Coleophora calycotomella Stainton, 1869

Lepidoptera, Coleophoridae

Cytisus scoparius, België, prov. Namen, Couvin, Gonrieux © Stéphane Claerebout

Coleophora calycotomella: case on Cytisus scoparius

Cytisus scoparius, Belgium, prov. Namur, Couvin, Gonrieux © Stéphane Claerebout

van boven gezien blijkt de zak buitengewoon plat

Coleophora calycotomella: case in dorsal view

seen from above the case appears extraordinary flattened

vraatsporen op de twijg

Coleophora calycotomella: feeding traces

feeding traces on the twig

Cytisus scoparius, België, prov. Namen, Houyet © Jean-Yves Baugnée

Coleophora calycotomella case

Cytisus scoparius, Belgium, prov. Namur, Houyet © Jean-Yves Baugnée

Cytisus scoparius, België, prov. Namen, Vierves-sur-Viroin, RN Chamousias, leg. Sébastien Carbonelle © Stéphane Claerebout

Coleophora calycotomella: case on Cytisus scoparius

Cytisus scoparius, Belgium, prov. Namur, Vierves-sur-Viroin, RN Chamousias, leg. Sébastien Carbonelle © Stéphane Claerebout

zelfde zak, dorsaal

Coleophora calycotomella: case on Cytisus scoparius

same case, dorsal view

Cytisus fantanesii, Spanje, Almería, Dalias, Rambla de la Maleza © Pete en Ginny Clarke; de larve is uitgekweekt, determinatie mede bevestigd door Jukka Tabell

Coleophora calycotomella: larva in case on Cytisus fantanesii

Cytisus fantanesii, Spain, Almería, Dalias, Rambla de la Maleza © Pete and Ginny Clarke; the larvae has been bred, identification confirmed by Jukka Tabell

Cytisus scoparius (tekening door Sjaak Koster, in Huisman & Koster, 1994a)

Coleophora calycotomella case

Cytisus scoparius (tekening door Sjaak Koster, in Huisman & Koster, 1994a)

zak Larve in een samengestelde bladzak met een mondhoek van ca 30°, die aan de buikzijde zwak gekield is. Het voorste (jongste) bladstukje van de zak is bruin en behaard, de oudere gedeelten zijn bleker en vrijwel kaal. De zak is slank, ca 18 mm lang, en lijkt op een doorn zoals die bij de meeste van zijn waardplanten voorkomt (Hering, 1957a).

case Larva in a composite leaf case, ventrally weakly keeled, with a mouth angle of c. 30°. The frontal (youngest) leaf fragment is brown and hairy, the older parts are pale and almost smooth. The case is slender, c. 18 mm long, and bears a strong resemblance to the spines of most of its hostplants (Hering, 1957a).

waardplanten: Fabaceae, oligofaag

hostplants: Fabaceae, oligophagous

Adenocarpus; Calicotome; Chronanthus biflorus; Cytisus fontanesii, scoparius.

fenologie De larven zijn omstreeks maart, mei volgroeid (Hering, 1957a; Toll, 1962a).

phenology Larvae are full-grown around March, May (Hering, 1957a; Toll, 1962a).

BENELUX

BE waargenomen (De Prins & Spronck, 2004a).

NE waargenomen (van Nieukerken ea, 1993a; Microlepidoptera.nl, 2009).

LUX waargenomen (Fauna Europa, 2009).

BENELUX

BE recorded (De Prins & Spronck, 2004a).

NE recorded (van Nieukerken ao, 1993a; Microlepidoptera.nl, 2009).

LUX recorded (Fauna Europa, 2009).

verspreiding binnen Europa Van Nederland en Duitsland tot het Iberisch Schiereiland, Sardinië, Sicilië en Kreta (Fauna Europa, 2009).

distribution within Europe From the Netherlands and Germany to the Iberian Peninsula, Sardinia, Sicily, and Crete (Fauna Europa, 2009).

literatuur

references

Baldizzone (1978b, 1979a, 1983c, 1988b, 1990b), Biesenbaum & van der Wolf (1999a), Hering (1957a), Huisman & Koster (1994a), Huisman, Koster, van Nieukerken & Ulenberg (2001a), Klimesch (1942a), Nel (1992b), van Nieukerken, Gielis, Huisman, Koster, Kuchlein, van der Wolf & Wolschrijn (1993a), Patzak (1974b), De Prins & Spronck (2004a), De Prins & Steeman (2011a), Szabóky, Tokár & Pastorális (2007a), Toll (1962a).

02/04/2017