perzikkruid

orgaan parasiteerwijze stadium opmerking taxonomische groep parasiet
blad vrijlevend larve Curculionidae Pelenomus quadrituberculatus
stengel boorder larve Curculionidae Rhinoncus perpendicularis
wortelhals boorder larve Curculionidae Rhinoncus bruchoides
blad vrijlevend larve onzeker Curculionidae Pelenomus commari
blad vrijlevend zomergeneratie zelden Aphididae Cryptomyzus galeopsidis
systemisch boorder Anguinidae Ditylenchus dipsaci
bloem gal Microbotryales Microbotryum cordae
bloem gal Microbotryales Sphacelotheca hydropiperis
bloem gal Microbotryales Sphacelotheca polygoni-serrulati
bloem gal Ustilaginales Melanopsichium pennsylvanicum
blad gal Cecidomyiidae Wachtliella persicariae
blad gal Psyllidae Aphalara freji
blad mineerder Anthomyiidae Pegomya bicolor
blad mineerder Gracillariidae Calybites phasianipennella
blad wrat aecia onzeker Pucciniales Puccinia phragmitis
blad wrat uredinia telia Pucciniales Puccinia polygoni-amphibii
blad vrijlevend zomergeneratie Aphididae Brachycaudus amygdalinus
blad vrijlevend Eriophyidae Callyntrotus polygoni
stengel dons Erysiphales Erysiphe polygoni
stengel gal onzeker Curculionidae Pelenomus velaris
wortel gal Heteroderidae Heterodera trifolii
wortel gal Meloidogynidae Meloidogyne hapla
blad vrijlevend zomergeneratie Aphididae Capitophorus hippophaes
blad vrijlevend zomergeneratie Aphididae Aphis nasturtii
blad vrijlevend Aphididae Aphis polygonata

Orgaan

het meest opvallend door de aantasting getroffen orgaan

alle knoppen: zowel blad- als bloemknoppen
blad: ook naald, phyllodium, bladsteel
bladknop: ook ontvouwend jong blad
bloem: ook bloeiwijze
stengel: ook halm, onderste deel van de bloemsteel, bij grassen ook de bladschede
systemisch: de gehele bovengrondse plant
vrucht: ook zaad
wortel: ook wortelstok en kruipende stengel, uitloper
wortelhals: ook het onderste deel van de stengel

PARASITEERWIJZE

bladvlek: verkleurd, meestal niet vergald, vaak ± necrotisch teken van een schimmelaantasting
boorder: larve inwendig, uitwendig vrijwel geen tekenen
dons: 0.5-2 mm hoge schimmeldons
gal: zwelling en/of misvorming
grazer: vretend aan de buitenzijde van de plant
mineerder-boorder: larve leeft aanvankelijk als mineerder, later als boorder
overtrek: dunne film van schimmelweefsel
striem: streep van schimmelweefsel in de lengterichting van een grasblad
vrijlevend: (bladluizen, mijten) alleen bij grotere dichtheden misvormingen veroorzakend
wrat: prop van schimmelweefsel, meestal bruin-zwart en < 2 mm

NOTA BENE

Het waardplanten-spectrum van een parasiet is vaak onvolledig bekend, zeker op het niveau van afzonderlijke soorten. Raadpleeg daarom in elk geval ook de tabel van alle soorten van dit geslacht.

 

mod 1.vi.2019