Phyllonorycter triflorella (de Peyerimhoff, 1872)

Lepidoptera, Gracillariidae

mijn Bovenzijdige vouwmijn, die het blaadje zo sterk doet samentrekken dat de zijranden van het blaadje de mijn tenslotte afdekken. Verpopping binnen de mijn.

mine Upper-surface tentiform mine that contracts so strongly that finally the margins of the leaflet close over the mine. Pupation within the mine.

waardplanten: Fabaceae, oligofaag

hostplants: Fabaceae, oligophagous

Argyrolobium zanonii; Calicotome villosa; Cytisus villosus (= triflorus); Genista sericea.

fenologie Larven van december tot maart (Hering, 1957a).

phenology Larvae from December till March (Hering, 1957a).

verspreiding binnen Europa Frankrijk, Corsica, Sardinië, Italië, Kroatie (Fauna Europaea, 2009).

distribution within Europe France, Corsica, Sardinia, Italy, Croatia (Fauna Europaea, 2009).

pop Cremaster met twee paar doorns: het buitenste paar groot en plomp, het binnenste paar zeer klein (Gregor & Patočka, 2001a; Patočka & Turčáni, 2005a).

pupa Cremaster with two pairs of spines: the outer pair large and squat, the inner pair very small (Gregor & Patočka, 2001a; Patočka & Turčáni, 2005a).

synoniemen Lithocolletis triflorella; Phyllonorycter argyrolobiella Nel, 2009.

synonyms Lithocolletis triflorella; Phyllonorycter argyrolobiella Nel, 2009.

literatuur

references

Gregor & Patočka (2001a), Hering (1957a), Klimesch (1942a), A & Z Laštuvka (2006a, 2011a), Nel (2009a), Nel & Varenne (2014a), Patočka & Turčáni (2005a).

24/10/2014