Bucculatrix infans Staudinger, 1880

Lepidoptera, Bucculatricidae

mijn Vlekmijntjes: voldiep, de gehele breedte van de smalle bladslippen innemend, met een zuiver rond gaatje. Waarschijnlijk gaat hieraan een smalle lange gangmijn vooraf, maar die is op de sterk behaarde bladeren niet waargenomen.

mine Fleck mines: full depth, occupying the entire width of the narrow leaf segments, with a neat round opening. Probably this is preceded by a long, narrow corridor, but his cound not be observed on the densely hairy leaves.

waardplanten: Asteraceae, monofaag

hostplants: Asteraceae, monophagous

Centaurea triniifolia.

fenologie Larven gevonden in de eerste dagen van juli (Macedonië).

phenology Larvae found in the first days of July (Macedonia).

verspreiding binnen Europa Balkan, Ukraïne (Fauna Europaea, 2011).

distribution within Europe Balkan, Ukraine (Fauna Europaea, 2011).

larve Olijfgroen.

larva Olive green.

pop Beschreven door Deschka (1973a).

pupa See Deschka (1973a).

synoniemen Bucculatrix centaureae Deschka, 1973a.

synonyms Bucculatrix centaureae Deschka, 1973a.

literatuur

references

Deschka (1973a).

14/03/2011