Coleophora odorariella Mühlig, 1857

Lepidoptera, Coleophoridae

zak Met zandkorrels bestrooide, bruinige, buisvormige zijden zak met gelige lengtelijnen. De zak is driekleppig, tot 13 mm lang, en heeft een mondhoek van ca 45°.

case A tubular silken case, sprinkled with sand grains. The colour is brownish, with yellowish length lines. The case is trivalved, up to about 13 mm long, and has a mouth angle of ca 45°.

waardplanten: Asteraceae, oligofaag

hostplants: Asteraceae, oligophagous

Jurinea humilis, mollis; Serratula.

fenologie Larven zijn volgroeid in juni (Hering, 1957a).

phenology Larvae are full grown in July (Hering, 1957a).

BENELUX

Niet bekend uit de Benelux-landen (Fauna Europaea, 2009).

BENELUX

Not known from the Benelux countries (Fauna Europaea, 2009).

verspreiding binnen Europa Van Duitsland tot Roemenië, maar ook in Spanje en Macedonië (Fauna Europaea, 2009).

distribution within Europe From Germany to Romania, but also Spain and Macedonia (Fauna Europaea, 2009).

synoniemen Coleophora chrysocomae Hering, 1942.

synonyms Coleophora chrysocomae Hering, 1942.

opmerkingen Hering (1942b) beschreef zijn chrysocomae op grond van materiaal dat hij gekweekt had uit Aster linosyris. Het is niet aan te nemen dat bovenstaande synonymie impliceert dat deze plantensoort tot het dieet van odorariella behoort. Aangenomen moet worden dat er tijdens de kweek, of het etiketteren daarna, iets is misgegaan.

notes Hering (1942b) described hid chrysocomae on the basis of material that he had reared from Aster linosyris. It is unconceivable that the synonymy above implies an extension of the palate of odorariella to this plant. Rather it must be assumed that during the breeding, or the labelling that followed, something went astray.

literatuur

references

Baldizzone (1988b), Baldizzone, Tokár, Z & S Kovács (2004a), Biesenbaum & van der Wolf (1999a), Hering (1957a), Kasy (1985a), Nel (1992b), Toll (1962a), Szőcs (1977a, 1981a).

16/01/2017