Plantparasieten van Europa

bladmineerders, gallen en schimmels

Ascochyta juglandis parasiet

Ascochyta juglandis Boltshauser, 1898 op Juglans parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 4-5 x 8-15 µm. waardplanten Juglandaceae, monofaag Juglans regia. literatuur Boltshauser (1898a), Brandenburger (1985a: 35).

Cryptosporium nigrum parasiet

Cryptosporium nigrum Bonorden, 1864 op Juglans parasiet Bladvlekken met onderzijdige acervuli; Conidia 2-3 x 8-14 µm. waardplanten Juglandaceae, monofaag Juglans. literatuur Brandenburger (1985a: 35) .

Cryptosporium parasiet

Thielaviopsis thielavioides parasiet

Thielaviopsis thielavioides (Peyronel) Paulin, Harrington & McNew, 2002 parasiet Zwarte film, wortel-rot. Conidia hyalien, in ketens, 3-5 x 8-15 µm, of geïsoleerd, olijfbruin, kogelrond, ø 14-19 µm. waardplanten polyfaag Daucus carota; Juglans; Lactuca muralis; Lupinus; Populus. verspreiding binnen Europa PESI (2022). synoniemen Chalaropsis thielavioides Peyronel, 1916. literatuur Brandenburger (1985a: 34), Ellis & Ellis (1997a), Ruszkiewicz-Michalska […]

Thielaviopsis parasiet

Ceratocystidaceae parasiet

Microascales parasiet

Juglanconis juglandina parasiet

Juglanconis juglandina (Kunze) Voglmayr & Jaklitsch, 2017 op Juglans parasiet Bast kankers. Ingebed in lage wratten ligt een kring van ± 10 perithecia die door een nauw kanaal met de buitenwereld verbonden zijn. Asci 17-22 x 138-161 µm; 8 sporen, 9-11 x 24-29 µm, ingesnoerd bij de enkele sept, zonder aanhangsel. Eveneens onopvallende zwarte acervuli […]

Juglanconis appendiculata parasiet

Juglanconis appendiculata Voglmayr & Jaklitsch, 2017 op Juglans parasiet Bast kankers. Ingebed in lage wratten ligt een kring van ± 10 perithecia die door een nauw kanaal met de buitenwereld verbonden zijn. Asci 21-24 x 131-147 µm; 8 sporen, 10-11 x 26-32 µm, ingesnoerd bij de enkele sept, aan beide uiteinden met een kort aanhangsel. […]

Juglanconis pterocaryae parasiet

Juglanconis pterocaryae (Kuschke) Voglmayr & Jaklitsch, 2017 op Pterocarya parasiet Bastkankers. Zwartige onopvallende acervuli; conidia 8-9 x 13-17 µm, ongesepteerd. waardplanten Juglandaceae, monofaag Pterocarya fraxinifolia. synoniemen Melanconium pterocaryae Kuschke, 1913. literatuur Voglmayr, Jaklitsch, Mohammadi & Kazemzadeh Chakusary (2019a).

Juglanconis parasiet

Juglanconidaceae parasiet

Septoria myricae parasiet

Septoria myricae Ellis & Everhart, 1897 op Myrica parasiet Bladvlekken met pycnidia; conidia 2 x 15-20 µm, 4-6 septen. waardplanten Myricaceae, monofaag Myrica. literatuur Brandenburger (1985a: 34).

Septoria distachya parasiet

Septoria distachya Brunaud, 1892 op Ephedra parasiet Pycnidia; conidia 2 x 18-24 µm, ongesepteerd. waardplanten Ephedraceae, monofaag Ephedra. literatuur Brandenburger (1985a: 33).

Herpotrichia ephedrae parasiet

Herpotrichia ephedrae Kuhnholtz-Lordat & Barry, 1949 op Ephedra parasiet Ingezonken ascomata; asci 13-15 x 65-80 µm, spooren 7-8 x 15-18 µm, bruin, 3 septen. waardplanten Ephedraceae, monofaag Ephedra. literatuur Brandenburger (1985a: 33).

Cryptocline taxicola parasiet

Cryptocline taxicola (Allescher) Petrak, 1925 Tacus spec., © Bruce Watt, University of Maine conidia. op Taxus parasiet Bladvlekken met acervuli. . Conidia 5-8 x 10-18 µm. waardplanten Taxaceae, monofaag Taxus baccata, cuspidata. literatuur Bukvayová (2007a), Ivanová & Bernadovičová (2009a), Šafránková (2008b).

Cryptocline parasiet

Hendersonia taxi parasiet

Hendersonia taxi Hollós, 1930 op Taxus parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 7-8 x 15-17 µm, 3 septen. waardplanten Taxaceae, monofaag Taxus. literatuur Brandenburger (1985a: 33).

Hendersonia parasiet

Phyllosticta taxi parasiet

Phyllosticta taxi Hollós, 1910 op Taxus parasiet Bladvlekken aan de top van de naalden met pycnidia. Conidia 4 x 6-8 µm. waardplanten Taxaceae, monofaag Taxaceae. literatuur Brandenburger (1985a: 33) .

Phyllosticta philoprina parasiet

Phyllosticta philoprina (Berkeley & Curtis) Wikee & Crous, 2013 hulstbladstipje parasiet Bladvlekken met pycnidia. Asci 10-12 x 40-80 µm; sporen 5-23 x 14-24,met een slijmkapje. waardplanten olyfaag Cryptomeria japonica; Hedera helix; Ilex aquifolium; Juniperus communis; Rhododendron; Taxus baccata, cuspidata. synoniemen Guignardia philoprina (Berkeley & Curtis) van der Aa, 1973. literatuur Brandenburger (1985a: 33), Ellis & […]

Phyllosticta concentrica parasiet

Phyllosticta concentrica Saccardo, 1876 parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 8 x 11-13 pm, solitair, hyalien, ongesepteerd, wand dun en glad. waardplanten polyfaag Araucaria; Hedera helix; Ilex aquifolium; Quercus ilex, robur, rotundifolia; Rhododendron caucasicum, ponticum; Taxus baccata, cuspidata. synoniemen Phyllosticta ilicicola (Cooke & Ellis) Ellis & Everhart, 193. literatuur Brandenburger (1985a: 33, 65), Bukvayová (2007a), Norphanphoun, […]

Dothiora taxicola parasiet

Dothiora taxicola (Peck) Barr, 1972 op Taxus parasiet Ascocarpen op de bovenzijde van de naalden; asci 9-15 x 60-96 µm, sporen 3-9 x 13-37 µm, 3 septen. waardplanten Taxaceae, monofaag Taxus. literatuur Brandenburger (1985a: 33), Ellis & Ellis (199a).

Dothiora parasiet

Neocucurbitaria parasiet

Phyllosticta araucariae parasiet

Phyllosticta araucariae Woronin, 1913 op Araucaria parasiet Bladvlekken met pycnidia; conidia 2 x 3 µm. waardplanten Araucariaceae, monofaag Araucaria. literatuur Brandenburger (1985a: 32).

Dothiorella parasiet

Melanops araucariae parasiet

Melanops araucariae (Voglino) Petrak, 1947 op Araucaria parasiet Ascomata in groepjes op een stroma; asci 515 x 140-160 µm, sporen 8 x 20-25 µm. waardplanten Araucariaceae, monofaag Araucaria. synoniemen Cryptosporella araucariae Voglino, 1932. literatuur Brandenburger (1985a: 32).

Melanops parasiet

Didymascella thujina parasiet

Didymascella thujina (Durand) Maire, 1927 op Thuja parasiet Naalden met zwarte, ovale ascomata; asci 18-20 x 80-100 µm; 2 sporen, 15-16 x 22-25 µm. waardplanten Cupressaceae, monofaag Thuja. literatuur Brandenburger (1985a: 31).

Synnemapestaloides foliicola parasiet

Synnemapestaloides foliicola(Berkeley) Watanabe, Tanaka, Sato & Nozawa, 2026 op Juniperus parasiet Naalden met zwarte stromata; conidia spoelvormig, 5-9 x 19-23 µm, 5 septen, basis- en topcel kleurloos, met een lang aanhangsel, overige cellen bruin. waardplanten Cupressaceae, monofaag Juniperus communis. synoniemen Seimatosporium foliicola (Berkeley) Shoemaker, 1964. literatuur Brandenburger (1985a: 31), Watanabe, Sekiguchi, Sato, ao (2026a).

Synnemapestaloides parasiet

Exosporium deflectens parasiet

Exosporium deflectens Karsten, 1888 op Juniperus parasiet Naalden met donkerbruine, tot 0.3 mm grote stromata waarop conidia worden gevormd. Conidia bruin, wrattig, 4-6 x 11-19 µm, 2-3 septen. waardplanten Cupressaceae, monofaag Juniperus communis. synoniemen Stigmina deflectens (Karsten) Ellis, 1959. literatuur Brandenburger (1985a: 31), Sutton & Hodges (1990a).

Exosporium parasiet

Asperisporium parasiet

Stigmina glomerulosa parasiet

Stigmina glomerulosa (Saccardo) Hughes, 1958 op Juniperus parasiet Bladeren met donkerbruine stromata; conidia bruinig, wrattig, 6-10 x 27-50 µm, 7 septen. waardplanten Cupressaceae, monofaag Juniperus. literatuur Brandenburger (1985a: 31), Sutton & Hodges (1990a).

Stigmina parasiet

Didymascella tetraspora parasiet

Didymascella tetraspora (Phillips & Keith) Maire, 1927 op Juniperus parasiet Bladvlekken met onderzijdige, 1 mm groot bruinzwart apothecium; asci 16-18 x 175 µm, 4 olijfbruine sporen, 13-16 x 21-24 µm, 1 asymmetrische sept. waardplanten Cupressaceae, monofaag Juniperus. literatuur Brandenburger (1985a: 30).

Didymascella parasiet

Lophodermium juniperi parasiet

Lophodermium juniperi (Greville) Darker, 1967 op Juniperus Juniperus spec. © Bruce Watt, University of Maine, Bugwood.org asci en paraphysen parasiet Naalden met zwarte, 1 mm grote wratten. Asci 9-12 x 70-90 µm, 8 sporen, -2 x 65-75 µm. waardplanten Cupressaceae, monofaag Juniperus communis subsp. nana. literatuur Blumer (1946a), Brandenburger (1985a: 30).

Xenomeris juniperi parasiet

Xenomeris juniperi (Dearness) Barr & Müller, 1962 op Juniperus parasiet ± 0.1 mm vruchtlichaam op de naalden. Asci 15-17 x 35-45 µm; 8 lichtbruine sporen, 4-6 x 13-16 µm. waardplanten Cupressaceae, monofaag Juniperus. literatuur Brandenburger (1985a: 30).

Xenomeris parasiet

Seynesiella parasiet

Microthyriaceae parasiet

Microthyriales parasiet

Mycosphaerella juniperina parasiet

Mycosphaerella juniperina (Ellis) Tomilin, 1970 grootsporig jeneverbespuntkogeltje op Juniperus parasiet Bladvlekken met pycnidia. Asci 8-11 x 56-59 µm; sporen 2-4 x 8-14 µm. waardplanten Cupressaceae, monofaag Juniperus. literatuur Brandenburger (1985a: 30).

Sphaerella guadarramica parasiet

Sphaerella guadarramica Gonzalez Fragoso, 1924 op Juniperus parasiet Bladvlekken met pycnidia. Asci 20-24 x 52-60 µm, sporen 7-8 x 11-13 µm. waardplanten Cupressaceae, monofaag Juniperus. synoniemen Mycosphaerella guadarramica (Gonzalez Fragoso) Morelet, 1968. literatuur Brandenburger (1985a: 30).

Muellerites parasiet

Muellerites (Müller & von Arx) Holm 1968 op Juniperus parasiet Bijna 1 mm groot zwart vruchtlichamen aan de voet van levende naalden. Asci 22-28 120-160 µm; sporen 12-15 x 45-57 µm, meest 3 septen. waardplanten Cupressaceae, monofaag Juniperus. literatuur Brandenburger (1985a: 30).

Neocelosporiaceae parasiet

Neocelosporiales parasiet

Coniothyrium juniperi parasiet

Coniothyrium juniperi Moreau, Moreau & Peresse, 1971 op Juniperus parasiet Kankers aan de voet van afstervende takken. Pycnidia 0.2 mm, conidia bruin, 2-3 x 3-4 µm. waardplanten Cupressaceae, monofaag Juniperus communis. literatuur Brandenburger (1985a: 30), Ruszkiewicz-Michalska (2006a).

Kabatina juniperi parasiet

Kabatina juniperi Schneider & von Arx, 1966 op Juniperus parasiet Acervuli, 0.1 mm, op de takken; conidia 2 x 3-5 µm. Taksterfte. waardplanten Cupressaceae, monofaag Juniperus. synoniemen Kabatina thujae var. juniperi (Schneider & von Arx) Morelet, 1973. literatuur Brandenburger (1985a: 30).

Kabatina parasiet

Hypsotheca nigra parasiet

Hypsotheca nigra (Schrader) Crous, 2019 op Juniperus, etc. parasiet Stam-kankers met zwarte, 0.5 mm hoge, slanke gesteelde ascomata. Asci tot 120 µm; sporen ø 4-5 µm. waardplanten Cupressaceae, oligofaag Cupressus sempervirens; Juniperus communis. synoniemen Caliciopsis nigra (Schrader) Fitzpatrick, 1942. literatuur Brandenburger (1985a: 28), Dauphin & Aniotsbehere (1997a), Migliorini, Luchi, Pepori, ao (2020a).

Hypsotheca parasiet

Ceratostoma juniperinum parasiet

Ceratostoma juniperinum Ellis & Everhart, 1890 op Juniperus, etc. parasiet Bol- of flesvormige vruchtlichamen op de takken; asci 4-6 x 12-16 µm, 6-8 sporen, ø 3-4 µm. waardplanten Cupressaceae, monofaag Cupressus sempervirens; Juniperus communis, phoenicea. synoniemen Phaeostoma “juniperina”, juniperinum (Ellis & Everhart) von Arx & Müller 1954. literatuur Brandenburger (1985a: 28), Roskam (2019a).

Ceratostoma parasiet

Ceratosotomataceae parasiet

Diaporthe juniperivora parasiet

Diaporthe juniperivora (Hahn) Rossman & Udayanga, 2015 op Juniperus, etc. parasiet Twijgen en naalden met pycnidia; taksterfte. Conidia 3 x 8-10 µm. waardplanten Cupressaceae, oligofaag Juniperus; Thuja. synoniemen Phomopsis juniperivora Hahn, 1920. literatuur Brandenburger (1985a: 28).

Tetramyxa rhizophaga parasiet

Tetramyxa rhizophaga Lihnell, 1942 op Juniperus parasiet In geparasiteerde, maar niet misvormde cellen (hoofdzakelijk in de wortels van kiemplanten) bevinden zich groepjes van 4 4-6 µn grote, gladde, vaak donker gekleurde rustende sporen. waardplanten Cupressaceae, monofaag Juniperus. literatuur Buhr (1964a), Brandenburger (1985a: 28).

Seiridium cardinale parasiet

Seiridium cardinale (Wagener) Sutton & Gibson, 1972 op Cupressus parasiet Takken met verkankerde plekken, zwarte doorbrekende acervuli. Conidia 8-9 x 21-30 µm, bruin, 5 septen, voor en achterzijde met een aanhangsel. waardplanten Cupressaceae, monofaag Cupressus. literatuur Brandenburger (1985a: 28).

Seiridium parasiet

Sporocadaceae parasiet

Asteromella sequoiicola parasiet

Asteromella sequoiicola (Melnik) Vanev & van der Aa, 2002 op Sequoia parasiet Bladvlekken met pycnidia; conidia 1 x 3 µm. waardplanten Cupressaceae, monofaag Sequoia. synoniemen Phyllosticta sequoiae Zhilina, 1957. literatuur Brandenburger (1985a: 27).

Phyllosticta cunninghamiae parasiet

Phyllosticta cunninghamiae Gucevič 1962 op Cunninghamia parasiet Bladvlekken met pycnidia; conidia 1 x 3 µm. waardplanten Cupressaceae, monofaag Cunninghamia. literatuur Brandenburger (1985a: 27).

Rhabdocline pseudotsugae parasiet

Rhabdocline pseudotsugae Sydow, 1922 douglasnaaldenvlek op Pseudotsuga Pseudotsuga © Petr Kapitola, Central Institute for Supervising and Testing in Agriculture, Bugwood.org parasiet Bladvlekken met 2-4 mm lange apothecia met geel hymenium; asci 16-22 x 120-160 µµ, sporen 5-8 x 18-20 µm, bij rijpheid met 1 sept. waardplanten Pinaceae, monofaag Pseudotsuga. literatuur Brandenburger (1985a: 26), Hielscher (2017a).

Nothophaeocryptopus gaeumannii parasiet

Nothophaeocryptopus gaeumannii (Rohde) Videira, Nakashima, Braun & Crous, 2016 op Pseudotsuga parasiet Naalden met onderzijdige rijen zwarte 0.1 grote pycnidia; asci 15-18 x 30-40 µm; sporen 4-5 x -12 µm. waardplanten Pinaceae, monofaag Pseudotsuga. synoniemen Phaeocryptopus gaeumannii (Rohde) Petrak, 1938. literatuur Brandenburger (1985a: 26) , Hielscher (2017a), Videira, Groenewald, Nakashima ao (2017a).

Nothophaeocryptopus parasiet

Sphaeropsis necatrix parasiet

Sphaeropsis necatrix Petri, 1916 op Pinus parasiet Kegelschubben zijn verkleurd, groepjes tot 0.4 mm grote zwarte pycnidia breken door de epidermis; Conidia 14-15 x 17-48 µm. waardplanten Pinaceae, monofaag Pinus. literatuur Brandenburger (1985a: 26).

Delphinella strobiligena parasiet

Delphinella strobiligena (Desmazières) Saccardo, 1962 op Pinus parasiet kegelschubben met door de epidermis brekende stromata. Asci 10-15 x 92-125 µm, 32 sporen, 3-5 x 8-11 µm, 1 sept, gelei-mantel. waardplanten Pinaceae, monofaag Pinus. literatuur Brandenburger (1985a: 26), Thambugala, Ariyawansa, Li, ao, (2014a).

Stagonospora brunchorstii parasiet

Stagonospora brunchorstii Saccardo, 1911 op Pinus parasiet Bladvlekken met door de epidermis brekende zwarte pycnidia. Conidia 3 x 33-40 µm, meest 4 septen. waardplanten Pinaceae, monofaag Pinus. literatuur Brandenburger (1985a: 26).

Stagonospora parasiet

Massarinaceae parasiet

Thyriopsis halepensis parasiet

Thyriopsis halepensis (Cooke) Theissen & Sydow, 1915 op Pinus parasiet Bladvlekken met schildvormige, zwarte, nog een 0.3 mm grote vruchtlichamen. Asci 20-28 x 25-25 µ,, 8 sporen, 4-8 x 11-16, 1 sept, slijmlaag. Eveneens gevormde conidia 1-2 x 4-5 µm. waardplanten Pinaceae, monofaag Pinus banksiana, halepensis, pinea, sabiniana, sylvestris. literatuur Brandenburger (1985a: 25), Cech (2012a), […]

Thyriopsis parasiet

Asterinaceae parasiet

Asterinales parasiet

Dothistroma septosporum parasiet

Dothistroma septosporum (Dorogin) Morelet, 1968 op Pinus parasiet Bladvlekken met zwarte, door de epidermis brekende, t0t 0.6 mm grote vruchtlichamen. Asci 7-10 x 35-50 µm, ascosporen 3-4 x 11-16 µm, 1 asymmetrisch sept. Conidia 3-4 x 13-33 µm, meest 3 septen. waardplanten Pinaceae, monofaag Pinus cembra, contorta, mugo, nigra, sylvestris. synoniemen Dothistroma septospora, pini auct; […]

Dothistroma parasiet

Leptomelanconium allescheri parasiet

Leptomelanconium allescheri (Schnabl) Petrak, 1963 op Pinus parasiet Bladvlekken met conidiodomata. Conidiodomata tot 0.5 mm, door de epidermis brekend, glimmend zwart. Conidia 3-5 x 9-12, fijn-bestekeld. waardplanten Pinaceae, monofaag Pinus mugo. literatuur Brandenburger (1985a: 24), Kowalski, Boroń, Bartnik & Rossa (2018a).

Leptomelanconium parasiet

Melanconiaceae parasiet

Lecanosticta acicola parasiet

Lecanosticta acicola (von Thümen) Sydow, 1924 op Pinus parasiet Bladvlekken met acervuli en ascomata. Ascomata breken door de epidermis, multiloculair, tot 2.5 mm lang; asci 6-9 x 30-42 µm, sporen 3-4 x 9-19 µm. Acervuli breken door de epidermis, tot 1 mm, bruin, conidia sikkelvormig, 3-4 x 15-35 µm, meest 3 septen. waardplanten Pinaceae, monofaag […]

Diplocarpon alpestre parasiet

Diplocarpon alpestre (Cesati) Rossman, 2014 op Aconogonon, Bistorta parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia zijdelings gevormd, 11-16 x 15-25, 1 sept. waardplanten Polygonaceae, oligofaag Aconogonon alpinum; Bistorta officinalis, vivipara. synoniemen Bostrichonema, Bostrychonema, alpestre Cesati, 1867; B. polygoni (Unger) Schröter, 1897. literatuur Blumer (1946a), Brandenburger (1985a: 86). Braun (1995b), Doppelbauer & Doppelbauer (1973a), Ellis & Ellis (1994a), […]

Drepanopezizaceae parasiet

Lecanosticta parasiet

Lophodermella sulcigena parasiet

Lophodermella sulcigena (Link) von Höhnel, 1917 op Pinus parasiet Bladvlekken met tot 2 mm lage, subepidermale acomata. Asci 13-15 x 110-140 µm, 4-8 sporen, 4-5 x 27-40, met een duidelijke slijmmantel. waardplanten Pinaceae, monofaag Pinus. literatuur Brandenburger (1985a: 23), Cech (2012a).

Lophodermella parasiet

Elytroderma torres-juanii parasiet

Elytroderma torres-juanii Diamandis & Minter, 1979 op Pinus parasiet Tot 5 mm lange zwarte glanzende subepidermale stromata op bruine plekken van overigens groene naalden. Asci 44-78 x 210-350 µm, 8 sporen, 9-12 x 130-165 µm met een dikke slijmlaag. waardplanten Pinaceae, monofaag Pinus brutia. literatuur Brandenburger (1985a: 23), Diamandis & Minter (1979a).

Elytroderma parasiet

Mycosphaerella pinifolia parasiet

Mycosphaerella pinifolia (Ducomet) Tomlin, 1966 op Pinus parasiet 0.1 mm grote afgeplatte vruchtlicaampjes op de naalden; asci 7-9 x 22-27 µm, sporen 3 x 9-10 µm. waardplanten Pinaceae, monofaag Pinus. literatuur Brandenburger (1985a: 23).

Diplodia pinea parasiet

Diplodia pinea (Desmazières) Kickx, 1867 op Pinus, etc. parasiet Stam-kankers, taksterfte. Pycnidia tot 250 µm, conidia 10-16 x 30-45 µm, 0-1 sept. waardplanten Pinaceae, oligofaag Pinus nigra & subsp. laricio, sylvestris; Pseudotsuga. synoniemen Sphaeropsis sapinea (Fries) Dyko & Sutton, 1980. literatuur Brandenburger (1985a: 23), van Dam & de Kan (1984a), Karadžić & Milijašević (2008a), Cech […]

Dasyscyphus pini parasiet

Dasyscyphus pini (Brunchorst) Hahn & Ayers, 1934 op Pinus parasiet Bast-kankers. Apothecia wit,bruin-behaard; Asci 7-12 x 85-125 µm; sporen 5-7 x 18-21 µm. waardplanten Pinaceae, monofaag Pinus. synoniemen Lachnellula pini (Brunchorst) Dennis, 1962. literatuur Brandenburger (1985a: 22), Kahr, Maurer, Scheuer, ao (2009a).

Dasyscyphus parasiet

Hyaloscyphaceae parasiet

Microdochium phragmitis parasiet

Microdochium phragmitis Sydow & Sydow, 1924 op Phragmites parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, gekromd, 2-4 x 15-30 µm, 0-1 sept. waardplanten Poaceae, monofaag Phragmites australis. literatuur Braun (1995b).

Microdochium parasiet

Microdochiaceae parasiet

Rhynchosporium secalis parasiet

Rhynchosporium secalis (Oudemans) Davis, 1922 bladvlekkenziekte op grassen parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia 2-4 x 12-24 µm, meest 1 sept. waardplanten Poaceae, oligofaag Agropyron; Agrostis; Alopecurus; Avena fatua, secalis; Bouteloua; Bromopsis inermis; Cynosurus; Dactylis; Deschampsia; Elymus; Elytrigia repens; Hordeum murinum, vulgare; Leymus; Lolium; Milium effusum; Panicum; Phalaris; Phleum phleoides; Poa; Secale cereale; Triticosecale; Triticum aestivum, […]

Rhynchosporium parasiet

Spermosporina graminella parasiet

Spermosporina graminella (von Höhnel) Braun, 1993 op Brachypodium, etc. parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 3-6 x 13-23 µm, 1 sept. waardplanten Poaceae, oligofaag Brachypodium pinnatum, sylvaticum; Poa bulbosa. Braun noemt eveneens “Brachypodium disticum” =?= Trachynia distachya. literatuur Braun (1995b).

Spermosporina sonchi-oleracei parasiet

Spermosporina sonchi-oleracei (Fautrey) Braun, 1993 op Sonchus parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 2-3 x 9-13 µm, 0-1 sept. waardplanten Asteraceae, monofaag Sonchus arvensis, asper, oleraceus. literatuur Braun (1995b).

Dasyscypha splendens parasiet

Dasyscypha splendens Schröter, 1893 op Picea parasiet Stam-kankers. Apothecia wit, met 80-120 µm lange witte haren. Asci 14-17 x 115-140 µm, sporen 6-7 x 23-30 µm, met veel kleine oliedruppels. waardplanten Pinaceae, monofaag Picea. synoniemen Lachnellula splendens (Schröter) Baral & Matheis, 2000. literatuur Kahr, Maurer, Scheuer, ao (2009a) .

Dasyscypha parasiet

Crumenulopsis sororia parasiet

Crumenulopsis sororia (Karsten) Groves, 1969 op Pinus parasiet Stam-kankers. Apothecia bekervormig, zwart, 1-2 mm. Asci gesteeld, 11-13 x 86-120 µm; 8 sporen; sporen 3-5 x 18-21 µm, meestal ongesepteerd. Anamorf vormt zwarte, tot 0.7 mm grote stromata; met vertakte, tot 60 µm lange conidia (verakkingingen 3-4 µm dik, gesepteerd). waardplanten Pinaceae, monofaag Pinus contorta, nigra […]

Spermosporina magnusiana parasiet

Spermosporina magnusiana (Saccardo) Braun, 1993 op Trientalis parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 3-6 x 13-28 µm, 0-2 septen. waardplanten Primulaceae, monofaag Trientalis europaea. literatuur Braun (1995b), Ruszkiewicz-Michalska (2006a).

Spermosporina sagittariae parasiet

Spermosporina sagittariae (Bresadola) Braun, 1993 op Sagittaria parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 3-4 x 15-22 µm, 0-1 sept. waardplanten Alismataceae, monofaag Sagittaria sagittifolia. literatuur Braun (1995b).

Spermospora lolii parasiet

Spermospora lolii MacGarvie & O’Rourke, 1969 op grassen parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, spoelvormig, 4-5 x 35-70 µm, 2-7 septen. Topcel naaldvormig uitgetrokken, voetcel met een kort wormvormig aanhangsel. waardplanten Poaceae, oligofaag Lolium multiflorum, perenne; Schedonorus arundinaceus, pratensis. literatuur raun (1995b).

Spermospora ciliata parasiet

Spermospora ciliata (Sprague) Deighton, 1968 op grassen parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, spoelvormig, 3-6 x 20-75 µm, 2-4 septen. Topcel naaldvormig uitgetrokken, voetcel met een kort wormvormig aanhangsel. waardplanten Poaceae, oligofaag Agrostis capillaris; Alopecurus pratensis; Bromopsis inermis; Calamagrostis epigeios; Calamagrostis epigeios; Deschampsia cespitosa; Elytrigia repens; Festuca ovina, rubra; Phleum pratense; Poa alpina, pratensis; Schedonorus […]

Crumenulopsis parasiet

Cenangiaceae parasiet

Caliciopsis moriondi parasiet

Caliciopsis moriondi Luchi, Migliorini & Santini, 2020 op Pinus parasiet Stam-kankers. Aan de rand van de cankers ontstaan slanke gesteelde ascomta. Asci 37 µm lang, op een steel van 1-3 µm, 8-sporig; sporen 3 x 4 µm. waardplanten Pinaceae, monofaag Pinus halepensis, nigra. pinaster, radiaata. opmerkingen Lang verward met C. pinea Peck, 1883, een Noord-Amerikaanse […]

Macrophya infumata parasiet

Macrophya infumata Rohwer, 1925 op Dryopteris waardplanten Dryopteridaceae, monofaag Dryopteris expansa. verspreiding binnen Europa Finland. literatuur Liston, Mutanen, Heidemaa, ao (2022a) .

Phymatoceropsis sibiricola parasiet

Phymatoceropsis sibiricola (Zhelochovtsev, 1939) op Sambucus parasiet Larven vrij op de bladeren. waardplanten Adoxaceae, monofaag Sambucus racemosa. verspreiding binnen Europa Finland. larve zee Liston ao. literatuur Liston, Mutanen, Heidemaa, ao (2022a).

Phymatoceropsis parasiet

Heptamelus viitasaarii parasiet

Heptamelus viitasaarii Liston, Mutanen & Prous, 2022 op varens parasiet De wittige larve boort in de bladsteel (‘rachis’). Daarbij wordt een aantal delen geheel leegggegeten, gescheiden door even grote delen die gespaard blijven, waardoor in tegenlicht een kenkermend kettingpatroon ontstaat. waardplanten polyfaag Athyrium filix-femina; Onoclea struthiopteris. verspreiding binnen Europa Scandiavië. literatuur Liston, Mutanen, Heidemaa, ao […]

Claremontia confusa parasiet

Claremontia confusa (Konow, 1886) op Fragaria waardplanten Rosaceae, monofaag Fragaria. literatuur Liston, Mutanen, Heidemaa, ao (2022a).

Calameuta variabilis parasiet

Calameuta variabilis (Mocsáry, 1876) op grassen waardplanten Poaceae, oligofaag Secale cereale; Triticum. literatuur Liston, Mutanen, Heidemaa, ao (2022a).

Spermospora poagena parasiet

Spermospora poagena (Sprague) MacGarvie & O’Rourke, 1969 op Poa, etc. parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia slank, 4-5 x 45-95 µm, 3-8 septen. waardplanten Poaceae, oligofaag Ochlopoa annua; Poa pratensis, trivialis. literatuur Braun (1995b).

Spermospora parasiet

Mycocentrospora linariae parasiet

Mycocentrospora linariae (Baudyš & Picbauer) Braun, 1995 op Linaria parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, slankpknotsvormig, 3-4 x 25-55 µm, 3-5 septen. waardplanten Plantaginaceae, monofaag Linaria genistifolia, vulgaris. literatuur Braun (1995b).

Mycocentrospora veratri parasiet

Mycocentrospora veratri (Peck) Braun, 1991 op Veratrum parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, ietwat knotsvormig, 3-7 x 30-70 µm, 1-7 septen. waardplanten Melanthiaceae, monofaag Veratrum album, lobelianum. literatuur Braun (1995b), Mułenko, Sałata & Wołczańska (1995a).

Mycocentrospora acerina parasiet

Mycocentrospora acerina (Hartig) Deighton, 1972 parasiet Bladvlekken met caespituli; veroorzaakt ook wortel- en stengelrot, en het afsterven va zaailingen. onidia solitair, slank-knotsvormig met een spitse top, 6-15 x 60-250 µm, 6-12 septen. waardplanten polyfaag Acer campestre, opalus, platanoides, pseudoplatanus; Ailanthus altissima; Anemone nemorosa; Apium graveolens; Arum maculatum; Beta vulgaris; Brassica oleracea; Callistephus chinensis; Clarkia amoenaComarum […]

Mycocentrospora parasiet

Pleosporales incertae sedis parasiet

Caliciopsis parasiet

Coryneliaceae parasiet

Coryneliales parasiet

Coryneliomycetidae parasiet

Eurotiomycetes parasiet

Lophodermium pinastri parasiet

Lophodermium pinastri (Schrader) Chevallier, 1826 dennennaaldspleetlip op Pinus parasiet Naalden met ovale, zwarte, deels door de epidermis bedekte, tot 1.2 mm lange ascocarpen die zich openen met een lengtespleet. Asci 10-12 x 110-155 µm, 8 sporen, 2 x 70-110 µm, omgeven door een gelatineuze mantel. Een opvallend kenmerk is nog de aanwezigheid van een aantal […]

Lophodermium pini-excelsae parasiet

Lophodermium pini-excelsae Ahmad, 1954 grijze speetlip op Pinus parasiet Naalden met deels sub-epidermale, zwarte, tot 0.8 mm lange ascocarpen die zich openen met een lengtespleet; deze heeft kenmerkend grijze lippen. Asci 10-12 x 80-130 µm, 8 sporen, 2 x 60-75 met een gelatineus omhulsel. De naalden vertonen zwarte dwarsbandjes, zoals bij L. pinastri, maar minder […]

Leptostroma pinorum parasiet

Leptostroma pinorum Saccardo, 1882 op Pinus parasiet Naalden met zwarte, subepidermale, tot 0.5 m,m grote pycnifia met staafvormige, 6-8 µm lange conidia. waardplanten Pinaceae, monofaag Pinus sylvestris. opmerkingen Anamorf van verscheidene Lophodermium-soorten. literatuur Brandenburger (1985a: 25).

Lophodermium conigenum parasiet

Lophodermium conigenum (Brunaud) Hilitzer, 1929 kegelspleetlip op Pinus parasiet Naalden met ovale, tot 2 mm lange, zwarte ascocarpen, die grotendeels door de epidermis heen breken en zich openden met met een lengte-spleet. Asci 12-14 x 160-215 µm, 8 sporen 2 x 90-130 µm, ,et een slijmlaag waardplanten Pinaceae, monofaag Pinus sylvestris. literatuur Brandenburger (1985a: 25), […]

Leptostroma parasiet

Lophodermium seditiosum parasiet

Lophodermium seditiosum Minter, Staley & Millar 1978 dennentakspleetlip op Pinus parasiet Naalden met zwarte, geheel door epidermis bedekte, ovale, tot 1.5 mm lange ascocarpen die met een lengte-spleet openen; asci 11-13 x 140-140 µm, 8 draadvormige, 90-120 µm lange sporen die een slijmlaag hebben. In pycnidia worden ook 6-8 µm lange conidia gevormd. waardplanten Pinaceae, […]

Fusarium arthrosporioides parasiet

Fusarium arthrosporioides Sherbakoff, 1915 parasiet Macroconidia 5-6 x 40-55 µm; 5 septen. waardplanten polyfaag Pinus. literatuur Brandenburger (1985a: 21).

