Sorbus *, lijsterbes

fam. Rosaceae

1a kleine blaasmijn, met ronde uitsnede, niet veel kleiner dan de blaas zelf: Incurvaria pectinea

1b primaire blaasmijn, geen uitsnede => 2

1c vouwmijn => 8

1d gangmijn, plotseling overgaand in blaas: Stigmella sorbi

1e gangmijn van begin tot eind of zwak verwijd; eventueel secundaire blaasmijn => 15

1f vlekmijn => 21

1g gallen etc => 100

2a blaas voldiep, klein => 3

2b blaas boven- of onderzijdig, meestal niet zeer klein => 4

3a mijn in het voorjaar: Incurvaria pectinea (jonge mijn)

3b mijn in het najaar: Paraswammerdamia nebulella

4a ovipositieplek (meestal in de top van een blaadje) afgedekt met een glimmend-zwart druppeltje verhard secreet: Trachys minutus

4b niet zo'nn druppeltje => 5

5a blaas onderzijdig, grijsbruin: Parornix scoticella (jonge mijn)

5b blaas bovenzijdig => 6

6a mijn zilverig, gecentreerd op de hoofdnerf: Phyllonorycter corylifoliella of Ph. leucographella (jonge mijn)

6b mijn niet zilverig, niet gecentreerd op hoofdnerf => 7

7a mijn klein, peervormig, met zeer veel compacte frass, vaak in aantal: Ramphus oxyacanthae

7b mijn groter, cirkelrond; frass in concentrische bogen: Leucoptera malifoliella

8a mijn bovenzijdig => 9

8b mijn onderzijdig, geelgroen of bruin => 10

9a volgroeide mijn wit-zilverig, zonder zwarte spikkels: Phyllonorycter leucographella

9b volgroeide mijn door zwarte spikkels vuilgrijs: Phyllonorycter corylifoliella

10a verse mijn grijsbruin, oudere larve leeft vrij => 11

10b verse mijn geelgroen tot wittig; verpopping in de mijn => 12

11a oudere larve in een tot een peperbusje opgerolde bladtop: Parornix anglicella

11b oudere larve onder omgeslagen bladrand of in een met spinsel bedekte plooi midden onder een blaadje: Parornix scoticella

12a mijn met enkele scherpe plooien; gewone soort: Phyllonorycter sorbi

12b mijn met 1 plooi, of veel kleine plooitjes; zeldzame soorten, in ieder geval op deze waardplant => 13

13a pop ligt vrij in de mijn, zonder cocon; cremaster met 1 paar, zeer slanke, doorns: Phyllonorycter lantanella

13b pop in een cocon; cremaster met 2 paar korte doorns => 14

14a mijn met veel fijne plooitjes; frass in een lijn achter de cocon: Phyllonorycter mespilella

14b met met één duidelijke plooi; frass in een klomp: Phyllonorycter cydoniella

15a vertakt gangetje, zonder frass (zelden op deze waardplant): Recurvaria nanella

15b mijn bevat frass, onvertakt => 16

16a mijn < 1 cm; begindeel geheel met frass gevuld: Bucculatrix bechsteinella

16b mijn veel langer, niet zo volgestopt met frass => 17

17a mijn begint niet bij een eischaaltje; vaak oversnijdt de gang de hoofdnerf en zichzelf; larvekamer minstens 3 x zo lang als breed: Lyonetia clerkella

17b mijn begint bij een eischaaltje; mijn oversnijdt slechts zelden de hoofdnerf of zichzelf; larvekamer minder dan 2 x zo lang als breed => 18

18a smalle gang, in een klein oppervlak gefrommeld; frass in smalle middenlijn: Stigmella magdalenae

18b gang slingert vrij door het blad; frass in boogjes => 19

19a larve in juni-juli: Stigmella nylandriella

19b larve in september-november => 20

20a larve met 10 setae op meso- en metanotum: Stigmella nylandriella

20b larve met 9 setae op meso- en metanotum (zelden op lijsterbes): Stigmella oxyacanthella

21a pistoolzak: Coleophora anatipenella

21b lapjeszak: Coleophora violacea

21c buisvormige zijden zak: Coleophora trigeminella

21d samengestelde bladzak => 22

21e buisvormige bladzak => 23

22a achtereind van de zak gekromd als het handvat van een wandelstok: Coleophora hemerobiella

21b achtereind van de zak hoogstens haaks op het voorstuk: Coleophora spinella

23a zak met grote lapvormige aanhangsels: Coleophora siccifolia

23b zak zonder zulke aanhangsels => 24

24a zak 8-11 mm, mondhoek 90°: Coleophora hemerobiella

24b zak 6-7 mm, mondhoek 60°: Coleophora spinella

100a Nematoda => 101

100b Acari => 102

100c Coleoptera => 103

100e Diptera => 104

100f Hemiptera => 105

100d Hymenoptera => 106

100g roesten => 107

100h brandschimmels => 108

100i echte en valse meeldauwen => 109

100j andere veroorzakers => 110

103 - Coleoptera

103a Curculionidae: Anthonomus conspersus

104 - Diptera

104 Agromyzidae: Phytobia aucupariae

104b Cecidomyiidae: Contarinia floriperda, sorbi

106 - Hymenoptera

106a Tenthredinidae: Pristiphora geniculata

107 - roesten

107a Pucciniaceae: Gymnosporangium clavariiforme, confusum, cornutum, torminali-juniperini, tremelloides

