Agonopterix nanatella aridella (Mann, 1869)

Lepidoptera, Depressariidae

mijn Voldiepe, weinig samengetrokken en zeer transparante blaasmijn, meestal beperkt tot de bladtop. De meeste frass wordt naar buiten gewerkt; wat in de mijn achterblijft zijn opvallend grote korrels. Niet alle larven mineren, sommige leven vrij. Verpopping extern.

mine Full depth, little contracted and very transparant blotch, mostly limited to the leaf tip. Most frass is ejected; what remains in the mine are unusually large grains. Not all larvae mine, some live free. Pupation external.

waardplanten: Asteraceae, monofaag

hostplants: Asteraceae, monophagous

Cirsium.

fenologie Larven in april, mei (Hering, 1957a).

phenology Larvae in April, May (Hering, 1957a).

verspreiding binnen Europa Amsel & Hering (1933a) noemen aridella uit Sardiniƫ; Hering (1957a) schrijft Zuid-Europa. De Fauna Europaea (2010) accepteert aridella als geldige ondersoort van nanatella, maar heeft geen informatie over de verspreiding.

distribution within Europe Amsel & Hering (1933a) mention aridella from Sardinia; Hering (1957a) writes southern Europe. The Fauna Europaea (2010) accepts aridella as a valid subspecies of nanatella, but has no information about its distribution.

opmerkingen Zie ook Agonopterix nanatella. Of werkelijk de ene ondersoort beperkt is tot Carlina, de ander tot Cirsium, zal nog moeten blijken.

notes See also Agonopterix nanatella. Whether indeed the one subspecies is limited to Carlina, the other to Cirsium, remains to be established.

literatuur

references

Amsel & Hering (1933a), Hering (1957a).

modif. 30.iv.2010