Mompha epilobiella (Denis & Schiffermüller, 1775)

Lepidoptera, Momphidae

mijn Waarschijnlijk leven de jonge larven als mineerders, misschien facultatief. De mijn is niet beschreven. Oudere larven leven, meestal in een groep, tussen de samengesponnen bovenste bladeren.

mine Probably the young larve live as leaf miners, perhaps only facultatively. The mine is not described. Older larve live, mostly comunally, in the spun uppermost leaves.

waardplanten: Onagraceae, oligofaag

hostplants: Onagraceae, oligophagous

Chamerion angustifolium; Epilobium hirsutum, montanum, palustre, roseum; Oenothera.

E. hirsutum is de belangrijkste waardplant; vermeldingen van andere dan die bovengenoemde planten zijn dubieus (Koster & Sinev, 2003a). Vermeldingen van Circaea hebben gewoonlijk betrekking op M. langiella.

em>E. hirsutum is the main hostplant; reports of other species than those mentioned above are dubious (Koster & Sinev, 2003a). Reports from Circaea generally refer to M. langiella.

fenologie Larven van midden mei tot juni, en dan weer in juli en begin augustus; overwintering als imago.

phenology Larvae from mid-May to June and again in July and early August; adults hibernate.

BENELUX

BE waargenomen (Phegea, 2010).

NE waargenomen (Kuchlein & de Vos, 1999a; Microlepidoptera.nl, 2010).

LUX waargenomen (Fauna Europaea, 2010).

BENELUX

BE recorded (Phegea, 2010).

NE recorded (Kuchlein & de Vos, 1999a; Microlepidoptera.nl, 2010).

LUX recorded (Fauna Europaea, 2010).

verspreiding binnen Europa Geheel Europa (Fauna Europaea, 2010).

distribution within Europe All Europe (Fauna Europaea, 2010).

larve Lichaam bleekgeel; kop zwart; poten en prothoracale plaat donkergrijs, anale plaat bruingrijs.

larva Body pale yellow; head black; feet and prothoracic plate dark grey, anal plate brownish grey.

pop Beschreven door Patočka (1997a), Patočka & Turčáni (2005a).

pupa Described by Patočka (1997a), Patočka & Turčáni (2005a).

synoniemen Anybia epilobiella; Mompha fulvescens (Haworth, 1828).

Mompha epilobiella Römer (1794) is een andere soort dan M. epilobiella (Denis & Schiffermüller, 1775). Ter voorkoming van misverstand moet in zo'n situatie de jongste van de twee namen vervangen worden door een andere naam, in dit geval M. langiella (Hübner, 1796). Wegens deze verwarrende situtie moet de oudere literatuur met voorzichtigheid worden gebruikt. Onder meer in Hering (1957a) staat epilobiella voor langiella.

synonyms Anybia epilobiella; Mompha fulvescens (Haworth, 1828).

Mompha epilobiella Römer (1794) is a species different from M. epilobiella (Denis & Schiffermüller, 1775). to eliminate this risk of misunderstanding, in situations like this the youngest of the two names needs replacement, in this case by M. langiella (Hübner, 1796). Because of this confusing situation the older literature needs to be used with care. In, among other publications, Hering (1957a) epilobiella stands for langiella.

literatuur

references

Ahr (1966a), Beiger (1955a, 1960a, 1979a), Buhr (1935b), Fazekas & Schreurs (2010a), Huemer (2012a), Koster (2002b), Koster & Sinev (2003a), Kuchlein & Donner (1993a), Kuchlein & de Vos (1999a), Maček (1999a), Patočka (1997a), Patočka & Turčáni (2005a), De Prins & Steeman (2011a), Robbins (1991a), Seidel (1957a), Skala (1949a, 1951a), Skala & Zavřel (1945a), Stammer (2016a), Szőcs (1977a).

31/03/2017