Nothris congressariella (Bruand, 1858)

Lepidoptera, Gelechiidae

mijn Elsner ea (1999a) noemen deze soort niet als mineerder, en Bland ea (2002a) schrijven dat de larve aanvankelijk tussen twee samengesponnen bladeren leeft, later onder een samengevouwen blad. Maar Klimesch (1984a, Tenerife) spreekt van een aanvankelijke smalle, later sterk verbrede, voldiepe gang, die met spinsel bekleed is; de larve maakt verscheidene mijnen.

mine Elsner ao (1999a) do not mention this species as a miner, and Bland ao (2002a) write that that larve initially lives between two spun leaves, later under a folded leaf. But Klimesch (1984a, Teneriffa) describes an initially narrow, later strongly widened, full depth gallery, lined with silk; the larva makes several mines.

waardplanten: Scrophulariaceae, monofaag

hostplants: Scrophulariaceae, monophagous

Scrophularia canina subsp. frutescens, glabrata, scorodonia.

BENELUX

Niet bekend uit de Benelux-landen (Fauna Europaea, 2010).

BENELUX

Not known from the Benelux countries (Fauna Europaea, 2010).

verspreiding binnen Europa Van Zuid-Engeland tot Sicilië, en van Portugal tot Griekenland en Kreta (Fauna Europaea, 2010).

distribution within Europe From southern England to Sicily, and from Portugal to Greece and Crete (Fauna Europaea, 2010).

larve Geelgroen (Klimesch, 1984a). Lichaam somber olijfgroen; kop, borstpoten en prothoracale plaat zwart tot bruin, anale plaat geelbruin; pinacula klein, zwart (Bland ea, 2002a).

larva Yellowish green (Klimesch, 1984a). Body dull olive green; head, thoracic feet and prothoracic plate black to brown, anal plate yellowish brown; pinacula small, black (Bland ao, 2002a).

literatuur

references

Bland, Heckford & Langmaid (2002a), Elsner, Huemer & Tokár (1999a), Huertas Dionisio (2007a), Klimesch (1984a).

12/02/2017