Phyllonorycter acerifoliella (Zeller, 1839)

Lepidoptera, Gracillariidae

Acer campestre, Denemarken © Simon Haarder

Phyllonorycter acerifoliella: mines on Acer campestre

Acer campestre, Denmark © Simon Haarder

Acer campestre, België, prov. Namen, Couvin, Dailly, RN de la Prée © Stéphane Claerebout

Phyllonorycter acerifoliella: mine on Acer campestre

Acer campestre, Belgium, prov. Namur, Couvin, Dailly, RN de la Prée © Stéphane Claerebout

Acer campestre, België, prov. Namen, Dinant; onderzijde; © Jean-Yves Baugnée

Phyllonorycter acerifoliella mine

Acer campestre, Belgium, prov. Namur, Dinant; underside; © Jean-Yves Baugnée

Acer campestre, Cadzand; mijntje met pop in cocon, en frassprop in de andere hoek

Phyllonorycter acerifoliella mine

Acer campestre, Cadzand; mine with pupa in cocoon, and frass accumulation in the opposite corner

mijn Vrij kleine, onderzijdige vouwmijn, vaak onder een bladslip; wanneer de volgroeide mijn zich samentrekt wordt deze dan vaak onderen omgeslagen. De larva vreet ook aan het palissadeparenchym van het plafond van de mijn, waardoor de bladbovenzijde er beschadigd uitziet. Pop zwartbruin in een nauwsluitende dunwandige cocon die bevestigd is aan de bodem van de mijn; alle frass in een compacte prop in de tegeoverliggende hoek van de mijn.

mine Relatively small, lower surface tentiform mine. The mine lies often under a leaf segment, and when the mine develops and contracts the segment usually folds down over the mine. The larve also feeds upon the palissade parenchyma of the roof of the mine, causing the upper surface of the leaf to appear damaged. Pupa blackish brown in a tight, thin-walled cocoon that is attached to the floor of the mine; all frass is accumulated in the opposite corner of the mine.

waardplanten: Sapindaceae, monofaag

hostplants: Sapindaceae, monophagous

Acer campestre, tataricum.

Szőcz (1981a) noemt hiernaast nog Acer platanoides en zelfs de in het geheel niet verwante Viburnum opulus; het moet wel haast xenophagie betreffen.

Szőcz (1981a) additionally mentions Acer platanoides and even the totally unrelated Viburnum opulus; this musy concern cases of xenophagy.

fenologie Larven in juli en october (Hering, 1957a).

phenology Larvae in July and October (Hering, 1957a).

BENELUX

BE waargenomen (Phegea, 2009).

NE waargenomen (Kuchlein & de Vos, 1999a; Microlepidoptera.nl, 2009).

LUX waargenomen (Ellis: Kautenbach).

BENELUX

BE recorded (Phegea, 2009).

NE recorded (Kuchlein & de Vos, 1999a; Microlepidoptera.nl, 2009).

LUX recorded (Ellis: Kautenbach).

verspreiding binnen Europa Van Zweden tot de Pyreneeën, Italië, Albanië en Bulgarije, en van Engeland tot Zuid-Rusland (Fauna Europaea, 2009).

distribution within Europe From Sweden to the Pyrenees, Italy, Albania, and Bulgaria, and from Britain to South Russia (Fauna Europaea, 2009).

synoniemen Lithocolletis acerifoliella; Phyllonorycter sylvella (Haworth, 1828).

synonyms Lithocolletis acerifoliella; Phyllonorycter sylvella (Haworth, 1828).

literatuur

references

Ahr (1966a), Baldizzone (2004a), Bengtsson & Johansson (2011a), Buhr (1935a, 1964a), Buszko (1992b), Buszko & Beshkov (2004a), Deschka & Wimmer (2000a), Deutschmann (2008a), Emmet, Watkinson & Wilson (1985a), van Frankenhuyzen & Houtman (1972a), van Frankenhuyzen Houtman & Kabos (1982a), Gregor & Patočka (2001a), Gregor & Povolný (1950a), Hering (1931a, 1934b, 1957a), Huber (1969a), Huemer (1986b, 2012a), Huemer & Erlebach (2003a), Kasy (1983a, 1987a), Klimesch (1958c), Kollár (2007a), Kollár & Hrubík (2009a), Kuchlein & Donner (1993a), Kuchlein & de Vos (1999a), Lhomme (1934a), Maček (1999a), Michna (1975a), Nel & Varenne (2014a), Patočka & Turčáni (2005a), Robbins (1991a), Sefrová (2005a), Sønderup (1949a), Starý (1930a), Stolnicu (2007a), Szőcs (1977a, 1978a, 1981a), Tomov & Krusteva (2007a), Tourlan (1980a), Ureche (2010a), Yefremova & Kravchenko (2015a), Zoerner (1969a).

16/01/2017