107b Uropyxidaceae: Ochropsora ariae

109 - echte en valse meeldauwen

109a Erysiphaceae: ? Phyllactinia mali; Podosphaera aucupariae, niesslii

110 - andere veroorzakers

110a Fungi, anamorfe van Guignardia: Phyllosticta sorbi

110b Fungi, Nectriaceae: Neonectria galligena

110c Fungi, Taphrinaceae: Taphrina deformans, sorbi

110d Lepidoptera, Yponomeutidae: Argyresthia semifusca

110e Plantae, Santalaceae: Viscum album

Sorbus *, mountain ash

fam. Rosaceae

1a small blotch mine, with an excision, not much smaller then the blotch itself: Incurvaria pectinea

1b primary blotch, without an excision => 2

1c tentiform mine => 8

1d corridor, abruptly widening into a blotch: Stigmella sorbi

1e corridor from start to end, only weakly widening; there may be a secondary blotch => 15

1f fleck mine => 21

1g galls, etc => 100

2a blotch full depth => 3

2b blotch upper- or lower-surface => 4

3a mine in spring: Incurvaria pectinea (young mine)

3b mine in autumn: Paraswammerdamia nebulella

4a oviposition spot (generally the tip of a leaflet) covered by a shining black drop of hardened secretion: Trachys minutus

4b no such drop => 5

5a blotch lower-surface, grey-brown: Parornix scoticella (young mine)

5b blotch upper-surface => 6

6a mine silvery, positioned over the midrib: Phyllonorycter corylifoliella or Ph. leucographella (young mines)

6b mine not silvery, not positioned over the midrib => 7

7a mine small, pear-shaped, often in number; much frass in a compact plug: Ramphus oxyacanthae

7b mine larger, circular; frass in concentric circles: Leucoptera malifoliella

8a mine upper-surface => 9

8b mine lower-surface => 10

9a full-grown mines silvery-white, without black speckles: Phyllonorycter leucographella

9b full-grown mines dirty grey because of numerous black speckles: Phyllonorycter corylifoliella

10a fresh mine grey-brown, larvae later live free => 11

10b fresh mine yellow green to whitish; pupation in the mine => 12

11a older larvae live in a leaf segment, rolled into a cone: Parornix anglicella

11b older larvae under a down-folded leaf margin or in a silk-covered leaf fold: Parornix scoticella

12a mine with some sharp folds; common species: Phyllonorycter sorbi

12b mine with either 1 strong or many feeble folds; rare species, in any case on this hostplant => 13

13a pupa free in the mine, without a coccon; cremaster with 1 pair of very slender spines: Phyllonorycter lantanella

13b pupa in a cocoon; cremaster with 2 pairs of short spines => 14

14a mine with numerous weak folds; frass in a line behind the cocoon: Phyllonorycter mespilella

14b mine with 1 sharp fold; frass in a clump in a corner of the mine: Phyllonorycter cydoniella

15a small branched mine without frass (rare on this hostplant): Recurvaria nanella

15b mine does contain frass, not branched => 16

16a mine < 1 cm; first part stuffed with frass: Bucculatrix bechsteinella

16b mine much longer, not so full of frass => 17

17a no egg shell at the beginning of the corridor; ocrridor not infrequently crossing itself or the midrib; larval chamber at least 3 times as long as wide: Lyonetia clerkella

17b corridor begins at an egg shell, rarely crossing itself or the mirdrib; larval chamber less than 2 times as long as wide => 18

18a narrow corridor, crammed in a small space; frass in a narrow central line: Stigmella magdalenae

18b corridor winds freely through the leaf; frass coiled => 19

19a larva in June-July: Stigmella nylandriella

19b larva in September-November => 20

20a larva: meso- and metanotum with 10 setae: Stigmella nylandriella

20b meso- and metanotum with 9 setae (rare on Sorbus): Stigmella oxyacanthella

21a pistol case: Coleophora anatipenella

21b lobe case: Coleophora violacea

21c tubular silken case: Coleophora trigeminella

21d composite leaf case => 22

21e tubular leaf case => 23

22a rear end of the case crooked like the handle of a walking stick: Coleophora hemerobiella

21b rear end at most at right angle with the case: Coleophora spinella

23a case with large flaps attached to it: Coleophora siccifolia

23b case without such appendages => 24

24a case 8-11 mm, mouth angle 90°: Coleophora hemerobiella

24b case 6-7 mm, mouth angle 60°: Coleophora spinella

100a Nematoda => 101

100b Acari => 102

100c Coleoptera => 103

100e Diptera => 104

100f Hemiptera => 105

100d Hymenoptera => 106

100g rust fungi => 107

100h smut fungi => 108

100i powdery and downy mildews => 109

100j other causers => 110

103 - Coleoptera

103a Curculionidae: Anthonomus conspersus

104 - Diptera

104 Agromyzidae: Phytobia aucupariae

104b Cecidomyiidae: Contarinia floriperda, sorbi

106 - Hymenoptera

106a Tenthredinidae: Pristiphora geniculata

107 - rust fungi

107a Pucciniaceae: Gymnosporangium clavariiforme, confusum, cornutum, torminali-juniperini, tremelloides

107b Uropyxidaceae: Ochropsora ariae

109 - powdery and downy mildews

109a Erysiphaceae: ? Phyllactinia mali; Podosphaera aucupariae, niesslii

110 - other causers

110a Fungi, anamorph of Guignardia: Phyllosticta sorbi

110b Fungi, Nectriaceae: Neonectria galligena

110c Fungi, Taphrinaceae: Taphrina deformans, sorbi

110d Lepidoptera, Yponomeutidae: Argyresthia semifusca

110e Plantae, Santalaceae: Viscum album