Gremmenia infestans parasiet

Gremmenia infestans (Karsten) Crous, 2014 op Pinus parasiet Vergeelde naalden met 1 mm grote, grijsbruine vlakke apothecia die door de epidermis breken. Asci 18-21 x 90-130 µm, sporen lang-spoelvormig, 1 µm breed. De schimmel ontwikkelt zich massaal op takken die lang door sneeuw bedekt zijn geweest. waardplanten Pinaceae, monofaag Pinus nigra, sylvestris. synoniemen Phacidium infestans […]

Gremmenia parasiet

Meloderma desmazieri parasiet

Meloderma desmazieri (Duby) Darker, 1967 knoopsgat op Pinus parasiet Zwarte ovale, tot 1 mm lange vruchtlichamen, vooral op de onderzijde van verkleurde naalden, die zich met een lengtespleet openen. Asci 13-17 x 100-150 µn, sporen 4-5 x 25-40 µm, met een slijmmantel. Eveneens onderzijdig pycnidia als ronde zwarte tot 0.4 mm zwarte stipjes, waarin 1 […]

Meloderma parasiet

Herpotrichia juniperi parasiet

Herpotrichia juniperi (Saccardo) Petrak, 1925 op coniferen parasiet Onder een langdurig sneeuwdek ontwikkelt zich tussen de takken een domkerbruin-viltige mycelium-massa. Vruchtlichamen tot 0.5 mm, asci 12-19 x 115-190 µ, sporen 5-12 x 22-35 µm, 3-4 sept. waardplanten polyfaag Abies; Juniperus; Picea; Pinus. literatuur Brandenburger (1985a: 21).

Herpotrichia parasiet

Mycosphaerella pruni-persicae parasiet

Mycosphaerella pruni-persicae Deighton, 1967 op Prunus parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 3-7 x 20-75 µm, 0-10 septen (soms enkele verticaal) waardplanten Rosaceae, monofaag Prunus persica. synoniemen Miuraea persica (Saccardo) Hara, 1948. literatuur Braun (1995b).

Helgardiomyces anguioides parasiet

Helgardiomyces anguioides (Nirenberg) Crous, 2020 op grassen parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 1-2 x 80-260 µm, 6-8 septen. waardplanten Poaceae, monofaag Hordeum vulgare; Triticum aestivum. synoniemen Ramulispora anguloides (Nirenberg) Crous, 1995. literatuur Braun (1995b).

Helgardiomyces parasiet

Oculimacula acuformis parasiet

Oculimacula acuformis (Nirenberg) Marin & Crous, 2018 op grassen parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 2 x 40-120 µm, 4-6 septen. waardplanten Poaceae, oligofaag Avena sativa; Elytrigia repens; Lolium multiflorum; Secale cereale; Triticum aestivum. synoniemen Ramulispora acuformis (Nirenberg) Crous, 1995. literatuur Braun (1995b).

Oculimacula yallundae parasiet

Oculimacula yallundae (Wallwork & Spooner) Crous & Gams oogvlekkenziekte op grassen parasiet Bladvlekken op de bladeren en bladscheden aan de voet van de plant, met caespituli. Conidia solitair, 3-4 x 35-80 µm, 3-6 septen. Vaak stengelrot. waardplanten Poaceae, oligofaag Aegilops; Agropyron; Agrostis; Avena; Bromus; Dactylis; Deschampsia; Festuca; Hordeum; Koeleria; Lolium; Poa; Secale; Triticum. ei, larve, […]

Oculimacula parasiet

Ploettnerulaceae parasiet

Pseudocercosporella saxifragae parasiet

Pseudocercosporella saxifragae (Rostrup) Braun, 1994 op Saxifraga parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 30-115 µm, 0-2 septen. waardplanten Saxifragaceae, monofaag Saxifraga cernua. synoniemen Cercosporella saxifragae Rostrup, 1891. literatuur Brandenburger (1985a: 217), Braun (1995b).

Sphaeria coulteri parasiet

Sphaeria coulteri Peck, 1872 op Pinus/em> parasiet Onder een langdurig sneeuwdek ontwikkelt zich tussen de takken een domkerbruin-viltige mycelium-massa. Vruchtlichamen tot 0.5 mm, asci 14-20 x 140-210 µ, sporen 7-10 x 20-28 µm, 1 sept. waardplanten Pinaceae, monofaag Pinus. synoniemen Herpotrichia coulteri (Peck) Bose, 1961; Neopeckia coulteri (Peck) Saccardo,1883. literatuur Brandenburger (1985a: 21).

Sphaeria parasiet

Melanommataceae parasiet

Pythium torulosum parasiet

Pythium torulosum Coker & Patterson, 1927 parasiet Schimmel-ocertrek op zaailingen. Aan de toppen van de hyphen gelobde sporangia. Oogonia kogelrons, ingebed in het plantneweefseld waardplanten polyfaag Abies; Pinus. literatuur Brandenburger (1985a: 21), Uzuhashi, Tojo & Kakishima (2010a).

Globisporangium intermedium parasiet

Globisporangium intermedium (de Bary) Uzuhashi, Tojo & Kakishima, 2010 parasiet Schimmel-ocertrek op zaailingen. Conidia (sporangia) bolvormig, 18-24 µm, in ketens. waardplanten polyfaag Aquilegia; Arabis; Beta; Hesperis; Pinus; Ulmus. synoniemen Pythium intermedium de Bary, 1881. literatuur Brandenburger (1985a: 21), Uzuhashi, Tojo & Kakishima (2010a).

Pythium hydnosporum parasiet

Pythium hydnosporum (Montagne) Schröter, 1879 parasiet Schimmel-overtrek over zaailingen. Het mycelium buiten de plant vormt geen sporangia (‘conidia’), maar in het plantenweefsel worden bestekelde oogonia gevormd. waardplanten polyfaag Arabis; Pinus; Pseudotsuga; Spinacia. literatuur Brandenburger (1985a: 20), Uzuhashi, Tojo & Kakishima (2010a).

Pythium parasiet

Globisporangium debaryanum parasiet

Globisporangium debaryanum (Hesse) Uzuhashi, Tojo & Kakishima, 2010 parasiet Film-overtrek over zaailingen. Conidia kogelrond, aan de toppen van hyphen, tot 21 µm. In het plantenweefsel worden oossporen gevormd. waardplanten polyfaag Abies; Beta; Brassica; Camelina; Capsella; Dianthus; Fagus; Lepidium; Matthiola; Picea; Pinus; Pseudotsuga; Reseda; Sinapis; Spergula; Spinacia. synoniemen Pythium debaryanum Hesse, 1874. literatuur Brandenburger (1985a: 20), […]

Lophophacidium hyperboreum parasiet

Lophophacidium hyperboreum Lagerberg, 1949 op Pinus parasiet Bruine, onderzijdige, tot 0.5 mm grote apothecia breken door de epidermis. Asci 12-18 x 82-114 µm; soren 5-8 x 17-23 µm. waardplanten Pinaceae, monofaag Picea. literatuur Brandenburger (1985a: 19).

Lophophacidium parasiet

Lirula macrospora parasiet

Lirula macrospora (Hartg) Darker, 1967 op Picea Picea abies © Andrej Kunca, National Forest Centre, Slovakia parasiet Glanzend-zwarte apothecia aan de onderzijde van de naalden. Asci 15-20 x 80-150 µm, sporen 2-4 x 70-100 µm. waardplanten Pinaceae, monofaag Picea abies. synoniemen Lophodermium macrosporum (Hartig) Rehm, 1887. literatuur Blumer (1946a), Brandenburger (1985a 19), Dietrich (2013a), Ellis […]

Hypoxylon herpotrichoides parasiet

Hypoxylon herpotrichoides (Hepting & Davidson) Martin, 1976 op Picea parasiet Onderzijde van de naalden overtrokken met een grijs mycelium, waarin tot bijna een mm grote zwarte, kogelronde pycnidia gelegen zijn. Asci 11-14 x 185-210 µm, sporen 9-10 x 23-26 µm. waardplanten Pinaceae, monofaag Picea. synoniemen Rosellinia herpotrichoides Hepting & Davidson, 1937. literatuur Brandenburger (1985a: 19).

Hypoxylon parasiet

Hypoxylaceae parasiet

Xylariomycetidae parasiet

Gremmeniella abietina parasiet

Gremmeniella abietina (Lagerberg) Morelet, 1969 naaldhoutzwermkommetje op Pinus, etc. parasiet Bastkankers met pycnidia en (zelden) apothecia. Apothecia 0.5-1.2 mm, zwart; asci 99-127 µm, 8-sporig; sporen 5-6 x 15-20 µm, 2-3 septen. De aantasting veroorzaakt een breed ziektebeeld, met dode knoppen, bastkankers, stervende takken (vooral eerste-jaars), verbruinen en verlies van naalden. waardplanten Pinaceae, monofaag Abies; Larix; […]

Sirococcus conigenus parasiet

Sirococcus conigenus (Persoon) Cannon & Minter, 1983 op coniferen parasiet Tot 0.6 mm donkerbruine stromata op jonge takken en kegels. In holtes worden conidia gevormd, 3-4 x 12-16 µm, 1 sept. waardplanten Pinaceae, oligofaag Cedrus; Larix; Picea abies; Pinus contorta, halepensis; Pseudotsuga. synoniemen Ascochyta piniperda Lindau, 1990; Sirococcus strobilinus Preuss, 1855. literatuur Brandenburger (1985a: 18), […]

Globisporangium ultimum parasiet

Globisporangium ultimum (Trow) Uzuhashi, Tojo & Kakishima, 2010 op Picea parasiet Film op zaailingen. Conidia rond, ø 12-28 µm. Ingebed in het planternweefsel liggen glade, ronde oosporen, ø 20 µm. waardplanten polyfaag Picea. synoniemen Pythium ultimum Trow, 1901. literatuur Brandenburger (1985a: 18).

Globisporangium parasiet

Pythiaceae parasiet

Pythiales parasiet

Cladosporium laricis parasiet

Cladosporium laricis Saccardo,1906 op coniferen parasiet Onduidelijke bladvlekken met caespituli op een stroma; rijpe conidia olijfgroen, 5-6 x 13-19 µm, 1-4 septen. waardplanten polyfaag Cryptomeria; Larix. literatuur Brandenburger (1985a: 18).

Hypodermella laricis parasiet

Hypodermella laricis Tubeuf, 1895 op Larix parasiet Vergeelde naalden met een bovenzijdige rij zwarte, ronde of samenvloeiende pycnidia dich met een spleet openen. Asci topt 110 µm, sporen 16 x 66 µm. waardplanten Pinaceae, monofaag Larix. literatuur Brandenburger (1985a: 17), Jalkanen (2016a), Kessler, Brandstetter & Hintsteiner (2009a), Maresi, Capretti, Ambrosi & Minerbi (2004a).

Hypodermella parasiet

Exutisphaerella laricina parasiet

Exutisphaerella laricina (Hartig) Videira & Crous, 2017 op Larix parasiet Bladvlekken met pycnidia. Asci 50-60 µm; sporen 3 x 15-17 µm, 0-1 sept. waardplanten Pinaceae, monofaag Larix. synoniemen Mycosphaerella laricina (Hartig) Migula, 1912. literatuur Brandenburger (1985a: 17), Jalkanen (2016a), Kessler, Brandstetter & Hintsteiner (2009a), Maresi, Capretti, Ambrosi & Minerbi (2004a), Videira, Groenewald, Nakashima ao (2017a).

Exutisphaerella parasiet

Brunchorstia laricina parasiet

Brunchorstia laricina Ettlinger, 1945 op Larix parasiet Schors met tot 0.8 mm zwarte pycnidia. Conidia 30-5 x 14-20 µm, 0-1 sept. waardplanten Pinaceae, monofaag Larix. synoniemen Sirococcus laricinus (Ettlinger) Morelet, 1975. opmerkingen Anamorf van Gremmeniella laricina. literatuur Brandenburger (1985a: 17).

Brunchorstia parasiet

Gremmeniella laricina parasiet

Gremmeniella laricina (Ettlinger) Petrini, 1989 op Larix parasiet Verkankerde schorsplekken met tot 1 mm grote gesteelde bekervormige zwarte apothecia. Asci 8-10 x 80-15, 8-sporig; sporen 4-5 x 12-18 µm, 1 sept. waardplanten Pinaceae, monofaag Larix. synoniemen Ascocalyx laricina Ettlinger, 1969. opmerkingen Teleomorf van Brunchorstia laricina. literatuur Brandenburger (1985a), Müller & Dorwoerth (1983a) .

Gremmeniella parasiet

Godroniaceae parasiet

Pseudocercosporella aconiti parasiet

Pseudocercosporella aconiti Chevassut, 2002 op Aconitum parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 2-3 x 70-150 µm, 1-6 septen. waardplanten Ranunculaceae, monofaag Aconitum lycoctonum subsp. vulparia. literatuur Braun (1995b).

Pseudocercosporella trollii parasiet

Pseudocercosporella trollii (Saccardo & Winter) Braun, 1988 op Trollius parasiet Bladvlekken met caespituli. waardplanten Ranunculaceae, monofaag Trollius europaeus. synoniemen Septoria trollii Saccardo & Winter, 1883. literatuur Braun (1995b), Jage, Scholler & Klenke (2010a).

Pseudocercosporella thalictri parasiet

Pseudocercosporella thalictri (Bondartsev) Braun, 1993 op Thalictrum parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 2-4 x 20-40 µm, 0-3 septen. waardplanten Ranunculaceae, monofaag Thalictrum minus, simplex. synoniemen Ramularia thalictri Bondartsev 1914. literatuur Brandenburger (1985a: 157), Braun (1995b).

Pseudocercosporella tatrensis parasiet

Pseudocercosporella tatrensis Mułenko & Bacigálová 2005 op Aconitum parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 3 x 25-120 µm, 0-6 septen. waardplanten Ranunculaceae, monofaag Aconitum firmum. literatuur Mułenko & Bacigálová (2005a).

Lachnaceae parasiet

Rhabdocline laricis parasiet

Rhabdocline laricis (Vuillemin) Stone, 2014 op Larix parasiet Vanaf de top verkleurde naaldenm met caespituli. Conidia 3 x 8-10 µm, 0-1 sept. waardplanten Pinaceae, monofaag Larix. synoniemen Meria laricis Vuillemin, 1896. literatuur Brandenburger (1985a: 17), Ellis & Ellis (1997a), Jalkanen (2016a), Maresi, Capretti, Ambrosi & Minerbi (2004a).

Rhabdocline parasiet

Hemiphacidiaceae parasiet

Rhizocalyx abietis parasiet

Rhizocalyx abietis Petrak, 1928 op Abies parasiet Zwarte gesteelde apothecia aan de onderzijde van de naalden. Asci 10-16 x 65-115, 8-sporig; sporen 4-7 x 9-28, 0-4 septen. waardplanten Pinaceae, monofaag Abies balsamea, sibirica. opmerkingen Teleomorf van Rhizothyrium abietis. literatuur Brandenburger (1985a: 16), Smerlis (1967a).

Rhizocalyx parasiet

Rhizothyrium abietis parasiet

Rhizothyrium abietis Naumov, 1915 op Abies parasiet Schijfvormige pycnidia aan boven en onderzijde van de naalden. Conidia 5-6 x 14-23 µm, 3 septen. waardplanten Pinaceae, monofaag Abies balsamea, sibirica. opmerkingen Anamorf van Rhizocalyx abietis. literatuur Brandenburger (1985a: 16), Smerlis (1967a).

Rhizothyrium parasiet

Rhizosphaera pini parasiet

Rhizosphaera pini (Corda) Maublanc, 1907 op Abies parasiet Als Rh. kalkhoffii, conidia 7-13 x 13-25 µm. waardplanten Pinaceae, monofaag plantnaamengenus. literatuur Brandenburger (1985a: 16).

Rhizosphaera kalkhoffii parasiet

Rhizosphaera kalkhoffii Bubák, 1914 op Abies parasiet Naalden verkleurd, onderzijde met ≤ 0.1 mm grote pycnidia. Conidia 3-5 x 5-10 µm. waardplanten Pinaceae, oligofaag Abies; Picea abies, pungens; Pinus; Pseudotsuga. literatuur Brandenburger (1985a: 16), Ellis & Ellis (1997a).

Rhizosphaera parasiet

Venturiaceae parasiet

Leptothyrium pinophilum parasiet

Leptothyrium pinophilum Bubák & Kabát, 1910 op Abies parasiet Bladvlekken met zwarte schijfvormige pycnidia. Conidia 1 x 2 µm. waardplanten Pinaceae, monofaag Abies. literatuur Brandenburger (1985a: 16).

Septonema acicola parasiet

Septonema acicola Braun & Schubert, 2007 op Abies parasiet Afvallende naalden met caespituli. Conidia in twee vormen: 5-6 x 9-10, 1 sept, en: 5-6 x 14-16, 3-4 septen. waardplanten Pinaceae, monofaag Abies. synoniemen Cladosporium radians Saccardo & Saccardo, 1902. literatuur Brandenburger (1985a: 16).

Septonema parasiet

Lophodermium piceae parasiet

Lophodermium piceae (Fuckel) von Höhnel, 1917 sparrenspleetlip op Abies, etc. parasiet Naalden voortijdig afvallend, met rijen zwarte pycnidia. Asci 9-15 x 80-140 µm, sporen 2 x 750-120 µm. In grotere, (tot 1 mm) pycnidia worden conidia gevormd, 1 x 3-4 µm. waardplanten Pinaceae, oligofaag Abies; Picea. synoniemen Leptostroma abietis Dearness, 1929. literatuur Brandenburger (1985a: 14), […]

Lophodermium parasiet

Lirula parasiet

Rhytismataceae parasiet

Phaeocryptopus nudus parasiet

Phaeocryptopus nudus (Peck) Petrak, 1938 op Abies parasiet Naalden met rijtjes zwarte pycnidia. Asci 11-15 x 32-56 µm, 8-sporig; sporen 4-5 x 10-15 µm. . waardplanten Pinaceae, monofaag plantnaamengenus. literatuur Brandenburger (1985a: 14).

Phaeocryptopus parasiet

Pseudocercosporella oxyriae parasiet

Pseudocercosporella oxyriae (Trail) Braun, 1988 op Oxyria parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 2-3 x 70-140 µm, ± 7 septen. waardplanten Polygonaceae, monofaag Oxyria digyna. synoniemen Cercoseptoria oxyriae (Trail) Gjaerum 1971. literatuur Brandenburger (1985a: 83), Braun (1995b).

Pseudocercosporella nicolai parasiet

Pseudocercosporella nicolai (Bubák) Braun, 1993 op Menyanthes parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 2-4 x 30-150 µm, 2-10 septen. waardplanten Menyanthaceae, monofaag Menyanthes trifoliata. literatuur Braun (1995b).

Pseudocercosporella inconspicua parasiet

Pseudocercosporella inconspicua (Winter) Braun, 1988 op Lilium parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 2-6 x 30-110 µm, 1-7 septen. waardplanten Liliaceae, monofaag Lilium candidum, elegans, martagon, speciosum. literatuur Braun (1995b).

Pseudocercosporella sublineolata parasiet

Pseudocercosporella sublineolata (von Thümen) Braun, 1988 op Veratrum parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 2-5 x 60-120 µm, 1-5 septen. waardplanten Melanthiaceae, monofaag Veratrum album. literatuur Braun (1995b).

Pseudocercosporella junci parasiet

Pseudocercosporella junci (MacGarvie & O’Rourke) Braun, 1995 op Juncus parasiet Dons, bestaande uit caespituli. Conidia solitair, 5-6 x 45-75 µm, 3-8 septen. waardplanten Juncaceae, monofaag Juncus effusus. literatuur Braun (1995b).

Pseudocercosporella magnusiana parasiet

Pseudocercosporella magnusiana (Allescher) Braun, 1988 op Geranium parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 2-4 x 40-100 µm, 2-8 septen. waardplanten Geraniaceae, monofaag Geranium palustre, pratense, sylvaticun. synoniemen Cercosporella magnusiana Allescher, 1892. literatuur Braun (1995b), Dietrich (2016b), Ludwig (1974a), Mułenko, Sałata & Wołczańska (1995a).

Pseudocercosporella astragali parasiet

Pseudocercosporella astragali (Rostrup) Braun, 1988 op Astragalus parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 3-4 x 15-70 µm, 1-5 septen. waardplanten Fabaceae, monofaag Astragalus alpinus, norvegicus. literatuur Braun (1995b).

Pseudocercosporella cytisi parasiet

Pseudocercosporella cytisi (Jaap) Braun, 1988 op Cytisus, Lembotropis parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 1-4 x 50-125 µm, onduidelijk meermalen gesepteerd. waardplanten Fabaceae, oligofaag Cytisus triflorus; Lembotropis nigricans. literatuur Braun (1995b).

Pyrenochaeta parasitica parasiet

Pyrenochaeta parasitica Freyer & van der Aa, 1975 op Abies parasiet Bladvlekken met pycndia. Pycnidia tot 0.4 mm, met talrijke afstaande bruine borstels; conidia 1-3 x 3-7 µm. waardplanten Pinaceae, monofaag Abies. opmerkingen Anamorf van Nematostoma parasiticum. literatuur Brandenburger (1985a: 14).

Pyrenochaeta parasiet

Cucurbitariaceae parasiet

Nematostoma parasiticum parasiet

Nematostoma parasiticum (Hartig) Barr, 1997 op comiferen parasiet Bladvlekken met pycnidia; aangetaste naalden verwelken en vallen af. Pycnidia 0.1-0.2 mm, donkerbruin, bezet met veel afstaande tot 0.2 mm lange stekels. Asci 7-9 x 60-80 µm, sporen 4-5 x 15-22 µm, 1-4 septen. waardplanten Pinaceae, olihoofaag Abies; Picea; Tsuga. synoniemen Herpotrichia parasitica (Hartig) Rostrup, 1890. opmerkingen […]

Nematostoma parasiet

Pseudoperisporiaceae parasiet

Delphinella abietis parasiet

Delphinella abietis (Rostrup) Müller, 1962 op Abies parasiet Bladvlekken met pycnidia; aangetaste naalden verwelken en vallen af. Asci 18-22 x 50-90 µm; sporen 5-7 x 11-21 µm. waardplanten Pinaceae, monofaag Abies alba, balsamea, cephalonica, concolor, koreana, lasiocarpa, nordmanniana & subsp. equi-trojani, pinsapo, procera, sibirica. literatuur Brandenburger (1985a: 13), Li (2019a), Talgø, Skage, Steffenrem, ao (2016a).

Delphinella parasiet

Dothioraceae parasiet

Phomopsis abietina parasiet

Phomopsis abietina (Hahn) Wilson & Hahn, 1928 op Abies parasiet Tot 0.3 mm grote zwarte bolvormige stromata die door de bast breken op verkankerde bastplekken. Conidia 2-4 x 10-15 µm. waardplanten Pinaceae, monofaag Abies. literatuur Brandenburger (1985a: 13).

Diaporthaceae parasiet

Allantophomopsiella pseudotsugae parasiet

Allantophomopsiella pseudotsugae (Wilson) Crous, 2014 op Abies, etc. parasiet Zwarte, tot 1 mm grote apothecia op verkankerde plekken op de bast, ook op de maalden. Aaci 8-12 x 80-135 µm, sporen 3-6 x 10-18 µm, meest ongesepteerd. Im pycnidia worden ook 2-3 x 5-9 µm grote conidia gevormd. waardplanten Pinaceae, oligofaag Abies; Cedrus; Larix; Picea; […]

Allantophomopsiella parasiet

Phacidiaceae parasiet

Phacidiales parasiet

Zythia pinastri parasiet

Zythia pinastri (Karsten) von Höhnel, 1931 op Abies parasiet Pycnidia; conidia 1 x 4-6 µm. waardplanten Pinaceae, monofaag Abies. synoniemen Zythiostroma pinastri (Karsten) von Höhnel, 1931. opmerkingen Nauw geassocieerd met Thyronectria cucurbitula, en daarvan waarschijnlojk het anamorfe stadium. literatuur Brandenburger (1985a: 13), Cech (2012a).

Zythia parasiet

Thyronectria cucurbitula parasiet

Thyronectria cucurbitula (Tode) Hirooka, Rossman & Chaverri, 2012 op Abies, etc. parasiet Groepjes bruine tot 0.4 mm grote bolletjes op een gemeenschappelijk strome op een verkankerd deel van de stam, binnenzijde met een laag asci van 7-9 x 60-75 µm, sporen 3-4 x 36-55, 17-17 septen. waardplanten Pinaceae, oligofaag Abies; Larix; Pinus. synoniemen Nectria cucurbitula […]

Thyronectria parasiet

Neonectria neomacrospora parasiet

Neonectria neomacrospora (Booth & Samuels) Mantiri & Samuels, 2001 op Abies parasiet Bladvlekken met caespituli. waardplanten Pinaceae, monofaag Abies. synoniemen Nectria macrospora (Wollenweber) Quellette, 1972. literatuur Brandenburger (1985a: 13).

Pseudocercosporella aspidii parasiet

Pseudocercosporella aspidii (Bresadola) Braun, 1991 op Dryopteris parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 2-4 x 15-30 µm, 0-4 septen. waardplanten Dryopteridaceae, monofaag Dryopteris carthusiana. literatuur Braun (1995b).

Pseudocercosporella scirpi parasiet

Pseudocercosporella scirpi (Moesz) Deighton, 973 op Schoenoplectus, etc. parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 2-4 x 30-90 µm, 2-6 septen. waardplanten Cyperaceae, oligofaag Eleocharis palustris; Schoenoplectus lacustris, litoralis. literatuur Braun (1995b).

Pseudocercosporella woronowii parasiet

Pseudocercosporella woronowii (Siemaszko) Braun, 1919 op Silene parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 2-3 x 50-100 µm, 1-5 onduidelijke septen. waardplanten Caryophyllaceae, monofaag Silene alba, chalcedonica, viscaria, vulgaris. synoniemen Cercosporella woronowii Siemaszko 1919. literatuur Brandenburger (1985a: 113), Braun (1995b).

Pseudocercosporella lappulae parasiet

Pseudocercosporella lappulae (Dearness & Bisby) Braun, 1992 op Lappula parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 2-4 x 20-90 µm, 0-3 septen. waardplanten Boraginaceae, monofaag Lappula squarrosa. literatuur Braun (1995b).

Pseudocercosporella hieracii parasiet

Pseudocercosporella hieracii (Jaap) Braun, 1988 op Hieracium, Tolpis parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 2-4 x 35-120 µm, 1-5 septen. waardplanten Asteraceae, oligofaag Hieracium prenanthoides; Tolpis staticifolia. literatuur Braun (1995b).

Pseudocercosporella tragopogonis parasiet

Pseudocercosporella tragopogonis Braun, 1993 op Tragopogon parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 2-4 x 40-100 µm, 1-5 septen. waardplanten Asteraceae, monofaag Tragopogon pratensis. synoniemen Pseudocercosporella tragopogi Braun, 1993. literatuur Braun (1995b).

Hadroplontus litura parasiet

Hadroplontus litura (Fabricius, 1775) gevlekte distelsnuitkever op Carduus, Cirsium parasiet Het wijfje maakt een holte in de onderzijde van een grondblad, in het parenchym of in de hoofdnerf, en deponeert daar 2-3 eieren. De larven boren zich, eventueel via een korte mijn. via de hoofdnerf naar de wortelhals, en leven daarna als stengelboorders. De volgroeide […]

Cylindrocarpon cylindroides parasiet

Cylindrocarpon cylindroides Wollenweber, 1913 op Abies parasiet Dons-plekjes op de bast, vertakte conidioforen met microconidia van 3-4 x 4-8 µm, in mindere mate ook macroconidia, 4-7 x 35-85 µm, tot 7 septen. waardplanten Pinaceae, monofaag Abies. verspreiding binnen Europa PESI (2022). opmerkingen Anamorf van verscheidene Nectria-soorten. literatuur Brandenburger (185a: 13), Castlebury, Rossman & Hyten (2005a) […]

Cylindrocarpon parasiet

Corinectria parasiet

Nectriaceae parasiet

Rhizoctonia solani parasiet

Rhizoctonia solani Kühn, 1858 parasiet Grijze, met zwaere asclerotia bespikkelde film over de ondergrondse delen van de plant. Fructificatie als een gelatineuze korst met eencellige basidia met verdkte sterigmata; sporen 4-7 x 7-23. waardplanten polyfaag Abies; Galium album; Juglans; Larix; Picea; Pinus; Pseudotsuga; Solanum tuberosum; Viola canina. synoniemen Corticium solani (Prillieux & Delacroix) Bourdot & […]

Rhizoctonia parasiet

Agaricomycotina parasiet

Helicobasidium purpureum parasiet

Helicobasidium purpureum (Tulasne) Patouillard, 1885 parasiet Violet gekleurde hyphen vormen een film op de ondergrondse delen. Als er vruchtlichamen worden gevormd bestaan die uit violette korsten, bezet met meercellige basidia; de sporen meten 6-8 x 10-12 µm. waardplanten polyfaag Abies; Larix; Picea; Pinus; Pseudotsuga menziesii. synoniemen Helicobasidium brebissonii (Desmazières) Donk, 1950; Rhizoctonia crocorum (Persoon) de […]

Helicobasidium parasiet

Helicobasidiacceae parasiet

Helicobasidiales parasiet

Botrytis cinerea parasiet

Botrytis cinerea Persoon, 1794 parasiet Grauw-donzig, tot 2 mm dik overtrek over alle bovengrondse delen, bestaande uit vertakte conidioforen; conidia 4-6 x 8-14 µm. Soms worden zwarte, ruwe, 1-2 mm grote sclerotia gevormd; hierop ontstaan vruchtichhaampjes in de vorm van 1-3 mm hoge, gesteelde schoteltjes. Asci 12-13 x 130 µm, sporen 6-7 x 10-12 µm. […]

Sclerotiniaceae parasiet

Rhizina undulata parasiet

Rhizina undulata Fries, 1815 oliebolzwam op coniferen parasiet Macro-funggus, parasiterend op de wortels, vooral van zaailingen na een brand. Vruchtlichaam gelobs, bruin, rand lichter, verschiedene cm. Asci 10-40 x 35-450 µm, sporen 8-11 x 24-40 µm. waardplanten Pinaceae, oligofaag Abies; Larix; Picea; Pinus; Pseudotsuga; Thuja. Ook Castanea (Brandenburger) literatuur Brandenburger (1985a: 12).

Rhizina parasiet

Rhizinaceae parasiet

Pezizales parasiet

Pezizomycetidae parasiet

Pezizomycetes parasiet

Sphaeropsis ginkgonis parasiet

Sphaeropsis ginkgonis Săvulescu & Tudosescu-Bănescu, 1969 op Ginkgo parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 15 x 32-40 µm. waardplanten Ginkgoaceae, monofaag Ginkgo biloba. literatuur Brandenburger (1985a: 11).

Phyllosticta salisburyae parasiet

Phyllosticta ginkgo Tassi, 1900 op Ginkgo parasiet Bladvlekken met pycnidia., Conidia elliptisch, 3 x 6-7 µm. waardplanten Ginkgoaceae, monofaag Ginkgo biloba. synoniemen Phyllosticta salisburiae Tassi, 1900. literatuur Brandenburger (1985a: 11).

Phyllosticta ginkgo parasiet

Phyllosticta ginkgo Brunaud, 1886 op Ginkgo parasiet Bladvlekken met pycnidia., Conidia elliptisch, 2-3 x 3-6 µm. waardplanten Ginkgoaceae, monofaag Ginkgo biloba. literatuur Brandenburger (1985a: 11).

Coniothyrium ginkgoiana parasiet

Coniothyrium ginkgoiana Schwarzmann, 1868 op Ginkgo parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia hoekig, 5-10 x 8-11. waardplanten Ginkgoceae, monofaag Ginkgo biloba. synoniemen Coniothyrium ginkgoi Schwarzmann, 1868. literatuur Brzandenburger (1985a: 11).

Leptosphaeriaceae parasiet

Pseudocercosporella eleonorae-reginae parasiet

Pseudocercosporella eleonorae-reginae (Bubák & Malkoff) Braun, 1993 op Senecio parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 2-4 x 50-100, herhaaldelijk onduidelijk gesepteerd. waardplanten Asteraceae, monofaag Senecio doronicum subsp. transylvanicus. literatuur Braun (1995b).

Pseudocercosporella harcynica parasiet

Pseudocercosporella harcynica Braun, 1995 op Senecio parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 2-3 x 20-80 µm, 1-8 septen. waardplanten Asteraceae, monofaag Senecio ovatus. literatuur Braun (1995b).

Pseudocercosporella achilleae-millefolii parasiet

Pseudocercosporella achilleae-millefolii Braun, 1993 op Achillea parasiet Bladvlekken met caespituli.. Conidia solitair, 2-4 x 40-100 µm, onduidelijk 2-7 septaat. waardplanten Asteraceae, monofaag Achillea millefolium. literatuur Braun (1995b).

Pseudocercosporella angustana parasiet

Pseudocercosporella angustana (Ferraris) Braun, 1994 op Taraxacum parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 2-4 x 25-70 µm, 0-2 septen. waardplanten Asteraceae, monofaag Taraxacum officinale. literatuur Braun (1995b).

Pseudocercosporella septorioides parasiet

Pseudocercosporella septorioides (Saccardo) Braun, 1988 op Adenostyles parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 4-7 x 60-100 µm, 2-5 septen. waardplanten Asteraceae, monofaag Adenostyles alliariae. synoniemen Cercosporella septorioides Saccardo, 1884. literatuur Blumer (1946a), Braun (1995b).

Pseudocercosporella smyrnii parasiet

Pseudocercosporella smyrnii (Maire) Braun, 1994 op Smyrnium parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 3-5 x 45-90 µm, 1-3 septen. waardplanten Apiaceae, monofaag Smyrnium olusatrum. literatuur Braun (1995b).

Pseudocercosporella eryngii parasiet

Pseudocercosporella eryngii (Westendorp) Braun, 1993 op Eryngium parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 2-5 x 25-110 µm, 1-5 septen. waardplanten Apiaceae, monofaag Eryngium campestre, maritimum, planum. literatuur Braun (1995b).

