c Hartig, 1941

Lepidoptera, Lyonetiidae

mijn Het ei wordt afgezet in het bladweefsel. De mijn begint als een fijn gangetje langs de hoofdnerf, niet ver van de bladtop. Vervolgens ontstaat een grote voldiepe blaas die het hele blad kan gaan innemen. De bruine frass wordt tegen de bovenepidermis geplakt en maakt de mijn, op de zijden na, ondoorzichtig. Verpopping buiten de mijn.

mine Oviposition within the leaf tissue. The mine begins as a narrow corridor along the midrib., not far from the leaf tip. Then a large full depth blotch is made that can occupy the entire leaf. The brown frass is glued to the upper epidermis, and makes the mine opaque; only the sides remain transparant. Pupation outside the mine.

waardplanten: Thymelaeaceae, nauw monofaag

hostplants: Thymelaeaceae, narrowly monophagous

Daphne gnidium.

fenologie Larven in februari en juni (Hering, 1957a).

phenology Larvae in February and June (Heriong, 1957a).

verspreiding binnen Europa Frankrijk, Iberisch Schiereiland, Corsica, Italië, Sicilië; ook NW Afrika (Mey, 2006a; Fauna Europaea, 2009).

distribution within Europe France, Iberian Peninsula, Corsica, Italy, Sicily; also NW Africa (Mey, 2006a; Fauna Europaea, 2009).

pop Afgebeeld door Mey (2006a).

pupa illustrated by Mey (2006a).

literatuur

references

Buvat & Nel (1999a), Hering (1957a), Mey (2006a).

02/07/2010