Plantparasieten van Europa

bladmineerders, gallen en schimmels

Caloptilia nobilella

Caloptilia nobilella (Klimesch, 1942)

prachtgrasmineermot

Caloptilia nobilella: mine

uit Klimesch (1942q): jeugdmijn en bladkegel

mijn

Ovipositie onderzijdig, op de hoofdnerf. Vandaar loopt een golvende, epidermale, slakkenspoorachtige mijn uiteindelijk naar de bladrand. Hier wordt een vouwmijn gemaakt, waar de bladrand naar onderen omheenbuigt. De mijn is tenslotte voor bijna de helft met frass gevuld. Dan verlaat de larve de mijn, en leeft tot de verpopping in een kegelvormig opgerold blad. Verpopping in een glasheldere, ovale, cocon. Mijnen alleen in de jonge bladeren, vooral in de schaduw.

waardplanten

Lauraceae, monofaag

Laurus nobilis.

fenologie

Larven in mei.

verspreiding binnen Europa

Macedonië, Istrië (Klimesch, 1942a).

literatuur

Hering (1957a), Klimesch (1942a).

05/04/2017

Laatste bewerking 23.xi.2017