Pseudocercosporella narcissi parasiet

Pseudocercosporella narcissi (Boudier) Braun, 1993 op Narcissus parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 2- x 40-135 µm, 3-8 septen. waardplanten Amaryllidaceae, monofaag Narcissus poeticus. literatuur Braun (1995b).

Colletotrichum gloeosporioides parasiet

Colletotrichum gloeosporioides (Penzig) Penzig & Saccardo, 1884 kruidenwimpertolletje parasiet Bladvlekken,ook afgestorven plantendelen met acervuli Deze zijn in wisselende mate versierd met rechtopstaande, donkergekleurde, 2-5 cellige borstels. Conidia 3-6 x 9-24 µm. Ascomata met 8-sporige asci, 10-12 x 43-60 µm, sporen 4-6 x 12-24 µm. waardplanten polyfaag Aucuba; Bougainvillea; Camellia; Codiaeum; Ficus; Hedera helix; Juglans; Ligustrum; […]

Phyllosticta cycadis parasiet

Phyllosticta cycadis Sousa da Câmara & Luz, 1939 op Cycas parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 2-3 x 3-4 µm. waardplanten Cycadaceae, monofaag Cycas. literatuur Brandenburger (1985a: 10).

Phyllosticta cycadina parasiet

Phyllosticta cycadina Passerini, 1888 op Cycas parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 1 x 3 µm. waardplanten Cycadaceae, monofaag Cycas. literatuur Brandenburger (1985a: 10).

Leptothyrium cycadis parasiet

Leptothyrium cycadis Passerini, 1890 op Cycas parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 3 x 5-6 µm. waardplanten Cycadaceae, monofaag Cycas. literatuur Brandenburger (1985a: 10).

Leptothyrium parasiet

Ascochyta cycadina parasiet

Ascochyta cycadina Scalia, 1902 op Cycas parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 3-4 x 10-13 µm. waardplanten Cycadaceae, monofaag Cycas. literatuur Brandenburger (1985a: 10).

Microstroma cycadis parasiet

Microstroma cycadis Allescher, 1895 op Cycas parasiet Bladvlekken met caespituli. waardplanten Cycadaceae, monofaag plantnaamengenus. literatuur Brandenburger (1985a: 10).

Cladosporium cycadia parasiet

Cladosporium cycadia Marcolongo, 1914 op Cycas parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia 2-4 x 7-8 µm, 0(1) sept. waardplanten Cycadaceae, monofaag Cycas. synoniemen Cladosporium cycadis Marcolongo, 1914. literatuur Bensch, Braun, Groenewald & Crous (2012a), Brandenburger (1985a: 10).

Septoria pteridicola parasiet

Septoria pteridicola Kabát & Bubák, 1906 op Pteridium parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 3-4 x 10-35 µm, 1-3 septen. waardplanten Dennstaedtiaceae, monofaag Pteridium. literatuur Brandenburger (1985a: 9).

Septoria aquilina parasiet

Septoria aquilina Passerini, 1879 op Pteridium parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 4-5 x 50-65 µm, 4-6 septen. waardplanten Dennstaedtiaceae, monofaag Pteridium. literatuur Brandenburger (1985a: 9).

Cryptomycella pteridis parasiet

Cryptomycella pteridis (Kalchbrenner) von Höhnel, 1925 op Pteridium parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 3-5 x 17-20 µm. waardplanten Dennstaedtiaceae, ? monofaag Pteridium. ? Ook Botrychium Brandenburger (1985a: 3). opmerkingen Anamorf van Cryptomycina pteridis. literatuur Brandenburger (1985a: 3,9), Riegler-Hager (2000b) .

Cryptomycella parasiet

Ascochyta necans parasiet

Ascochyta necans (Ellis & Everhart) Davis, 1924 op Pteridium parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 4-6 x 13-20 µm. waardplanten Dennstaedtiaceae, monofaag Pteridium. synoniemen Marssonina necans (Ellis & Everhart) Magnus, 1906. literatuur Brandenburger (1985a: 9).

Septogloeum pteridis parasiet

Septogloeum pteridis (Ellis & Everhart) Wollenweber, 1916 op Pteridium parasiet Bladvlekken met tot 90 µm grote acervuli. Condia 2-4 x 25-32 µm, 1-3 septen. waardplanten Dennstaedtiaceae, monofaag Pteridium. literatuur Brandenburger (1985a: 9).

Septogloeum parasiet

Mycosphaerella asperulata parasiet

Mycosphaerella asperulata Holm & Holm, 1979 op Polypodium parasiet Bladvlekken met pycnidia. Asci 10-12 x 40-50 µm, sporen 4-5 x 12-15 µm. waardplanten Polypodiaceae, monofaag Polypodium vulgare. literatuur Brandenburger (1985a: 8), Holm & Holm (1979a).

Plectosphaera polypodii parasiet

Plectosphaera polypodii (Rabenhorst) von Arx & Müller, 1954 op Polypodium parasiet Bladvlekken met asci. Asci 8-sporig, 10-14 x 47-52 µm, sporen 5-6 x 15-20 µm. waardplanten Polypodiaceae, monofaag Polypodium. synoniemen Glomerella polypodii (Rabenhorst) Holm & Holm, 1978. literatuur Brandenburger (1985a: 8).

Plectosphaera parasiet

Phyllachoraceae parasiet

Asteromella polonica parasiet

Asteromella polonica van der Aa, 2002 op Scorzonera parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia 1 x 4 µm. waardplanten Asteraceae, monofaag Scorzonera humilis. synoniemen Asteromella scorzonerae (Petrak) Petrak, 1925. literatuur Ruszkiewicz-Michalska (2016a).

Asteromella scabiosae parasiet

Asteromella scabiosae Vanev & van der Aa, 2002 op Scabiosa parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 1 x 3-6 µm. waardplanten Caprifoliaceae, monofaag Scabiosa ochroleuca. synoniemen Phyllosticta scabiosae Kalymbetov, 1962. literatuur Ruszkiewicz-Michalska (1006a, 2016a).

Ascochyta saponariae parasiet

Ascochyta saponariae Fuckel, 1870 op Saponaria parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 1 x 4-5 µm. waardplanten Caryophyllaceae, monofaag polyfaag Saponaria officinalis. synoniemen Asteromella saponariae (Fuckel) Petrak, 1955; Phyllosticta saponariae (Fuckel) Saccardo, 1878. literatuur Brandenburger (1985a: 110), Ruszkiewicz-Michalska (2016a).

Cercospora moravica parasiet

Cercospora moravica (Petrak) Braun, 1993 op Caltha parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 1-3 x 30-120 µm, 2-8 onduidelijke septen. waardplanten Ranunculaceae, monofaag Caltha palustris. literatuur Braun (1995b), Jage, Scholler & Klenke (2010a), Świderska-Burek (2015a), Świderska-Burek & Mułenko (2014a).

Cercospora pantoleuca parasiet

Cercospora pantoleuca Saccardo, 1878 op Plantago parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 2-4 x 20-100 µm, meestal 3-6 septen. waardplanten Plantaginaceae, monofaag Plantago lagopus. lanceolata, major, maritima, media, schwarzenbergiana. literatuur Braun (1995b), Pirnia, Zare, Zamanizadeh & Khodaparast (2007a, 2012a), Świderska-Burek (2015a).

Cercospora scorzonerae parasiet

Cercospora scorzonerae (von Höhnel) Braun, 1993 op Scorzonera parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 2-5 x 20-100 µm, 1-10 septen. waardplanten Asteraceae, monofaag Scorzonera humilis. synoniemen Ramularia scorzonerae-humilis Nannfeldt, 1950. literatuur Braun (1995b), Poelt & Fritz-Schroeder (1983a).

Cercospora achilleae parasiet

Cercospora achilleae (Jaap) Braun, 1993 op Achillea parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 2-5 x 40-100 µm, 3-6 septen. waardplanten Asteraceae, monofaag Achillea macrophylla, millefolium. literatuur Braun (1995b).

Cercosporella primulae parasiet

Cercosporella primulae Allescher, 1892 op Primula parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 3-6 x 30-80 µm, 3-6 septen. waardplanten Primulaceae, monofaag Primula acaulis, elatior, veris. synoniemen Cercospora primulae Fautrey, 1891. literatuur Bakhshi (2018a), Braun (1995b), Pirnia, Zare, Zamanizadeh & Khodaparast (2012a).

Cercosporella coronillae parasiet

Cercosporella coronillae Karakulin, 1937 op Securigera parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 3-6 x 20-50 µm, 0-4 septen. waardplanten Fabaceae, monofaag Securigera varia. synoniemen Ramularia coronillae Bresadola, 1900. literatuur Braun (1995b), Sandu Ville, Lazǎr & Hatmanu (1969a).

Pseudocercosporella filicis-feminae parasiet

Pseudocercosporella filicis-feminae (Bresadola) Braun, 1988 op Athyrium, Onoclea parasiet Bladvlekken met caepsituli. Conidia 1-2 x 24-80 µm, 3 onduidelijke 3 septen. waardplanten polyfaag Athyrium filix-femina; Onoclea struthiopteris. synoniemen Cercosporella filicis-feminae (Bresadola) von Höhnel, 1924. literatuur Brandenburger (1985a: 5), Braun (1995b), Ellis & Ellis (1997a).

Taphrinaceae parasiet

Taphrinomycetidae parasiet

Taphrinomycotina parasiet

Synchytriaceae parasiet

Synchytriomycetes parasiet

Chytridiomycotina parasiet

Chytridiomyceta parasiet

Septoria asplenii parasiet

Septoria asplenii Ellis & Everhart, 1895 op Asplenium parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 1-2 X 32-42 µm. waardplanten Aspleniaceae, monofaag Asplenium. literatuur Brandenburger (1985a: 5).

Phyllosticta asplenii parasiet

Phyllosticta asplenii Jaap, 1917 op Asplenium parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 3-4 x 5-7 µm. waardplanten Aspleniaceae, monofaag Asplenium. literatuur Brandenburger (1986a: 5).

Milesinaceae parasiet

Milesinaceae parasiet

Mycosphaerella filicum parasiet

Mycosphaerella filicum (Desmazières) Starbäck, 1889 op verens parasiet Bladvlekken met pycnidia met 10-20 asci. Asci 10-24 x 25-40 µm; spren 4-5 x 13-15 µm, 2 oliedruppels. waardplanten polyfaag Asplenium adiantum-nigrum, septentrionale, trichomanes; Dryopteris “apinulosa”; Polypodium vulgare. literatuur Brandenburger (1985a: 4), Holm & Holm (1979a)

Melampsorineae parasiet

Monostichella osmundae parasiet

Monostichella osmundae Rupprecht, 1959 op Osmunda parasiet Bladvlekken met tot 0.2 mm grote acervuli. Conidia 3-4 x 18-20 µm. waardplanten Osmundaceae, monofaag Osmunda. literatuur Brandenburger (1985a: 4).

Monostichella parasiet

Helotiales incertae sedis parasiet

Phloeospora callistea parasiet

Phloeospora callistea Sydow & Sydow, 1909 op Osmunda parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 2-3 x 16-22 µm, 2-3 septen. waardplanten Osmundaceae, monofaag synoniemen Septoria callistea (Sydow & Sydow) Diedicke, 1914. literatuur Brandenburger (1985a: 4).

Sphaerella callistea parasiet

Sphaerella callistea Sydow & Sydow, 1909 op Osmunda parasiet Bladvlekken met pycnidia, met 7-10 asci. Asci 16-20 x 50-80 µm; spores 9-12 x 18-24 µm. waardplanten Osmundaceae, monofaag Osmunda. synoniemen Mycosphaerella callistea (Sydow & Sydow) Rehm, 1910. literatuur Brandenburger (1985a: 4).

Asteromella mali parasiet

Asteromella mali (Briard) Boerema, 1965 op Malus parasiet Bladvlekken met pycnidia. Condia 1 x 4 µm. waardplanten Rosaceae, monofaag Malus domestica. literatuur Ruszkiewicz-Michalska (2016a).

Asteromella helleboricola parasiet

Asteromella helleboricola (Massalongo) Moesz, 1938 op Helleborus parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 1-2 x 3-5 µm. waardplanten Ranunculaceae, monofaag Helleborus viridis. literatuur Brandenburger (1985a: 146), Ruszkiewicz-Michalska (2016a).

Phyllosticta gentianellae parasiet

Phyllosticta gentianellae Massalongo, 1894 op Gentiana parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 1 x 4-5 µm. waardplanten Gentianaceae, monofaag Gentiana asclepiadea, pneumonanthe. synoniemen Asteromella gentianellae (Massalongo) Petrak, 1925. literatuur Ruszkiewicz-Michalska (2016a).

Asteromella garrettii parasiet

Asteromella garrettii (Sydow & Sydow) van der Aa, 2002 op Senecio parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 2 x 3-4 µm. waardplanten Asteraceae, monofaag Senecio ovatus. literatuur Ruszkiewicz-Michalska (2016a).

Asteromella confusa parasiet

Asteromella confusa (Bubák) Petrak, 1925 op Chenopodium, etc. parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 1-2 x 4 µm. waardplanten Amaranthaceae, oligofaag Atriplex patula; Chenopodiastrum hybridum; Chenopodium album. literatuur Brandenburger (1985a: 116), Ruszkiewicz-Michalska (2006a, 2016a).

Pseudocercosporella alliicola parasiet

Pseudocercosporella alliicola Braun & Scheuer, 2013 op Allium parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 2-3 x 15-60 µm, 0-4 septen. waardplanten Amaryllidaceae, monofaag Allium subhirsutum. literatuur Braun, Piątek & Scheuer (2013a).

Phoma carthamicola parasiet

Phoma carthamicola Votzi & Bedlan, 2021 op Carthamus parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 3-5 x 5-7 µm. waardplanten Asteraceae, monofaag Carthamus tinctorius. synoniemen Phyllosticta carthami Cejp & Dolejs, 1976. literatuur Votzi & Bedlan (2021a).

Phoma carthami-tinctorii parasiet

Phoma carthami-tinctorii Votzi & Bedlan, 2021 op Carthamus parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 3 x 10 µm. waardplanten Asteraceae, monofaag Carthamus tinctorius. synoniemen Phyllosticta carthami Tropova, 1934. literatuur Votzi & Bedlan (2021a.

Acrodontiella fallopiae parasiet

Acrodontiella fallopiae Braun & Scheuer, 1995 op Fallopia parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 2-5 x 6-15 µm, meest ongesepteerd. waardplanten Polygonaceae, monofaag Fallopia baldschuanica. literatuur Braun (1998a), Braun & Scheuer (1995a), Scheuer & Bechter (2012a).

Acrodontiella parasiet

Spermosporina ludwigiana parasiet

Spermosporina ludwigiana (Sydow) Braun, 1998 op Impatiens parasiet Bladvlekken met caaespituli. Conidia solitair, 2-4 x 8-18 µm, 1 sept. waardplanten Balsaminaceae, monofaag Impatiens noli-tangere. synoniemen Ramularia ludwigiana Sydow, 1932. literatuur Brandenburger (1985a: 365), Braun (1998a).

Spermosporina parasiet

Cladosporium lupiniphilum parasiet

Cladosporium lupiniphilum Braun, 1998 op Lupinus parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 4-8 x 6-28 µm, 0-3 septen. waardplanten Fabaceae, monofaag Lupinus luteus. literatuur Bensch, Braun, Groenewald & Crous (2012a), Braun (1998a).

Curvularia crepinii parasiet

Curvularia crepinii (Westendorp) Boedijn, 1933 op Ophioglosum parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia knotsvormig,gobogen, 7-16 x 18-32 µm, 3 septen. waardplanten Ophioglosaceae, monofaag Ophioglossum vulgatum. literatuur Brandenvburger (1985a: 3), Ellis & Ellis (1997a) .

Curvularia parasiet

Phoma botrychii parasiet

Phoma botrychii Jaczewski, 1901 op Botrychium parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 1 x 3-6 µm. waardplanten Ophioglossaceae, monofaag Botrychium lunaria. synoniemen Phyllosticta botrychii (Jaczewski) Jaap, 1917. literatuur Blumer (1946a), Brandenburger (1985a: 3).

Sphaerella botrychii parasiet

Sphaerella botrychii Rostrup, 1899 op Botrychium parasiet Bladvlekken met pycnidia, met 20-30 asci. Asci 6-7 4 33-40 µm, sporen 2-3 x 12-15 µm. waardplanten Ophioglossaceae, monofaag Botrychium. synoniemen Mycosphaerella botrychii (Rostrup) Saville, 1959. literatuur Branenburger (1985a: 3).

Sphaerella parasiet

Asteromella equiseti parasiet

Asteromella equiseti (Dobrozrakova) van der Aa & Vanev, 2002 op Equisetum parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 2 x 3 µm. waardplanten Equisetaceae, monofaag Equisetum. synoniemen Phyllosticta equiseti Dobrozrakova, 1927. literatuur Brandenburger (1985a: 3).

Diplodia equiseti parasiet

Diplodia equiseti Brezhnev, 1939 op Equisetum parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 7-9 x 10-23 µm. waardplanten Equisetaceae, monofaag Equisetum. literatuur Brandenburger (1985a: 3).

Diplodia parasiet

Botryosphaeriaceae parasiet

Titaeospora equiseti parasiet

Titaeospora equiseti (Desmazières) Vassiljevsky, 1950 op Equisetum parasiet Subepidermale acervuli, tot 0.2 mm groot. Conidia 3-4 x 27-38 µm, 1 sept. waardplanten Equisetaceae, monofaag Equisetum. opmerkingen Vermoedelijk het anamorfe stadium van Stamnaria persoonii. literatuur Brandenburger (1985a: 2).

Titaeospora parasiet

Stamnaria americana parasiet

Stamnaria americana Massee & Morgan, 1902 op Equisetum parasiet Groepen oranjegele nog geen mm grote bekervormige apothecia op de stengels. waardplanten Equisetaceae, monofaag Equisetum hyemale. literatuur Gruber (0000a), Haelewaters Filippova & Baral (2018a).

Stamnaria persoonii parasiet

Stamnaria persoonii (Mougeot) Fuckel, 1870 op Equisetum parasiet Groepen oranjegele nog geen mm grote bekervormige apothecia op de stengels. Asci 12 x 130 µm; sporen 5-8 x 15-16 µm.. waardplanten Equisetaceae, monofaag Equisetum arvense, fluviatile. opmerkingen Vermoedelijk het teleomorfe stadium van Titaeospora equiseti. literatuur Brandenburger (1985a: 2), Gruber (0000a), Haelewaters, Filippova & Baral (2018q).

Stamnaria parasiet

Helotiaceae parasiet

Discula kriegeriana parasiet

Discula kriegeriana (Bresadola) von Arx, 1957 op Equisetum parasiet Bladvlekken met tot 0.8 mm grote acervuli. Conidia 3-4 x 7-12 µm. waardplanten Equisetaceae, monofaag Equisetum. literatuur Brandenburger (1985a: 2).

Discula parasiet

Mycosphaerella equiseti parasiet

Mycosphaerella equiseti (Fuckel) Schröter, 1894 op Equisetum parasiet Bladvlekken op levende en dode stengels met pycnidia. Asci 10-12 x 60-70 µm, 8 sporen; sporen 5-6 x 18-22 µm, 1 sept. waardplanten Equisetaceae, monofaag Equisetum fluviatile, palustre. literatuur Ellis & Ellis (1997a), Holm & Holm (1981a).

Phaeosphaeria berlesei parasiet

Phaeosphaeria berlesei (Larsen & Munk), Hedjaroude, 1969 op Equisetum parasiet Pycnidia in de toppen van dode stengels, die vermoedelijk door de schimmel zijn gedood. Asci 13-80 x 1120-160 µm, 8 sporen; sporen 6-7 x 30-50 µm, 3-13 septen. waardplanten Equisetaceae, monofaag Equisetum hyemale. literatuur Holm & Holm (1981a).

Phaeosphaeria parasiet

Pseudocercosporella aronicicola parasiet

Pseudocercosporella aronicicola (Volkart) Braun, 1998 op Doronicum parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 2-6 x 20-70 µm, 1-3 septen. waardplanten Asteraceae, monofaag Doronicum grandiflorum. literatuur Braun (1998a).

Pseudocercosporella parasiet

Passalora pilophila parasiet

Passalora pilophila Jaczewski & Karakulin) Braun, 2003 op Myosotis parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 3-6 x 15-35 µm, 0-4 septen. waardplanten Boraginaceae, monofaag Myosotis. synoniemen Mycovellosiella pilophila (Jaczewski & Karakulin) Braun, 1993. literatuur Braun (1998a).

Monodidymaria canadensis parasiet

Monodidymaria canadensis (Ellis & Everhart) Braun, 1994 op Carex parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 4-7 x 15-23 µm, 0-1 sept. waardplanten Cyperaceae, monofaag Carex acuta. literatuur Braun (1998a), Braun, Nakashima & Crous (2013a).

Monodidymaria equiseti parasiet

Monodidymaria equiseti (Dobrozrakova) Braun, 1994 op Equisetum parasiet Segmenten, soms hele takken, verkleurd, met caespituli. Conidia enkel, 3-5 x 40-120 µm, 0-1 sept. waardplanten Equisetaceae, monofaag Equisetum arvense. synoniemen Cercospora equiseti Dobrozrakova, 1927; Didymaria equiseti (Dobrozrakova) Chupp, 1954. literatuur Brandenburger (1985a: 2), Braun (1998a).

Monodidymaria parasiet

Mycosphaerella equiseticola parasiet

Mycosphaerella equiseticola Bondartseva-Monteverde, 1923 paardenstaartpuntkogeltje op Equisetum parasiet Bladvlekken met pycnidia. waardplanten Equisetaceae, monofaag Equisetum. literatuur Brandenburger (1985a: 2).

Ascochyta petrakii parasiet

Ascochyta petrakii Sandu-Ville & Mitiriuc, 1968 op Galinsoga parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 3-5 x 6-9 µm, door een sept verdeeld in twee ongelijke delen. waardplanten Asteraceae, monofaag Galinsoga parviflora. literatuur Sandu-Ville, Mititiuc & Viorica (1968a).

Phyllosticta salviae parasiet

Phyllosticta salviae Sandu-Ville & Mitiriuc, 1968 op Salvia parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 3 x 4-5 µm. waardplanten Lamiaceae, monofaag Salvia nutans. literatuur Sandu-Ville, Mititiuc & Viorica (1968a).

Asteromella aviculariae parasiet

Asteromella aviculariae (Westendorp) Petrak, 1963 op Polygonum, etc. parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 1-2 x 3-5 µm. waardplanten Polygonaceae, oligofaag Persicaria hydropiper; Polygonum aviculare. literatuur Brandenburger (1985a: 87), Ruszkiewicz-Michalska (2016a).

Asteromella ulmi parasiet

Asteromella ulmi Boerema, 2003 op Ulmus parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 1-2x 5 µm. waardplanten Ulmaceae, monofaag Ulmus glabra, minor. literatuur Ruszkiewicz-Michalska (2016a).

Phyllosticta tiliicola parasiet

Phyllosticta tiliicola Phyllosticta tiliicola op Tilia parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 1 x 4-5 µm. waardplanten Malvaceae, monofaag Tilia americana, cordata, platy[hyllos. synoniemen Asteromella tiliicola (Oudemans) von Arx, 1957. literatuur Ruszkiewicz-Michalska (2006a, 2016a), Ruszkiewicz-Michalska, Bałazy, Chełkowski, ao (2015a).

Asteromella salicina parasiet

Asteromella salicina (Kabát & Bubák) Ruszkiewicz-Michalska, 2016 op Salix parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 1 x 3-4 µm. waardplanten Salicaceae, monofaag Salix alba, caprea, x fragilis, triandra. literatuur Ruszkiewicz-Michalska (2016a).

Phyllosticta populina parasiet

Phyllosticta populina (Fuckel), Saccardo, 1878 op Populus parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 1 x 6-8 µm. waardplanten Salicaceae, monofaag Populus alba, x berolinensis, x canadensis, nigra, somonii, tomentosa, tremula, tremuloides. synoniemen Asteromella populina (Fuckel) Ruszkiewicz-Michalska 2016. literatuur Brandenburger (1985a: 41), Grove (1935a: 33), Nadal i Puigdefabregas & Moret i Benaset (1984a), Ruszkiewicz-Michalska (2016a).

Septoria sorbi parasiet

Septoria sorbi Saccardo, 1890 op Sorbus parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 3-4 x 32-73 µm, 1-2 septen. waardplanten Rosaceae, monofaag Sorbus aucuparia. literatuur Brandenburger (1985a: 262), Braun ((2018a), Doppelbauer & Doppelbaur (1973a), Ellis & Ellis (1997a),Kozłowska, Mułenko & Heluta (2015a).

Septoria tiliae parasiet

Septoria tiliae Westendorp, 1867 op Tilia parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 2-3 x 33-40 µm, 2-4 septen. waardplanten Malvaceae, monofaag Tilia tomentosa. literatuur Sandu-Ville, Rusan, Mititiue, ao (1971a).

Ramularia vitis parasiet

Ramularia vitis (Richon) Braun, 1988 op Vitis parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia 2-4 x 5-11 µm, ongesepteerd, waardplanten Vitaceae, monofaag Vitis vinifera. literatuur Braun (1998a) .

Ramularia biflorae parasiet

Ramularia biflorae Magnus, 1906 op Viola parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 3-5 x 22-45 µm, 0-3 septen. waardplanten Violaceae, monofaag Viola biflora,odorata. literatuur Braun (1998a).

Ramularia agrestis var. deflectens parasiet

Ramularia agrestis var. deflectens (Bresadola) Braun, 1998 op Viola parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidioforen lang (20-220 µm), conidia 0-4 septen. waardplanten Violaceae, monofaag Viola arvensis, x wittrockiana. literatuur Braun (1998a).

Septoria muscari parasiet

Septoria muscari Brunaud, 1889 op Leopoldia parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 2 x 42-60 µm, ongesepteerd. waardplanten Asparagaceae, monofaag Leopoldia comosa. literatuur Brandenburger (1985a: 714), Sandu-Ville, Rusan, Mititiue, ao (1971a).

Septoria balloticola parasiet

Septoria balloticola (Fries) Allescher, 1896 op Ballota parasiet Bladvlekken met bovenzijsdige pycnidia. Conidia 1-2 x 24-35 µm. waardplanten Lamiaceae, monofaag Ballota nigra. literatuur Brandenburger (1985a: 528), Sandu-Ville, Rusan, Mititiue, ao (1971a).

Ascochyta malvae parasiet

Ascochyta malvae Ascochyta malvae op Malva parasiet Bladvlekken met bovenzijdige pycnidia. Conidia 3-4 x 7-10, 0-1 sept, ingesnoerd. waardplanten Malvaceae, monofaag Malva alcea, thuringiaca. literatuur Sandu-Ville, Rusan, Mititiue, ao (1971a).

Ascochyta galegae parasiet

Ascochyta galegae Hollós op Galega parasiet Onduidelijke bladvlekken met pycnidia. Conidia 3-5 x 10-14 µm met 1-2 oliedruppels. waardplanten Fabaceae, monofaag Galega officinalis. literatuur Sandu-Ville, Rusan, Mititiue, ao (1971a).

Phoma herbarum parasiet

Phoma herbarum Westendorp, 1852 parasiet stengelkankers met pycinidia; ook dode stengels. Conidia 2 x 5-6 µm, ongesepteerd. waardplanten breed polyfaag Cannabis sativa. literatuur McPartland (1994a).

Phoma parasiet

Phyllosticta osteospora parasiet

Phyllosticta osteospora Saccardo, 1879 op Populus parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 1 x 5 µm. waardplanten Salicaceae, monofaag Populus alba, x canescens, carolinensis, nigra, simonii, tomentosa. synoniemen Asteromella osteospora (Saccardo) Rupprecht, 1959. literatuur Ruszkiewicz-Michalska (2016a).

Asteromella vulgaris parasiet

Asteromella vulgaris von Thümen, 1881 op Crataegus parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 1 X 4-5 µm. waardplanten Rosaceae, monofaag Crataegus laevigata, x lavallei, monogynam nigra, rhipidophylla. literatuur Ruszkiewicz-Michalska (2016a).

Asteromella sorbicola parasiet

Asteromella sorbicola (Rabenhorst) Braun & Ruszkiewicz-Michalska, 2018 op Sorbus parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 1-2 x 5-8 µm. waardplanten Rosaceae, monofaag Sorbus aucuparia. synoniemen Asteromella trautmanniana: Ruszkiewicz-Michalska (2006a, 20116a). literatuur

Asteromella rupprechtii parasiet

Asteromella rupprechtii Ruszkiewicz-Michalska, 2016 op Agrimonia parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 1 x 2-3 µm. waardplanten Rosaceae, monofaag Agrimonia eupatoria. literatuur Ruszkiewicz-Michalska (2016a).

Phyllosticta rosicola parasiet

Phyllosticta rosicola Massalongo, 1900 op Rosa parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 1 x 3-5 µm. waardplanten Rosaceae, monofaag Rosa gallica. synoniemen Asteromella rosicola (Massalongo) Rupprecht, 1959. literatuur Ruszkiewicz-Michalska (2016a).

Asteromella pyricola parasiet

Asteromella pyricola (Saccardo & Spegazzini) Moesz, 1878 op Pyrus parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 1 x µm. waardplanten Rosaceae, monofaag Pyrus communis. literatuur Ruszkiewicz-Michalska (2016a).

Ramularia tiliae parasiet

Ramularia tiliae Lobik, 1928 op Tilia parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia 3-4 x 20-40 µm, 0-2 septen. waardplanten Malvaceae, monofaag Tilia cordata. literatuur Braun (1998a).

Ramularia scopoliae parasiet

Ramularia scopoliae Voss, 1833 op Scopolia parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 3-6 x 12-33 µm, 0-1 sept. waardplanten Solanaceae, monofaag Scopolia carniolica. literatuur Braun (1998a).

Ramularia mimuli parasiet

Ramularia mimuli Ellis & Kellerman,1883 op Mimulus parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 3-6 x 8-40 µm, 0-1 sept. waardplanten Phrymaceae, monofaag Mimulus. literatuur Braun (1998a).

Ascochyta arcuata parasiet

Ascochyta arcuata McPartland, 1994 op Cannabis parasiet Bladvlekken met pycnidia. Condia 4-8 x 9-28 µm, 1-sept. waardplanten Cannabaceae, monofaag Cannabis sativa. synoniemen Door McPartland beschreven als anamorf van Didymella arcuata, maar dit wordt niet overgenomen door MycoBank (2022). literatuur McPartland (1994a).

Didymella arcuata parasiet

Didymella arcuata Röder, 1939 op Cannabis parasiet Bladvlekken met ascomata. Asci met 8 sporen, 9-14 x 50-80 µm. Sporen 5-19 µm, 1-sept. waardplanten Cannabaceae, monofaag Cannabis sativa. literatuur Brandenburger (1985a: 71), McPartland (1994a).

Neodidymelliopsis cannabis parasiet

Neodidymelliopsis cannabis (Winter) Chen & Cai, 2015 op Cannabis parasiet Kankers op de stengels; ook wel bladvekken. Ascocarp met ± 140 asci; deze 8-sporig, 9-10 x 50-80 µm; sporen 5 x 24 µm, 1 sept. Pycnidia met conidia 2-3 x 3-8 µm, 0-1 sept. waardplanten Cannabaceae, monofaag Cannabis sativa. synoniemen Didymella cannabis (Winter) von Arx, […]

Septoria cannabis parasiet

Septoria cannabis (Lasch) Saccardo, 1884 op Cannabis parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 2-3 x 45-55 µm. waardplanten Cannabaceae, monofaag Cannabis sativa. literatuur Brandenburger (1985a: 72), McPartland (1995a).

Septoria cannabina parasiet

Septoria cannabina Peck, 1884 op Cannabis parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 1-2 x 20-30 µm. waardplanten Cannabaceae, monofaag Cannabis sativa. synoniemen Septoria neocannabina McPartland, 1995. literatuur McPartland (1995a).

Asteromella pruni-mahaleb parasiet

Asteromella pruni-mahaleb (Passerini) Bedlan, 2014 op Prunus parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 1 x 3-4 µm. waardplanten Rosaceae, monofaag Prunus avium, domestica, padus, serotina. literatuur Ruszkiewicz-Michalska (2016a), Ruszkiewicz-Michalska, Bałazy, Chełkowski, ao (2015a) .

Asteromella bacilloides parasiet

Asteromella bacilloides (Dominik) Ruszkiewicz-Michalska, 2016 op Chaenomeles parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 1 x 3-4 µm. waardplanten Rosaceae, monofaag Chaenomeles japonica. literatuur Ruszkiewicz-Michalska (2016a) .

Asteromella vogelii parasiet

Asteromella vogelii (Henkel) Petrak, 1924 op Rhamnus parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 1-2 x 5-6 µm. waardplanten Rhamnaceae, monofaag Rhamnus cathartica. literatuur Ruszkiewicz-Michalska (2006a, 2016a).

Phyllosticta trollii parasiet

Phyllosticta trollii Trail, 1889 op Trollius parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 1 x 4-5 µm. waardplanten Ranunculaceae, monofaag Trollius europaeus. synoniemen Asteromella trollii (Trail) Rupprecht, 1959. literatuur Blumer (1946a), Brandenburger (1985a: 158), Grove (1935a: 49), Ruszkiewicz-Michalska (2016a).

Asteromella ranunculi parasiet

Asteromella ranunculi Fuckel) Vanev & van der Aa, 2002 op Ranunculus parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 1 x 5-6 µm, waardplanten Ranunculaceae, monofaag Ranunculus acris, lanuginosus, lingua. synoniemen Phyllosticta ranunculi (Fuckel) Saccardo, 1884. literatuur Brandenburger (1985a: 155), Ruszkiewicz-Michalska (2016a).

Ramularia gardeniae parasiet

Ramularia gardeniae Massalongo, 1909 op Gardenia parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 2-5 x 4-16 µm, ongesepteerd. waardplanten Rubiaceae, monofaag Gardenia jasminoides. literatuur Braun (1998a).

Ramularia aremoniae parasiet

Ramularia aremoniae Bubák, 1915 op Aremonia parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 2-4 x 5-22 µm, 0-1 sept. waardplanten Rosaceae, monofaag Aremonia agrimonoides. literatuur Braun (1998a).

Ramularia didyma var. exigua parasiet

Ramularia didyma var. exigua (Braun) Braun, 1998 op Anemone, Ranunculus parasiet Bladvlekken met caespituli. Als R. didyma, maar de conidioforen komen niet door de huidmondjes naar buiten, maar breken door de cuticula. waardplanten Ranunculaceae, oligofaag Anemone nemorosa; Ranunculus lingua. literatuur Braun (1998a).

