Cnephasia ecullyana Réal, 1951

Lepidoptera, Tortricidae

mijn Onregelmatige, voldiepe, gang die meestal in de buurt van de basis van de hoofdnerf begint, richting de bladtop loopt, en onderwijl zich tot een langerekte blaas verbreedt met onregelmatig uitgevreten zijden. Bij het begin, ook wel verderop wordt een (meestal bovenzijdig) gaatje in de mijn gemaakt waardoor de meeste frass naar buiten wordt gewerkt. De mijn bevat maar weinig spinsel, en is dan ook niet samengetrokken. Oudere larven leven vrij in een naar beneden omgerolde bladrand of tussen samengesponnen bladeren.

mine Irregular, full depth corridor that usually begins somewhere near the base of the midrib, runs towards the leaf tip, all the while broadening into an elongate blotch with irregularly scalloped sides. Near the beginning, also further up, an, usually upper-surface, hole is made through which most frass is ejected. The mine contains but little silk and therefore is not contracted. Older larvae live free in a downwards folded leaf margin or among spun leaves.

waardplanten: Polyfaag

hostplants: Polyphagous

Anemone hortensis; Bellis sylvestris; Cyclamen persicum; Dittrichia viscosa; Geranium; Saxifraga; Teucrium.

fenologie Larven waargenomen eind mei, begin juni (Hering, 1961a, Dalmatië).

phenology Larvae found end May, early June (Hering, 1961a, Dalmatia).

BENELUX

Niet bekend uit de Benelux-landen (Fauna Europaea, 2009).

BENELUX

Not known from the Benelux countries (Fauna Europaea, 2009).

verspreiding binnen Europa Van Duitsland tot het Iberisch Schiereiland, Italië en Griekenland (Fauna Europaea, 2009).

distribution within Europe From Germany to the Iberian Peninsula, Italy, and Greece (Fauna Europaea, 2009).

synoniemen Cnephasia tyrrhaenica Amsel, 1952; Cnephasia pollinoana Trematerra 1991.

synonyms Cnephasia tyrrhaenica Amsel, 1952; Cnephasia pollinoana Trematerra 1991.

opmerkingen Nässig & Thomas (1991a) vonden in Duitsland de volwassen vlinders in aantallen in extensief onderhouden boomgaarden op warme hellingen, maar het lukte hen niet om larven te vinden.

notes Nässig & Thomas (1991a) found the adult moths in Germany in numbers in extensively maintained, thermophilic. orchards, but they could not discover the larvae.

literatuur

references

Corley (2005a), Hering (1967a), Nässig & Thomas (1991a), Razowski (1991a), Sauer (1981a).

31/12/2012