Stigmella floslactella (Haworth, 1828)

Lepidoptera, Nepticulidae

Corylus avellana, Diemen

Stigmella floslactella mine

Corylus avellana, Diemen

zelfde mijn, detail

same mnine, detail

Carpinus betulus, Cadzand: afwijkende mijn

Carpinus betulus, Cadzand: aberrant mine

mijn Ei aan de bladonderzijde in een nerfoksel. Mijn een zich matig sterk verwijdende gang. Het einde van de mijn is duidelijk breder dan de larve. In het eerste deel is de vaag begrensde frasslijn bijna zo breed als de gang. Verderop ligt de frass meer in onregelmatige bogen en vlokken, ongeveer een derde van de breedte van de gang innemend. Het verloop van de mijn is niet hoekig, niet nerfvolgend. De larva verlaat voor de verpopping de mijn door een uitgang aan de bladbovenzijde.

mine Oviposition at the underside of the leaf, in a vein axil. Mine a slender, gradually widening corridor; the last section is clearly wider than the larva. In the first section the vaguely delimited frass line almost fills the corridor. Later the frass lies in irregular arcs and clouds, filling about one third of the width of the corridor. The trajectory of the mine is not angular, independent of the leaf venation. Pupation external, exit slit in the upper epidermis.

waardplanten: Betulaceae, oligofaag

hostplants: Betulaceae, oligophagous

Carpinus betulus; Corylus avellana, maxima.

De soort treedt maar zelden bij Carpinus op (Johansson ea, 1990a). Xenofaag waargenomen op Betula (Emmet, 1974a).

Only rarely on Carpinus (Johansson ea, 1990a). Found xenophagously onBetula (Emmet, 1974a).

fenologie Larven (in Engeland) in juni-juli en september-october (Emmet, 1983a).

phenology Larvae (in the UK) in June - July, and September - October (Emmet, 1983a).

BENELUX

BE waargenomen (Phegea, 2009).

NE waargenomen (Kuchlein & de Vos, 1999a; Microlepidoptera.nl, 2009).

LUX waargenomen (Ellis: Kautenbach).

BENELUX

BE recorded (Phegea, 2009).

NE recorded (Kuchlein & de Vos, 1999a; Microlepidoptera.nl, 2009).

LUX recorded (Ellis: Kautenbach).

verspreiding binnen Europa Geheel Europa, uitgezonderd het Balkan-schiereiland en de Middellandse Zee-=eilanden (Fauna Europaea, 2009).

distribution within Europe All Europe, except the Balkan Peninsula and the Mediterranean Islands (Fauna Europaea, 2009).

larve Bleekgroenig tot bleekgelig; zie Gustafsson & van Nieukerken (1990a) voor een beschrijving. In tegenstelling tot bij St. microtheriella heeft het metanotum een brede band van fijne stekeltjes.

larva Pale greenish to pale yellowish; see zie Gustafsson & van Nieukerken (1990a) for a description. Contary to St. microtheriella the metanotum has a broad zone of fine spinules.

synoniemen Nepticula floslactella; Nepticula saxatilella Grönlien, 1932 (cf Nieukerken & Johansson, 1987a).

synonyms Nepticula floslactella; Nepticula saxatilella Grönlien, 1932 (cf Nieukerken & Johansson, 1987a).

literatuur

references

Ahr (1966a), Beiger (1979a), Bengtsson (2008a), Borkowski (1969a), Buhr (1935a, 1964a), Buszko & Baraniak (1989a), Buszko & Beshkov (2004a), Diškus & Stonis (2012a), Emmet (1974a, 1983a), Gustafsson (1985a), Gustafsson & van Nieukerken (1990a), Haase (1942a), Hartig (1939a), Hering (1934b, 1957a), Huber (1969a), Johansson ao (1990a), Kasy (1983a, 1987a), Klimesch (1936a, 1950c), Kuchlein & Donner (1993a), Kuchlein & de Vos (1999a), ME & MA Kurz (2007a), A & Z Laštuvka (1997a, 2014a), Maček (1999a), Matošević, Pernek, Dubravac & Barić (2009a), Michalska (1972a, 1976a), Michna (1975a), Navickaitė, Diškus & Stonis (2014), van Nieukerken (1986a, 2006a), van Nieukerken & Johansson (1987a), van Nieukerken, A & Z Laštuvka (2004a, 2006a), van Nieukerken, Zolotuhin & Mistchenko (2004a), Nowakowski (1954a), Popescu-Gorj & Drăghia (1966a), De Prins (1998a), Robbins (1991a), Schütze (1931a), Sefrová (2005a), Skala (1939a, 1941a, 1951a), Sønderup (1949a), Steuer (1995a), Surányi (1942a), Szőcs (1977a, 1978a, 1981a), Ureche (2010a), Zaberga, Legzdina, Otfinowski & Obelevičius (2014a).

15/01/2017