Plantago rugelii parasiet

orgaan parasiteerwijze stadium opmerking taxonomische groep parasiet blad bladvlek Didymellaceae Ascochyta sodalis

Pseudocercospora cladosporioides parasiet

Pseudocercospora cladosporioides (Saccardo) Braun, 1993 op Olea parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia 3-4 x 37-64 µm, 5 septen. waardplanten Oleaceae, monofaag Olea europaea. literatuur Avila de la Calle, Benali & Trapero Casas (2004a), Henricot (2009a).

Pseudocercospora populigena parasiet

soort Braun, Ale-Agha & Feige, 2005 op Populus parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidioforen in bundels. Conidia solitair, 4-7 x 20-150 µm, 1-8 septen. waardplanten Salicaceae, monofaag Populus x berolinensis. literatuur Ale-Agha, Braun & Feige (2005b).

Ramularia cercosporelloides parasiet

Ramularia cercosporelloides Braun & Crous, 1998 op Carthamus parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia ± solitair, 7-13 x 16-31 µm, 0-3 septen. waardplanten Asteraceae, monofaag Carthamus tinctorius. literatuur Votzi, Bedlan & Braun (2020a).

Asteromella acetosae parasiet

Asteromella acetosae (Saccardo) Ruszkiewicz-Michalska, 2016 op Rumex parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 1 x 4-5 µm. waardplanten Polygonaceae, monofaag Rumex acetosa. literatuur Ruszkiewicz-Michalska (2016a).

Phyllosticta baldensis parasiet

Phyllosticta baldensis Massalongo, 1889 op Paeonia parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 1 x 3 µm. waardplanten Paeoniaceae, monofaag Paeonia officinalis. synoniemen Asteromella baldensis (Massalongo) Rupprecht, 1959. literatuur Brandenburger (1985a: 168), Ruszkiewicz-Michalska (2016a).

Asteromella melampyrina parasiet

Asteromella melampyrina (Aksel) van der Aa & Vanev 2002 op Melampyrum parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 1 X 3-4 µm. waardplanten Orobanchaceae, monofaag Melampyrum nemorosum. literatuur Ruszkiewicz-Michalska (2016a).

Asteromella ludwigii parasiet

Asteromella ludwigii Petrak, 1923 op Epilobium, etc. parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 1 x 3 µm. waardplanten Onagraceae, oligofaag Chamerion angustifolium; Epilobium collinum, hirsutum, roseum. literatuur Ruszkiewicz-Michalska (2016a), Ruszkiewicz-Michalska, Bałazy, Chełkowski, ao (2015a).

Asteromella lysimachiae parasiet

Asteromella lysimachiae (Allescher) Ruszkiewicz-Michalska, 2016 op Lysimachia parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 1 x 2-4 µm. waardplanten Primulaceae, monofaag Lysimachia vulgaris. literatuur Ruszkiewicz-Michalska (2016a).

Dendrophoma convallariae parasiet

Dendrophoma convallariae Cavara, 1889 op Convallaria, etc. parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 1-2 x 5 µm. waardplanten Asparagaceae, oligofaag Convallaria majalis; Polygonatum odoratum. synoniemen Asteromella convallariae (Cavara) Petrak, 1923. literatuur Ruszkiewicz-Michalska (2016a).

Dendrophoma parasiet

Xylariales parasiet

Pseudocercospora exosporioides parasiet

Pseudocercospora exosporioides (Bubák) Sutton & Hodges, 1990 op Larix parasiet Vlekjes op de naalden die zich vanuit de punt uitbreiden, de naald doen verbruinen, sterven en afvallen. Oppervlakkig worden donkerbruine stromata gevormd met een groep van rechtopstaande conidioforen. Conidia solitair, 2-4 x 20-40 µµ, 3-4 septen. waardplanten Pinaceae, monofaag Larix decidua. synoniemen Cercospora exosporioides Bubák, […]

Oomycetes parasiet

Ramularia jordanovii parasiet

Ramularia jordanovii Vanev & Bakalova, 1983 op Soldanella parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia 2-4 x 5-13, ongesepteerd. waardplanten Primulaceae, monofaag Soldanella carpatica. literatuur Braun (1998a).

Ramularia ufensis parasiet

Ramularia ufensis Karakulin, 1915 op Aconogonon parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 3-5 x 10-25 µm, ongesepteerd. waardplanten Polygonaceae, monofaag Aconogonon alpinum. synoniemen Ramularia polygoni-alpini (Maire) Braun, 1993. literatuur Braun (1998a).

Ramularia gracilispora parasiet

Ramularia gracilispora Braun, 1993 op Schedonorus parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia meestal solitair, 2-4 x 4-12 µm, ongesepteerd. waardplanten Poaceae, monofaag Schedonorus giganteus. literatuur Braun (1998a).

Ramularia brunneopunctata parasiet

Ramularia brunneopunctata Braun, 1993 op Brachypodium parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 5-8 x 10-15 µm, ongesepteerd. waardplanten Poaceae, monofaag Brachypodium sylvaticum. literatuur Braun (1998a).

Asperisporium juniperinum parasiet

Asperisporium juniperinum (Georgescu & Badea) Sutton & Hodges, 1990 op Juniperus parasiet Naalden vergeeld, met caespituli. Conidia solitair, 4-5 x 15-45 µm, 0-3 septen. waardplanten Cupressaceae, monofaag Juniperus communis & subsp. nana. synoniemen Passalora juniperina (Georgescu & Badea) Solheim, 2013; Stigmina juniperina (Georgescu & Badea) Ellis, 1959. literatuur Brandenburger (1985a: 31), Braun, Nakashima & Crous […]

Passalora pteridis parasiet

Passalora pteridis (Siemaszko) Braun & Crous, 2003 op Pteridium parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 5-8 x 40-120 µm, meervoudig gesepteerd. waardplanten Dennstaedtiaceae, monofaag Pteridium aquilinum. synoniemen Cercospora pteridis Siemaszko, 1823. literatuur Brandenburger (1985a: 9), Braun, Nakashima & Crous (2013a), Świderska-Burek U (2015a).

Cercospora selaginellarum parasiet

Cercospora selaginellarum Joly, 1966 op Selaginella parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia naaldvormig, meermalen gesepteerd, tot 300 µm lang. waardplanten Selaginellaceae, monofaag Selaginella apoda, denticulata, hwlvetica. literatuur Braun, Nakashima & Crous (2013a).

Selaginellaceae parasiet

Selaginellales parasiet

Cercospora asplenii parasiet

Cercospora asplenii Jaap, 1916 op Asplenium parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia naaldvormig, onduidelijk gesepteerd, hyalien, dunwandig, glad, 2-4 x 20-120 µm. waardplanten Aspleniaceae, monofaag Asplenium trichomanes. literatuur Brandenburger (1985a: 5), Braun, Nakashima & Crous (2013a).

Ramularia ligustrina parasiet

Ramularia ligustrina Maublanc, 1906 op Ligustrum parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 2-3 x 5-12 µm, 0-1 sept. waardplanten Oleaceae, monofaag Ligustrum. literatuur Braun & Mouchacca (2000a).

Septoria helianthina parasiet

Septoria helianthina Petrov & Arsenijevic, 1996 op Helianthus parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia gebogen, 1-3 x 17-50 µm, 0-4 septen. waardplanten Asteraceae, monofaag Helianthus annuus. literatuur Votzi & Bedlan (2020a).

Cercospora helianthicola parasiet

Cercospora helianthicola Chupp & Vegas, 1945 op Helianthus parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 2-3 x 40-111 µm, 3-11 septen. waardplanten Asteraceae, monofaag Helianthus annuus. literatuur Votzi & Bedlan (2020a).

Asteromella prunellae parasiet

Asteromella prunellae (Ellis & Everhart) Ruszkiewicz-Michalska, 2016 op Prunella parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 1 x 4 µm. waardplanten Lamiaceae, monofaag Prunella vulgaris. literatuur Ruszkiewicz-Michalska (2016a).

Asteromella quercifolii parasiet

Asteromella quercifolii Massalongo, 1889 op Quercus parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 1 x 2-3 µm. waardplanten Fagaceae, monofaag Quercus cerris, petraea, robur. literatuur Brandenburger (1985a: 65), Ruszkiewicz-Michalska (2006a, 2016a).

Asteromella borszczowii parasiet

Asteromella borszczowii (von Thümen) van der Aa, 2002 op Caragana parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 1 x 4-5 µm. waardplanten Fabaceae, monofaag Caragana arborescens. literatuur Ruszkiewicz-Michalska (2016a).

Asteromella astragalicola parasiet

Asteromella astragalicola (Massalongo) Petrak, 1923 op Astragalus parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 1 x 4-5 µm. waardplanten Fabaceae, monofaag Astragalus glycyphyllos. synoniemen Phyllosticta astragalicola Massalongo, 1907. literatuur Ruszkiewicz-Michalska (2006a, 2016a).

Phyllosticta vandae parasiet

Phyllosticta vandae Namysłowski, 1908 op Dipsacus parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 1 x 4-5 µm. waardplanten Caprifoliaceae, monofaag Dipsacus fullonum. synoniemen Asteromella, vandae, wandae (Namysłowski) Rupprecht, 1959. literatuur Ruszkiewicz-Michalska (2016a).

Asteromella euonymella parasiet

Asteromella euonymella (Saccardo) van der Aa & Vanev, 2002 op Euonymus parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 1 x 4 µm. waardplanten Celastraceae, monofaag Euonymus europaeus. literatuur Ruszkiewicz-Michalska (2016a).

Asteromella ebuli parasiet

Asteromella ebuli (Fuckel) Moesz, 1961 op Sambucus parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 1 x 5-6 µm. waardplanten Adoxaceae, monofaag Sambucus ebulus, nigra, racemosa. literatuur Ruszkiewicz-Michalska (2016a).

Asteromella adeana parasiet

Asteromella adeana Petrak, 1931 op Viburnum parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 1 x 4-5 µm. waardplanten Adoxaceae, monofaag Viburnum lantana, opulus. literatuur Ruszkiewicz-Michalska (2016a).

Ramularia sabaudica parasiet

Ramularia sabaudica Mangenot, 1958 op Linum parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 5-8 x 19-32 µm, 0-1 sept. waardplanten Linaceae, monofaag Linum alpinum. literatuur Braun (1998a).

Ramularia pivensis parasiet

Ramularia pivensis Bubák, 1915 op Scutellaria parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 2-4 x 10-25 µm, 0-1 sept. waardplanten Lamiaceae, monofaag Scutellaria altissima, columnae, supina. literatuur Braun (1998a).

Ramularia calaminthae parasiet

Ramularia calaminthae Braun, Chevasssut & Pellicier, 1998 op Clinopodium parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 2 x 8-35 µm, 0-3 septen. waardplanten Lamiaceae, monofaag Clinopodium vulgare. literatuur Braun (1998a).

Ramularia phlomidis parasiet

Ramularia phlomidis Bondartsev & Lebedeva, 1914 op Phlomis parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 5-8 x 15-30 µm, 1-2 septen. waardplanten Lamiaceae, monofaag Phlomis herba-venti subsp. pungens, tuberosa. literatuur Braun (1998a).

Ramularia phlomidicola parasiet

Ramularia phlomidicola Lobik, 1928 op Phlomis parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 4-8 x 9-20 µm, omgesepteerd. waardplanten Lamiaceae, monofaag Phlomis tuberosa. literatuur Braun (1998a).

Ovularia melittis parasiet

Ovularia melittis Unamuno, 1921 op Melittis parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 3-5 x 6-12 µm, ongesepteerd. waardplanten Lamiaceae, monofaag Melittis melissophyllum. synoniemen Ramularia melittis (Unamuno) Braun, 1988. literatuur Braun (1998a).

Ramularia salviae-pratensis parasiet

Ramularia salviae-pratensis Pellicier & Braun, 1998 op Salvia parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair of in korte ketens, 2-4 x 5-16 µm; 0-1 sept. waardplanten Lamiaceae, monofaag Salvia pratensis. literatuur Braun (1998a).

Cercosporella lindaviana parasiet

Cercosporella lindaviana (Jaap) Braun, 1992 op ? Lathyrus, Vicia parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 4-10 x 25-46 µm, 1 sept. waardplanten Fabaceae, ? oligofaag ? Lathyrus incurvus; Vicia cracca. synoniemen Ramularia lindaviana (Jaap) Nannfeldt, 1950. literatuur Braun (1995b), Poelt & Fritz-Schroeder (1983a), Ruszkiewicz-Michalska, Bałazy, Chełkowski, ao (2015a).

Lathyrus incurvus parasiet

orgaan parasiteerwijze stadium opmerking taxonomische groep parasiet blad bladvlek onzeker Mycosphaerellaceae Cercosporella lindaviana

Cercosporella equiseti parasiet

Cercosporella equiseti (Massalongo) Braun, 1992 op Equisetum parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 5-9 x 25-60 µm, 1-4 septen. waardplanten Equisetaceae, monofaag Equisetum ramosissimum. synoniemen Ramularia equiseti Massalongo, 1902. literatuur Brandenburger (1985a: 2), Braun (1995b).

Cercosporella euonymi parasiet

Cercosporella euonymi Eriksson, 1891 op Euonymus parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 4-7 x 40-60 µm, 1-5 septen. waardplanten Celastraceae, monofaag Euonymus europaeus. literatuur Braun (1995b).

Cercosporella ptarmicae parasiet

Cercosporella ptarmicae (Lindau) Braun, 1992 op Achillea parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 5-7 x 20-60 µm, 2-4 septen. waardplanten Asteraceae, monofaag Achillea ptarmica. literatuur Braun (1995b).

Ramularia acroptili parasiet

Ramularia acroptili Bremer, 1948 op Rhaponticum parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 4-8 x 15-80 µm, 0-5 septen. waardplanten Asteraceae, monofaag Rhaponticum repens. synoniemen Cercosporella acroptili (Bremer) Braun, 1993. literatuur Braun (1995b).

Cercosporella leuzeae parasiet

Cercosporella leuzeae (Sandu-Ville) Braun, 1993 op Rhaponticum parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 3-6 x 20-45 µm, 0-3 septen. waardplanten Asteraceae, monofaag Rhaponticum serratuloides. literatuur Braun (1995b).

Septoria helianthi parasiet

Septoria helianthi Ellis & Kellermann, 1883 op Helianthus parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 2-3 x 50-77 µm, 3-5 septen. waardplanten Asteraceae, monofaag Helianthus annuus. literatuur Brandenburger (1985a: 525), Hamid & Jalaluddin (2007a), Scheuer & Bechter (2012a).

Asteromella moeszii parasiet

Asteromella moeszii Ruszkiewicz-Michalska & Mułenko, 2016 op Pulmonaria parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 1 x 4-5 µm. waardplanten Boraginaceae, monofaag Pulmonaria obscura, officinals. literatuur Ruszkiewicz-Michalska (2016a).

Asteromella alnicola parasiet

Asteromella alnicola (Massalongo) Ruszkiewicz-Michalska, 2016 op Alnus parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 1 x 4 µm. waardplanten Betulaceae, monofaag Alnus glutinosa. literatuur Ruszkiewicz-Michalska (2016a).

Phyllosticta garbowskii parasiet

Phyllosticta garbowskii Gucevič, 1962 op Berberis parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 1 x 3-4 µm. waardplanten Berberidaceae, monofaag Berberis vulgaris. synoniemen Asteromella garbowskii (Gucevič) Ruszkiewicz-Michalska, 2016. literatuur Ruszkiewicz-Michalska (2016a).

Asteromella senecionis-nemorensis parasiet

Asteromella senecionis-nemorensis (Săvulescu & Sandu) Vanev & van der Aa, 2002 op Jacobaea, Senecio parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 1 x 5 µm. waardplanten Asteraceae, monofaag Jacobaea paludosa; Senecio nemorensis. literatuur Ruszkiewicz-Michalska (2016a).

Asteromella petasitidis parasiet

Asteromella petasitidis Petrak, 1923 op Petasites parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 1 x 4 µm. waardplanten Asteraceae, monofaag Petasites hybridus, kablikianus, spurius. literatuur Ruszkiewicz-Michalska (2016a).

Phyllosticta eupatoriicola parasiet

Phyllosticta eupatoriicola Kabát & Bubák. 1907 op Eupatorium parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 1 x 3-4 µm. waardplanten Asteraceae, monofaag Eupatorium cannabinum. synoniemen Asteromella eupatoriicola (Kabát & Bubák) Rupprecht, 1957. literatuur Ruszkiewicz-Michalska (006a, 2016a).

Asteromella corcontica parasiet

Asteromella corcontica (Kabát & Bubák) Moesz, 1961 op Hieracium parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 1 x 4 µm. waardplanten Asteraceae, monofaag Hieracium alpinum, lachenalii, laevigatum subsp. tridentatum. murorum, umbellatum. literatuur Mułenko, Sałata & Wołczańska (1995a), Ruszkiewicz-Michalska (2006a, 2016a).

Asteromella carlinae parasiet

Asteromella carlinae Petrak, 1927 op Carlina parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 1 x 4-5 µm. waardplanten Asteraceae, monofaag Carlina vulgaris. literatuur Ruszkiewicz-Michalska (2016a).

Asteromella austriaca parasiet

Asteromella austriaca Saccardo) Rupprecht, 1958 op Doronicum parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 1 x 4-5 µm. waardplanten Asteraceae, monofaag Doronicum clusii. literatuur Ruszkiewicz-Michalska (2016a).

Phyllosticta hederae parasiet

Phyllosticta hederae Saccardo & Roumeguère, 1882 op Hedera parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 1 x 4 µm. waardplanten Araliaceae, monofaag Hedera helix. literatuur Grove (1935a: 20), Nadal i Puigdefabregas & Moret i Benaset (1984a), Ruszkiewicz-Michalska (2006a, 2016a).

Ramularia rollandii parasiet

Ramularia rollandii Fautrey, 1897 op Iris parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 2-4 x 10-30 µm, 0-1 sept. waardplanten Iridaceae, monofaag Iris x germanica, pseudacorus, germanica. literatuur Braun (1998a).

Ramularia hyperici parasiet

Ramularia hyperici Braun & Scheuer, 1995 op Hypericum parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 2-4 x 10-25 µm, 0-1 sept. waardplanten Hypericaceae, monofaag Hypericum hirsutum, maculatum, perforatum. literatuur Braun (1998a).

Ramularia philadelphi parasiet

Ramularia philadelphi Saccardo,1877 op Philadelphus parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 3-5 x 8-20 µm, 0-1 sept. waardplanten Hydrangeaceae, monofaag Philadelphus coronarius. literatuur Braun (1998a).

Ramularia geranii var. erodii parasiet

Ramularia geranii var. erodii Saccardo,1888 op Erodium parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 2-4 x 15-55 µm, 1-4 septen. waardplanten Geraniaceae, monofaag Erodium cicutarium, malacoides. literatuur Braun (1998a).

Ovularia geranii parasiet

Ovularia geranii Siemaszko, 1924 op Geranium parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 6-12 x 14-2 µm, ongespeteerd. waardplanten Geraniaceae, monofaag Geranium palustre. synoniemen Ramularia pseudogeranii Braun, 1998. literatuur Braun (1998a).

Ramularia corydalina parasiet

Ramularia corydalina Braun, Chevassut & Pelicier, 1998 op Corydalis parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 2-5 x 10-55 µm, 0-3 septen. waardplanten Papaveraceae, monofaag Corydalis solida. literatuur Braun (1998a).

Ramularia medicaginis parasiet

Ramularia medicaginis Bondartsev & Lebedev, 1914 op Medicago parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia enkel of in ketens, 3-6 x 5-30 µm, 0-2 septen. waardplanten Fabaceae, monofaag Medicago sativa. literatuur Braun (1998a).

Asteromella hederae parasiet

Asteromella hederae Massalongo, 1900 op Hedera parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 1 x 3-4 µm. waardplanten Araliaceae, monofaag Hedera helix. literatuur Ruszkiewicz-Michalska (2016a).

Phyllosticta acorella parasiet

Phyllosticta acorella Saccardo & Spegazzini, 1882 op Acorus parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 1 x 4 µm. waardplanten Acoraceae, monofaag Acorus calamus. synoniemen Asteromella acorella (Saccardo & Spegazzini) Rupprecht, 1959. literatuur Ruszkiewicz-Michalska (2016a).

Phyllostictaceae parasiet

Asteromella pleurospermi parasiet

Asteromella pleurospermi (Diedicke) Petrak, 1959 op Pleurospermum parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 1 x 4-5 µm. waardplanten Apiaceae, monofaag Pleurospermum austriacum. synoniemen Phyllosticta pleurospermi Diedicke, 1903. literatuur Mułenko, Sałata & Wołczańska (1995a), Ruszkiewicz-Michalska (2016a).

Asteromella huubii parasiet

Asteromella huubii Ruszkiewicz-Michalska, 2016 op Angelica parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 1 x 4-6 µm. waardplanten Apiaceae, monofaag Angelica sylvestris. synoniemen Phyllosticta angelicae Saccardo, 1882. literatuur Grove (1935a: 5), Ruszkiewicz-Michalska (2016a).

Asteromella cicutae parasiet

Asteromella cicutae (Lind) van der Aa, 2002 op Cicuta parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 1 x 4-5 µm. waardplanten Apiaceae, monofaag Cicuta virosa. literatuur Ruszkiewicz-Michalska (2016a).

Asteromella chaerophylli parasiet

Asteromella chaerophylli (Massalongo) Petrak, 1940 op Chaerophyllum, Heracleum parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 1 x 2-3 µm. waardplanten Apiaceae, oligofaag Chaerophyllum aromaticum; Heracleum sphondylium & subsp. sibiricum. literatuur Jage, Scholler & Klenke (2010a), Ruszkiewicz-Michalska (2016a).

Asteromella adoxicola parasiet

Asteromella adoxicola (Lasch) Ruszkiewicz-Michalska, 2016 op Adoxa parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 1 x 5-6 µm. waardplanten Adoxaceae, monofaag Adoxa moschatellina. synoniemen Phyllosticta adoxae Seaver, 1922. literatuur Ruszkiewicz-Michalska (2016a).

Asteromella platanoidis parasiet

Asteromella platanoidis (Saccardo) Petrak, 1925 op Acer parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 1 x 3-4 µm. waardplanten Sapindaceae, monofaag Acer campestre, negundo, platanoides, pseudoplatanus, tataricum. synoniemen Phyllosticta platanoidis Saccardo, 1879; Ph. tambowiensis Bubák & Serebrian, 1912. literatuur Grove (1935a: 3/4), Ruszkiewicz-Michalska (2016a).

Asteromella maculiformis parasiet

Asteromella maculiformis (Saccardo) Petrak, 1929 op loofbomen parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 1 x 4-5 µm. waardplanten polyfaag Alnus incana; Betula humilis, pendula, pubescens; Castanea sativa; Corylus colurna; Fagus sylvatica; Fraxinus americana; Quercus ilex. Rhus typhina. synoniemen Phyllosticta betulae Oudemans, 1902; Ph. betulina Saccardo, 1884; Ph. bresadolae Saccardo & Saccardo, 1905; Ph. maculiformis Saccardo, 1882. […]

Glomerellaceae parasiet

Ramularia australis parasiet

Ramularia australis Saccardo, 1911 op Ceratonia parasiet Bladvlekken met caespituli. Condia in ketens, 2-3 x 6-15 µm, ongesepteerd. waardplanten Fabaceae, monofaag Ceratonia siliqua. literatuur Braun (1998a).

Ramularia bornmuelleriana parasiet

Ramularia bornmuelleriana (Magnus) Braun, 1988 op Onobrychis parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 7-12 x 10-22 µm, ongesepteerd. waardplanten Fabaceae, monofaag Onobrychis tournefortii. literatuur Braun (1998a).

Ramularia coryli parasiet

Ramularia coryli Chevassut, 1998 op Corylus parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 3-4 x 10-28 µm, 0-1 sept. waardplanten Betulaceae, monofaag Corylus avellana. literatuur Braun (1998a).

Ramularia stolonifera parasiet

Ramularia stolonifera Ellis & Everhart, 1891 op Cornus parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 3-5 x 8-25 µm, 0-2 septen. waardplanten Cornaceae, monofaag Cornus sanguinea. literatuur Braun (1998a).

Ramularia silenes-procumbentis parasiet

Ramularia silenes-procumbentis Karakulin, 1915 op Silene parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 4-8 x 15-30 µm, 0-1 sept. waardplanten Caryophyllaceae, monofaag Silene procumbens. literatuur Braun (1998a).

Asteromella parasiet

Schimmels van het genus Asteromella worden thans meestal opgevat als sperma- of microconidia-vormen van het verzamel-genus Mycosphaerella (Ruszkiewicz-Michalska, 2016a).

Cylindrosporella padi parasiet

Cylindrosporella padi (de Candolle) Arx, 1957 op Prunus parasiet Bladvlekken met acervuli. Conidia 3-4 x 11-15 µm. waardplanten Rosaceae, monofaag Prunus padus. synoniemen Asteroma padi de Candolle, 1815. literatuur Brandenburger (1985a: 267), Ruszkiewicz-Michalska, Bałazy, Chełkowski, ao (2015a).

Cylindrosporella parasiet

Sphaerulina frondicola parasiet

Sphaerulina frondicola (Fries) Verkley, Quaedvlieg, & Crous, 2013 op Populus parasiet Bladvlekken met acervuli. Conidia 2-3 x 5-9 µm, vaak aaneen versmolten tot een 24 µm lange keten. waardplanten Salicaceae, monofaag Populus nigra, tremula. synoniemen Asteroma frondicola (Fries) Morelet 1978. literatuur Brandenburger (1985a: 40), Ruszkiewicz-Michalska, Bałazy, Chełkowski, ao (2015a), Verkley, Quaedvlieg, Shin & Crous (2013a).

Ascochyta verbascina parasiet

Ascochyta verbascina von Thümen, 1880 op Verbascum, Veronica, etc. parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 2-3 x 6-10 µm, 0-1 sept. waardplanten polyfaag Rhinanthus minor; Scutellaria altissima; Verbascum blattaria, densiflorum, lychnitis, nigrum, sinuatum; Veronica beccabunga, chamaedrys, officinalis, urticifolia. literatuur Połeć & Ruszkiewicz-Michalska (2011a), Ruszkiewicz-Michalska (2006a).

Ascochyta sonchi parasiet

Ascochyta sonchi (Saccardo) Grove, 1922 op Asteraceae parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 3-4 x 6-11 µm, 1-2 septen. waardplanten Asteraceae, oligofaag Achillea millefolium; Arctium minus; Cirsium arvense, helenioides; Farfugium japonicum; Galinsoga parviflora; Inula britannica, comyae; Onopordum acanthium; Sonchus arvensis, asper, oleraceua. synoniemen Phyllosticta sonchi Saccardo, 1878. literatuur Losa España (1944a), Połeć & Ruszkiewicz-Michalska (2011a).

Ascochyta sodalis parasiet

Ascochyta sodalis Naumov, 1935 op Plantago parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 3 x 7-10 µm, 1 sept. waardplanten Plantaginaceae, monofaag Plantago aristata, cornutii, depressa, major & subsp. intermedia, media, rugelii. literatuur Połeć & Ruszkiewicz-Michalska (2011a).

Ascochyta leonuri parasiet

Ascochyta leonuri Ellis & Dearness, 1897 op Mentha, etc. parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 3-4 x 10-16 µm, 0-1 sept. waardplanten Lamiaceae, oligofaag Lamium maculatum; Leonurus cardiaca; Mentha arvensis, longifolia, x piperita, x verticillata; Nepeta cataria, nuda, racemosa. literatuur Połeć & Ruszkiewicz-Michalska (2011a).

Ascochyta vitalbicola parasiet

Ascochyta vitalbicola Maire, 1937 op Clematis parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 5-6 x 15-18 µm. waardplanten Ranunculaceae, monofaag Clematis vitalba. literatuur Brandenburger (1985a: 142), Połeć & Ruszkiewicz-Michalska (2011a).

Ascochyta savulescui parasiet

Ascochyta savulescui Rădulescu & Negru, 1959 op Thalictrum parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 7-10 x 18-26 µm. waardplanten Ranunculaceae, monofaag Thalictrum minus. literatuur Brandenburger (1985a: 157), Połeć & Ruszkiewicz-Michalska (2011a).

Ascochyta patagonica parasiet

Ascochyta patagonica Spegazzini, 1880 op Aconitum, etc. parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 3-4 x 8-10 µm. waardplanten Ranunculaceae, oligofaag Aconitum lycoctonum & subsp. septentrionale; Aquilegia. literatuur Brandenburger (1985a: 134), Połeć & Ruszkiewicz-Michalska (2011a).

Ascochyta vodakii parasiet

Ascochyta vodakii Bubák, 1907 op Hepatica parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 4-6 x 13-22 µm. waardplanten Ranunculaceae, monofaag Hepatica nobilis. literatuur Brandenburger (1985a: 147), Unamuno (1942a).

Ascochyta lacontiana parasiet

Ascochyta lacontiana Mel’nik, 1971 op Hepatica, etc. parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 5-6 x 10-15 µm. waardplanten Ranunculaceae, oligofaag Clematis alpina & subsp. sibirica; Hepatica nobilis; Ranunculus thora. synoniemen Ascochyta dolomitica Kabát & Bubák, 1904. literatuur Połeć & Ruszkiewicz-Michalska (2011a), Ruszkiewicz-Michalska (2006a).

Ascochyta aconitana parasiet

Ascochyta aconitana Mel’nik, 1971 op Aconitum parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 5-6 x 10-15 µm. waardplanten Ranunculaceae, monofaag Aconitum moldavicum. literatuur Brandenburger (1985a: 134), Połeć & Ruszkiewicz-Michalska (2011a).

Ascochyta aquilegiae parasiet

Ascochyta aquilegiae (Roumeguère & Patouillard) Saccardo, 1884 op Aquilegia, Delphinium parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 4-6 x 10-20 µm. waardplanten Ranunculaceae, oligofaag Aquilegia; Delphinium. literatuur Brandenburger (1985a: 139), Połeć & Ruszkiewicz-Michalska (2011a).

Stagonosporopsis actaeae parasiet

Stagonosporopsis actaeae (Allescher) Diedicke, 1912 op Actaea, etc. parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 5-7 x 12-28 µm, 1-2 septen. waardplanten Ranunculaceae, oligofaag Aconitum; Actaea; Delphinium. synoniemen Door Brandenburger gesynonymiseerd met Marssonia actaeae, maar dat wordt niet overgenomenin MycoBank (2022). literatuur Brandenburger (1985a: 135).

Stagonosporopsis parasiet

Marssonia actaeae parasiet

Marssonia actaeae (Bresadola) Magnus, 1906 op Actaea, etc. parasiet Bladvlekken met pycnidia. waardplanten Ranunculaceae, monofaag Actaea racemosa, rubra, spicata; Delphinium elatum; Thalictrum flavum, minus. synoniemen Ascochyta actaeae (Bresadola) Davis, 1919. Zie ook Stagonosporopsis actaeae. literatuur Połeć & Ruszkiewicz-Michalska (2011a), Ruszkiewicz-Michalska (2006a).

Marssonia parasiet

Dermateaceae parasiet

Leotiomycetidae parasiet

Longididymella vitalbae parasiet

Longididymella vitalbae (Briard & Hariot) Hou, Cai & Crous, 2020 op Clematis parasiet Bladvlekken met pycnidia. waardplanten Ranunculaceae, monofaag Clematis recta, vitalba. synoniemen Ascochytella vitalbae (Briard & Hariot) Diedicke. literatuur Połeć & Ruszkiewicz-Michalska (2011a).

Longididymella parasiet

Ascochyta infuscans parasiet

Ascochyta infuscans Ellis & Everhart, 1889 op Anemone, etc. parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 4 x 9-26 µm, 1 sept. waardplanten Ranunculaceae, oligofaag Anemone nemorosa, ranunculoides, sylvestris; Clematis vitalba; Helleborus odorus; Pulsatilla vulgaris; Ranunculus abortivus. literatuur Brandenburger (1985a: 137), Połeć & Ruszkiewicz-Michalska (2011a).

Diplodina euphrasiae parasiet

Diplodina euphrasiae (Oudemans) Allescher, 1900 op Euphrasia, etc. parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 3-4 x 9-13 µm, 1-2 septen. waardplanten polyfaag Digitalis grandiflora; Antirrhinum majus; Euphrasia; Linaria vulgaris; Scrophularia nodosa. synoniemen Ascochyta euphrasiae Oudemans, 1898. literatuur Połeć & Ruszkiewicz-Michalska (2011a).

Diplodina parasiet

Gnomoniaceae parasiet

Diaporthomycetidae parasiet

Ascochyta equiseti parasiet

Ascochyta equiseti (Desmazières) Grove, 1918 op Equisetum parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 3-4 x 10-13 µm, 1 sept. waardplanten Equisetaceae, monofaag Equisetum arvense, fluviatile, hyemale, palustre. literatuur Ellis & Ellis (1997a), Połeć & Ruszkiewicz-Michalska (2011a), Ruszkiewicz-Michalska, Bałazy, Chełkowski, ao (2015a).

Ascochyta doronici parasiet

Ascochyta doronici Allescher, 1897 op Asteraceae parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 3-4 x 10-13 µm, 1 sept. waardplanten Asteraceae, oligofaag Achillea millefoliuma; Artemisia vulgaris; Homogyne alpina; Pilosella onegensis; Taraxacum officinale. literatuur Grove (1935a: 7), Połeć & Ruszkiewicz-Michalska (2011a), Ruszkiewicz-Michalska (2006a).

Ascochyta daturae parasiet

Ascochyta daturae Saccardo, 1878 op Solanum, etc. parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia 3-4 x 8-10 µm, 1 sept. waardplanten Solanaceae, oligofaag Physalis alkekengi; Solanum dulcamara. literatuur Połeć & Ruszkiewicz-Michalska (2011a).

Ascochyta bondarceviana parasiet

Ascochyta bondarceviana Mel’nik, 1975 op Ribes parasiet Bladvlekken met pycnidia. Conidia elliptisch, 5 x 10-13 µm, 0-2 septen. waardplanten Grossulariaceae, monofaag Ribes nigrum, rubrum, uva-crispa. literatuur Połeć & Ruszkiewicz-Michalska (2011a).

Didymellaceae parasiet

Ramularia saximontanensis parasiet

Ramularia saximontanensis Solheim, 1943 op Clematis parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 3-5 x 15-45 µm, 0-p sept. waardplanten Ranunculaceae, monofaag Clematis vitalba. literatuur Braun (1998), Raditienė (2002a).

Ramularia origanicola parasiet

Ramularia origanicola Chevassut, 1992 op Origanum parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair of in ketens, 1-2 x 15-30 µm, 0-3 septen. waardplanten Lamiaceae, monofaag Origanum vulgare. literatuur Braun (1998a), Raditienė (2002a).

