Silliana lhommei (Hering, 1934)

Hymenoptera, Tenthredinidae

mijn Grote, voldiepe blaasmijn die smal begint maar uiteindelijk een groot deel vsn blad kan beslaan. De grote hoveelheid zwarte of bruine frass vult bijna de hele mijn, laat alleen aan de randen een doorschijnende zoom. Verpopping buiten de mijn.

mine Large, full depth blotch, narrow at first, but often occupying a large part of a leaf in the end. Frass copious, black or brouwn, almost filling the entre mine; only along the sides a transprant zone remains. Pupation outside the mine.

waardplanten: Oleaceae, monofaag

hostplants: Oleaceae, monophagous

Phillyrea angustifolia, latifolia.

fenologie Larven in april (Hering, 1957a).

phenology Larvae in April (Hering, 1957a).

BENELUX

Niet bekend uit de Benelux-landen (Fauna Europaea, 2009).

BENELUX

Not known from the Benelux countries (Fauna Europaea, 2009).

verspreiding binnen Europa Middellandse Zee-gebied, oostwaarts tot Kreta (Taeger, Blank & Liston, 2006a).

distribution within Europe Mediterranean Region, as far east as Crete (Taeger, Blank & Liston, 2006a).

larve Beschreven door Covassi (1988a).

larva Described by Covassi (1988a).

synoniemen Syringophilus lhommei.

synonyms Syringophilus lhommei.

opmerkingen Voorkeur voor bladen in de volle zon (Buhr, 1941b).

notes Preference for leaves in full sunlight (Buhr, 1941b).

literatuur

references

Altenhofer (2003a), Blank ao (1998a), Buhr (1941b), Covassi (1988a), Hering (1934c, 1957a, 1967a), Liston (1995b), Pschorn-Walcher & Altenhofer (2000a, 2006a), Taeger, Blank & Liston (2006a).

20/02/2011