Aphis ulmariae von Paula Schrank, 1801

moerasspireabladluis

op Filipendula

Aphis ulmariae: galled inflorescence of Filipendula ulmaria

Filipendula ulmaria, België, prov. Namen, Vierves-sur-Viroin, ancien gare © Stéphane Claerebout

Aphis ulmariae: aphids

luizen

gal

de bloeiwijze is vervormd tot een dichte kluwen. Ook de bladeren zijn verfrommeld (Roskam) De luizen zijn 1-2 mm groot; ze zijn groen, donkergroen gevlekt, met donkerder kop en poten. Geen waardwisseling.

waardplanten

Rosaceae, monofaag

Filpendula ulmaria.

synoniemen

Aphidula ulmariae.

literatuur

Béguinot (2002d,e, 2006b), Blackman & Eastop (2014), Börner & Franz (1956a), Buhr (1964d), Coulianos & Holmåsen (1991a), Dauphin & Aniotsbehere (1997a), Heie (1986a), Lambinon & Schneider (2004a), Lampel & Meier (2007a), Nieto Nafría, Mier Durante, García Prieto & Pérez Hidalgo (2005a), Petrović (1998a), Redfern & Shirley (2011a), Roskam (2009a), Schneider (2016a), Sylvén (1960a), Tomasi (2014a), Weis (1955).

mod 25.v.2018