Phaeoramularia weigelicola parasiet

Phaeoramularia weigelicola Braun & Shin, 1996 op Weigela parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 2-4 x 6-25 µm, 0-1 sept. waardplanten Caprifoliaceae, monofaag Weigela florida. literatuur Braun (1998a).

Passalora minutissima parasiet

Passalora minutissima (Desmazières) Braun & Crous, 2003 op Geranium parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair of in korte ketens, 3-7 x 20-50 µm, 1 sept. waardplanten Geraniaceae, monofaag Geranium molle, sanguineum, sylvaticum. synoniemen Phaeoramularia minutissima (Desmazières) Braun, 1992. literatuur Braun (1998a), Świderska-Burek (2007a, 2015a).

Passalora actaeae parasiet

Passalora actaeae (Ellis & Holway) Braun & Crous, 2003 op Actaea parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 3-6 x 12-40 µm, 0-1 sept. waardplanten Ranunculaceae, monofaag Actaea europaea, spicata. synoniemen Phaeoramularia actaeae (Elis & Holway) Braun, 1993; Ramularia actaeae Ellis & Holway. 1885. literatuur Brandenburger (1985a: 135), Braun (1995a), Świderska-Burek (2015a).

Ramularia lonicerae parasiet

Ramularia lonicerae Voglino, 1904 op Lonicera parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 2-5 x 10-28 µm, 0-1 sept. waardplanten Caprifoliaceae, monofaag Lonicera alpigena, nigra, tatarica. literatuur Braun (1998a).

Ramularia campanulae-barbatae parasiet

Ramularia campanulae-barbatae Jaap & Lindau, 1906 op Campanula parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 2-3 x 20-35 µm, 0-2 septen. waardplanten Campanulaceae, monofaag Campanula barbata. literatuur Braun (1998a).

Ramularia cylindroides var. angustispora parasiet

Ramularia cylindroides var. angustispora Braun & Chevassut, 1993 op Pulmonaria parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 1-4 x 4-15 µm, 0-1 sept. waardplanten Boraginaceae, monofaag Pulmonaria officinalis. literatuur Braun (1998a).

Ramularia tecta parasiet

Ramularia tecta Braun, Chevassut & Pelicier, 1994 op Symphytum parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 2-3 x 4-15, 0-1 sept. waardplanten Boraginaceae, monofaag Symphytum officinale. literatuur Braun (1998a).

Ramularia alnicola var. multiseptata parasiet

Ramularia alnicola var. multiseptata Braun, 1998 op Alnus parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 2-4 x 8-22 µm, 1-3 septen. waardplanten Betulaceae, monofaag Alnus incana. literatuur Braun (1998a).

Ramularia anthemidis parasiet

Ramularia anthemidis Hollós, 1907 op Anthemis, Cota parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 4-6 x 15-25, 0-1 sept. waardplanten Asteraceae, oligofaag Anthemis arvensis, cotula, rothenica; Cota macrantha, tinctoria. literatuur Braun (1998a).

Ramularia achilleae-millefolii parasiet

Ramularia achilleae-millefolii Braun & Rogerson, 1993 op Achillea parasiet Bladvlekken (necrotische bladslippen) met caespituli. Conidia solitair of in korte ketens, 3-5 x 8-22 µm, 0-1 sept. waardplanten Asteraceae, monofaag Achillea millefolium. literatuur Braun (1998a).

Tretovularia villiana parasiet

Tretovularia villiana (Magnus) Deighton,1984 op Vicia parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidioforen sterk knievormig-bochtig. Conidia enkel, 8-13 x 10-16 µm,, ongesepteerd. waardplanten Fabaceae, monofaag Vicia cassubica. literatuur Braun (1998a), Jage, Klenke, Kruse ao (2016a).

Tretovularia parasiet

Neoramularia karelii parasiet

Neoramularia karelii (Bremer & Petrak) Braun, 1993 op Vitex parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 3-5 x 15-25 µm, 0-1 sept. waardplanten Lamiaceae, monofaag Vitex agnus-castus. literatuur Braun (1998a), Ruszkiewicz-Michalska & Wołczańska (2008a).

Neoramularia oxytropidis parasiet

Neoramularia oxytropidis (Jaczewski) Braun, 1994 op Oxytropis parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 2-5 x 12-32 µm, 0-1 sept. waardplanten Fabaceae, monofaag Oxytropis pilosa. literatuur Braun (1998a), Ruszkiewicz-Michalska & Wołczańska (2008a).

Neoramularia rubi parasiet

Neoramularia rubi (Bubák) Braun, 1993 op Rubus parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 2-7 x 6-18 µm, 0-1 sept. waardplanten Rosaceae, monofaag Rubus caesius, idaeus. literatuur Braun (1998a), Ruszkiewicz-Michalska & Wołczańska (2008a).

Neoramularia kochiae parasiet

Neoramularia kochiae (Woronichin) Braun, 1998 op Bassia parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 3-7 x 12-25 µm, 1 sept. waardplanten Amaranthaceae, monofaag Bassia. literatuur Braun (1998a), Ruszkiewicz-Michalska & Wołczańska (2008a).

Neoramularia phragmitis parasiet

Neoramularia phragmitis (Nagorny) Braun, 1993 op Phragmites parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia enkel of in korte ketens, 2-6 x 10-35 µm, 0-3 septen. waardplanten Poaceae, monofaag Phragmites australis. literatuur Braun (1998a), Ruszkiewicz-Michalska & Wołczańska (2008a).

Neoovularia vogeliana parasiet

Neoovularia vogeliana (Saccardo & Sydow) Braun, 1992 op Colutea parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 8-14 x 9-16 µm. waardplanten Fabaceae, monofaag Colutea arborescens. literatuur Braun (1998a).

Ramularia veronicicola parasiet

Ramularia veronicicola Videira & Crous, 2016 op Veronica parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidioforen in een compacte bundel. Conidia solitair of in ketens, 2-5 x 8-16 µm, ongesepteerd. waardplanten Plantaginaceae, monofaag Veronica austriaca, bachofenii, chamaedrys, incana, longifolia, spuria. synoniemen Phacellium veronicae (Passerini) Braun, 1990. literatuur Braun (1998a).

Cladosporium salcis-sitchensis parasiet

Cladosporium salcis-sitchensis Dearness & Bartholomew, 1924 op Salix parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidioforen in een losse bundel, 2-4 x 20-180 µm. Conidia 3-8 x 10-35, 0-1 sept. waardplanten Salicaceae, monofaag Salix glabra, hastata. synoniemen Phacellium salicinum var. tirolense (Bubak & Kabat) Braun, 1993. literatuur Braun (1998a).

Ramulaspera salicina parasiet

Ramulaspera salicina (Vestergren) Lindroth, 1902 op Salix parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidioforen in een compacte bundel. Conidia ± solitair, 3-7 x 9-20 µm, ongespepteerd waardplanten Salicaceae, monofaag Salix caprea, cinerea, glauca, hastata, myrsinifolia, purpurea. synoniemen Phacellium salicinum (Vestergren) Braun, 1990. literatuur Braun (1998a).

Ramulaspera parasiet

Phacellium bulbigerum parasiet

Phacellium bulbigerum (Fuckel) Braun, 1990 op Sanguisorba parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidioforen in een compacte bundel. Conidia meestal solitair, 6-10 x 10-15 µm, ongesepteerd. waardplanten Rosaceae, monofaag Sanguisorba minor. literatuur Braun (1998a), Jage, Kruse, Kummer, ao (2013a).

Harpographium volkartianum parasiet

Harpographium volkartianum Magnus, 1905 op Potentilla Potentilla aurea uit Magnus. (3-4: top van de conidioforen; 5: conidia). parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidioforen in een compacte bundel. Conidia solitair of in ketens, 3-8 x 12-22 µm, ongesepteerd. waardplanten Rosaceae, monofaag Potentilla aurea. synoniemen Phacellium volkartianum (Magnus) Braun, 1993. literatuur Braun (1998a), Magnus (1905a), Mułenko, Sałata & […]

Phacellium geranii parasiet

Phacellium geranii (Voglino) Braun, 1993 op Geranium parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidioforen in een compacte bundel. Conidia in ketens, 4-7 x 12-28 µm, ongesepteerd. waardplanten Geraniaceae, monofaag Geranium molle. literatuur Braun (1998a).

Ramularia buphthalmi parasiet

Ramularia buphthalmi Allescher, 1897 op Buphthalmum parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 2-3 x 10-30 µm, 0-1 sept. waardplanten Asteraceae, monofaag Buphthalmum salicifolium. literatuur Braun (1998a).

Ramularia centaureae-jaceae parasiet

Ramularia centaureae-jaceae Braun, 1993 op Centaurea parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 2-5 x 5-26 µm, 0-1 sept. waardplanten Asteraceae, monofaag Centaurea jacea, phrygia subsp. pseudophrygia, scabiosa. literatuur Braun (1998a).

Ramularia islandica parasiet

Ramularia islandica Jørstad, 1963 op Erigeron parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 1-3 x 15-35 µm, 0-3 septen. waardplanten Asteraceae, monofaag Erigeron borealis. literatuur Braun (1998a).

Ramularia crupinae parasiet

Ramularia crupinae Dianese, Hasan & Sobhian, 1996 op Crupina parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidioforen in bundels. Conidia inketens, 1-2 x 12-40 µm, 0-3 septen. waardplanten Asteraceae, monofaag Crupina vulgaris. literatuur Braun (1998a).

Ramularia serratulina parasiet

Ramularia serratulina Chevassut, 1992 op Serratula parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 1-2 x 6-26 µm, 0-3 septen. waardplanten Asteraceae, monofaag Serratula tinctoria. literatuur Braun (1998a).

Ramularia arnicalis-montanae parasiet

Ramularia arnicalis-montanae Braun, 1994 op Arnica parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 2-5 x 6-18 µm, 0-1 sept. waardplanten Asteraceae, monofaag Arnica montana. literatuur Braun (1969a.

Ramularia callistephi parasiet

Ramularia callistephi Vimba, 1968 op Callistephus parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 2-5 x 7-18 µm, 0-1 sept. waardplanten Asteraceae, monofaag Callistephus chinensis. literatuur Braun (1969a).

Ramularia xanthii parasiet

Ramularia xanthii Lobik, 1928 op Xanthium parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia enkel of in ketens, 3-4 x 10-20 µm, ongesepteerd. waardplanten Asteraceae, monofaag Xanthium strumarium. literatuur Braun (1998a).

Ramularia chamaepeucis parasiet

Ramularia chamaepeucis Ranojević, 1914 op Ptilostemon parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 4-7 x 15-30 µm, 0-1 sept. waardplanten Asteraceae, monofaag Ptilostemon afer. literatuur Braun (1998a).

Phacellium carneum parasiet

Phacellium carneum (Oudemans) Braun, 1990 op Lathyrus parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidioforen in een compacte bundel. Conidia enkel, 5-8 x 8-20, ongesepteerd. waardplanten Fabaceae, monofaag Lathyrus pratensis. literatuur Braun (1998a), Kruse (2014a, 2019a).

Phacellium ligulariae parasiet

Phacellium ligulariae (Săvulescu & Sandu) Braun, 1993 op Ligularia parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidioforen in een compacte bundel. Conidia in ketens, 2-4 x 6-20 µm, ongesepteerd. waardplanten Asteraceae, monofaag Ligularia sibirica. literatuur Braun (1998a).

Ramularia vossiana parasiet

Ramularia vossiana von Thümen, 1879 op Cirsium parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 3-7 x 5-20 µm, ongesepteerd. waardplanten Asteraceae, monofaag Cirsium arvense, erisihales, oleraceum, polonicum. synoniemen Phacellium vossianum (von Thümen) Braun, 1990. literatuur Braun (1998a, 2009a).

Ramulariopsis gossypii parasiet

Ramulariopsis gossypii (Spegazzini) Braun, 1993 op Gossypium parasiet Kleine bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 3-5 x 15-40 µm, 0-3 septen. waardplanten Malvaceae, monofaag Gossypium. literatuur Braun (1998a).

Ramulariopsis parasiet

Passalora ramularioides parasiet

Passalora ramularioides (Saccardo & Fautrey) Braun, 2000 op Leersia parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidioforen enkel of in kleine bundels. Conidia meest solitair, 3-6 x 15-30 µm, (0-)1-sept, bijna hyalien tot olijfbruin, glad. waardplanten Poaceae, monofaag Leersia oryzoides. literatuur Braun (2000a).

Fusicladiella bicolor parasiet

Fusicladiella bicolor (Massalongo) Braun, 2000 op Chaerophyllum parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidioforen 8 x 10 µm, conidia bleek, 8-10 x 10 x 40 µm. waardplanten Apiaceae, monofaag Chaerophyllum hirsutum. literatuur Braun (2000a).

Fusicladiella parasiet

Pseudocercospora veronicicola parasiet

Pseudocercospora veronicicola (Karsten) Wu, Sutton & Gange, 1996 op Veronica parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia kleurloos, klein, Ramularia-achtig, 1 sept. waardplanten Plantaginaceae, monofaag Vincetoxicum hirundinaria. synoniemen Entylomella veronicicola (Karsten) Braun, 2000. literatuur Braun (2000a).

Exobasidiomycetidae parasiet

Ramularia bulgarica parasiet

Ramularia bulgarica Bubák & Picbauer, 1937 op Rumex parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 2-4 x 6-45 µm, 0-2 septen. waardplanten Polygonaceae, monofaag Rumex alpinus. literatuur Brandenburger (1985a: 91), Braun (1998a).

Ramularia prenanthis parasiet

Ramularia prenanthis Jaap, 1906 op Prenanthes parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 2-6 x 8-22 µm, 0-1 sept. waardplanten Asteraceae, monofaag Prenanthes purpurea. literatuur Braun (1998a).

Ramularia periplocae parasiet

Ramularia periplocae Vanev, 1992 op Periploca parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 2-3 x 17-33 µm, 0-3 septen. waardplanten Apocynaceae, monofaag Periploca graeca. literatuur Braun (1998a).

Ramularia vincetoxici parasiet

Ramularia vincetoxici Bresadola, 1920 op Vincetoxicum parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 3-7 x 9-13, ongesepteerd. waardplanten Apocynaceae, monofaag Vincetoxicum hirundinaria. literatuur Braun (1998a).

Ramularia botrychii parasiet

Ramularia botrychii Lindroth, 1902 op Botrychium parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 3-4 x 10-24, 0-1 sept. waardplanten Ophioglossaceae, monofaag Botrychium lunaria. literatuur Brandenburger (1985a: 3),Braun (1998a).

Ramularia uredinicola parasiet

Ramularia uredinicola Khodaparast & Braun 2005 parasiet Parastiteert in de uredinia van Melampsora. Conidia in ketens, 2-5 x 4-15 µm, 0-2 sept. waardplanten Salicaceae, monofaag Salix babylonica. literatuur Khodaparast & Braun (2005a).

Neoramularia bidentis parasiet

Neoramularia bidentis Shin & Braun, 1993 op Bidens parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia 4-5 x 14-30 µm, 0-1 sept. waardplanten Asteraceae, monofaag Bidens frondosus, tripartitus. literatuur Andrianova (2020a), Braun (1998a), Ruszkiewicz-Michalska & Wołczańska (2008a).

Neoramularia parasiet

Ramularia vincae parasiet

Ramularia vincae Saccardo, 1882 op Vinca parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 2-4 x 10-33 µm, 0-2 septen. waardplanten Apocynaceae, monofaag Vinca difformis, major. literatuur Braun (1998a), Braun, Shin, Takamatsu ao (2019a).

Ramularia chelidonii parasiet

Ramularia chelidonii (Jaczewski) Karakulin, 1937 op Chelidonium parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 4-7 x 15-35 µm, 0-1 sept. waardplanten Papaveraceae, monofaag Chelidonium majus. literatuur Brandenburger (1985a: 172), Braun (1998a).

Ramularia theicola parasiet

Ramularia theicola Curzi, 1926 op Camellia parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 1-2 x 5-15 µm, 0-1 sept. waardplanten Theaceae, monofaag Camellia sinensis. literatuur Brandenburger (1985a: 170), Braun (1998a).

Stenella parasiet

Teratosphaeriaceae parasiet

Cladosporiaceae parasiet

Cladosporiales parasiet

Ramularia silenicola parasiet

Ramularia silenicola Massalongo, 1889 op Silene parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 3-7 x 8-20 µm, ongesepteerd. waardplanten Caryophyllaceae, monofaag Silene pendula, vulgaris. literatuur Brandenburger (1985a: 113), Braun (1998a).

Ramularia angustissima parasiet

Ramularia angustissima Saccardo, 1881 op Cornus parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 1-3 x 6-25 µm, 0-1 sept. waardplanten Cornaceae, monofaag Cornus sanguinea & subsp. australis. literatuur Braun (1998a), Unamuno (1943a).

Ovularia serratulae parasiet

Ovularia serratulae Saccardo, 1881 op Serratula parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 3-6 x 7-15 µm, ongesepteerd. waardplanten Asteraceae, monofaag Serratula tinctoria. synoniemen Ramularia serratulae (Saccardo) Maia, 1960. literatuur Braun (1998a), Unamuno (1943a) .

Lembosinaceae parasiet

Ramularia dianthi parasiet

Ramularia dianthi Lindau, 1906 op Dianthus parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 3-5 x 15-30 µm, 0-1 sept. waardplanten Caryophyllaceae, monofaag Dianthus armeria, carthurianorum. literatuur Brandenburger (1985a: 107), Braun (1998a).

Plectosphaerellaceae parasiet

Hypocreomycetidae parasiet

Ramularia jaczevskii parasiet

Ramularia jaczevskii (Negrean & Vlad) Braun, 1998 op Populus, Salix parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 2-4 x 18-25 µm, 0-3 septen. waardplanten Salicaceae, oligofaag Populus tremula; Salix alba, caprea, cinerea, daphnoides, x fragilis, hastata, petandra, purpurea, silesiaca, triandra, viminalis. synoniemen Ovularia jaczevskii Negru & Vlad, 1962. literatuur Brandenburger (1985a: 45), Braun (1998a).

Ramularia brunnea parasiet

Ramularia brunnea Peck, 1878 op Tussilago parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 2-4 x 10-40 µm, 0-3 septen. waardplanten Asteraceae, monofaag Tussilago farfara. literatuur Bakhshi (2018a), Braun (1998a), Kozłowska, Mułenko & Heluta (2015a).

Ramularia alpina parasiet

Ramularia alpina (Massalongo) Nannfeldt, 1950 op Alchemilla parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 4-7 x 9-25 µm, 0(2) septen. waardplanten Rosaceae, monofaag Alchemilla alpina, conjuncta, hoppeana, nirida, pentaphyllea. literatuur Bakhshi (2018a), Braun (1998a), Jage, Scholler & Klenke (2010a), Poelt & Fritz-Schroeder (1983a).

Ramularia gratiolae parasiet

Ramularia gratiolae Braun & Scheuer, 2008 op Gratiola parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 2-3 x 10-30, ongesepteerd. waardplanten Plantaginaceae, monofaag Gratiola officinalis. literatuur Braun & Scheuer (2008a), Scheuer & Bechter (2012a).

Ramularia celastri parasiet

Ramularia celastri Ellis & Martin, 1882 op Euonymus parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in keten, 2-5 x 8-35 µm, 0-2 septen. waardplanten Celastraceae, monofaag Euonymus europaeus. literatuur Braun (1998a), Ruszkiewicz-Michalska & Połeć (2014a).

Phaeosphaeriaceae parasiet

Ramularia uredinearum parasiet

Ramularia uredinearum Hulea, 1939 parasiet Hyperparasiet op roest-schimmels. Conidia in ketens, 3-5 x 9-24 µm, 0-1 sept. Arthuriomyces peckianus; Puccinia aegopodii, cerinthes-agropyrina, xanthii. waardplanten polyfaag Aegopodium podagraria; Cerinthe minor; Xanthium orientale. literatuur Bartkowska (2007b), Braun (1998a), Wołczańska (2005a).

Ramularia uredinis parasiet

Ramularia uredinis (Voss) Saccardo, 1886 parasiet Conidia in ketens, 2-4 x 5-16 µm, 0-1 sept. Parasiteert op de roest-schimmels: Cronartium flaccidum, ribicola; Melampsora hypericorum, populnea; Melampsoridium betulinum; Pucciniastrum. waardplanten polyfaag Betula humilis; Hypericum; Populus balsamifera, nigra; Ribes nigrum; Urtica; Vaccinium vitis-idaea. literatuur Adamska (2005b), Bartkowska (2007b), Brandenburger (1985a: 78), Braun (1998a), Wołczańska (2005a) .

Ramularia sparganii parasiet

Ramularia sparganii Rostrup, 1883 op Sparganium parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 2-3 x 8-30 µm, 0-1 sept. waardplanten Typhaceae, monofaag Sparganium angustifolium, emersum, erectum, glomeratum. literatuur Braun (1998a), Wołczańska (2005a).

Ramularia pusilla parasiet

Ramularia pusilla Unger, 1833 op grassen parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia enkel, 5-10 x 6-18 µm, ongesepteerd. waardplanten Poaceae, oligofaag Agrostis capillaris, mertensii subsp. borealis; Avenella flexuosa; Avenula pubescens; Bromopsis erecta subsp. transsilvanica, inermis; Calamagrostis canescens, epigeios, purpurea, Cinna latifolia; Cynosurus cristatus; Dactylis glomerata; Deschampsia cespitosa; Elytrigia repens; Festuca rubra; Hierochloe odorata; Hordeum vulgare; Lolium […]

Ramularia concomitans parasiet

Ramularia concomitans Ellis & Holway, 1888 op Bidens parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 3-6 x 22-30 µm, 0-1 sept. waardplanten Asteraceae, monofaag Bidens cernuus, tripartitus. literatuur Braun (1998a), Radaitienė (2002a), Ruszkiewicz-Michalska (2006a), Wołczańska (2005a) .

Ramularia asteris parasiet

Ramularia asteris (Phillips & Plowright) Bubák, 1908 op Aster, Tripolium parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 3-5 x 15-40 µm, 0-3 septen. waardplanten Asteraceae, oligofaag Aster amellus; Tripolium pannonicum subsp. tripolium. literatuur Braun (1998a), Wołczańska (2005a).

Ramularia jubatskana parasiet

Ramularia jubatskana (Saccardo) Braun, 1993 op Carduus, Cirsium parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia enkel, ± glad, 4-10 x 10-22, ongesepteerd. waardplanten Asteraceae, monofaag Carduus crispus, defloratus subsp. glaucus, personata; Cirsium eriophorum. synoniemen Ovularia conspicua Fautrey & Lambotte 1895; Ramularia cirsii-eriophori Braun, 1988. literatuur Blumer (1946a), Braun (1998a), Wołczańska (2005a).

Ramularia matricariae parasiet

Ramularia matricariae Antokolskaya, 1937 op Matricaria, etc. parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 3-5 x 10-28 µm, 0-1 sept. waardplanten Asteraceae, oligofaag Matricaria chamomilla, discoidea; Tripleurospermum inodorum. literatuur Braun (1998a), Wołczańska (2005a).

Pleosporaceae parasiet

Pleosporomycetidae parasiet

Peronosporomycetes parasiet

Pucciniomycetes parasiet

Ramularia crepidis parasiet

Ramularia crepidis Ellis & Everhart, 1888 op Crepis parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia ± solitair, 3-8 x 15-45 µm, 0-1 sept. waardplanten Asteraceae, monofaag Crepis biennis, foetida & subsp. rhoeadifolia, mollis, pannonica, setosa, tectorum, viscidula. literatuur Andrianova (2020a), Braun (1998a), Wołczańska (2005a).

Ramularia bartsiae parasiet

Ramularia bartsiae Johanson, 1884 op Bartsia parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 5-8 x 10-20 µm, ongesepteerd. waardplanten Orobanchaceae, monofaag Bartsia alpina. literatuur Braun (1998a), Wołczańska (2005a).

Ramularia atropae parasiet

Ramularia atropae Allescher, 1892 op Atropa parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 2-5 x 6-25 µm, 0-1 sept. waardplanten Solanaceae, monofaag Atropa bella-donna. literatuur Braun (998a), Jage, Scholler & Klenke (2010a), Pellicier (2001a), Wołczańska (2005a).

Ramularia marrubii parasiet

Ramularia marrubii Massalongo, 1889 op Marrubium, Sideritis parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 3-5 x 10-30 µm, 0-1 sept. waardplanten Lamiaceae, oligofaag Marrubium peregrinum, trachyticum, vulgare; Sideritis montana, romana. literatuur Bakhshi (2018a), Braun (1998a), Wołczańska (2005a).

Ramularia calcea parasiet

Ramularia calcea (Desmazières) Cesati, 1852 op Nonea, Symphytum parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 3-7 x 8-24 µm, ongesepteerd. waardplanten Boraginaceae, oligofaag Nonea pulla; Symphytum asperum, cordatum, officinale, orientale, tuberosum. literatuur Adamska (2005b), Béguinot & Chevassut (1993a), Braun (1998a), Kozłowska, Mułenko & Heluta (2015a), Wołczańska (2005a).

Ramularia echii parasiet

Ramularia echii Bondartsev, 1921 op Echium parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia meestal in ketens, 1-5 x 10-65 µm, 0-3 septen. waardplanten Boraginaceae, monofaag Echium italicum, vulgare. literatuur Braun (1998a), Wołczańska (2005a).

Ramularia galii parasiet

Ramularia galii Chevassut, 1992 op Galium parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 2-3 x 12-15 µm, 0-1 sept. waardplanten Rubiaceae, monofaag Galium aparine, mollugo, sylvaticum. literatuur Adamska (2005b), Braun (1998a), Braun, Piątek & Scheuer (2013a), Wołczańska (2005a).

Mycosphaerellaceae parasiet

Mycosphaerellales parasiet

Dothideomycetidae parasiet

Dikarya parasiet

Ramularia jaapiana parasiet

Ramularia jaapiana (Magnus) Braun, 1993 op Goniolimon, Limonium parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 3-5 x 15-40 µm, 1-3 septen. waardplanten Plumbaginaceae, oligofaag Goniolimon tataricum; Limonium gmelinii, humile, latifolium, narbonense, platyphyllum, vulgare. literatuur Braun (1998a), Wołczańska (2005a).

Ovularia minutissima parasiet

Ovularia minutissima Sydow, 1908 op Hypericum parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia enkel, 3-5 x 6-12 µm, ongesepteerd. waardplanten Hypericaceae, monofaag Hypericum maculatum, perforatum, tetrapterum. synoniemen Ramularia minutissima (Sydow) Braun, 1988. literatuur Brandenburger (1985a: 171), Braun (1998a), Wołczańska (2005a).

Ramularia keithii parasiet

Ramularia keithii Massee, 1893 op Althaea, Malva parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 4-7 x 10-35 µm, 0-2 septen. waardplanten Malvaceae, monofaag Althaea officinalis; Malva alcea, lusitanica, moschata, neglecta, thuringiaca. literatuur Braun (1998a), Wołczańska (2005a).

Ramularia deusta var. alba parasiet

Ramularia deusta var. alba Braun, 1993 op Lathyrus parasiet Bladvlekken met wittige caespituli. Conidia in ketens, 3-5 x 8-20 µm, 0-1 sept. waardplanten Fabaceae, monofaag Lathyrus hirsutus, odoratus. literatuur Braun (1998a), Wołczańska (2005a).

Ramularia spiraeae parasiet

Ramularia spiraeae Peck, 1881 op Physocarpus, Spiraea parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 2-5 x 6-25 µm, 0-1 sept. waardplanten Rosaceae, oligofaag Physocarpus opulifolius; Spiraea chamaedryfolia, salicifolia. literatuur Braun (1998a), Wołczańska (2005a).

Ramularia agrimoniae parasiet

Ramularia agrimoniae Saccardo, 1896 op Agrimonia parasiet Bladvlekken met caespituli. Conitia in ketens, 2-4 x 6-20 µm, 0-1 sept. waardplanten Rosaceae, monofaag Agrimonia eupatoria. literatuur Braun (1998a), Wołczańska (2005a).

Ramularia saxifragae parasiet

Ramularia saxifragae Sydow, 1899 op Saxifraga parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 2-4 x 5-25 µm, 0-1 sept. waardplanten Saxifragaceae, monofaag Saxifraga aizoides, granulata, hirsuta, pedemontana subsp. pedatifida, spathularis. literatuur Braun (998a), Brandenburger (985a: 218), Wołczańska (2005a).

Ramularia curvula parasiet

Ramularia curvula Fautrey, 1895 op Fagopyrum parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 4-5 x 14-27 µm, 1-3 septen. waardplanten Polygonaceae, monofaag Fagopyrum esculentum. literatuur Brandenburger (1985a: 82), Braun (1998a), Wołczańska (2005a).

Ramularia rumicis parasiet

Ramularia rumicis Kalchbrenner & Cooke, 1880 op Rumex parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia ± enkel, 5-8 x 12-40 µm, 0-3 septen. waardplanten Polygonaceae, monofaag Rumex acetosa, acetosella, aquaticus, confertus, conglomeratus, crispsus, x heterophyllus, hydrolapathum, longifolius. obtusifolius, patientia, pulcher, sanguineus, thyrsiflorus, trianguilivalvis. literatuur Adamska (2005b), Bakhshi (2018a), Brandenburger (1985a: 92), Braun (1998a), Wołczańska (2005a).

Ramularia fagopyri parasiet

Ramularia fagopyri Abramov, 1991 op Fagopyrum parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 2 x 6-25 µm, 0-1 sept. waardplanten Polygonaceae, monofaag Fagopyrum esculentum. literatuur Braun (1998a), Wołczańska (2005a).

Cylindrospora thesii parasiet

Cylindrospora thesii Schröter, 1897 op Thesium parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in keten, 4-6 x 12-30 µm, 0-1 sept. waardplanten Santalaceae, monofaag Thesium alpinum, bracteatum, linophyllon & subsp. montanum, pyrenaicum. synoniemen Ramularia thesii (Sydow) Saccardo, 1899. literatuur Brandenburger (1985a: 80), Braun (1998a), Wołczańska (2005a).

Cylindrospora parasiet

Ramularia filiformis parasiet

Ramularia filiformis Lindroth, 1902 op Pedicularis parasiet Bladvlekken met caespituli. Als Ramularia obducens, maar de conidioforen zijn langer, draadvormig. waardplanten Orobanchaceae, monofaag Pedicularis sylvatica. synoniemen Ramularia obducens var. filiformis (Lindroth) Braun, 1998. literatuur Braun (1998a).

Ramularia obducens parasiet

Ramularia obducens von Thümen, 1881 op Pedicularis parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 3-6 x 12-25 µm, 0-1 sept. waardplanten Orobanchaceae, monofaag Pedicularis foliosa, palustris, recutita, sylvatica, verticillata. literatuur Braun (1998a), Jage, Scholler & Klenke (2010a), Poelt & Fritz-Schroeder (1983a), Wołczańska (2005a).

Ramularia melampyri parasiet

Ramularia melampyri Ellis & Dearness, 1893 op Melampyrum parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 4-7 x 12-28 µm, 0-1 sept. waardplanten Orobanchaceae, monofaag Melampyrum arvense, barbatum, cristatum, nemorosum, pratense, sylvaticum. synoniemen Ramularia melampyrina Massalongo, 1900. literatuur Brandenburger (1985a: 568). Braun (198a), Negrean & Denchev (2000a), Poelt & Fritz-Schroeder (1983a), Ruszkiewicz-Michalska & Połeć (2014a).

Ramularia anagallidis parasiet

Ramularia anagallidis Lindroth, 1902 op Veronica parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia 2-6 x 9-36 µm, 0-1 sept. waardplanten Plantaginaceae, monofaag Veronica anagallis-aquatica. synoniemen Door Braun opgevat als synoniem van Ramularia beccabunga; volgens MycoBank (2022) echter een geldige soort. literatuur Brandenburger (1985a: 577), Braun (1998a), Poelt & Fritz-Schroeder (1983a), Unamuno (1943a).

Ramularia trollii parasiet

Ramularia trollii Iwanoff, 1900 op Trollius parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 2-4 x 25-45 µm, 0-4 septen. waardplanten Ranunculaceae, monofaag Trollius europaeus. literatuur Braun (1998a), Poelt & Fritz-Schroeder (1983a), Scheuer & Bechter (2012a).

Ramularia pulsatillae parasiet

Ramularia pulsatillae Hollós, 1910 op Anemone, Pulsatilla parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia vaak solitair, 3-5 x 15-35 µm, 0-1 sept. waardplanten Ranunculaceae, oligofaag Anemone nemorosa; Pulsatilla pratensis & subsp. nigricans. synoniemen Ramularia didyma var. pulsatillae (Hollós) Braun, 1998. literatuur Braun (1998a), Chater, Woods, Stringer, ao (2021a).

Ramularia cortusae parasiet

Ramularia cortusae Petrak, 1925 op Cortusa parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 2-4 x 7-30 µm, 0-1 sept. waardplanten Primulaceae, monofaag Cortusa matthioli. literatuur Braun (1998a), Mułenko & Wołczańska (2004a), Poelt & Fritz-Schroeder (1983a), Wołczańska (2005a).

Ramularia rigidula parasiet

Ramularia rigidula (Delacroix) Nannfeldt, 1950 op Polygonum parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia enkel, 4-8 x 9-20 µm, aseptaat. waardplanten Polygonaceae, monofaag Polygonum aviculare, maritimum. literatuur Braiun (1998a), Melzer, Pittoni, Poelt & Scheuer (1984a), Poelt & Fritz-Schroeder (1983a), Wołczańska (2005a).

Ramularia rumicis-scutati parasiet

Ramularia rumicis-scutati Allescher, 1900 op Rumex parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia 3-4 x 15-20 µm, 1 sept. waardplanten Polygonaceae, monofaag Rumex scutatus. opmerkingen Niet vermeld in de monografie van Braun (1998a). literatuur Bakhshi (2018a), Brandenburger (1985a: 92), Poelt & Fritz-Schroeder (1983a).

Ramularia polygalae parasiet

Ramularia polygalae (Schröter) Saccardo & Sydow, 1899 op Polygala parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 3-4 x 12-32 µm, 0-3 septen. waardplanten Polygalaceae, monofaag Polygala alpestris, amarella, comosa, cretacea, vulgaris. literatuur Blumer (1946a), Braun (1998a), Poelt & Fritz-Schroeder (1983a), Wołczańska (2005a).

