Phyllonorycter vulturella (Deschka, 1968)

Lepidoptera, Gracillariidae

mijn Onderzijdige vouwmijn tussen twee zijnerven, altijd beginnend bij de hoofdnerf; één sterke plooi. Bovenzijde van de mijn vlekkerig, zonder centrale groene vlek. Pop in een slanke cocon, frasskorrels langs de zijden van de cocon.

mine Lower-surface tentiform mine between two side veins, always starting at the midrib; one strong fold. Upper side of the mine mottled, no central green patch. Pupa in a slender cocoon, frass grains along the side of the cocoon.

waardplanten: Betulaceae, monofaag

hostplants: Betulaceae, monophagous

Alnus glutinosa.

fenologie Het materiaal waaruit deze soort werd gekweekt werd in mei verzameld.

phenology The material from which this species was bred was collected in May.

verspreiding binnen Europa Beschreven uit Zuid-Italië; ook in Frankrijk (Fauna Europaea, 2009).

distribution within Europe Described from southern Italy; found also in France (Fauna Europaea, 2009).

pop Achterrand van meso- en metanotum lateraal met een putje. Hierdoor, en ook door de vorm van het cremaster lijkt de pop op die van Ph. rajella. Over de aanwezigheid van doorns op abd. 7 ventraal wordt niet gezeg.

pupa Rear margin of meso- and metanotum laterally with a pit. This, and also the shape of the cremaster approaches this species to Ph. rajella. However, nothing is said about the presence of spines ventrally on abd. 7.

literatuur

references

Deschka (1969a), Nel & Varenne (2014a).

23/10/2014