Eriocrania salopiella (Stainton, 1854)

Lepidoptera, Eriocraniidae

Betula pendula, Groeningse Berg

Eriocrania salopiella mine

Betula pendula, Groeningse Berg

zelfde mijn, detail

Eriocrania salopiella mine

same mine, detail

mijn Gangmijntje, meestal niet ver van de hoofdnerf beginnend, tamelijk geleidelijk overgaand in een zeer grote blaasmijn. Frass in lange draden. Verpopping in de grond.

mine Corridor, generally beginning in the neighbourhood of the midrib, rather gradually widening into a very large blotch. Frass in long threads. Pupation in the ground.

waardplanten: Betulaceae, monofaag

hostplants: Betulaceae, monophagous

Betula pendula, pubescens.

fenologie Mijnen in midden mei (Hering, 1957a) of mei-juni (Heath, 1976a).

phenology Mines in mid-May (Hering, 1957a), May - June (Heath, 1976a).

BENELUX

BE niet waargenomen (Fauna Europaea, 2009).

NE waargenomen (Kuchlein & de Vos, 1999a; Microlepidoptera.nl, 2009).

LUX niet waargenomen (Fauna Europaea, 2009).

BENELUX

BE not recorded (Fauna Europaea, 2009).

NE recorded (Kuchlein & de Vos, 1999a; Microlepidoptera.nl, 2009).

LUX not recorded (Fauna Europaea, 2009).

verspreiding binnen Europa Van Fennoscandia en noordelijk Rusland tot de Pyreneeën en Alpen, en van Ierland tot Tsjechië (Fauna Europaea, 2009).

distribution within Europe From Fennoscandia and northern Russia to the Pyrenees and Alps, and from Ireland to Czechia (Fauna Europaea, 2009).

literatuur

references

Bengtsson (2008a), Heath (1983a), Hering (1957a), Huisman & Koster (1994a), Kuchlein & Donner (1993a), Kuchlein & de Vos (1999a), Maček (1999a), De Prins & Steeman (2011a), Robbins (1991a).

01/01/2013