Bucculatrix artemisiella Herrich-Schäffer, 1855

Lepidoptera, Bucculatricidae

mijn De larven dringen vanaf de rand het blad binnen, en maken op deze wijze een lintvormige vlekmijn die zich als een heldere zoom langs de bladrand aftekent.

mine The larvae slit the margin of the leaf, and from there make en ribbon-shaped fleck mine that appears as a transparant seam along the leaf margin.

waardplanten: Asteraceae, nauw monofaag

hostplants: Asteraceae, narrowly monophagous

Artemisia campestris, scoparia.

fenologie Larven in april en juli (Hering, 1930b); bivoltien, overwintering als ei of jonge larve (Patočka, 1996a).

phenology Larvae in April and July (Hering, 1930b), bivoltine, hibernation as egg or young larva Patočka, 1996a).

BENELUX

BE waargenomen (Phegea, 2009).

NE niet waargenomen (Fauna Europaea, 2009).

LUX nietwaargenomen (Fauna Europaea, 2009).

BENELUX

BE recorded (Phegea, 2009).

NE not recorded (Fauna Europaea, 2009).

LUX not recorded (Fauna Europaea, 2009).

verspreiding binnen Europa Europa, uitgezonderd de Britse Eilanden, de Middellandse Zee-eilanden, en het Balkan-Schiereiland (Fauna Europaea, 2009).

distribution within Europe Europe, with exception of the British Isles, the Mediterranean islands, and the Balkan Peninsula (Fauna Europaea, 2009).

pop Beschreven door Patočka (1996a), Patočka & Turčáni (2005a); pop in een spoelvornige, grijzige, fijn geribde cocon.

pupa Described by Patočka (1996a), Patočka & Turčáni (2005a); pupa in a spindle-shaped, greyish, finely ribbed coccon.

synoniemen Bucculatrix artemisiae auct.

synonyms Bucculatrix artemisiae auct.

literatuur

references

Bengtsson & Johansson (2011a), Biesenbaum (2010a, 2011a), Buszko (1992b), Hartig (1939a), Hering (1930b, 1957a), Kasy (1965a, 1983a), Klimesch (1937b, 1950c, 1956a), EM & L Laasonen (1983a), Patočka (1996a), Patočka & Turčáni (2005a), Sønderup (1949a), Svensson (1971a), Szőcs (1977a, 1981a).

16/01/2017