Ceutorhynchus obstrictus (Marsham, 1802)
koolzaadsnuitkever
op Brassicaceae
parasiet
Het wijfje legt haar eieren in zich ontwikkelende hauwen De larven voeden zich met de zaden. Ze verpoppen zich in de grond; één generatie.
waardplanten
Brassicaceae, breed oligofaag: eigenlijk op alle soorten met niet te kleine hauwen
Brassica juncea, napus, nigra, rapa; Cardaria draba; Raphanus sativus; Sinapis alba.
fenologie
Larven van mei.
verspreiding binnen Europa
Geheel Europa (PESI, 2018).
synoniemen
Door een verwarrende nomenclatuur-kwestie heeft deze soort lang C. assimilis geheten. Thans wordt daaronder een andere soort verstaan die even talrijk en schadelijk is, maar een geheel andere biologie heeft.
opmerkingen
Belangrijke plaag in de productie van koolzaadolie.
literatuur
Colonnelli (1990a), Delbol (2008a, 2013a), Fusu (2017a), Hoebeke & Griffin (2015a), Hussain, Mittapelly, Blake ao (2023a), Kovács, Kaasik, Kaart, ao (2017a), Muller, Dosdall, Mason & Kuhlmann (2011a), Todorov, Ljubomirov & Peneva 2022a), Rheinheimer & Hassler (2010a), Yunakov, Nazarenko, Filimonov & Volovnik (2018a).