Spialia sertorius (Hoffmannsegg, 1804)

Lepidoptera, Hesperiidae

mijn Jonge larven maken een klein blaasmijntje; korte tijd later leven ze vrij tussen samengesponnen bladeren.

mine Young larvae make a tiny blotch; soon they live free among spun leaves.

waardplanten: Rosaceae, monofaag (?)

hostplants: Rosaceae, monofaag (?)

Sanguisorba minor.

Ook Potentilla en Rubus worden genoemd; misschien is de soort niet overal in zijn verspreidingsgebied zo selectief.

Also Potentilla and Rubus are mentioned; perhaps the species is less selective in some parts of its distributional area.

fenologie Jonge larven in juli (de Wilde, 1991a).

phenology Young larvae in July (de Wilde, 1991a).

BENELUX

BE waargenomen (Phegea, 2010).

NE waargenomen (Kuchlein & de Vos, 1999a); uitgestorven.

LUX waargenomen (Fauna Europaea, 2010).

BENELUX

BE recorded (Phegea, 2010).

NE recorded waargenomen (Kuchlein & de Vos, 1999a)l extinct.

LUX recorded (Fauna Europaea, 2010).

verspreiding binnen Europa Van Duitsland en Polen tot het Iberisch Schiereiland en Italië, en van Frankrijk tot Hongarijë (Fauna Europaea, 2010).

distribution within Europe From Germany and Poland to the Iberian Peninsula and Italy, and from France to Hungary (Fauna Europaea, 2010).

larve De minerende larve is dooiergeel; in het vrijlevende stadium, volgroeid, zijn ze dof zwartbruin met drie onderbroken gele lengtelijnen; de larve is lang afstaand behaard.

larva The mining larva is yolk-yellow; in the freee living stage, full fed, the caterpillar is dull blackish brown with three interrupted yellow length lines and has numerous long erect hairs.

synoniemen Hesperia sao (Hübner, 1803).

synonyms Hesperia sao (Hübner, 1803).

literatuur

references

Bink (1992a), Hering (1957a, 1964a), Kuchlein & Donner (1993a), Kuchlein & de Vos (1999a), Maček (1999a), Skala (1948a), Szőcs (1977a), Tax (1989a), de Wilde (1991a).

29/02/2012