Phaeoramularia parasiet

Zasmidium subsanguineum parasiet

Zasmidium subsanguineum (Ellis & Everhart) Braun, 2010 op Maianthemum parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in keten, 2-6 x 10-55 µm, 0-3 septen. waardplanten Asparagaceae, monofaag Maianthemum bifolium. synoniemen Ramularia rubicunda Bresadola, 1896; Stenella subsanguinea (Ellis & Everhart) Braun, 1993. literatuur Blumer (1946a), Braun (1998a), Kozłowska, Mułenko & Heluta (2015a), Poelt & Fritz-Schroeder (1983a), Ruszkiewicz-Michalska (2006a), […]

Ramularia robiciana parasiet

Ramularia robiciana (Voss) Braun, 1988 op Stachys parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia enkel, 5-12 x 9-20 µm, ongesepteerd. waardplanten Lamiaceae, monofaag Stachys alopecuros, officinalis. synoniemen Ovularia robiciana Voss, 1892. literatuur Braun (1998a), Poelt & Fritz-Schroeder (1983a).

Neoovularia ovata parasiet

Neoovularia ovata (Fuckel) Braun, 1992 op Salvia parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, bol, 7-12 x 10-20 µm. waardplanten Lamiaceae, monofaag Salvia austriaca, dumetorum, nemorosa, pratensis, sclarea. synoniemen Ramularia ovata Fuckel, 1866. literatuur Bakhshi (2018a), Braun (998a), Poelt & Fritz-Schroeder (1983a).

Ramularia menthicola parasiet

Ramularia menthicola Saccardo, 1886 op Mentha parasiet Bladvlekken met caespituli. waardplanten Lamiaceae, monofaag Mentha aquatica. synoniemen Volgns Braun een synoniem van Ramularia lamii, maar door MycoBank (2022) opgevoerd als geldige soort. literatuur Braun (1998a), Poelt & Fritz-Schroeder (1983a).

Ramularia trifolii parasiet

Ramularia trifolii Jaap, 1910 op Trifolium parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in keten, 3-4 x 8-22 µm, 0-1 sept. waardplanten Fabaceae, monofaag Trifolium hybridum, medium, montanum, pallescens, repens. literatuur Braun (1998a), Poelt & ritz-Schroeder (1983a).

Ramularia rapunculoides parasiet

Ramularia rapunculoides Nannfeldt, 1950 op Campanula parasiet Bladvlekken met caespituli. waardplanten Campanulaceae, monofaag Campanula rapunculoides. synoniemen Volgens de Index Fungorum (2022) en MycoBank (2022) een geldige soort; volgens Braun echter een synoniem van Ramularia macrospora. literatuur Braun (1998a), Poelt & Fritz-Schroeder (1983a).

Ramularia buniadis parasiet

Ramularia buniadis Vestergren, 1897 op Bunias parasiet Bladvlekken met caespituli. waardplanten Brassicaceae, monofaag Bunias orientalis. synoniemen Volgens MycoBank (2022) een valide soort, maar volgens Braun een synoniem van Ramularia armoraciae. literatuur Braun (1998a), Brandenburger (1985a: 187), Poelt & Fritz-Schroeder (1983a).

Ramularia anchusae parasiet

Ramularia anchusae Massalongo, 1894 op Anchusa, etc. parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 4-7 x 15-60 µm, 0-1 sept. waardplanten Boraginaceae, oligofaag Anchusa azurea, gmelinii, leptophylla subsp. incana, ochroleuca, officinalis; Cynoglottis barrelieri; Lycopsis arvensis, orientalis. literatuur Bakhshi (2018a), Behrooz, Salari, Pirnia & Sabbagh (2017a), Blumer (1946a), Braun (1998a), Jage, Klenke, Kruse ao (2016a), Losa […]

Anchusa leptophylla subsp. incana parasiet

synoniem: Anchusa incana orgaan parasiteerwijze stadium opmerking taxonomische groep parasiet blad bladvlek Mycosphaerellaceae Ramularia anchusae

Ramularia mulgedii parasiet

Ramularia mulgedii (Bubák) Bubák, 1916 op Lactuca parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 2-6 x 5-28 µm, ongesepteerd. waardplanten Asteraceae, monofaag Lactuca alpina, muralis. synoniemen Ramularia lactucae Jaap, 1905. literatuur Braun (1998a), Jage, Scholler & Klenke (2010a), Kozłowska, Mułenko &a Heluta (2015a), Poelt & Fritz-Schroeder (1983a), Wołczańska (2005a).

Ramularia cardui-personatae parasiet

Ramularia cardui-personatae von Höhnel, 1902 op Carduus parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 2-4 x 8-25 µm, 0-1 sept. waardplanten Asteraceae, nauw monofaag Carduus personata. literatuur Braun (1998a), Poelt & Fritz-Schroeder (1983a).

Ramularia rhaetica parasiet

Ramularia rhaetica (Saccardo & Winter) Jaap, 1914 op Peucedanum, etc. parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 2-4 x 15-65 µm, 1-4 septen. waardplanten Apiaceae, oligofaag Laserpitium krapfii subsp. gaudinii, latifolium; Peucedanum hispanicum, ostruthium, palustre. synoniemen Ramularia imperatoriae Lindau, 1906. literatuur Adamska (2005b), Blumer (1946a), Braun (1998a), Poelt & Fritz-Schroeder (1983a), Unamuno (1943a), Wołczańska (2005a).

Ramularia oreophila parasiet

Ramularia oreophila Saccardo, 1881 op Astrantia parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia ± solitair, 4-8 x 15-45 µm, 0-3 septen. waardplanten Apiaceae, monofaag Astrantia major & subsp. involucrata, minor. literatuur Braun (1998a), Jage, Scholler & Klenke (2010a), Poelt & Fritz-Schroeder (1983a), Wołczańska (2005a).

Ramularia peucedani parasiet

Ramularia peucedani Hollós, 1909 op Peucedanum, etc. parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in keten, slank-elliptisch, 2-3 x 18-25 µm, 0-2 septen. waardplanten Apiaceae, oligofaag Dichoropetalum carvifolia; Peucedanum arenarium, austriacum, cervaria, oreoselinum. literatuur Braun (1998a), Jage, Kruse, Kummer, ao (2013a).

Amphitetranychus parasiet

Ramularia ulmariae var. spiraeae-arunci parasiet

Ramularia ulmariae var. spiraeae-arunci Saccardo, 1892 op Aruncus parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 2-4 x 8-20 µm, 0-1 sept. waardplanten Rosaceae, monofaag Aruncus dioicus. synoniemen Ramularia spiraeae-arunci (Saccardo) Allescher, 1892. literatuur Braun (1998a), Doppelbauer & Doppelbaur (1973a), Jage, Scholler & Klenke (2010a), Wołczańska (2005a) .

Ramularia aplospora parasiet

Ramularia aplospora Spegazzini, 1880 op Alchemilla, Aphanes parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia enkel, 4-7 x 6-12 µm, ongesepteerd. waardplanten Rosaceae, oligofaag Alchemilla acutidens, acutiloba, bulgarica, crinita, flabellata, glabra, glaucescens, mollis, monticola, murbeckiana, plicata, subcrenata. vulgaris, walasii; Aphanes arvensis. synoniemen Ovularia aplospora (Spegazzini) Magnus, 1904; O. haplospora (Spegazzini) Magnus, 1904; Ramularia haplospora Spegazzini, 1880. literatuur Blumer […]

Ovularia gnaphalii parasiet

Ovularia gnaphalii Sydow, 1899 op Gnaphalium s.l. parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia enkel, 5-9 x 9-25, 0-1 sept. waardplanten Asteraceae, oligofaag Gnaphalium norvegicum, sylvaticum, uliginosum; Laphangium luteoalbum. synoniemen Ramularia gnaphalii (Sydow) Karakulin, 1937. literatuur Andrianova (2020a), Braun (1998a), Doppelbauer & Doppelbauer (1973a), Poelt & Fritz-Schroeder (1983a), Wołczańska (2005a).

Ramularia alnicola parasiet

Ramularia alnicola Cooke, 1885 op Alnus parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 2-4 x 8-15 µm, 0-1 sept. waardplanten Betulaceae, monofaag Alnus glutinosa, incana. literatuur Brandenburger (1985a: 51), Braun (1998a), Radaitienė (2002a), Wołczańska (2005a).

Ramularia macularis parasiet

Ramularia macularis (Schröter) Saccardo & Sydow, 1899 op Chenopodium parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia enkel of in korte ketens, cylindrisch, 3-7 x 25-60 µm, 1-2 septen. waardplanten Amaranthaceae, monofaag Chenopodium album, bonus-henricus. literatuur Bakhshi (2018a), Brandenburger (1985a: 120), Braun (1998a), Jage, Scholler & Klenke (2010a), Mułenko, Sałata & Wołczańska (1995a), Poelt & Fritz-Schroeder (1983a), Ruszkiewicz-Michalska […]

Ramularia evanida parasiet

Ramularia evanida (Kühn) Saccardo, 1886 op Gentiana parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, elliptisch, 2-4 x 10-26 µm, 0-1 sept. waardplanten Gentianaceae, monofaag Gentiana asclepiadea, cruciata. literatuur Braun (1988a), Mułenko, Sałata & Wołczańska (1995a), Wołczańska (2005a).

Ramularia biscutellae parasiet

Ramularia biscutellae Vanev & Negrean, 1993 op Biscutella parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, spoelvormig, 3-4 x 13-35 µm, 0-3 septen. waardplanten Brassicaceae, monofaag Biscutella laevigata. literatuur Braun (1998a), Negrean (1996a).

Ramularia bosniaca parasiet

Ramularia bosniaca Bubák, 1903 op Scabiosa, etc. parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, ovaal, 4-7 x 8-28 µm, 0-1 sept. waardplanten Caprifoliaceae, nauw oligofaag Lomelosia argentea, caucasica; Scabiosa columbaria, lucida, ochroleuca. synoniemen Ramularia jaapii Trotter, 1931. literatuur Braun (1998a), Negrean (1996a), Wołczańska (2005a).

Neoovularia nomuriana parasiet

Neoovularia nomuriana (Saccardo) Braun, 1992 op Astragalus parasiet Bladvlekken met caespituli. Condia solitair, ø 6-16 µm. waardplanten Fabaceae, monofaag Astragalus austriacus, cicer, monspessulanus. synoniemen Ramularia tuberculiformis (von Höhnel) Braun, 1988. literatuur Bakhshi (2018a), Braun (1998a).

Neoovularia parasiet

Ramularia telekiae parasiet

Ramularia telekiae Bubák & Wróblewski, 1916 op Telekia parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, elliptisch, 2-4 x 5-22 µm, 0-1 sept. waardplanten Asteraceae, monofaag Telekia speciosa. literatuur Braun (1998a), Sandu Ville, Lazǎr & Hatmanu (1969a) .

Ramularia libanotidis parasiet

Ramularia libanotidis Bubák, 1907 op Aegopodium, etc. parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, elliptisch, 2-5 x 10-45 µm, 0-3 septen. waardplanten Apiaceae, oligofaag Aegopodium podagraria; Falcaria vulgaris; Pimpinella major, saxifraga; Seseli libanotis. literatuur Braun (1998a), Poelt & Fritz-Schroeder (1983a), Radaitienė (2002a), Wołczańska (2005a, 2010a).

Ramularia crassiuscula parasiet

Ramularia crassiuscula (Unger) Braun, 1988 op Aconitum, etc. parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 4-8 x 10-35 µm, 0-1 sept. waardplanten Ranunculaceae, oligofaag Aconitum x cammarum, degenii, lamarckii, lycoctonum & subsp. septentrionale + vulparia, moldavicum, napellus, tauricum; Consolida ajacis; Delphinium cuneatum, elatum & subsp. austriacum, oxysepalum; Staphisagria macrosperma. synoniemen Ramularia delphinii Jaap, 1913; R. […]

Ramularia winteri parasiet

Ramularia winteri von Thümen, 1881 op Ononis parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, cylindrisch, 3-8 x 12-35 µm, 0-3 septen. waardplanten Fabaceae, monofaag Ononis pusilla, spinosa & subsp. hircina + procurrens. literatuur Bakhshi (2018a), Braun (1998a), Chater, Woods, Stringer, ao (2021a), Jage, Kruse, Kummer, ao (2013a), Unamuno (1943a, Wołczańska (2005a).

Ramularia vallisumbrosae parasiet

Ramularia vallisumbrosae Cavara, 1899 op Narcissus, etc. parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 3-7 x 5-50 µm, 0-3 septen. waardplanten Amaryllidaceae, oligofaag Leucojum vernum; Narcissus x medioluteus, x odorus, poeticus, pseudonarcissus; Pancratium maritimum. literatuur Braun (1998a), Chater, Woods, Stringer, ao (2021a), Wołczańska (2010a) .

Ramularia valerianae var. centranthi parasiet

Ramularia valerianae var. centranthi (Brunaud) Braun, 1998 op Centranthus parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia 2-4 x 12-35 µm, 0-1 sept. waardplanten Caprifoliaceae, monofaag Centranthus ruber. verspreiding binnen Europa PESI (2022). synoniemen Ramularia centranthi Brunaud, 1887. literatuur Braun (1998a), Chater, Woods, Stringer, ao (2021a), Unamuno (1941a, 1943a).

Ramularia valerianae parasiet

Ramularia valerianae (Spegazzini) Saccardo, 1882 op Valeriana parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in (vaak vertakte) ketens, 2-6 x 10-50 µm, 0-2 septen. waardplanten Caprifoliaceae, monofaag Valeriana alpestris, dioica & subsp. simplicifolia, excelsa subsp. sambucifolia, montana, officinalis, phu, pyrenaica, tripteris. literatuur Bakhshi (2018a), Béguinot & Chevassut (1993a), Brandenburger (1985a: 596), Braun (1998a), Chater, Woods, Stringer, ao […]

Ramularia ulmariae parasiet

Ramularia ulmariae Cooke, 1876 op Filipendula parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 3-6 x 10-40 µm, o-1 sept. waardplanten Rosaceae, monofaag Filipendula ulmaria, vulgaria. literatuur Adamska (2005b), Braunn (1998a), Chater, Woods, Stringer, ao (2021a), Jage, Kruse, Kummer, ao (2013a), Kruse (2014a), Poelt & Fritz-Schroeder (1983a), Wołczańska (2005a).

Ramularia nagornyi parasiet

Ramularia nagornyi Karakulin, 1937 op Centaurea, etc. parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia enkel, eivormig, 1-7 x 16-30 µm, 0-1 sept. waardplanten Asteraceae, ± monofaag Centaurea solstitialis; Cyanus montanus. literatuur Bakhshi (2018a), Brandenburger (1985a: 661), Braun (1998a).

Ramularia centaureae-atropurpureae parasiet

Ramularia centaureae-atropurpureae Bubák, 1907 op Centaurea parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 3-5 x 10-22 µm, 0-1 sept. waardplanten Asteraceae, monofaag Centaurea atropurpurea. literatuur Brandenbruger (1985a: 661), Braun (1998a).

Ramularia triboutiana parasiet

Ramularia triboutiana (Saccardo & Letendre) Nannfeldt, 1950 op Centaurea, etc. parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 2-5 x 10-60 µm, 0-3 septen. waardplanten Asteraceae, ± monofaag Centaurea aspera, debeauxii, jacea, emoralis, nervosa, nigra, nigrescens, pectinata, phrygia subsp. pseudophrygia, pullata, scabiosa & subsp. sadleriana, stoebe subsp. australis, thuilleri, uniflora, urvillei; Cyanus montanus, triunmfetii. synoniemen Ramularia […]

Ovularia scabiosae parasiet

Ovularia scabiosae Lindroth, 1902 op Centaurea parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia enkel, 8-13 x 20-30 µm, ongesepteerd. waardplanten Asteraceae, monofaag Centaurea macrocephala, scabiosa & subsp. alpestris. synoniemen Ramularia centaureae-scabiosae Braun, 1998. literatuur Brandenburger (1985a: 661), Braun (1998a).

Ramularia tanaceti parasiet

Ramularia tanaceti Lind,1905 op Tanacetum, etc. parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 3-5 x 10-30 µm, 0-3 septen. waardplanten Asteraceae, oligofaag Leucanthemum vulgare; Tanacetum macrophyllum, vulgare. literatuur Adamska (2005b), Brandenburger (1985a: 642), Braun (1998a) , Chater, Woods, Stringer, ao (2021a), Poelt & Fritz-Schroeder (1983a) , Scheuer & Bechter (2012a), Wołczańska (2005a).

Ramularia bellunensis parasiet

Ramularia bellunensis Spegazzini, 1978 op Tanacetum, etc. parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia enkel of in korte ketens, 4-5 x 15-34 µm, 0-3 septen. waardplanten Asteraceae, oligofaag Argyranthemum frutescens; Glebionis segetum; Leucanthemum vulgare; Tanacetum corymbosum, parthenium. opmerkingen Geljkend op Ramularia tanaceti, maar de conidia zijn breder en veelal enkel. literatuur Braun (1998a), Chater, Woods, Stringer, ao […]

Ramularia succisae parasiet

Ramularia succisae Saccardo, 1882 op Succisa parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 2-5 x 8-25 µm, 0-1 sept. waardplanten Caprifoliaceae, monofaag Succisa pratensis. literatuur Béguinot & Chevassut (1993a), Brandenburger (1985a: 601), Braun (1998a), Chater, Woods, Stringer, ao (2021a), Poelt & Fritz-Schroeder (1983a), Unamuno (1943a), Wołczańska (2005a).

Ramularia schulzeri parasiet

Ramularia schulzeri Bäumler, 1888 op Dorycnium, Lotus parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 3-6 x 8-25 µm, 0-1 sept. waardplanten Fabaceae, oligofaag Dorycnium rectum; Lotus corniculatus, peduncylatus. synoniemen Ramularia loticola Massalongo, 1906. literatuur Adamska (2005b), Brandenburger (1985a: 299), Braun (1998a), Chater, Woods, Stringer, ao (2021a) , Negrean (1996b), Unamuno (1943a) , Wołczańska (2005a) .

Ramularia silvestris parasiet

Ramularia silvestris Saccardo, 1880 op Dipsacus, etc. parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in vertakte ketens, 3-4 x 10-40 µm, 0-1 sept. waardplanten Caprifoliaceae, oligofaag Cephalaria uralensis; Dipsacus fullonum, fullonum, laciniiatus, pilosus. synoniemen Ramularia sylvestris Saccardo, 1880. literatuur Brandenburger (1985a: 598), Braun (1998a), Chater, Woods, Stringer, ao (2021a), Ludwig (1974a), Scheuer & Bechter (2012a), Unamuno (1942a, […]

Ramularia scolopendrii parasiet

Ramularia scolopendrii Fautrey, 1892 op Asplenium parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 3-4 x 5-15 µm, 0 septen waardplanten Aspleniaceae, monofaag Asplenium scolopendrium. literatuur Brandenburger (1985a: 7), Braun (1998a, 2000a), Chater, Woods, Stringer, ao (2021a).

Ramularia sambucina parasiet

Ramularia sambucina Saccardo, 1882 op Sambucus parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 3-8 x 10-35 µm, 0-1 sept. waardplanten Adoxaceae, monofaag Sambucus ebulus, nigra, racemosa. literatuur Adamska (2005b), Bakhshi (2018a), Blumer (1946a), Brandenburger (1985a: 590), Braun (1998a), Chater, Woods, Stringer, ao (2021a), Doppelbauer (1973a), Kozłowska, Mułenko & Heluta (2015a), Losa España (1942a), Poelt & […]

Ramularia rufomaculans parasiet

Ramularia rufomaculans Peck, 1883 op Persicaria, etc. parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 2-4 x 4-25 µm, 0-1 sept. waardplanten Polygonaceae, oligofaag Bistorta; Persicaria amphibia, hydropiper. literatuur Bakhshi (2018a), Brandenburger (1985a: 86), Braun (1998a), Chater, Woods, Stringer, ao (2021a).

Ramularia rosea parasiet

Ramularia rosea Saccardo, 1882 op Populus, Salix parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 2-5 x 5-25 µm, 0-4 septen. waardplanten Salicaceae, oligofaag Populus tremula; Salix alba, caprea, cinerea & subsp. oleifolia, daphnoides, x fragilis, hastata, pentandra, purpurea, silesiaca, triandra, viminalis. literatuur Brandenburger (1985a: 46), Braun (1998a), Chater, Woods, Stringer, ao (2021a), Jage, Kruse, Kummer, […]

Ramularia parietariae parasiet

Ramularia parietariae Passerini, 1876 op Parietaria parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 2-7 x 20-25 µm, 0-1 sept. waardplanten Urticaceae, monofaag Parietaria cretica, judaica, officinalis. literatuur Brandenburger (1985a: 77), Braun (1998a), Chater, Woods, Stringer, ao (2021a) , Losa España (1944a), Poelt & Fritz-Schroeder (1983a), Roldan Garrigós & Honrubia García (1992a), Unamuno (1942a, 1943), Wołczańska […]

Ramularia onobrychidis parasiet

Ramularia onobrychidis Allescher, 1892 op Onobrychis, etc. parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 4-6 x 10-46 µm, 0-3 septen. waardplanten Fabaceae, oligofaag Arachis hyogaea; Onobrychis arenaria & subsp. miniata, montana, viciifolia. literatuur Brandenburger (1985a: 306), Braun (1998a), Chater, Woods, Stringer, ao (2021a), Negrean (1996a), Poelt & Fritz-Schroeder (1983a), Unamuno (1943a).

Ramularia moehringiae parasiet

Ramularia moehringiae Lindroth, 1902 op Moehringia, etc. parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 2-4 x 6-25 µm, 0-1 sept. waardplanten Caryophyllaceae, oligofaag Arenaria graminea; Moehringia trinervia. literatuur Adamska (2005b), Brandenburger (1985a: 101), Braun (1998a), Chater, Woods, Stringer, ao (2021a), Kozłowska, Mułenko & Heluta (2015a), Negrean (1996b), Poelt & Fritz-Schroeder (1983a), Ruszkiewicz-Michalska (2006a), Wołczańska (2005a).

Ramularia purpurascens parasiet

Ramularia purpurascens Winter, 1884 op Petasites parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 2-5 x 8-25 µm, 0-1 sept. waardplanten Asteraceae, monofaag Petasites pyrenaicus. literatuur Brandenburger (1985a: 648), Braun (1998a), Chater, Woods, Stringer, ao (2021a), Unamuno (1943a).

Ramularia major parasiet

Ramularia major (Unger) Braun, 1988 op Petasites, etc. parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 2-7 x 10-35 µm, 0-3 septen. waardplanten Asteraceae, oligofaag Adenostyles alliariae; Homogyne alpina; Petasites albus, frigidus, hybridus, kablikianus, paradoxus, spurius. synoniemen Ramularia cervina Spegazzini, 1879; R. cervina var. petasitis, “petasitidis” Bäumler, 1888; R. variegata Ellis & Holway, 1886. literatuur Brandenburger […]

Ramularia linariae parasiet

Ramularia linariae Baudyš & Picbauer, 1924 op Linaria parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia enkel, 2-8 x 15-25 µm, 1 sept. waardplanten Plantaginaceae, monofaag Linaria alpina, genistifolia & subsp. dalmatica, vulgaris. synoniemen Didymaria linariae Passerini, 1885. literatuur Brandenburger (1985a: 568), Braun (1998a), Chater, Woods, Stringer, ao (2021a), Doppelbauer & Doppelbaur (1973a), Ludwig (1974a), Poelt & Fritz-Schroeder […]

Ramularia lamii var. minor parasiet

Ramularia lamii var. minor Braun, 1998 op Prunella, etc. parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 3 x 13-15 µm, 0-1 septen. waardplanten Lamiaceae, oligofaag Ballota nigra & subsp. foetida; Prunella vulgaris; Micromeria graeca; Stachys arvensis, officinalis. Massalongo, 1890 Ramularia ballotae Massalongo, 1890; R. brunellae Ellis & Everhart, 1899. literatuur Braun (1998a), Braun, Piątek & […]

Ramularia lactea parasiet

Ramularia lactea (Desmazières) Saccardo, 1882 op Viola parasiet Bladvlekken. Conidia in ketens, 2-8 x 5-25 µm, 0-1 septen. waardplanten Violaceae, monofaag Viola alba, calcarata, canina & subsp. ruppii, collina, dacica, declinata, hirta, jooi, mirabilis, odorata, palustris, reichenbachiana, rivinian, rupestris, stagnina, suavis. synoniemen Ramularia violae Trail, 1889. literatuur Adamska (2005b), Béguinot & Chevassut (1993a), Brandenburger (1985a: […]

Ramularia interstitialis parasiet

Ramularia interstitialis (Berkeley & Broome) Gunnerbeck et Constantinescu, 1991 op Primula parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia enkel, 3-11 x 5-22 µm, 0 septen. waardplanten Primulaceae, monofaag Primula acaulis, elatior, x polyantha, veris. synoniemen Ovularia primulana Karsten, 1881; Ramularia primulana (Karsten) Karaten, 1884. literatuur Blumer (1946a), Brandnburger (1985a: 479), Braun (1998a), Chater, Woods, Stringer, ao (2021a), […]

Ramularia holci-lanati parasiet

Ramularia holci-lanati (Cavara) Deighton, 1972 op grassen parasiet Bladvlekken met caespituli. Coinidia enkel, 5-10 x 6-18 µm, ongesepteerd. waardplanten Poaceae, oligofaag Agrostis capillaris, mertensii subsp. borealis; Avenella flexuosa; Avenula pubescens; Bromopsis erecta subsp. transsilvanica, inermis; Calamagrostis canescens, epigeios; Cinna latifolia; Cynosurus cristatus; Dactylis glomerata; Deschampsia cespitosa; Elytrigia repens; Festuca rubra; Hierochloe odorata; Holcus lanatus; Hordeum […]

Ramularia hellebori parasiet

Ramularia hellebori Fuckel, 1870 op Helleborus parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 4-5 x 6-20 µm, 0-1 sept. waardplanten Ranunculaceae, monofaag Helleborus foetidus, multifidus, niger, odorus, viridis. synoniemen Ramularia nigricans (Massalogo) Ferris; Ramularia hellebori var. nigricans Massalongo, 1897. literatuur randenburger (1985a: 146), Braun (1998a), Chater, Woods, Stringer, ao (2021a), Kruse (2019a), Losa España (1942a), […]

Ramularia galegae parasiet

Ramularia galegae Saccardo, 1881 op Galega parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia 2-5 x 7-30 µm, 0-1 septen. waardplanten Fabaceae, monofaag Galega officinalis. literatuur Brandenburger (1085a: 288), Braun (1998a), Chater, Woods, Stringer, ao (2021a), Kruse (2014a), Scheuer & Bechter (2012a), Wołczańska (2005a).

Ramularia filaris parasiet

Ramularia filaris Fresenius, 1863 op Senecio, etc. parasiet Bladvlekken. Conidia in ketens, 3-10 x 10-40 µm, 0-2 septen. waardplanten Asteraceae, oligofaag Adenostyles; Helminthotheca echioides; Jacobaea abrotanifolia, aquatica, subalpina, vulgaris; Ligularia; Senecio nemorensis subsp. jacquinianus, ovatus. synoniemen Ramularia pruinosa Spegazzini, 1879; R. senecionis (Berkeley & Broome) Saccardo, 1886. literatuur Béguinot & Chevassut (1993a), Blumer (1946a), Brandenburger […]

Ramularia epilobiana parasiet

Ramularia epilobiana (Sacardo & Fautrey) Sutton & Pirozynski, 1963 op Epilobium parasiet Bladvlekken met caespituli. Condia enkel, 3-13 x 10-22 µm, zonder sept. waardplanten Onagraceae, monofaag Epilobium hirsutum, montanum, obscurum, palustre, tetragonum. synoniemen Ovularia epilobiana Saccardo & Fautrey, 1900; Ovularia epilobii Lindroth, 1904. literatuur Bakhshi (2018a), Behrooz, Salari, Pirnia & Sabbagh (2017a), Brandenburger (1985a: 4143), […]

Ramularia doronici parasiet

Ramularia doronici Passerini & von Thümen, 1881 op Doronicum parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia deels in ketens, 4-5 x 12-15 µm. waardplanten Asteraceae, monofaag Doronicum austriacum, clusii, columnae, grandiflorum, orientale, pardalianches, plantagineum. literatuur Brandenburger (1985a: 645), Braun (1998a), Chater, Woods, Stringer, ao (2021a), Kruse (2014a, 2019a), Poelt & Fritz-Schroeder (1983a), Wołczańska (2005a).

Ramularia lychndicola parasiet

Ramularia lychndicola Cooke, 1885 op Silene parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia 2-5 x 8-20 µm, 0-1 sept. waardplanten Caryophyllaceae, monofaag Silene alba, dioica, flos-cuculu. synoniemen Ramularia lychnicola. literatuur Brandenburger (1985a: 113), Braun (1998a), Chater, Woods, Stringer, ao (2021a), Poelt & Fritz-Schroeder (1983a), Wołczańska (2005a).

Ramularia didymarioides parasiet

Ramularia didymarioides Briosi & Saccardo, 1892 op Silene parasiet Bladvlekken. Conidia 4-9 x 12-35 µm, 0-2 septen. waardplanten Caryophyllaceae, monofaag Silene alba, chalcedonica, dioica, flos-cuculi, latifolia, lituanica, noctiflora, nutans, otites, viscaria, vulgaris. literatuur Adamska (2005b), Brandenburger (1985a: 113), Braun (1998a), Chater, Woods, Stringer, ao (2021a), Jage, Scholler & Klenke (2010a), Poelt & Fritz-Schroeder (1983a) , […]

Ramularia deusta parasiet

Ramularia deusta (Fuckel) Karakulin, 937 op Lathyrus parasiet Bladvlekken net caespituli. Conidia in ketens, 3-5 x 8-20 µm, 0-1 sept. waardplanten Fabaceae, monofaag Lathyrus aphanca, cicera, latifolius, linifolius, niger, palustris, pratensis, sylvestris, tuberosus, vernus. literatuur Braun (1998a), Chater, Woods, Stringer, ao (2021a), Jage, Klenke, Kruse ao (2014a, 2016a), Kruse (2019a), Poelt & Fritz-Schroeder (1983a), Ruszkiewicz-Michalska […]

Ramularia cylindroides parasiet

Ramularia cylindroides Saccardo, 1882 op Pulmonaria, etc. parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 3-7 x 8-30 µm, 0-1 sept. waardplanten Boraginaceae, oligofaag Alkanna tinctoria; Pulmonaria affinis, filarszkyana, mollis, montana, obscura, officinalis, rubra, stiriaca; Symphytum officinale, tuberosum. literatuur Braun (1998a), Kozłowska, Mułenko & Heluta (2015a), Negrean (1996a), Poelt & Fritz-Schroeder (1983a), Scheuer & Bechter (2012a), […]

Ramularia cynoglossi parasiet

Ramularia cynoglossi Lindroth, 1902 op Cynoglossum, etc. parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 3-8 x 6-35 µm, 0-1 sept. waardplanten Boraginaceae, oligofaag Adelocaryum coelestinum; Cynoglossum amabile, creticum, dioscoridis, germanicum, officinale. literatuur Braun (1998a), Chater, Woods, Stringer, ao (2021a), Roldan Garrigós & Honrubia García (1992a), Unamuno (1942a, 1943a), Wołczańska (2005a).

Cynoglossum dioscoridis parasiet

orgaan parasiteerwijze stadium opmerking taxonomische groep parasiet blad bladvlek Capnodiales Ramularia cynoglossi

Ramularia collo-cygni parasiet

Ramularia collo-cygni Sutton & Waller, 1988 parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 5-9 x 6-12 µm, ongesepteerd. Conidioforen met een ‘zwanenhals’. waardplanten Poaceae, oligofaag Glyceria maxima; Hordeum vulgare & subsp. distichon. Misschien ook Cannabis sativa; Phaseolus coccineus. verspreiding binnen Europa PESI (2022). opmerkingen Onder meer in noordelijk Europa een zich snel uitbreidende plaag. literatuur Braun […]

Halticoptera patellana parasiet

Halticoptera patellana (Dalman, 1816) parasiet Parasitoïd van een diptera-larve waardplanten ? polyfaag Pteridium aquilinum. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Gijswijt (1974a).

Aprostocetus bruzzonis parasiet

Aprostocetus bruzzonis (Masi. 1930) parasiet Parasitoïd van Cassida rubiginosa. verspreiding binnen Europa PESI (2022). synoniemen Tetrastichus bruzzonis. literatuur Gijswijt (1974a) .

Chrysocharis purpurea parasiet

Chrysocharis purpurea Bukovskii, 1938 parasiet Parasitoïd van Heterarthrus vagans. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Gijswijt (1974a).

Neochrysocharis chlorogaster parasiet

Neochrysocharis chlorogaster (Erdős, 1966) parasiet Parasitoïd van Stigmella malella, pyri, tityrella. verspreiding binnen Europa PESI (2022). synoniemen Achrysocharella chlorogaster. literatuur Gijswijt (1974a).

Entedon tibialis parasiet

Entedon tibialis (Nees, 1834) parasiet Parasitoïd van Scolytus. waardplanten ? olyfaag Quercus. verspreiding binnen Europa PESI (2022). synoniemen Entedon euphorion Walker, 1839. literatuur Gijswijt (1974a).

Platyplectrus pannonica parasiet

Platyplectrus pannonica Erdős, 1966 parasiet Parasitoïd van Leucoma salicis. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Gijswijt (1974a).

Monodontomerus minor parasiet

Monodontomerus minor (Ratzeburg, 1848) parasiet Parasitoïd van Trichiosoma lucorum. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Gijswijt (1974a).

Subcoccinella vigintiquatuorpunctata parasiet

Subcoccinella vigintiquatuorpunctata (Linnaeus, 1758) vierentwintigstippelig lieveheersbeestje op Medicago, etc. Medicago sativa, Hongarije, Budapest, 19.iv.2018 © László Érsek larve, dorsaal … … lateraal vraatbeeld detail parasiet Larven en kevers vrij aan de onderzijde van de bladeren. waardplanten polyfaag Artemisia; Medicago sativa; Phragmites australis; Silene dioica; Vicia. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Richards, Pope & Eastop […]

Subcoccinella parasiet

Epilachnini parasiet

Epilachninae parasiet

Coccinellidae parasiet

Ramularia coleosporii parasiet

Ramularia coleosporii Saccardo, 1880 parasiet Parasitoïd van Chrysomyxa pyrolae; Coleosporium campanulae, euphrasiae, inulae, melampyri, pulsatillae, senecionis, tussilaginis. De witte conidia-massa steekt duidelijk of bij de roest-sori. waardplanten polyfaag Adenostyles; Campanula glomerata, latifola, rapunculoides, trachelium; Cirsium oleraceum; Inula salicina; Melampyrum nemorosum, pratense, sylvaticum; Orthilia secunda; Petasites hybridus, paradoxus, spurius; Phyteuma; Senecio doria & subsp. umbrosus, nemorensis […]

Ramularia chamaenerii parasiet

Ramularia chamaenerii Rostrup,1885 op Chamerion, Epilobium parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia solitair, 5-19 x 12-45 µm, 0-1 septen waardplanten Onagraceae, oligofaag Chamerion angustifolium; Epilobium latifolium. literatuur Brandenburger (1985a: 414), Braun (1998a), Chater, Woods, Stringer, ao (2021a).

