Leucoptera laburnella (Stainton, 1851)

Lepidoptera, Lyonetiidae

Genista tinctoria, Amstelveen, JP Thijssepark

Leucoptera laburnella mine

Genista tinctoria, Amstelveen, JP Thijssepark

jonge mijn

young mine

Laburnum anagyroides, Amsterdam

Leucoptera laburnella mine

Laburnum anagyroides, Amsterdam

Laburnum anagyroides, IJzevoorde, coll. JHH Zwier; jonge mijn

Laburnum anagyroides, IJzevoorde, coll. JHH Zwier; young mine

mijn Het eerste begin van de mijn is een sterk gekronkeld gangetje (ca 2 mm lang) dat snel verbruint. Dan volgt een veel minder gekronkeld gangetje van ca 10 mm, dat geheel met grijsgroene frass gevuld is. Dit gaat plotseling over in rond blaasje, dat zich sterk uitbreidt, de eerdere gang overloopt, en tenslotte bij gouden regen bijna een half deelblaadje kan beslaan. De frass, die eerst groen, later zwart is ligt in de blaas in concentrische bogen aan de bovenepidermis gekleefd. Verpopping extern, uitgang in de bovenepidermis.

mine The very first part of the mine is a densely contorted corridor of about 2 mm long, that quickly turns brown. It is followed by a more or less straight corridor of c. 10 mm, entirely filled with greyish green frass. This suddenly widens into a round blotch that during its expansion overruns the earlier corridor and in the end may occupy half of a Laburnum leaflet. The frass, greenish at first, black later, is deposited in the bloth in ropughly concentric arcs, glued to the upper epidermis. Pupation external, exit slit in upper epidermis.

waardplanten: Fabaceae, oligofaag

hostplants: Fabaceae, oligophagous

Astragalus; Cytisus supinus; Genista tinctoria; Laburnocytisus adamii; Laburnum alpinum, anagyroides; Lupinus polyphyllus; Petteria ramentacea.

Mey (1994a) noemt nog Laburnum coggyria; het is niet duidelijk wat daarmee wordt bedoeld.

Mey (1994a) also mentions Laburnum coggyria; is is unclear what is meant thereby.

fenologie Larven in juni-juli en september (Emmet, 1985a; Wörz, 1957a).

phenology Larvae in June - July and in September (Emmet, 1985a; Wörz, 1957a).

BENELUX

BE waargenomen (Phegea, 2009).

NE waargenomen (Kuchlein & de Vos, 1999a; Microlepidoptera.nl, 2009).

LUX waargenomen (Fauna Europaea, 2009).

BENELUX

BE recorded (Phegea, 2009).

NE recorded (Kuchlein & de Vos, 1999a; Microlepidoptera.nl, 2009).

LUX recorded (Fauna Europaea, 2009).

verspreiding binnen Europa Europa, maar niet in Europees Rusland, noch in het zuiden van het Balkan-schiereiland (Fauna Europaea, 2009).

distribution within Europe Europe, but missing in European Russia and in the southern end of the Balkan Peninsula (Fauna Europaea, 2009).

pop Beschreven door Patočka (1997a, 2000a) en Patočka & Turčáni (2005a); achterhelft van abd. 8 rasp-achtig (onderscheid met L. genistae).

pupa Described by Patočka (1997a, 2000a) and Patočka & Turčáni (2005a); rear half of abd. 8 scabrous (difference with L. genistae).

synoniemen Cemiostoma laburnella; Leucoptera wailesella (Stainton, 1858).

synonyms Cemiostoma laburnella; Leucoptera wailesella (Stainton, 1858).

literatuur

references

Askew (1968a), Baldizzone (2004a, 2008a), Beiger (1955a, 1960a, 1970a), Bengtsson & Johansson (2011a), Borkowski (2003a), Buhr (1935b, 1964a), Buszko (1981a, 1992b), Davis (1987a), Emmet (1985), van Frankenhuyzen (1973a), van Frankenhuyzen & Houtman (1972a), van Frankenhuyzen Houtman & Kabos (1982a), Grandi (1931a, 1933a), Hartig (1939a), Hering (1933b, 1957a), Huber (1969a), Huemer (2012a), Klimesch (1942a, 1950c, 1957a, 1958c), Kuchlein & Donner (1993a), Kuchlein & de Vos (1999a), Kvičala (1938a), Lhomme (1934a), Maček (1999a), Matošević, Pernek, Dubravac & Barić (2009a), Mey (1994a), Michalska (1972a), van Nieukerken (2006a), Nowakowski (1954a), Patočka (1997a, 2000a), Patočka & Turčáni (2005a), Robbins (1991a), Seidel (1926a), Seven (2006a), Skala & Zavřel (1945a), Sønderup (1949a), Starý (1930a), Surányi (1942a), Szőcs (1977a, 1978a, 1981a), Wörz (1957a), Zoerner (1969a).

16/01/2017