit in upper epidermis.

waardplanten: Asteraceae, monofaag

hostplants: Asteraceae, monophagous

Arctium lappa, minus, nemorosum, tomentosum.

Vermeldingen in de literatuur van Diervilla moeten wel berusten op xenofagie.

Phytomyza cynoglossi, die volgens Hering (1930b, 1957a) zou leven op Cynoglossum, is volgens von Tschinrhaus (1999a) een synoniem van lappae. Als de synonymie correct is moet er iets met het kweken zijn misgegaan - of omgekeerd.

Refences in literature to Diervilla cannot be but due to xenophagy.

Phytomyza cynoglossi, according to Hering (1930b, 1957a) living on Cynoglossum, is according to von Tschinrhaus (1999a) a synonym of lappae. If the synonymy is corrrect, something must have gone wrong with the breeding - or the other way round.

fenologie Larven van mei tot october (Hering, 1957a).

phenology Larvae from May till October (Hering, 1957a).

BENELUX

BE waargenomen (De Bruyn & von Tschirnhaus, 1991a).

NE waargenomen (de Meijere, 1924a).

LUX waargenomen (Ellis: Hockslay).

BENELUX

BE recorded (De Bruyn & von Tschirnhaus, 1991a).

NE recorded (de Meijere, 1924a).

LUX recorded (Ellis: Hockslay).

verspreiding binnen Europa Van Scandinavië en Finland tot de Pyreneeën, Italië en Thracië, en van Engeland tot Bulgarijë (Fauna Europaea, 2008).

distribution within Europe From Scandinavia and Finland to the Pyrenees, Italy and Thrace, and from the UK to Bulgaria (Fauna Europaea, 2008).

synoniemen Phytomyza femoralis von Roser, 1840; Ph. lappina Goureau, 1851; Ph. arctii (Kaltenbach, 1856); Ph. cynoglossi Hering, 1930.

synonyms Phytomyza femoralis von Roser, 1840; Ph. lappina Goureau, 1851; Ph. arctii (Kaltenbach, 1856); Ph. cynoglossi Hering, 1930.

opmerkingen De beschrijving van de larve door de Meijere (1926a, 1928a) is gebaseerd op een mix van verscheidene soorten. Ook de larvebeschrijvingen door Kuroda (1960a) en Sasakawa (1961a) die eveneens ten dele zijn gebaseerd op materiaal van niet-Arctium materiaal moeten met voorzichtigheid worden gebruikt.

notes The description of the larva by de Meijere (1926a, 1928a) is based on a mix of several species. Similarly the descriptions of the larva by Kuroda (1960a) and Sasakawa (1961a) must be used with caution, since they are based in part on larvae isolated from non Arctium plant material.

literatuur

references

Ahr (1966a), Beiger (1955a, 1960a, 1970a, 1978a, 1979a), Beuk (2002a), De Bruyn & von Tschirnhaus (1991a), Buhr (1932a, 1941b, 1964a), Černý (2001a), Černý & Vála (1996a), Černý, Vála & Barták (2001a), Csóka (2003a), Dempewolf (2001a), Drăghia (1967a, 1968a, 1970a, 1971a, 1974a), Dreger & Myssura (2005a), van Frankenhuyzen Houtman & Kabos (1982a), Hering (1926b, 1930b, 1932g, 1936b, 1955b, 1957a), Huber (1969a), Griffiths (1962a), Kabos (1971a), Kuroda (1960a), Kvičala (1938a), Maček (1999a), Manning (1956a), Masetti, Lanzoni, Burgio & Süss (2004a), de Meijere (1924a, 1926a, 1928a, 1939a), Michalska (1970a, 1972a, 1976a, 2003a), Nowakowski (1954a), Ostrauskas, Pakalniškis & Taluntyte (2003a), Pakalniškis (1982b), Popescu-Gorj & Drăghia (1968a), Robbins (1991a) Rydén (1926a), Sasakawa (1961a), Skala & Zavřel (1945a), Sønderup (1949a), Spencer (1953a, 1972a, 1976a), Starke (1942a), Starý (1930a), Stolnicu (2007a, 2008a), Surányi (1942a). von Tschirnhaus (1999a), Ureche (2010a), Zoerner (1969a).

06/09/2016