Symphoricarpos sneeuwbes

Incl. Symphoria.

Dichotome tabel voor bladmineerders

1a vlekmijn: lapjeszak => 2

1b wittige gangmijn (soms een stervormige bijna-blaasmijn) => 3

1c bruine blaasmijn: Perittia obscurepunctella

1d vouwmijn => 8

1e gallen etc => Tabellen voor alle parasieten per soort

2a de lapjes bestaan uit onderepidermis: Coleophora ahenella

2b de lapjes bestaan uit bovenepidermis: Coleophora violacea

3a larve verlaat de mijn voor de verpopping; gang nooit stervormig, nooit met een onderzijdig gedeelte => 4

3b het puparium blijft in het blad; gang vaak stellaat, en met een onderzijdig gedeelte => 6

4a larve vroeg in het voorjaar (april, zelden mei) in het nog zachte blad; op het achterspiraculum, temidden van de krans papillen, een doorn: Aulagromyza cornigera

4b larven later in het jaar; achterspiraculum zonder doorn => 5

5a frass in discrete korrels: Aulagromyza hendeliana

5b frass in een brede groene band, met verspreide zwarte korreltjes: Aulagromyza luteoscutellata

6a mijn lijkt te bestaan uit een aantal losse takken, die alle beginnen op de hoofdnerf; puparium groenig: Chromatomyia aprilina

6b mijn bestaat uit een aantal gangen die vanaf 1 punt (niet óp de hoofdnerf) uitstralen; puparium licht of donker bruin => 7

7a gangen relatief lang, geelgroen; puparium donkerbruin; frass in parelsnoertjes: Chromatomyia lonicerae

7b gangen veel korter, waardoor de mijn op een stervormige blaasmijn gaat lijken; mijn grijzig; puparium lichtbruin; frass in losse korrels: Chromatomyia periclymeni

8a de (heel grote) mijn doet het blad in de lengte oprollen: Phyllonorycter emberizaepenella

8b vouwmijn kleiner, rolt het blad overdwars, of tot een peperbus, op: Phyllonorcter trifasciella

Niet opgenomen in de tabel: Aulagromyza flavoscutellata; Gracillaria syringella; Perittia herrichiella.

Tabellen voor alle parasieten per soort

mod 1.vi.2019