Stigmella centifoliella (Zeller, 1848)

Lepidoptera, Nepticulidae

Rosa (cult.), Dronten © Arnold Grosscurt

Stigmella continuella: mines on Rosa (cult.)

Rosa (cult.), Dronten © Arnold Grosscurt

Rosa (sierplant); Nieuwendam

Stigmella centifoliella mine

Rosa (cultivated); Nieuwendam

Rosa rugosa, Algerije, Tingad, 1100 m; leg EJ van Nieukerken & G Bryan

Stigmella centifoliella mine

Rosa rugosa, Algeria, Tingad, 1100 m; leg EJ van Nieukerken & G Bryan

mijn Ei meestal aan de bladonderzijde. De mijn is een lange bochtige gangmijn, vaak met een haarspeldbocht. De frass ligt in een centrale lijn, die aan weerszijden een fijn helder zoompje vrijlaat; dit geldt ook voor het eerste deel van de mijn. Borkowski (1969a) benadrukt dat de frass nooit in boogjes ligt.

mine Egg usually at the underside of the leaf. The mine is a long sinuous gallery, often with a hairpin turn. Frass in a central line, leaving a clear zone at either side; this applies also to the first part of the corridor. Borkowski (1969a) stresses that the frass never is coiled.

waardplanten: Rosaceae, oligofaag

hostplants: Rosaceae, oligophagous

Rosa acicularis, canina, centifolia, x damascena, glauca, hybrida, luciae, majalis, marginata, multiflora, pendulina, phoenicia, rubiginosa, soulieana. spinosissima, tomentosa; Sanguisorba hybrida, minor, officinalis.

Vaker dan anomalella op gekweekte rozen.

Van Nieukerken, A & Z Laštuvka (2006a) beschrijven een waarneming op cf. Alchemilla alpina.

More frequently on cultivated roses than anomalella.

Van Nieukerken, A & Z Laštuvka (2006a) mention an observation on cf. Alchemilla alpina.

fenologie Larven in juni-juli en september-november (Emmet, 1983a).

phenology Larvae in June - July and again September - November (Emmet, 1983a).

BENELUX

BE waargenomen (Phegea, 2009).

NE waargenomen (Kuchlein & de Vos, 1999a; Microlepidoptera.nl, 2009).

LUX waargenomen (Fauna Europaea, 2009).

BENELUX

BE recorded (Phegea, 2009).

NE recorded (Kuchlein & de Vos, 1999a; Microlepidoptera.nl, 2009).

LUX recorded (Fauna Europaea, 2009).

verspreiding binnen Europa Van Scandinavië tot het Iberisch Schiereiland, Italië, Albanië en Bulgarijë, en van Engeland tot de Ukraïne (Fauna Europaea, 2009).

distribution within Europe From Scandinavia to the Iberian Peninsula, Italy, Albania, and Greece, and from Britain to the Ukraine (Fauna Europaea, 2009).

larve Geel, kop bruin (Emmet, 1983a; Gustafsson & van Nieukerken 1990a).

larva Yellow, head brown (Emmet, 1983a; Gustafsson & van Nieukerken 1990a).

synoniemen Nepticula centifoliella.

synonyms Nepticula centifoliella.

opmerkingen Vaak is het niet mogelijk de mijnen te onderscheiden van die van St. anomalella.

notes It often is impossible to distinguish the mines from those of St. anomalella

literatuur

references

Aguiar & Karsholt (2006a), Beiger (1979a), Bengtsson (2008a), Borkowski (1969a), Buhr (1936a, 1964a), Buszko & Baraniak (1989a), Buszko & Beshkov (2004a), Drăghia (1971a), Emmet (1971a, 1983a), van Frankenhuyzen & Houtman (1972a), Gustafsson (1985a), Gustafsson & van Nieukerken (1990a), Haase (1942a), Hartig (1939a), Hering (1932a, 1957a), Huber (1969a), Huemer (1988a), Huisman & Koster (1999a, 2000a), Johansson ao (1990a), Klimesch (1958c, 1977a), Kollár (2007a), Kuchlein & Donner (1993a), Kuchlein & de Vos (1999a), Kvičala (1938a), A & Z Laštuvka (1997a, 2011a), Maček (1999a), Matošević, Pernek, Dubravac & Barić (2009a), van Nieukerken (1986a), van Nieukerken, A & Z Laštuvka (2004a, 2006a), Lhomme (1934d), Nowakowski (1954a), Popescu-Gorj & Drăghia (1966a), De Prins (1998a), Robbins (1991a), Sefrová (2005a), Skala (1939a, 1941a), Skala & Zavřel (1945a), Sønderup (1949a), Stammer (2016a), Steuer (1995a), Stolnicu (2007a), Surányi (1942a), Szőcs (1977a), Ureche (2010a), Utech (1962a), Zoerner (1969a).

07/04/2017