Ramularia chalcedonica parasiet

Ramularia chalcedonica Allescher, 1894 op Silene parasiet Bladvlekken. Conidia 3-8 x 16-26 µm, 1-3 septen. waardplanten Caryophyllaceae, monofaag Silene dioica. literatuur Brandenburger (1985a: 113), Mułenko, Sałata & Wołczańska (1995a).

Monodontomerus vicicellae parasiet

Monodontomerus vicicellae (Walker, 1847) parasiet Parasitoïd van Zygaena filipendulae. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Gijswijt (1974a).

Eusemion cornigerum parasiet

Eusemion cornigerum (Walker, 1838) parasiet Parasitoïd van Physokermes piceae . verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Klausnitzer & Förster (1976a).

Eusemion parasiet

Pseudorhopus testaceus parasiet

Pseudorhopus testaceus (Ratzeburg, 1848) parasiet Parasitoïd van Physokermes hemicryphus. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Klausnitzer & Förster (1976a).

Pseudorhopus parasiet

Tetrastichus ulmi parasiet

Tetrastichus ulmi Erdős, 1954 parasiet Parasitoïd van Agrilus; ? Anthaxia; Hylesinus orni; Scolytus rugulosus. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Hansson & Schmidt (2020a).

Tetrastichus temporalis parasiet

Tetrastichus temporalis (Graham, 1961) parasiet Parasitoïd waardplanten Poaceae, ? monofaag Phalaroides arundinacea. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Hansson & Schmidt (2020a).

Tetrastichus telon parasiet

Tetrastichus telon (Graham, 1961) parasiet Parasitoïd van Agrilus viridis. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Hansson & Schmidt (2020a).

Tetrastichus setifer parasiet

Tetrastichus setifer Thomson, 1878 parasiet Parasitoïd van Lilioceris lilii, tibialis. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Hansson & Schmidt (2020a).

Tetrastichus pilemostomae parasiet

Tetrastichus pilemostomae Graham, 1991 parasiet Parasitoïd van Pilemostoma fastuosum. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Hansson & Schmidt (2020a).

Tetrastichus nymphae parasiet

Tetrastichus nymphae Hansson & Schmidt, 2020 parasiet Parasitoïd van Galerucella nymphaeae. verspreiding binnen Europa Slowakije. literatuur Hansson & Schmidt (2020a).

Tetrastichus melasomae parasiet

Tetrastichus melasomae Graham, 1991 parasiet Parasitoïd van Chrysomela vigintipunctata. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Hansson & Schmidt (2020a).

Tetrastichus lyridice parasiet

Tetrastichus lyridice (Walker, 1839) parasiet Parasitoïd van ? Plagiodera versicolora. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Hansson & Schmidt (2020a).

Tetrastichus leocrates parasiet

Tetrastichus leocrates (Walker, 1839) parasiet Parasitoïd van Orchestes alni, testaceus. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Hansson & Schmidt (2020a) .

Tetrastichus legionarius parasiet

Tetrastichus legionarius Giraud, 1863 parasiet Parasitoïd van Lipara lucens. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Hansson & Schmidt (2020a).

Tetrastichus hylotomarum parasiet

Tetrastichus hylotomarum (Bouché, 1834) parasiet Parasitoïd van Arge ochropus, pagana; Athalia cordata; Cladius pectinicornis. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Campadelli (1997a), Hansson & Schmidt (2020a).

Tetrastichus heeringi parasiet

Tetrastichus heeringi Delucchi, 1954 parasiet Parasitoïd van Agrilus cuprescens, integerrimus, viridis. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Hansson & Schmidt (2020a).

Tetrastichus cyprus parasiet

Tetrastichus cyprus Hansson & Schmidt, 2020 parasiet Parasitoïd waardplanten Fabaceae, ? monofaag Vicia faba. verspreiding binnen Europa Cyprus. literatuur Hansson & Schmidt (2020a).

Tetrastichus crioceridis parasiet

Tetrastichus crioceridis Graham, 1983 parasiet Parasitoïd van Crioceris duodecimpunctata. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Hansson & Schmidt (2020a).

Tetrastichus coeruleus parasiet

Tetrastichus coeruleus (Nees, 1834) parasiet Parasitoïd van Crioceris asparagi. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Hansson & Schmidt (2020a).

Tetrastichus clito parasiet

Tetrastichus clito (Walker, 1840) parasiet Parasitoïd van Cassida deflorata, humeralis, murraea, rubiginosa. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Hansson & Schmidt (2020a).

Tetrastichus argei parasiet

Tetrastichus argei Hansson & Schmidt, 2020 parasiet Parasitoïd van Arge ustulata. verspreiding binnen Europa Zweden. literatuur Hansson & Schmidt (2020a).

Tetrastichus agrilocidus parasiet

Tetrastichus agrilocidus Graham, 1991 parasiet Parasitoïd van Agrilus. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Hansson & Schmidt (2020a).

Ramularia beccabungae parasiet

Ramularia beccabungae Fautrey, 1892 op Veronica parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 3-5 x 12-30 µm, 0-1 septen. waardplanten Plantaginaceae, nauw monofaag Veronica anagallis-aquatica, beccabunga. literatuur akhshi (2018a), Brandenburger (1985a: 578), Braun (1998a), Chater, Woods, Stringer, ao (2021a, Jage, Scholler & Klenke (2010a), Poelt & Fritz-Schroeder (1983a), Wołczańska (2005a) .

Ramularia veronicae parasiet

Ramularia veronicae Fuckel, 1870 op Veronica parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 2-5 x 8-24 µm, 0-1 septen. waardplanten Plantaginaceae, monofaag Veronica agrestis, arvensis, austriaca subsp. teucrium, beccabunga, chamaedrys, cymbalaria, filiformis, montana, officinalis, opaca, persica, polita, urticifolia. synoniemen Ovularia veronicae (Fuckel) Saccardo, 1886. literatuur Adamska (2005b), Bakhshi (2018a), Blumer (1946a), Brandenburger (1985a: 578), Braun […]

Ramularia coccinea parasiet

Ramularia coccinea (Fuckel) Vestergren, 1899 op Veronica parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia vaak in ketens, 2-6 x 8-33 µm, ± 1-2 septen. waardplanten Plantaginaceae, monofaag Veronica alpina, austriaca & subsp. teucrium, chamaedrys, montana, officinalis, prostrata. literatuur Béguinot & Chevassut (1993a), Brandenburger (1985a: 578), Braun (1998a), Chater, Woods, Stringer, ao (2021a), Doppelbauer (1973a), Kozłowska, Mułenko & […]

Ramularia chamaedryos parasiet

Ramularia chamaedryos (Lindroth) Gunnerbeck, 1967 op Veronica parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens 2-7 x 8-18 µm, ongesepteerd. waardplanten Plantaginaceae, nauw monofaag Veronica chamaedrys. literatuur Adamska (2005b), Brandenburger (1985a: 578). Braun (1998a), Chater, Woods, Stringer, ao (2021a), Jage, Kruse, Kummer, ai (2013a), Kozłowska, Mułenko & Heluta (2015a), Kruse (2014a), Ruszkiewicz-Michalska (2006a), Wołczańska (2005a).

Ramularia chaerophylli parasiet

Ramularia chaerophylli Ferraris, 1902 op Anthriscus, etc. parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 2-5 x 15-70 µm, 1-3 septen. waardplanten Apiaceae, oligofaag Anthriscus sylvestris; Chaerophyllum aromaticum, aureum, hirsutum, temulum; Myrrhis odorata; Torilis japonica. synoniemen Ramularia anthrisci von Höhnel, 1902. literatuur Adamska (2005b). Braun (1998a), Chater, Woods, Stringer, ao (2021a), Doppelbauer & Doppelbauer (1973a), Jage, […]

Ramularia cerinthes parasiet

Ramularia cerinthes Hollós, 1909 op Myosotis parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in keten, 2-6 x 10-28 µm, 0-1 sept. waardplanten Boraginaceae, oligofaag Cerinthe minor; Lithospermum officinale; Myosotis alpestris, arvensis, micrantha, scorpioides, sylvatics. synoniemen Ramularia myosotidis Vassiljevsky, 1937. literatuur Braun (1998a), Chater, Woods, Stringer, ao (2021a), Wołczańska (2005a).

Ramularia cardamines parasiet

Ramularia cardamines Sydow & Sydow, 1903 op Cardamine parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 2-5 x 8-28 µm, 0-1 sept. waardplanten Brassicaceae, monofaag Cardamine amara, flexuosa, hirsuta, opizii, pratensis. literatuur Brandenburger (1985a: 189), Braun (1998a), Chater, Woods, Stringer, ao (2021a), Mułenko, Sałata & Wołczańska (1995a), Poelt & Fritz-Schroeder (1983a), Wołczańska (2005a).

Elasmus phthorimaeae parasiet

Elasmus phthorimaeae Ferrière, 1947 parasiet Parasitoïd van Phthorimaea operculella. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Yefremova & Strakhova (2012a).

Elasmus longiclava parasiet

Elasmus longiclava Graham, 1995 parasiet Parasitoïd van Etella; Yponomeura malinellus. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Yefremova & Strakhova (2012a).

Euplectrus phthorimaeae parasiet

Euplectrus phthorimaeae Ferrière, 1941 parasiet Parasitoïd van Phthorimaea operculella. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Hansson & Schmidt (2018a).

Euplectrus maculiventris parasiet

Euplectrus maculiventris Westwood, 1832 parasiet Parasitoïd van Agrotis segetum; Eurois occulta; Mniotype satura; Xylena solidaginis. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Hansson & Schmidt (2018a).

Euplectrus liparidis parasiet

Euplectrus liparidis Ferrière, 1941 parasiet Parasitoïd van Lymantria dispar. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Hansson & Schmidt (2018a).

Euplectrus intactus parasiet

Euplectrus intactus Walker, 1872 parasiet Parasitoïd van Noctua comes; Pieris rapae. waardplanten polyfaag Artemisia vulgaris; Corylus avellana. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Hansson & Schmidt (2018a).

Euplectrus flavipes parasiet

Euplectrus flavipes (Boyer de Fonscolombe, 1832) parasiet Parasitoïd van Alsophila aescularia; Archips rosana; Carcina quercana; Colobochyla salicalis; Cosmia trapezina; Cyclophora annularia; Heliothis; Mamestra brassicae; Plusia; Spodoptera exigua. waardplanten polyfaag Acer campestre; Carpinus betulus; Lycopersicon esculentum; Populus alba. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Hansson & Schmidt (2018a).

Euplectrus carinifer parasiet

Euplectrus carinifer Hansson & Schmidt, 2018 parasiet Parasitoïd van Amphipyra pyramidea; Autographa gamma; Carcina quercana; Orthosia cruda. waardplanten polyfaag Acer campestre; Carpinus betulus. verspreiding binnen Europa Nederland, Tsjechië. literatuur Hansson & Schmidt (2018a).

Euplectrus geometricida parasiet

Euplectrus geometricida Hansson & Schmidt, 2018 parasiet Parasitoïd van Agriopis aurantiaria, marginaria; Agrotis segetum; Alcis repandata; Alsophila aescularia; Anarta myrtilli; Angerona prunari; Colotois pennaria; Epirrita dilutata; Macaria brunneata; Operophtera brumata; Orthosia opima; Phigalia pilosaria. waardplanten polyfaag Acer campestre; Carpinus betulus; Quercus cerris; Tilia cordata; Vaccinium myrtillus. verspreiding binnen Europa Engeland, Finland, Frankrijk, Italië, Nederland, Polen, […]

Ramularia macrospora parasiet

Ramularia macrospora Fresenius, 1863 op Campanula, Phyteuma parasiet Bladvlekken met caespituli; conidia enkel, 5-8 x 15-15-38 µm, 0-2 septen. waardplanten Campanulaceae, oligofaag Campanula alpina, bononiensis, carpatica,cervicaria, glomerata, grossekii, lactiflora, latifolia, latiloba, medium, persicifolia, punctata, pyramidalis, rapunculoides, rapunculus, rhomboidalis, rotundifolia, scheuchzeri, sibirica, sparsa, trachelium, trichocalycina; Legousia speculum-veneris; Phyteuma betonicifolium, hedraianthifolium, michelii, nigrum, orbiculare, ovatum, spicatum. synoniemen […]

Ramularia campanulae-latifoliae parasiet

Ramularia campanulae-latifoliae Allescher, 1895 op Campanula parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in korte ketens of enkel, 3-4 x 15-40 µm, 0-3 sept. waardplanten Campanulaceae, monofaag Campanula latifolium, trachelium literatuur Brandenburger (1985a: 604), Braun (1998a), Chater, Woods, Stringer, ao (2021a), Poelt & Fritz-Schroeder (1983a).

Ramularia caduca parasiet

Ramularia caduca (Voss) Braun, 1992 op Circaea parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 2-5 x 9-24 µm, 0-1 sept. waardplanten Onagraceae, monofaag Circaea alpina, x intermedia, lutetiana. synoniemen Ramularia circaeae Allescher, 1891. literatuur Braun (1998a), Chater, Woods, Stringer, ao (2021a), Jage, Kruse, Kummer, ao (2013a), Poelt & Fritz-Schroeder (1983a), Ruszkiewicz-Michalska (2006a), Wołczańska (2005a).

Ramularia bresadolae parasiet

Ramularia bresadolae Braun, 1991 op Stachys parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 5-6 x 10-28 µm, ongesepteerd. waardplanten Lamiaceae, monofaag Stachys palustris. literatuur Braun (1998a), Chater, Woods, Stringer, ao (2021a).

Ramularia asplenii parasiet

Ramularia asplenii Jaap, 1915 op Asplenium parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 2-4 x 10-20 µm, 0-1 sept. waardplanten Aspleniaceae, monofaag Asplenium ruta-muraria, trichomanes. synoniemen Ramularia rutae-murariae Trotter, 1931. literatuur Brandenburger (1985a: 5), Braun (1998a), Chater, Woods, Stringer, ao (2021a) , Ruszkiewicz-Michalska (2006a), Wołczańska (2005a).

Ramularia ari parasiet

Ramularia ari Fautrey, 1892 op Arum parasiet Bladvlekken. waardplanten Araceae, monofaag Arum maculatum. literatuur Chater, Woods, Stringer, ao (2021a), Losa España (1944a), Świderska-Burek (2015a), Unamuno (1943a).

Systasis edlandi parasiet

Systasis edlandi Thuróczy & Hansen, 2015 op Sorbus parasiet Parasitoïd waardplanten Rosaceae, ? monofaag Sorbus aucuparia. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Thuróczy & Hansen (2015a).

Ufens foersteri parasiet

Ufens foersteri (Kryger, 1918) parasiet Parasitoïd van ? Circulifer; Reuteria marqueti. waardplanten polyfaag Chenopodium; Heliotropium; Salsola. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Owen (2011a.

Eurytoma amicophaga parasiet

Eurytoma amicophaga Lotfalizadeh, 2020 op Taeniatherum parasiet Parasitoïd van Tetramesa amica. waardplanten Poaceae, monofaag Taeniatherum caput-medusae. verspreiding binnen Europa Griekenland. literatuur Lotfalizadeh, Rasplus, Cristofaro & Marini (2020a).

Tetramesa amica parasiet

Tetramesa amica Lotfalizadeh, 2020 op Taeniatherium gal Stengelgal waardplanten Poaceae, monofaag Taeniatherum caput-medusae. verspreiding binnen Europa Griekeland. parasitoïden, predatoren Eurytoma amicophaga. literatuur Lotfalizadeh, Rasplus, Cristofaro & Marini (2020a).

Oxyrhachis capeneri parasiet

Oxyrhachis capeneri Izzard, 1953 verspreiding binnen Europa PESI (2022). synoniemen Batracomorphus, Batracomorpha, capeneri. parasitoïden, predatoren Ufens dilativena. literatuur Mihajlović (2018a).

Oxyrhachis parasiet

Oxyrhachinae parasiet

Ufens dilativena parasiet

Ufens dilativena (Nowicki, 1940) parasiet Parasitoïd van Oxyrhachis capeneri. verspreiding binnen Europa PESI (2022). synoniemen Ufensia dilativena. literatuur Mihajlović (2018a), Owen (2011a).

Ufensia parasiet

Trigonoderus cyanescens parasiet

Trigonoderus cyanescens (Förster, 1841) parasiet Parasitoïd van Phaenops cyanea; Scolytus intricatus. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Mihajlović (2018a).

Systasis annulipes parasiet

Systasis annulipes (Walker, 1834) parasiet Parasitoïd van Panteliella. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Mihajlović (2018a).

Psilocera obscura parasiet

Psilocera obscura Walker, 1833 parasiet Parasitoïd van Cotesia glomerata. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Mihajlović (2018a).

Psilocera parasiet

Eulonchetron torymoides parasiet

Eulonchetron torymoides (Thomson, 1878) parasiet Parasitoïd van Euura viminalis. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Mihajlović (2018a), Mitroiu (2004a).

Eulonchetron parasiet

Agrilocida ferrierei parasiet

Agrilocida ferrierei Steffan,1964 parasiet Parasitoïd van Agrilus angustulus; Scolytus multistriatus; Sphenoptera. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Mihajlović (2018a).

Agrilocida parasiet

Eurytoma collaris parasiet

Eurytoma collaris Walker, 1832 parasiet Parasitoïd van Tetramesa fulvicollis. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Mihajlović (2018a).

Eurytoma appendigaster parasiet

Eurytoma appendigaster (Swederus, 1795) parasiet Parasitoïd van Tetramesa. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Mihajlović (2018a).

Anastatus catalonicus parasiet

Anastatus catalonicus Bolivar y Pieltain, 1935 parasiet Parasitoïd van Lymantria dispar. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Mihajlović (2018a) .

Elasmus unicolor parasiet

Elasmus unicolor (Rondani, 1877) parasiet Parasitoïd van Coleophora vibicella. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Mihajlović (2018a).

Platyplectrus laeviscuta parasiet

Platyplectrus laeviscuta (Thomson 1878) parasiet Parasitoïd van Stigmella ruficapitella. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Mihajlović (2018a).

Platyplectrus parasiet

Euderus agrili parasiet

Euderus agrili Bouček, 1963 parasiet Parasitoïd van Agrilus. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Mihajlović (2018a).

Leptomastix flava parasiet

Leptomastix flava Mercet, 1921 parasiet Parasitoïd van Prochiloneurus bolivari. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Mihajlović (2018a).

Leptomastix parasiet

Cheiloneurus boldyrevi parasiet

Cheiloneurus boldyrevi Trjapitzin & Agekian, 1978 parasiet Parasitoïd van Syrphidae, Metcalfa pruinosa. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Mihajlović (2018a), Trjapitzin (2001a).

Brachymeria vitripennis parasiet

Brachymeria vitripennis (Förster, 1859) parasiet Parasitoïd van Byctiscus; Cassida. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Mihajlović (2018a).

Ramularia archangelicae parasiet

Ramularia archangelicae Lindroth, 1902 op Angelica parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidia in ketens, 2-5 x 15-30 µm, 0-2 septen waardplanten Apiaceae, monofaag Angelica archangelica, sylvestris. synoniemen Ramularia angelicae von Höhnel, 1903. literatuur Adamska (2005b), Braun (1998a), Chater, Woods, Stringer, ao (2021a), Poelt & Fritz-Schroeder (1983a), Wołczańska (2005a).

Phacellium trifolii parasiet

Phacellium trifolii (Jaap) Braun, 1993 op Trifolium parasiet Bladvlekken met caespituli. Conidioforen in compacte bundels. Conidia solitair, 2-4 x 6-12 µm, ongesepteerd. waardplanten Fabaceae, monofaag Trifolium medium. literatuur Braun (1998a), Chater, Woods, Stringer, ao (2021a).

Graphium parasiet

Microascales parasiet

Hypsopygia costalis parasiet

Hypsopygia costalis (Fabricius, 1775) triangelmot, paarsehooilichtmot op dood plantaardig materiaal verspreiding binnen Europa PESI (2022). parasitoïden, predatoren Antrocephalus hypsopygiae.

Hypsopygia parasiet

Antrocephalus hypsopygiae parasiet

Antrocephalus hypsopygiae Masi, 1928 parasiet Parasitoïd van Hypsopygia costalis. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Mihajlović (2018a).

Antrocephalus parasiet

Asaphes suspensus parasiet

Asaphes suspensus (Nees, 1834) parasiet Parasitoïd van Monoctonia vesicarii / Pemphigus spyrothecae. waardplanten Salicaceae, monofaag Populus nigra. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Ghafouri-Moghaddam, Lotfalizadeh & Rakhshani (2014a).

Asaphes parasiet

Asaphinae parasiet

Monoctonia vesicarii parasiet

Monoctonia vesicarii Tremblay, 1991 parasiet Parasitoïd van Pemphigus spyrothecae. waardplanten Salicaceae, ? monofaag Populus nigra. verspreiding binnen Europa PESI (2022). parasitoïden, predatoren Asaphes suspensus; Pachyneuron solitarium. literatuur Ghafouri-Moghaddam, Lotfalizadeh & Rakhshani (2014a).

Monoctonia parasiet

Dibrachys lignicola parasiet

Dibrachys lignicola Graham, 1969 parasiet Parasitoïd van Cydia pomonella; Gilpinia hercyniae. waardplanten Pinaceae, ? oligofaag Picea abies. verspreiding binnen Europa PESI (2022). synoniemen Dibrachys goettingenus Doğanlar, 1987. literatuur Doğanlar (1987a), Peters & Baur (2011a).

Dibrachys braconidis parasiet

Dibrachys braconidis (Ferrière & Faure, 1925) parasiet Parasitoïd van Cotesia glomerata. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Doğanlar (1987a).

Ramularia aromatica parasiet

Ramularia aromatica (Saccardo) von Höhnel,1905 op Acorus Acorus calamus, België, prov. Antwerpen, Mol, Kempisch Kanaal Sas 7, 30.vi.2022 © Carina Van Steenwinkel zwaar aangetast blad loupe-beeld caespitulus en sporen aporen maten 2-3 x 14-45 µm, 0-3 septen waardplanten Acoraceae, monofaag Acorus calamus. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Brandenburger (1985a: 855), Braun (1998a), Ellis & […]

Dibrachys palandoekenus parasiet

Dibrachys palandoekenus Doğanlar, 1987 parasiet Parasitoïd van Cotesia glomerata / Pieris brassicae. verspreiding binnen Europa Turkije. literatuur Doğanlar (1987a).

Cotesia glomerata parasiet

Cotesia glomerata (Linnaeus, 1758) parasiet Parasitoïd van Pieris brassicae. verspreiding binnen Europa PESI (2022). synoniemen Apanteles glomeratus. parasitoïden, predatoren Dibrachys braconidis, palandoekenus; Elasmus steffani; Psilocera obscura. literatuur Doğanlar (1987a).

Cotesia parasiet

Microgastrinae parasiet

Dibrachys maculipennis parasiet

Dibrachys maculipennis Szelényi, 1957 parasiet Parasitoïd van Hyphantria cunea. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Doğanlar (1987a).

Conomorium helvaciogluae parasiet

Conomorium helvaciogluae Doğanlar, 2020 parasiet Parasitoïd van Ostrinia nubilalis; Sesamia nonagrioides. verspreiding binnen Europa Turkije. literatuur Doğanlar (2020a).

Pachyneuron solitarium parasiet

Pachyneuron solitarium (Hartig, 1838) parasiet Parasitoïd van Dendrolimus pini; Monoctonia vesicarii / Pemphigus spyrothecae. waardplanten Salicaceae, monofaag Populus nigra. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a), Ghafouri-Moghaddam, Lotfalizadeh & Rakhshani (2014a).

Pseudococcus cryptus parasiet

Pseudococcus cryptus Hempel, 1918 parasiet Schildluis. waardplanten polyfaag Citrus; Viburnum tinus. verspreiding binnen Europa PESI (2022). synoniemen Pseudococcus citriculus Green, 1922. parasitoïden, predatoren Pachyneuron muscarum. opmerkingen Plaag op citrus. literatuur Sánchez-García & Ben-Dov (2010a).

Conomorium amplum parasiet

Conomorium amplum (Walker, 1835) parasiet Parasitoïd van Agriopis bajaria; Hyphantria cunea verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a).

Phaeoramularia punctiformis parasiet

Phaeoramularia punctiformis (Schlechtendal) Braun, 1992 op Chamerion, Epilobium Epilobium tetragonum, België, prov. Antwerpen, Balen, de Vennen, 26.vi.2022 © Carina Van Steenwinkel zelfde blad,onderzijde kolonies conidia (4-7 x 22-50 µm, 0-2 septen) Epilobium spec., België, prov. Antwerpen, Laakdal, 28.vi.2022 © Carina Van Steenwinkel detail kolonies conidia maten 4-6 x 19-46 µm, 0-2 septen waardplanten Onagraceae, nauw […]

Trichomalopsis microptera parasiet

Trichomalopsis microptera (Lindeman, 1887) parasiet Parasitoïd van Mayetiola; Oscinella; Oulema gallaeciana. waardplanten Poaceae, ? oligofaag Triticum aestivum. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Noordijk, Ulenberg, Zwakhals ao (2016a).

Camptoptera papaveris parasiet

Camptoptera papaveris Förster, 1856 parasiet Parasitoïd van Oulema melanopus. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Noordijk, Ulenberg, Zwakhals ao (2016a).

Camptoptera parasiet

Anaphes flavipes parasiet

Anaphes flavipes (Förster, 1841) parasiet Parasitoïd van Crioceris duodecimpunctata; Lema cyanella; Leptinotarsa decemlineata; Oulema gallaeciana, melanopus. waardplanten Poaceae, oligofaag Avena sativa; Triticum aestivum. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Noordijk, Ulenberg, Zwakhals ao (2016a).

Alaptus pallidornis parasiet

Alaptus pallidornis Förster, 1856 parasiet Parasitoïd van Oulema melanopus. waardplanten Fabaceae, monofaag Medicago sativa. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Noordijk, Ulenberg, Zwakhals ao (2016a).

Alaptus parasiet

Tetrastichus julis parasiet

Tetrastichus julis (Walker, 1839) parasiet Parasitoïd van Cassida nebulosa; Lema cyanella; Oulema gallaeciana, melanopus. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Hansson & Schmidt (2020a), Noordijk, Ulenberg, Zwakhals ao (2016a).

Arthrolytus incisus parasiet

Arthrolytus incisus Askew & Nieves Aldrey, 1982 op Quercus parasiet Parasitoïd van Andricus quercusradicis. waardplanten Fagaceae, monofaag Quercus pyrenaica. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Doğanlar (2018a).

Ageniaspis testaceipes parasiet

Ageniaspis testaceipes (Ratzeburg, 1848) parasiet Parasitoïd van Macrosaccus robiniella. waardplanten ? polyfaag Robinia pseudoacacia. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Szőcs, Thuróczy, Melika & Csóka (2015a).

Tetrastichus miser parasiet

Tetrastichus miser (Nees, 1834) parasiet Parasitoïd van Orchestes alni, fagi, pilosus, quercus, testaceus; Rhamphus oxyacanthae; tachyerges salicis. waardplanten polyfaag Alnus glutinosa. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Hansson & Schmidt (2020a; Szőcs, Thuróczy, Melika & Csóka (2015a).

Cyclogastrella simplex parasiet

Cyclogastrella simplex (Walker, 1834) parasiet Parasitoïd van Choristoneura hebenstreitella; Tortrix viridana; Zeiraphera griseana. waardplanten polyfaag Quercus cerris, petraea. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a), Zaemdzhikova, Todorov & Stojanova (2016a).

Cyclogastrella parasiet

Arthrolytus maculipennis parasiet

Arthrolytus maculipennis (Walker, 1835) parasiet Parasitoïd van Mayetiola destructor. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a).

Trichomalopsis hemiptera parasiet

Trichomalopsis hemiptera (Walker, 1835) parasiet Parasitoïd van Chlorops pumilionis; Mayetiola destructor. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a).

Trichomalopsis parasiet

Trichomalus acuminatus parasiet

Trichomalus acuminatus Delucchi & Graham, 1956 parasiet Parasitoïd van Pieris brassicae. verspreiding binnen Europa PESI (2022). synoniemen Trichomalopsis acuminatus. literatuur Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a).

Sympiesis angustipennis parasiet

Sympiesis angustipennis (Erdős, 1954) parasiet Parasitoïd van Phyllonorycter heegeriella, issikii. waardplanten polyfaag Quercus petraea; Tilia cordata. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Szőcs, Thuróczy, Melika & Csóka (2015a).

Trichomalus elongatus parasiet

Trichomalus elongatus Delucchi & Graham, 1956 op Alcea parasiet Parasitoïd van Asapion radiolus. waardplanten Malvaceae, monofaag Alcea rosea. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a).

Trichomalus alonsoi parasiet

Trichomalus alonsoi Nieves-Aldrey & Garrido, 1994 op Umbilicus parasiet Parasitoïd van Pericartiellus durieui. waardplanten Crassulaceae, monofaag Umbilicus rupestris. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a).

Chrysocharis laomedon parasiet

Chrysocharis laomedon (Walker, 1839) parasiet Parasitoïd van Phyllonorycter cerasicolella, issikii, maestingella, quercifoliella. waardplanten polyfaag Fagus sylvatica; Prunus cerasifera; Quercus petraea; Tilia cordata. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Szőcs, Thuróczy, Melika & Csóka (2015a).

Aprostocetus zoilus parasiet

Aprostocetus zoilus (Walker, 1839) op Tilia parasiet Parasitoïd van Phyllonorycter issikii. waardplanten Malvaceae, monofaag Tilia cordata. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Szőcs, Thuróczy, Melika & Csóka (2015a).

Paleoacanthoscelides gilvus parasiet

Paleoacanthoscelides gilvus (Gyllenhal, 1839) op Onobrychis, Hedysarum parasiet De larven boren in de zaden. waardplanten Fabaceae, nauw oligofaag Hedysarum coronarium, flexuosum, spinosissimum & subsp. capitatum; Onobrychis aequidentata, grandis, schahuaensis, vaginalis, viciifolia. verspreiding binnen Europa PESI (2022). synoniemen Bruchus gilvus. parasitoïden, predatoren Dinarmus acutus. literatuur Borowiec (1985a), Delobel & Delobel (2003a), Yus Ramos (2009b).

Paleoacanthoscelides parasiet

Mesopolobus typographi parasiet

Mesopolobus typographi (Ruschka, 1924) parasiet Parasitoïd van Ips typographus; Tomicobia seitneri. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a).

Tomicobia seitneri parasiet

Tomicobia seitneri (Ruschka, 1924) parasiet Parasitoïd van Ips acuminatus, amitinus, duplicatus, typographus. verspreiding binnen Europa PESI (2022). parasitoïden, predatoren Mesopolobus typographi. literatuur Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a) .

Mesopolobus subfumatus parasiet

Mesopolobus subfumatus (Ratzeburg, 1852) parasiet Parasitoïd van Diprion. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a).

Achrysocharoides parva parasiet

Achrysocharoides parva (Delucchi, 1956) op Quercus parasiet Parasitoïd van Phyllonorycter messaniella. waardplanten Fagaceae, monofaag Quercus suber. verspreiding binnen Europa PESI (2022). synoniemen Enaysma parva. literatuur Askew & Ruse (1974a).

Achrysocharoides nigricoxae parasiet

Achrysocharoides nigricoxae (Delucchi, 1954) op Vicia parasiet Parasitoïd van Phyllonorycter nigrescentella. waardplanten Fabaceae, monofaag Vicia sepium. verspreiding binnen Europa PESI (2022). synoniemen Enaysma nigricoxae. literatuur Askew & Ruse (1974a).

Achrysocharoides scaposa parasiet

Achrysocharoides scaposa (Erdős, 1961) op Populus parasiet Parasitoïd van Phyllonorycter comparella. waardplanten Salicaceae, monofaag Populus alba. verspreiding binnen Europa PESI (2022). synoniemen Enaysma scaposa. literatuur Askew & Ruse (1974a), Szőcs, Thuróczy, Melika & Csóka (2015a).

Achrysocharoides altilis parasiet

Achrysocharoides altilis (Delucchi, 1954) op Populus parasiet Parasitoïd van Phyllonorycter comparella, populifoliella. waardplanten Salicaceae, monofaag Populus alba. verspreiding binnen Europa PESI (2022). synoniemen Enaysma altilis. literatuur Askew & Ruse (1974a), Szőcs, Thuróczy, Melika & Csóka (2015a).

Pediobius pyrgo parasiet

Pediobius pyrgo (Walker, 1839) parasiet Parasitoïd van Phyllonorycter quercifoliella, roboris; Tortrix viridana. waardplanten polyfaag Quercus cerris, pubescens. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Kondur & Şi̇mşek (2016a), Szőcs, Thuróczy, Melika & Csóka (2015a).

Mesopolobus robiniae parasiet

Mesopolobus robiniae Lakatos & László, 2021 op Robinia parasiet Parasitoïd van Bruchophagus robiniae. waardplanten Fabaceae, monofaag Robinia pseudoacacia. verspreiding binnen Europa Hongarije, Roemenië. literatuur László, Lakatos & Dénes (2021a).

Monodontomerus aereus parasiet

Monodontomerus aereus Walker, 1834 parasiet Parasitoïd van Choristoneura murinana; Euproctis chrysorrhoea; Lymantria dispar; Tortrix viridana. waardplanten polyfaag Abies cilicica; Quercus cerris, petraea. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Kondur & Şi̇mşek (2016a), Muesebeck (1931a), Sarıkaya & Avcı (2005a), Zaemdzhikova, Todorov & Stojanova (2016a)..

Monodontomerus parasiet

Mesopolobus maculicornis parasiet

Mesopolobus maculicornis (Girault, 1863) parasiet Parasitoïd van Craneiobia corni. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a).

Achrysocharoides insignitellae parasiet

Achrysocharoides insignitellae (Erdős, 1966) op Medicago, etc. parasiet Parasitoïd van Phyllonorycter insignitella. waardplanten Fabaceae, oligofaag Medicago sativa; Trifolium pratense. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Bryan (1980a).

Achrysocharoides latreillii parasiet

Achrysocharoides latreillii (Curtis, 1826) op Quercus parasiet Parasitoïd van Phyllonorycter harrisella, ilicifoliella, quercifoliella, roboris. waardplanten Fahaceae, monofaag Quercus cerris, petraea, robur. verspreiding binnen Europa PESI (2022). synoniemen Achrysocharoides, Enaysma, latreilei. literatuur Askew & Ruse (1974a), Bryan (1980a, 1983a), Szőcs, Thuróczy, Melika & Csóka (2015a).

