Elachista gleichenella (Fabricius, 1781)

Lepidoptera, Elachistidae

Carex flacca, België, prov. Namen, Lives-sur-Meuse; © Jean-Yves Baugnée

Elachista gleichenella mine

Carex flacca, Belgium, prov. Namur, Lives-sur-Meuse; © Jean-Yves Baugnée

mijn Ei gewoonlijk aan de onderzijde van de bladtop. Van september tot het volgend voorjaar wordt een smalle meanderende mijn gemaakt. Dan verbreedt de mijn zich geleidelijk tot bijna de volle breedte van het blad, Larven maken gewoonlijk in het begin van de winter een nieuwe mijn, uiteraard zonder begingang. De mijn in dit stadium is bruin, en ligt vlakbij of in het rood-verkleurende, afstervende, topdeel van het blad. Frass in grote langerekte donkere plekken. Verpopping buiten de mijn.

mine Egg generally at the underside of the leaf tip. From September till the following spring a narrow meandering corridor is made. Then gradually the corridor widens to nearly the full width of the leaf. Generally the larvae make a new mine in early winter, obviously without the initial corridor. The mine in this stage is brown and situated close to (or within) the red coloured dying apical part of the leaf. Frass in large elongate dark spots. Pupation external.

waardplanten: Cyperaceae, Juncaceae, Poaceae (?); nauw polypfaag

hostplants: Cyperaceae, Juncaceae, Poaceae (?); narrowly polyphagous

Carex cuprina, curvula, digitata, divulsa, echinata, flacca, humilis, laevigata, montana, morrowii, muricata, ornithopoda, paniculata, pendula, pilosa, sempervirens, sylvatica, umbrosa; Deschampsia cespitosa; Luzula luzuloides, pilosa, plumosa, sylvatica.

De vermelding van Deschampsia cespitosa wordt door Traugott-Olsen & Nielsen (1977a) sterk in twijfel getrokken, maar wordt door latere auteurs toch weer herhaald.

The reference to Deschampsia cespitosa is strongly doubted byTraugott-Olsen & Nielsen (1977a) but still is repeated by later authors.

fenologie Larven van september tot eind mei in het volgend jaar (Bland, 1996a).

phenology Larvae from September till late in May of the following year (Bland, 1996a).

BENELUX

BE waargenomen (Phegea, 2010).

NE niet waargenomen (Fauna Europaea, 2010).

LUX niet waargenomen (Fauna Europaea, 2010).

BENELUX

BE recorded (Phegea, 2010).

NE not recorded waargenomen (Fauna Europaea, 2010).

LUX not recorded (Fauna Europaea, 2010).

verspreiding binnen Europa Europa, uitgezonderd het Iberisch Schiereiland (Fauna Europaea, 2010).

distribution within Europe Europe, except the Iberian Peninsula (Fauna Europaea, 2010).

pop Beschreven door Patočka (1999a), Patočka & Turčáni (2005a).

pupa Described by Patočka (1999a), Patočka & Turčáni (2005a).

literatuur

references

Baldizzone (2004a), Baran, Mazurkiewicz & Pałka (2007a), Bidzilya, Budashkin & Zhakov (2016a) Ukraine, Bland (1996a), Bland & Knill-Jones (1988a), Bland & Rotheray (2002a), Buhr (1935a,b), Buszko & Baraniak (1989b), Hering (1957a), Kaila, Nupponen, Junnilainen, Nupponen, Kaitila & Olschwang (2003a), Michalska (1976a), Parenti & Varalda (1994a), Patočka (1999a), Patočka & Turčáni (2005a), De Prins (1998a), Robbins (1991a), Schütze (1931a), Siloaho, Saarela & Sippola (2008a), Sønderup (1949a), Sruoga & Ivinskis (2005a, 2011a), Sterling (1986a), Steuer (1980a), Szőcs (1977a, 1978a, 1981a), Traugott-Olsen & Nielsen (1977a), Wörz (1957a).

10/02/2017