Elachista luticomella Zeller, 1839

Lepidoptera, Elachistidae

mijn Lange, smalle, witte gangmijn, afdalend van dichtbij de bladtop tot in de bladschede en stengel. Frass in een onopvallende grijze lijn. De larve kan vanuit de stengel een nieuw blad binnengaan (Steuer, 1987a; Bland, 1996a).

mine Long, narrow, white corridor, descending from close to the leaf tip to the leaf base or even stem. Frass in an inconspicuous grey line. From the stem the larva may enter a new leaf (Steuer, 1987a; Bland, 1996a).

waardplanten: Poaceae, oligofaag

hostplants: Poaceae, oligophagous

Bromopsis ramosa; Dactylis glomerata; Deschampsia cespitosa; Lolium perenne; Melica uniflora; Milium effusum; Poa pratensis & subsp. irrigata; Schedonorus giganteus, pratensis.

In Engeland alleen waargenomen op Dactylis glomerata en een enkele maal Brachypodium sylvaticum (Bland, 1996a).

Observed in Britain only on Dactylis glomerata and occasionally Brachypodium sylvaticum (Bland, 1996a).

fenologie Larven van het late najaar tot in mei (Bland, 1996a).

phenology Larvae from late autumn till May (Bland, 1996a).

BENELUX

BE waargenomen (Phegea, 2009).

NE waargenomen (Kuchlein & de Vos, 1999a; Microlepidoptera.nl, 2009).

LUX niet waargenomen (Fauna Europaea, 2009).

BENELUX

BE recorded (Phegea, 2009).

NE recorded (Kuchlein & de Vos, 1999a; Microlepidoptera.nl, 2009).

LUXmnot recorded (Fauna Europaea, 2009).

verspreiding binnen Europa Van Fennoscandia tot de Pyreneeën, Italië en Roemenië, en van Ierland tot Centraal Rusland (Fauna Europaea, 2009).

distribution within Europe From Fennoscandia to the Pyrenees, Italy, and Romania, and from Ireland to Central Russia (Fauna Europaea, 2009).

larve citroengeel, met opvallend lange setae. Pronotum met twee langgerekte bruine vlekken; ook anale plaat met een bruine vlek. Buikpoten met 3-4(5) haakjes in een flauwe, naar achteren open, boog (Steuer, 1987a).

larva Lemon yellow; setae unusually long. Pronotum with two elongate brown spots. also the anal plate has a brown marking. Prolegs with 2-4(5) crochets in a faint, posteriorly concave, arc (Steuer, 1987a).

pop Beschreven door Patočka (1999a) en Patočka & Turčáni (2005a).

pupa Described by Patočka (1999a) and Patočka & Turčáni (2005a).

literatuur

references

Baran (2005a), Bidzilya, Budashkin & Zhakov (2016a), Bland (1996a), Buhr (1935b), Kuchlein & Donner (1993a), Kuchlein & de Vos, 1999a, Parenti & Varalda (1994a), Patočka (1999a), Patočka & Turčáni (2005a), De Prins (1998a), Robbins (1991a), Schütze (1931a), Sønderup (1949a), Sruoga & Ivinskis (2005a), Sterling (1986a), Steuer (1987a), Szőcs (1977a), Traugott-Olsen & Nielsen (1977a), Wörz (1957a).

10/02/2017