Stigmella sanguisorbae (Wocke, 1965)

Lepidoptera, Nepticulidae

mijn Ei gewoonlijk aan de onderzijde van het blad, vlakbij de bladrand. Rondom het ei treedt een roodverkleuring van het blad op. De mijn is een geleidelijk breder wordende gang. De eerste 1.5-2 cm van de mijn volgt de bladrand, tot in de tanding aan rand. Daarna keert de gang om, en vormt een secundaire blaas. Frass over de hele lengte in een diffuse centrale lijn. Verpopping extern.

mine Egg deposited at the underside of the leaf, close to the leaf margin. Around the oviposition site the leaf turns red. The mine is a gradually widening corridor. For the first 1.5-2 cm it runs precisely along the leaf margin, even into the serrations. Then the corridor doubles and makes a secondary blotch. Frass over the entire length in a diffuse central line. Pupation external.

waardplanten: Rosaceae, monofaag

hostplants: Rosaceae, monopgagous

Sanguisorba officinalis.

fenologie Larven van augustus tot october (Hering, 1957a; Johansson ea, 1990a).

phenology Larvae from August till October (Hering, 1957a; Johansson ao, 1990a).

BENELUX

niet bekend uit de Benelux-landen (Fauna Europaea, 2009).

BENELUX

not known from the Benelux countries (Fauna Europaea, 2009).

verspreiding binnen Europa Van Duitsland en Polon tot Zwitserland, Oostenrijk en Hongarijë (Fauna Europaea, 2009).

distribution within Europe From Germany and Poland to Switzerland, Austria, and Hungary (Fauna Europaea, 2009).

larve Geelgroen.

larva Yellowish green.

opmerkingen Buitengewoon zeldzaam en bedreigd (Johansson ea, 1990a).

notes Extremely rare and endangered (Johansson ao, 1990a).

literatuur

references

Diškus & Stonis (2012a), Hering (1957a), Huemer (1986a, 1988a), Johansson ao (1990a), Kasy (1965a, 1985a), Laštuvka & Laštuvka (1997a), Liška ao (2000a), van Nieukerken (1986a), Nowakowski (1954a), Skala (1939a), Szőcs (1977a).

13/01/2017