Phyllonorycter cydoniella (Denis & Schiffermüller, 1775)

Lepidoptera, Gracillariidae

Malus domestica, Duin en Kruidberg - determinatie onder veel voorbehoud!

Phyllonorycter cydoniella mine

Malus domestica, Duin en Kruidberg - identification with much reservation!

onderzijde

Phyllonorycter cydoniella mine

underside

mijn Langgerekte onderzijdige vouwmijn met één sterke plooi in de onderepidermis. Pop in een witte cocon, waarin geen frass is verwerkt; deze ligt in een klomp in de mijn. Voor het uitkomen werkt de pop zich door de onderwand van de mijn naar buiten, en blijft daar, half uit de mijn stekend, achter.

mine Elongated, lower surface, tentiform mine with one strong fold in the lower epidermis. Pupa in a white cocoon, in which no frass in incorporated; all frass in a clump in the mine. Before ecdysis the pupa works itself out of the mine through the floor in the mine.

waardplanten: Rosaceae, oligofaag

hostplants: Rosaceae, oligophagous

Chaenomeles; Sorbus domestica, torminalis.

Waarnemingen van andere planten (Amelanchier ovalis, spicata; Cydonia oblonga; Malus domestica, sylvestris; Prunus; Pyrus communis) zijn mogelijk terug te voeren op verwarring met andere soorten (Ph. anceps, hostis, mespilella, sorbi) (Triberti, 2007a).

Reports from other hostplants (Amelanchier ovalis, spicata; Cydonia oblonga; Malus domestica, sylvestris; Prunus; Pyrus communis) may possibly be the result of confusion with other species (Ph. anceps, hostis, mespilella, sorbi) (Triberti, 2007a).

fenologie Larven in juni-juli en september-october (Emmet, Watkinson & Wilson, 1985a), maar zie de opmerking hieronder.

phenology Larvae in June - July and September - October (Emmet, Watkinson & Wilson, 1985a), but see the note below.

BENELUX

Niet met zekerheid bekend uit de Benelux-landen; al het Nederlandse materiaal bleek tot Ph. mespilella te behoren (Huisman & Koster, 1998a; Triberti, 2007a).

BENELUX

Not known with certainty from the Benelux counties; all material from the Netherlands in collections proved to be Ph. mespilella te behoren (Huisman & Koster, 1998a; Triberti, 2007a).

verspreiding binnen Europa Met zekerheid gedetermineerd materiaal is afkomstig uit Duitsland, Oostenrijk, Tsjechië, Italië en Griekenland (Triberti, 2007a).

distribution within Europe Unambiguously identified material comes from Germany, Austria, Czechia, Italy, and Greece (Triberti, 2007a).

synoniemen Lithocolletis cydoniella.

synonyms Lithocolletis cydoniella.

opmerkingen Uit de revisie door Triberti (2007a) van de op Rosaceae levende Phyllonorycter's bleek dat deze soort in het bijzonder in het verleden met veel andere soorten is verward. Helaas zijn de beschrijvingen van mijnen en poppen in Triberti's publicatie nogal summier, zodat voor een zekere determinatie kweken onvermijdelijk is.

notes From the revision by Triberi (2007a) of the Phyllonorycter's living on Rosaceae it appears that this species in particular had been confused with many other species in the past. Unfortunately, Triberti's descriptions of mines and pupae are rather brief; for a certain identification breeding adult specimens therefore cannot be avoided.

literatuur

references

Buhr (1935b), Buszko & Beshkov (2004a), Corley (2005a), Deutschmann (2008a), Emmett, Watkinson & Wilson (1985a), Gregor & Patočka (2001a), Hering (1957a), Huemer (1988a, 2012a), Huisman & Koster (1998a), Klimesch (1950c), Kuchlein & Donner (1993a), Kuchlein & de Vos (1999a), Langmaid (2009a), Maček (1999a), Nel & Varenne (2014a), Patočka & Turčáni (2005a), Robbins (1991a), Schütze (1931a), Skala (1941a, 1951), Sønderup (1949a), Starý (1930a), Szőcs (1977a), Triberti (2007a).

23/10/2014