Parietaria glaskruid

Dichotome tabel voor bladmineerders

1a de meeste frass wordt uit de mijn verwijderd, een deel blijft hangen in spinsel onder het blad; larve met gechitiniseerde kop =>2

1b mijn bevat veel frass; onder het blad geen spinsel; larve een made => 3

1c gallen etc => Tabellen voor alle parasieten per soort

2a soort van de Canarische Eilanden: Cosmopterix turbidella

2b soort van Zuid- en West-Europa: Cosmopterix pulchrimella

3a mijn begint (meestal in het centrum van blad) met een stel diepe, tegen elkaar aan liggende gangwindingen (‘darmachtig’); frass ten dele in een lange dunne draad; larven solitair: Agromyza anthracina

3b mijn, meestal aan de bladrand, zonder darmachtig begin, frass nooit in draden; meestal verscheidene larven in een mijn => 4

4a larve: de naar voren gerichte arm van het kopskelet tweekleurig: aan de voorkant donkerbruin, meer naar achteren roodbruin: Agromyza reptans

4b dit onderdeel over de gehele lengte gelijkmatig donkerbruin: Agromyza pseudoreptans

mod 9.x.2017