Achrysocharoides cilla parasiet

Achrysocharoides cilla (Walker, 1839) parasiet Parasitoïd van Metallus pumilus; Phyllonorycter comparella, heegeriella, issikii, maestingella, quercifoliella, roboris, sorbi; Profenusa pygmaea. waardplanten polyfaag Fagus sylvatica; Populus alba; Quercus cerris, petraea; ? Rubus; Sorbus aucuparia; Tilia cordata. verspreiding binnen Europa PESI (2022). synoniemen Enaysma cilla. literatuur Askew & Ruse (1974a), Bryan (1980a, 1983a), Szőcs, Melika, Thuróczy & Csóka […]

Achrysocharoides carpini parasiet

Achrysocharoides carpini Bryan, 1980 op Carpinus parasiet Parasitoïd van Phyllonorycter esperella. waardplanten Betulaceae, monofaag Carpinus betulus. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Bryan (1980a, 1983a).

Homoporus anthrisci parasiet

Homoporus anthrisci Vikberg, 2019 op Anthriscus parasiet Parasitoïd van Melanagromyza nigrissima. waardplanten Apiaceae, monofaag Anthriscus sylvestris. verspreiding binnen Europa Finland. literatuur Vikberg (2019a).

Chlorocytus spicatus parasiet

Chlorocytus spicatus (Walker, 1835) parasiet Parasitoïd van Melanagromyza angeliciphaga, lappae, nigrissima. waardplanten Asteraceae, ? oligofaag Angelica sylvestris. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a), Vikberg (2019a).

Achrysocharoides acerianus parasiet

Achrysocharoides acerianus (Askew, 1974) op Acer parasiet Parasitoïd van Phyllonorycter acerifoliella, geniculella. waardplanten Sapindaceae, monofaag Acer pseudoplatanus. verspreiding binnen Europa PESI (2022). synoniemen Enaysma aceriana. literatuur Askew & Ruse (1974a), Bryan (1980a, 1983a), Hansson & Shevtsova (2010a).

Achrysocharoides platanoidae parasiet

Achrysocharoides platanoidae Hansson & Shevtsova, 2010 op Acer parasiet Parasitoïd van Phyllonorycter joannisi. waardplanten Sapindaceae, monofaag Acer platanoides. verspreiding binnen Europa UK, Zweden. literatuur Hansson & Shevtsova (2010a).

Derostenus gemmeus parasiet

Derostenus gemmeus Westwood, 1833 op Hypericum parasiet Parasitoïd van Fomoria septembrella. waardplanten Hypericaceae, monofaag Hypericum. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Vidal (1986a).

Derostenus parasiet

Chrysocharis laricinellae parasiet

Chrysocharis laricinellae (Ratzeburg, 1848) parasiet Parasitoïd van Coleophora laricella. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Vidal (1986a).

Achrysocharoides zwoelferi parasiet

Achrysocharoides zwoelferi (Deluchi, 1954) op Salix parasiet Parasitoïd van Phyllonorycter hilarella, quinqueguttella, salicicolella, salictella. waardplanten Salicaceae, monofaag a href=”https://bladmineerders.nl/salix/”>Salix cinerea subsp. oleifolia, repens & subsp. rosmarinifolia, viminalis. verspreiding binnen Europa PESI (2022). synoniemen Enaysma zwoelferi. literatuur Askew & Ruse (1974a), Bryan (1980a, 1983a), Vidal (1986a).

Achrysocharoides splendens parasiet

Achrysocharoides splendens (Deluchi, 1954) parasiet Parasitoïd van Phyllonorycter emberizaepennella, froelichiella, lautella, nicellii, schreberella, strigulatella, tenerella, trifasciella. waardplanten polyfaag Alnus glutinosa, incana; Corylus avellana; Lonicera periclymenum; Quercus robur; Sorbus; Ulmus. verspreiding binnen Europa PESI (2022). synoniemen Enaysma splendens. literatuur Askew & Ruse (1974a), Bryan (1980a, 1983a), Szőcs, Thuróczy, Melika & Csóka (2015a), Vidal (1986a).

Achrysocharoides niveipes parasiet

Achrysocharoides niveipes (Thomson, 1878) parasiet Parasitoïd van Phyllonorycter anderidae, cavella, ulmifoliella. waardplanten ? polyfaag Betula. verspreiding binnen Europa PESI (2022). synoniemen Enaysma niveipes. literatuur Askew & Ruse (1974a), Bryan (1980a, 1983a), Vidal (1986a).

Achrysocharoides atys parasiet

Achrysocharoides atys (Walker, 1839) parasiet Parasitoïd van Phyllonorycter blancardella, cydoniella, oxyacanthae. sorbi. waardplanten Rosaceae, oligofaag Crataegus monogyna; Malus domestica; Pyrus communis; Sorbus aucuparia. verspreiding binnen Europa PESI (2022). synoniemen Enaysma atys. literatuur Askew & Ruse (1974a), Bryan (1980a, 1983a), Vidal (1986a).

Chlorocytus spenceri parasiet

Chlorocytus spenceri Graham, 1965 parasiet Parasitoïd van Melanagromyza angeliciphaga, aeneoventris. waardplanten polyfaag Angelica sylvestris; Jacobaea vulgaris. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a).

Chlorocytus planus parasiet

Chlorocytus planus (Walker, 1834) op Alopecurus parasiet Parasitoïd van Tetramesa angustipenne. waardplanten Poaceae, monofaag Alopecurus geniculatus, pratensis. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a).

Chlorocytus deschampsiae parasiet

Chlorocytus deschampsiae Graham, 1965 op Deschampsia parasiet Parasitoïd van Tetramesa petiolata. waardplanten Poaceae, monofaag Deschampsia cespitosa. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a)

Stenomalina liparae parasiet

Stenomalina liparae (Giraud, 1863) op Phragmites parasiet Parasitoïd van Lipara lucens. waardplanten Poaceae, monofaag Phragmites australis. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a).

Stenomalina communis parasiet

Stenomalina communis (Nees, 1834) parasiet Parasitoïd van Chlorops pumilionis. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a).

Zagrammosoma talitzkii parasiet

Zagrammosoma talitzkii (Bouček, 1961) parasiet Parasitoïd van Bucculatrix bechsteinella; Leucoptera malifoliella; Liriomyza congesta, Liriomyza pseudopygmina, Liriomyza trifolii; Phyllonorycter cerasicolella,connexella, corylifoliella. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Amiri, Talebi, Navone & Yefremova (2009a), Yefremova & Kishinevsky (2021a).

Zagrammosoma parasiet

Achrysocharoides suprafolius parasiet

Achrysocharoides suprafolius (Askew, 1974) parasiet Parasitoïd van Phyllonorycter corylifoliella. waardplanten polyfaag Betula pubescens; Crataegus crus-galli, monogyna; Prunus domestica; Sorbus aria, intermedia. verspreiding binnen Europa PESI (2022). synoniemen Enaysma suprafolia. literatuur Amiri, Talebi, Navone & Yefremova (2009a), Askew & Ruse (1974a), Bryan (1980a, 1983a).

Chrysocharis nitidifrons parasiet

Chrysocharis nitidifrons Graham, 1963 parasiet Parasitoïd van Coptotriche marginea; Heterarthrus vagans; Orchestes pilosus. waardplanten polyfaag Alnus glutinosa; Quercus cerris; Rubus. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Askew (1984a), Szőcs, Thuróczy, Melika & Csóka (2015a).

Achrysocharoides budensis parasiet

Achrysocharoides budensis (Erdős, 1954) parasiet Parasitoïd van Coptotriche angusticollella, gaunacella, heinemanni. waardplanten Rosaceae, oligofaag Prunus; Rosa; Rubus. verspreiding binnen Europa PESI (2022). synoniemen Chrysocharis budensis. literatuur Askew (1984a), Szőcs, Melika, Thuróczy & Csóka (2014a), Vidal (1986a).

Chrysocharis nautius parasiet

Chrysocharis nautius (Walker, 1846) op Quercus, etc. parasiet Parasitoïd in mijnen van Tischeria dodonaea, ekebladella. waardplanten Fagaceae, oligofaag Castanea sativa; Quercus. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Askew (1984a).

Pnigalio ternatus parasiet

Pnigalio ternatus Askew, 1984 op Rosa parasiet Parasitoïd in mijnen van Coptotriche angusticollella. waardplanten Rosaceae, monofaag Rosa canina. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Askew (1984a).

Elachertus pulcher parasiet

Elachertus pulcher (Erdős, 1961) parasiet Parasitoïd van Tuta absoluta. waardplanten ? polyfaag Lycopersicon esculentum. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Yarahmadi, Salehi & Lotfalizadeh (2016a).

Elachertus gallicus parasiet

Elachertus gallicus Erdős, 1958 op Rosa parasiet Parasitoïd van Arge ochropus. waardplanten Rosaceae, monofaag Rosa canina. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Efremova & Lengesova (2008a).

Pnigalio xerophilus parasiet

Pnigalio xerophilus (Erdős, 1954) parasiet Parasitoïd in gallen van Euura proxima; Phyllonorycter blancardella. waardplanten polyfaag Salix. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Efremova & Lengesova (2008a), Mihajlović (2018a.

Chrysocharis polyzo parasiet

Chrysocharis polyzo (Walker, 1839) parasiet Parasitoïd in gallen van Agromyza nigripes; iraeos, phragmitidis. waardplanten polyfaag Iris pseudacorus; Phragmites. verspreiding binnen Europa PESI (2022). synoniemen Chrysocharis palustris (Goureau, 1851). literatuur Gijswijt (1965a).

Chrysocharis phryne parasiet

Chrysocharis phryne (Walker, 1839) parasiet Parasitoïd in mijnen van Phyllonorycter emberizaepennella, lautella, quercifoliella, schreberella, sorbi; Stigmella lemniscella. waardplanten polyfaag Lonicera; Quercus; Sorbus; Symphoricarpos; Ulmus. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Gijswijt (1965a), Szőcs, Thuróczy, Melika & Csóka (2015a), Vidal (1986a).

Chrysocharis amyite parasiet

Chrysocharis amyite (Walker, 1836) parasiet Parasitoïd in mijnen van Fenusa pumila; Phytomyza aquilegiae. waardplanten polyfaag Anthriscus sylvestris; Aquilegia; Betula pendula; Humulus; Lamium; Silene; Stachys sylvatica; Trifolium. verspreiding binnen Europa PESI (2022). synoniemen Chrysocharis filicornis (Thomson, 1878). literatuur Efremova & Lengesova (2008a), Gijswijt (1965a).

Chrysocharis pubens parasiet

Chrysocharis pubens Delucchi, 1954 parasiet Parasitoïd in mijnen van Phytomyza heringiana. waardplanten ? polyfaag Malus domestica. verspreiding binnen Europa PESI (2022). synoniemen Chrysocharis latifrons Gijswijt (1965a) . literatuur Gijswijt (1965a).

Holarcticesa clinius parasiet

Holarcticesa clinius (Walker, 1839) op grassen parasiet Parasitoïd in gallen van Haplodiplosis marginata. waardplanten Poaceae, ? monofaag Elytrigia repens. verspreiding binnen Europa PESI (2022). synoniemen Chrysocharis, Grahamia, clinius. literatuur Gijswijt (1985a).

Holarcticesa parasiet

Byturus tomentosus parasiet

Byturus tomentosus (De Geer, 1774) frambozenkever op Rubus parasiet Larven ontwikkelen zich in de bloembodem van de schijnvrucht. Verpoppinh in de bodem. Volwassen kevers vreten aan de bloemknoppen e.d. waardplanten Rosaceae, monofaag Rubus fruticosus, idaeus. verspreiding binnen Europa PESI (2022). parasitoïden, predatoren Tetrastichus halidayi. literatuur Gerard (1985a).

Byturus parasiet

Byturidae parasiet

Tetrastichus halidayi parasiet

Tetrastichus halidayi (Graham 1961) parasiet Parasitoïd van Argopus ahrensii; Byturus tomentosus. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Bouček (1968a), Hansson & Schmidt (2020a).

Achrysocharoides butus parasiet

Achrysocharoides butus (Walker, 1839) op Querus parasiet Parasitoïd in mijnen van Phyllonorycter kuhlweiniella, quercifoliella. waardplanten Fagaceae, monofaag Quercus petraea, ronur. verspreiding binnen Europa PESI (2022). synoniemen Enaysma butus. opmerkingen Een vermelding van Fenusa pumila op Betula pendula is zeer onwaarschijnlijk (zie Bryan), literatuur Askew & Ruse (1974a), Bouček (1968a), Bryan (1980a), Efremova & Lengesova (2008a).

Achrysocharoides albiscapus parasiet

Achrysocharoides albiscapus (Delucchi, 1957) op Quercus parasiet Parasitoïd in mijnen van Phyllonorycter. waardplanten Fagaceae, ? monofaag Quercus cerris. verspreiding binnen Europa PESI (2022). synoniemen Enaysma albiscapus. literatuur Askew & Ruse (1974a), Bouček (1968a).

Chrysocharis pilosa parasiet

Chrysocharis pilosa Delucchi, 1954 op Polygonatum parasiet Parasitoïd in mijnen van Americina. waardplanten Asparagaceae, ? monofaag Polygonatum. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Bouček (1968a).

Tomicobia pityophthori parasiet

Tomicobia pityophthori (Bouček, 1955) parasiet Parasitoïd van Pityophthorus carniolicus, lichtensteini . verspreiding binnen Europa PESI (2022). synoniemen Karpinskiella pityophthori. literatuur Bouček (1968a).

Tomicobia parasiet

Sceptrothelys deione parasiet

Sceptrothelys deione (Walker, 1839) parasiet Parasitoïd van Coleophora flavipennella or lutipennella. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Bouček (1968a).

Sceptrothelys parasiet

Capellia orneus parasiet

Capellia orneus (Walker, 1839) parasiet Parasitoïd van Exoteleia dodecella. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Bouček (1968a).

Capellia parasiet

Homoporus sashegyensis parasiet

Homoporus sashegyensis Erdős, 1953 op Stipa parasiet Parasitoïd in gallen van Tetramesa aciculata, cylindrica. waardplanten Poaceae, monofaag Stipa capillata. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Bouček (1968a).

Scythia festuceti parasiet

Scythia festuceti (Šulc, 1941) op grassen parasiet Schilduizen aan de bladeren. waardplanten Poaceae, oligofaag Festuca; Hyparrhenia hirta; Stipa. verspreiding binnen Europa PESI (2022). synoniemen Mohelnia festuceti. parasitoïden, predatoren Eunotus cretaceus; Scutellista obscura. literatuur Bouček (1968a) , Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a).

Scythia parasiet

Eupelmus pullus parasiet

Eupelmus pullus Ruschka, 1921 op Larix parasiet Parasitoïd van Megastigmus pictus. waardplanten Pinaceae, monofaag Larix decidua. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Bouček (1968a).

Eupelmus pini parasiet

Eupelmus pini Taylor, 1927 op Pinus parasiet Parasitoïd van Tomicus minor. waardplanten Pinaceae, monofaag Pinus. verspreiding binnen Europa PESI (2022). synoniemen Eupelmus aloysii Russo, 1938. literatuur Bouček (1968a).

Calosota vernalis parasiet

Calosota vernalis Curtis, 1836 parasiet Parasitoïd van Agrilus; Tomicus minor. waardplanten polyfaag Pinus; Vitis. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Askew & Nieves-Aldrey (2006a), Bouček (1968a).

Agrilus planipennis parasiet

Agrilus planipennis Fairmaire, 1888 essenprachtkever op Fraxinus parasiet Deze Aziatische schorskever is geïntroduceerd in Noord-Amerika, en doet daar aanzienlijke schade. Ook in oostelijk Europa is de soort gearriveerd; een mogelijke westwaartse uitbreiding wordt met zorg tegemoet gezien. waardplanten Oleaceae, monofaag Fraxinus. verspreiding binnen Europa Europees Rusland, Wit-Rusland, Ukraïne. literatuur Moraall (2011a), Orlova-Bienkowskaja, Drogvalenko, Zabaluev, ao […]

Apelioma pteromalinum parasiet

Apelioma pteromalinum (Thomson, 1878) op Pinus parasiet Parasitoïd van Phaenops cyanea. waardplanten Pinaceae, monofaag Pinus. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Lindemann & Hansen (2017a) .

Apelioma parasiet

Tricyclomischus celticus parasiet

Tricyclomischus celticus Graham, 1956 op Laburnum parasiet Parasitoïd waardplanten Fabaceae, monofaag Laburnum anagyroides. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Lindemann & Hansen (2017a).

Tricyclomischus parasiet

Glyphognathus laevis parasiet

Glyphognathus laevis (Delucchi, 1953) op Solidago parasiet Parasitoïd in mijnen van Phytomyza solidaginis. waardplanten Asteraceae, monofaag Solidago virgaurea. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Lindemann & Hansen (2017a).

Glyphognathus parasiet

Gastrancistrus picipes parasiet

Gastrancistrus picipes (Nees, 1834) parasiet Parasitoïd waardplanten olyfaag Betula; Fagus sylvatica. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Lindemann & Hansen (2017a).

Gastrancistrus autumnalis parasiet

Gastrancistrus autumnalis (Walker, 1834) op Fagus parasiet Parasitoïd waardplanten Fagaceae, ? monofaag Fagus sylvatica. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Lindemann & Hansen (2017a).

Pteromalus solidaginis parasiet

Pteromalus solidaginis Graham & Gijswijt, 1991 op Solidago parasiet Parasitoïd in gallen van ? Campiglossa loewiana. waardplanten Asteraceae, monofaag Solidago virgaurea. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Graham & Gijswijt (1991a).

Mesopolobus brevinervis parasiet

Mesopolobus brevinervis Gijswijt, 1994 op Artemisia parasiet Parasitoïd in gallen van ? Campiglossa misella; ? Tephritis dioscurea. waardplanten Asteraceae, monofaag Artemisia absinthium. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Gijswijt (1994a).

Pteromalus tripolii parasiet

Pteromalus tripolii (Graham, 1969) parasiet Parasitoïd van Campiglossa plantaginis. waardplanten Asteraceae, monofaag Tripolium pannonicum subsp. tripolium. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a).

Pteromalus musaeus parasiet

Pteromalus musaeus Walker, 1844 parasiet Parasitoïd van Terellia serratulae. waardplanten Asteraceae, oligofaag Carduus nutans; Cirsium vulgare. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a).

Pteromalus elevatus parasiet

parasiet Parasitoïd in gallen van Chaetostomella cylindrica; Urophora. waardplanten Asteraceae, ? oligofaag Centaurea scabiosa; Cirsium arvense. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a), Mitroiu, Andriescu & Slonovschi (2006a).

Pteromalus dispar parasiet

Pteromalus dispar (Curtis, 1827) parasiet Parasitoïd van Pieris brassicae; Pleuroptya ruralis. waardplanten polyfaag Urtica dioica. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a).

Pteromalus cioni parasiet

Pteromalus cioni (Thomson, 1878) parasiet Parasitoïd van Cionus. waardplanten Scrophulariaceae, ? monofaag Scrophularia. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a).

Pteromalus albipennis parasiet

Pteromalus albipennis Walker, 1835 parasiet Parasitoïd in gallen van Chaetostomella cylindrica; Chaetorellia jaceae; Tephritis bardanae, cometa; Terellia tussilaginis, winthemi; Urophora stylata. waardplanten Asteraceae, oligofaag Arctium lappa; Carduus crispus; Centaurea nemoralis, scabiosa; Cirsium arvense. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a), Mitroiu, Andriescu & Slonovschi (2006a).

Homoporus pulchripes parasiet

Homoporus pulchripes Erdős, 1953 op Stipa parasiet Parasitoïd in gallen van Tetramesa aciculata. waardplanten Poaceae, ? monofaag Stipa capillata. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Bouček (1968a), Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a).

Homoporus nypsius parasiet

Homoporus nypsius (Walker, 1839) parasiet Parasitoïd in gallen van Mayetiola destructor. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a).

Aulogymnus bicolor parasiet

Aulogymnus bicolor (Askew, 1975) parasiet Parasitoïd in gallen van Plagiotrochus australis, quercusilicis. verspreiding binnen Europa PESI (2022). ei, larve, pop zie Lepiforum, Pyrgus. literatuur Gómez, Hernández Nieves, Garrido Torres, ao (2006a).

Homoporus luniger parasiet

Homoporus luniger (Nees, 1834) parasiet Parasitoïd in gallen van Tetramesa calamagrostidis. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a).

Dinarmus acutus parasiet

Dinarmus acutus (Thomson, 1878) op Lathyrus, etc. parasiet Parasitoïd van Bruchidius lividimanus, siliquastri; Bruchus lentis; Paleoacanthoscelides gilvus. waardplanten Fabaceae, oligofaag Cercis siliquastrum; Lathyrus; Vicia. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a), Stojanova, György & László (2011a).

Cyrtoptyx latipes parasiet

Cyrtoptyx latipes (Rondani, 1874) parasiet Parasitoïd van Bactrocera oleae. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a).

Rhopalicus tutela parasiet

Rhopalicus tutela (Walker, 1836) parasiet Parasitoïd van Pissodes. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur arrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a) .

Rhopalicus quadratus parasiet

Rhopalicus quadratus (Ratzeburg, 1844) parasiet Parasitoïd van Carphoborus; Ips; Pityogenes, Tomicus. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a).

Rhopalicus guttatus parasiet

Rhopalicus guttatus (Ratzeburg, 1844) parasiet Parasitoïd van Ips; Pissodes. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a).

Dinotiscus eupterus parasiet

Dinotiscus eupterus (Walker, 1836) parasiet Parasitoïd van Cryphalus; Dryocoetes, Ips; Pityogenes. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a).

Toxeuma fuscicorne parasiet

Toxeuma fuscicorne Walker, 1833 op grassen parasiet Parasitoïd in de zadem waardplanten Poaceae, oligofaag Arrhenatherum elatius; Avenula pubescens; Helictochloa pratensis. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a).

Toxeuma parasiet

Cyrtogaster clavicornis parasiet

Cyrtogaster clavicornis Walker, 1833 parasiet Parasitoïd van Agromyza; Pegomya hyoscyami. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a).

Macroglenes chalybeus parasiet

Macroglenes chalybeus (Haliday, 1833) parasiet Parasitoïd in gallen van Contarinia pisi, tritici; Dasineura viciae. waardplanten polyfaag Vicia tetrasperma. verspreiding binnen Europa PESI (2022). synoniemen Macroglenes chalibeus. literatuur Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a).

Gastrancistrus salicis parasiet

Gastrancistrus salicis (Nees, 1834) op Salix parasiet Parasitoïd in gallen van Rabdophaga salicis. waardplanten Salicaceae, monofaag Salix. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a).

Gastrancistrus parasiet

Systasis angustula parasiet

Systasis angustula Graham, 1969 parasiet Parasitoïd in gallen van Kiefferia pericarpiicola. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a).

Lamprotatus truncatus parasiet

Lamprotatus truncatus (Boyer de Fonscolombe, 1832) op Rumex parasiet Parasitoïd waardplanten Polygonaceae, ? monofaag Rumex acetosa. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a).

Lamprotatus annularis parasiet

Lamprotatus annularis (Walker, 1833) op Stellaria parasiet Parasitoïd waardplanten Caryophyllaceae, ? monofaag Stellaria media. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a).

Lamprotatus parasiet

Miscogaster rufipes parasiet

Miscogaster rufipes Walker, 1833 op kruiden parasiet Parasitoïd in mijnen van Agromyza abiens, reptans; Phytomyza medicaginis. waardplanten polyfaag Borago officinalis; Cynoglossum officinale; Echium vulgare; Lycopsis arvensis; Myosotis; Symphytum officinale; Urtica dioica. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a).

Miscogaster maculata parasiet

Miscogaster maculata Walker, 1833 op kruiden parasiet Parasitoïd in mijnen van Amauromyza labiatarum; Phytomyza fallaciosa, glechomae, medicaginis, petoei, ranunculi. waardplanten polyfaag Glechoma hederacea; Lamium album; Mentha; Myosotis; Ranunculus acris; Stachys palustris. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a)..

Miscogaster hortensis parasiet

Miscogaster hortensis Walker, 1833 parasiet Parasitoïd in mijnen van Agromyza pulla. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a).

Miscogaster parasiet

Sphaeripalpus fuscipes parasiet

Sphaeripalpus fuscipes (Walker, 1833) parasiet Parasitoïd in mijnen van Agromyza abiens. waardplanten Boraginaceae, oligofaag Echium vulgare. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a).

Sphaeripalpus parasiet

Seladerma laetum parasiet

Seladerma laetum Walker, 1834 parasiet Parasitoïd van Nanna armillata, flavipes. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a).

Seladerma geniculatum parasiet

Seladerma geniculatum (Zetterstedt, 1838) op Rhinanthus parasiet Parasitoïd van Phytomyza varipes. waardplanten Orobanchaceae, ? monofaag Rhinanthus. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a).

Seladerma diffine parasiet

Seladerma diffine (Walker, 1833) op Inula parasiet Parasitoïd in mijnen van Phytomyza conyzae. waardplanten Asteraceae, ? monofaag Inula conyzae. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a).

Seladerma parasiet

Halticoptera circulus parasiet

Halticoptera circulus (Walker, 1833) parasiet Parasitoïd van Oscinella frit; Phytomyza. waardplanten polyfaag Mentha; Sonchus. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a).

Halticoptera aenea parasiet

Halticoptera aenea (Walker, 1833) parasiet Parasitoïd in mijnen van Phytomyza plantaginis; Scaptomyza graminum. waardplanten polyfaag Laburnum; Plantago; Spergularia. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a).

Halticoptera parasiet

Scutellista obscura parasiet

Scutellista obscura (Förster, 1878) parasiet Parasitoïd van Scythia festuceti. waardplanten polyfaag Pistacia; Salix repens. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Bouček (1968a), Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a).

Scutellista caerulea parasiet

Scutellista caerulea (Boyer de Fonscolombe, 1832) parasiet Parasitoïd van Saissetia oleae. waardplanten polyfaag Citrus. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a).

Eunotus obscurus parasiet

Eunotus obscurus Masi, 1931 parasiet Parasitoïd van Parthenolecanium persicae; Pulvinaria vitis. waardplanten polyfaag Robinia pseudoacacia. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a).

Eunotus cretaceus parasiet

Eunotus cretaceus Walker, 1834 parasiet Parasitoïd van Eriopeltis festucae; Scythia festuceti. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a).

Eunotus acutus parasiet

Eunotus acutus Kurdjumov, 1912 parasiet Parasitoïd van Acanthococcus agropyrii, greeni; Greenisca placida. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a).

Heydenia pretiosa parasiet

Heydenia pretiosa Förster, 1856 parasiet Parasitoïd van Hylesinus fraxini, toranio; Ips acuminatus, typographus; Phloeotribus scarabaeoides; Scolytus ratzeburgi; Tomicus minor. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a).

Heydenia parasiet

Notanisus sexramosus parasiet

Notanisus sexramosus (Erdős, 1946) op Calamagrostis parasiet Parasitoïd in gallen van Tetramesa calamagrostidis. waardplanten Poaceae, monofaag Calamagrostis. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a).

Notanisus versicolor parasiet

Notanisus versicolor Walker, 1837 parasiet Parasitoïd in gallen van Tetramesa. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a).

Notanisus parasiet

Cleonymus obscurus parasiet

Cleonymus obscurus Walker, 1837 parasiet Parasitoïd van Hylesinus toranio; Scolytus scolytus. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a).

Cleonymus parasiet

Cleonyminae parasiet

Arthrolytus nanus parasiet

Arthrolytus nanus Askew & Nieves-Aldrey, 1982 op Quercus parasiet Parasitoïd in gallen van Andricus pseudoinflator, quercusradicis. waardplanten Fagaceae, monofaag Quercus pyrenaica. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Doğanlar (2018a), Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a), Gómez, Hernández Nieves, Garrido Torres, ao (2006a).

Baryscapus transversalis parasiet

Baryscapus transversalis Graham, 1991 op Pinus parasiet Ei-parasitoïd van Thaumetopoea pityocampa. waardplanten Pinaceae, monofaag Pinus nigra. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Boyadzhiev, Dautbasic, Mujezinovic, ao (2015a), Zovi, Battisti, Hellrigl & Minerbi (2006a).

Ooencyrtus pityocampae parasiet

Ooencyrtus pityocampae (Mercet, 1921) parasiet Ei-parasitoïd van Thaumetopoea pityocampa. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Zovi, Battisti, Hellrigl & Minerbi (2006a).

Ooencyrtus parasiet

Baryscapus servadeii parasiet

Baryscapus servadeii (Domenichini, 1965) parasiet Ei-parasitoïd van Thaumetopoea pityocampa. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Zovi, Battisti, Hellrigl & Minerbi (2006a).

Anapulvinaria pistaciae parasiet

Anapulvinaria pistaciae (Bodenheimer, 1926) parasiet Scchiluis waardplanten olyfaag Juglans regia; Pistacia khinjuk, terebinthus subsp. palaestina, vera; Rhus coriaria; Tamarix. verspreiding binnen Europa PESI (2022). parasitoïden, predatoren Coccophagus piceae. literatuur Santas (195a), Tavakkoli Korghond & Lotfalizadeh (2018a).

Anapulvinaria parasiet

Marietta picta parasiet

Marietta picta (André, 1878) parasiet Parasitoïd van Sphaerolecanium prunastri. verspreiding binnen Europa PESI (2022). parasitoïden, predatoren Discodes aeneus. literatuur Hansen & Olsen (2018a), Karaca, Japoshvili & Demirozer (2003a).

Baryscapus berhidanus parasiet

Baryscapus berhidanus Erdős, 1954 parasiet Parasitoïd in gallen van Andricus hispanicus. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Gómez, Hernández Nieves, Garrido Torres, ao (2006a).

Eumacepolus obscurior parasiet

Eumacepolus obscurior Graham, 1961 op Quercus parasiet Parasitoïd in gallen van Andricus hispanicus. waardplanten Fagaceae, monofaag Quercus faginea. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a), Gómez, Hernández Nieves, Garrido Torres, ao (2006a).

Cyrtoptyx robustus parasiet

Cyrtoptyx robustus (Masi, 1907) op Quercus parasiet Parasitoïd in gallen van Andricus coriaria; Andricus hispanicus, kollari, polycerus, quercustozae; Cynips disticha, quercus; Plagiotrochus australis. waardplanten Fagaceae, monofaag Quercus faginea, ilex. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Garrido Torres & Nieves-Aldrey (1999a), Gómez, Hernández Nieves, Garrido Torres, ao (2006a).

Discodes aeneus parasiet

Discodes aeneus (Dalman, 1820) parasiet Parasitoïd van Marietta picta; Sphaerolecanium prunastri. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Mihajlović (2018a), Ülgentürk (2001a).

Aprostocetus trjapitzini parasiet

Aprostocetus trjapitzini (Kostjukov, 1976) parasiet Parasitoïd van Sphaerolecanium prunastri. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Karaca, Japoshvili & Demirozer (2003a), Ülgentürk (2001a).

Discodes coccophagus parasiet

Discodes coccophagus (Ratzeburg, 1848) parasiet Parasitoïd van Cerapterocerus mirabilis; Sphaerolecanium prunastri. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Karaca, Japoshvili & Demirozer (2003a), Mihajlović (2018a), Ülgentürk (2001a).

Coccophagus proximus parasiet

Coccophagus proximus Yasnosh, 1966 parasiet Parasitoïd van Sphaerolecanium prunastri. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Karaca, Japoshvili & Demirozer (2003a), Ülgentürk (2001a).

Microterys fuscipennis parasiet

Microterys fuscipennis (Dalman, 1820) parasiet Parasitoïd van Physokermes hemicryphus, piceae. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Klausnitzer & Förster (1976a), Ülgentürk (2001a.

Cheiloneurus paralia parasiet

Cheiloneurus paralia (Walker, 1837) parasiet Parasitoïd van Physokermes piceae. verspreiding binnen Europa PESI (2022). synoniemen Cheiloneurus formosus Boheman, 1852. literatuur Ülgentürk (2001a).

Coccophagus piceae parasiet

Coccophagus piceae Erdős, 1956 parasiet Parasitoïd van Anapulvinaria pistaciae; Eulecanium tiliae; Physokermes piceae. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Tavakkoli Korghond & Lotfalizadeh (2018a), Ülgentürk (2001a).

Metaphycus insidiosus parasiet

Metaphycus insidiosus (Mercet, 1921) parasiet Parasitoïd van Parthenolecanium rufulum; Sphaerolecanium prunastri. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Karaca, Japoshvili & Demirozer (2003a), Ülgentürk (2001a).

Sphaerulina hyperici parasiet

Sphaerulina hyperici (Roberge) Verkley, Quaedvlieg & Crous, 2013 op Hypericum Hypericum elodes, België, prov. Antwerpen, Laakdal-Varendonk, Watereinde, 14.vi.2022 © Carina Van Steenwinkel aangetast blad conidia maten 2-3 x 29-60 µm, 1-4 septen. waardplanten Hypericaceae, monofaag Hypericum elodes, humifusum, maculatum, perfoliatum, pulchrum, richeri, tetrapterum. synoniemen Septoria hyperici (Roberge, 1842). literatuur Brandenburger (1985a: 171), Ellis & Ellis […]

Trichomasthus albimanus parasiet

Trichomasthus albimanus Thomson, 1876 parasiet Parasitoïd van Palaeolecanium bituberculatum.. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Ülgentürk (2001a).

Trichomasthus parasiet

Microterys duplicatus parasiet

Microterys duplicatus (Nees, 1834) parasiet Parasitoïd van Palaeolecanium bituberculatum.. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Ülgentürk (2001a).

Coccophagus palaeolecanii parasiet

Coccophagus palaeolecanii Yasnosh, 1957 parasiet Parasitoïd van Palaeolecanium bituberculatum.. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Ülgentürk (2001a).

Coccophagus differens parasiet

Coccophagus differens Yasnosh, 1966 parasiet Parasitoïd van Palaeolecanium bituberculatum; Sphaerolecanium prunastri. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Karaca, Japoshvili & Demirozer (2003a), Ülgentürk (2001a).

Blastothrix hungarica parasiet

Blastothrix hungarica Erdős, 1959 parasiet Parasitoïd in gallen van Filippia follicularis; Parthenolecanium rufulum. verspreiding binnen Europa PESI (2022). literatuur Ülgentürk (2001a).

Aschitus aeneiventris parasiet

Aschitus aeneiventris Aschitus aeneiventris parasiet Parasitoïd van Eulecanium tiliae. verspreiding binnen Europa PESI (2022). synoniemen Microterys aeneiventris. literatuur Ülgentürk (2001a).