Cupedia cupediella (Herrich-Schäffer, 1855)

Lepidoptera, Gracillariidae

Pistacia terebinthus; mijn van onderen (links) en van boven; uit Klimesch (1940a)

Cupedia cupediella mine

Pistacia terebinthus; mine from below (left) and above; from Klimesch (1940a)

mijn Aanvankelijk een onderzijdig epidermaal, soms vertakt, gangetje, overgaand in een onderzijdige voummijn van ca 1 cm lang, bijna altijd aan de bladrand, met geplooide epidermis. De mijn wordt tot op de nerven leeggegeten. Verpopping buiten de mijn in een kleine, vuilwitte, transparante cocon

mine Initially an epidermal, sometimes branched, lower-surface corridor, later a lower-surface tentiform mine of about a cm in length, almost invariably at the leaf margin, with folded epidermis. The mine is eaten out untill only the veins remain. Pupation outside the mine in a dirty white, transparant small cocoon.

waardplanten: Anacardiaceae, monofaag

hostplants: Anacardiaceae, monophagous

Pistacia terebinthus.

fenologie Larven in mei (Hering, 1957a).

phenology Larvae in May (Hering, 1957a).

BENELUX

Niet bekend uit de Benelux-landen (Fauna Europaea, 2009).

BENELUX

Not known from the Benelux countries (Fauna Europaea, 2009).

verspreiding binnen Europa Van Sardinië tot Bulgarijë en Griekendland (Fauna Europaea, 2009).

distribution within Europe From Sardinia to Bulgaria and Greece (Fauna Europaea, 2009).

larve Bleek geelgroen, kop bruin.

larva Pale yellowish green; head brown.

synoniemen Leucospilapteryx cupediella.

synonyms Leucospilapteryx cupediella.

literatuur

references

Buszko & Beshkov (2004a), Hering (1957a), Klimesch (1940a, 1942a, 1950c, 1956c), Matošević, Pernek, Dubravac & Barić (2009a).

24/04/2016