{"id":21496,"date":"2017-01-22T16:31:44","date_gmt":"2017-01-22T16:31:44","guid":{"rendered":"https:\/\/bladmineerders.nl\/animalia\/arthropoda\/insecta\/diptera\/brachycera\/anthomyiidae\/chirosia\/chirosia-griseifrons\/"},"modified":"2019-03-17T09:59:42","modified_gmt":"2019-03-17T07:59:42","slug":"chirosia-griseifrons","status":"publish","type":"page","link":"https:\/\/bladmineerders.nl\/nl\/parasites\/animalia\/arthropoda\/insecta\/diptera\/brachycera\/anthomyiidae\/chirosia\/chirosia-griseifrons\/","title":{"rendered":"Chirosia griseifrons"},"content":{"rendered":"<h1><em>Chirosia griseifrons<\/em> (S\u00e9guy, 1923)<\/h1>\n<p><\/p>\n<h2>op <em>Athyrium, ? Dryopteris<\/em><\/h2>\n<p><br \/>\n<\/p>\n<p><img loading=\"lazy\" decoding=\"async\" src=\"https:\/\/bladmineerders.nl\/wp-content\/uploads\/2018\/04\/griisefrons_ksk.jpg\" alt=\"Chirosia griseifrons: cephalic skeleton\" width=\"300\" height=\"192\" class=\"alignnone size-full wp-image-639160\" \/><br \/>\n<\/p>\n<p class=\"nl-bijschrift\">kopskelet (uit Du\u0161ek)<\/p>\n<p><br \/>\n<\/p>\n<p><img loading=\"lazy\" decoding=\"async\" src=\"https:\/\/bladmineerders.nl\/wp-content\/uploads\/2018\/04\/griseif_pup.jpg\" alt=\"Chirosia griseifrons: puparium\" width=\"403\" height=\"147\" class=\"alignnone size-full wp-image-639161\" srcset=\"https:\/\/bladmineerders.nl\/wp-content\/uploads\/2018\/04\/griseif_pup.jpg 403w, https:\/\/bladmineerders.nl\/wp-content\/uploads\/2018\/04\/griseif_pup-300x109.jpg 300w\" sizes=\"auto, (max-width: 403px) 100vw, 403px\" \/><br \/>\n<\/p>\n<p class=\"nl-bijschrift\">puparium<\/p>\n<p><br \/>\n<\/p>\n<p><\/p>\n<h3 class=\"head-mine\">mijn<\/h3>\n<p>Lange gang in de bladsteel, afdalend tot aan de basis, daarna weer naar boven lopend. De bladsteel is zwart, en het blad sterk verkommerd en verfomfaaid. De mijngang ligt overal vrij diep, en er zijn geen plekken waar hij bijna aan de epidermis raak, zoals in de mijn van <em><a href=\"https:\/\/bladmineerders.nl\/heptamelus-ochroleucus\">Heptameles ochroleucus<\/a><\/em>. Het puparium wordt gevormd na het verlaten van de mijn, via een gaatje in de bolle buitenzijde van de bladsteel.<\/p>\n<p><br \/>\n<\/p>\n<p><\/p>\n<h3 class=\"head-hostplant\">waardplanten<\/h3>\n<p>Woodsiaceae, monofaag? <\/p>\n<p><br \/>\n<\/p>\n<p class=\"latinnames\"> <em><a href=\"https:\/\/bladmineerders.nl\/athyrium\">Athyrium<\/a> filix-femina<\/em>.<\/p>\n<p><\/p>\n<p>volgens Robbins (1991a) zelden ook <em><a href=\"https:\/\/bladmineerders.nl\/dryopteris\">Dryopteris<\/a><\/em>.<\/p>\n<p><br \/>\n<br \/>\n<!--waardplanten--><\/p>\n<p><\/p>\n<h3 class=\"head-phenology\">fenologie<\/h3>\n<p>Volgroeide larven zijn gevonden tussen eind juli en midden augustus (de Meijere, 1911a).<\/p>\n<p><br \/>\n<\/p>\n<p><\/p>\n<h3 class=\"head-distribution\">BENELUX<\/h3>\n<p>BE niet waargenomen (Fauna Europaea, 2007).<\/p>\n<p>NE waargenomen (de Meijere, 1911a, als <em>Chortophila latipennis<\/em>).<\/p>\n<p>LUX niet waargenomen (Fauna Europaea, 2007).<\/p>\n<p><br \/>\n<\/p>\n<p><\/p>\n<h3 class=\"head-distribution\">verspreiding binnen Europa<\/h3>\n<p>Van Scandinavi\u00eb tot de Pyrene\u00ebn, en van Engeland tot Polen; ook delen van Europees Rusland (Fauna Europaea, 2007).<\/p>\n<p><br \/>\n<\/p>\n<p><\/p>\n<h3 class=\"head-larva\">larve<\/h3>\n<p>De larve, die ca 7 mm lang is en geelwit tot strogeel van kleur, wordt gedetailleerd  beschreven door de Meijere en Du\u0161ek.<\/p>\n<p><br \/>\n<\/p>\n<p><\/p>\n<h3 class=\"topic\">puparium<\/h3>\n<p>Beschreven door Stork and Du\u0161ek.<\/p>\n<p><br \/>\n<\/p>\n<p><\/p>\n<h3 class=\"head-synonym\">synoniemen<\/h3>\n<p>De gedetailleerde beschrijving door de Meijere is in de latere literatuur vaak geciteerd. Kortgeleden ontdekte Ackland (2002a) echter dat de Meijere zich bij de determinatie van de mineerder heeft vergist, en dat het niet om <em>Chortophila<\/em> (ook wel <em>Phorbia<\/em> of <em>Acrostilpna<\/em>) <em>latipennis<\/em> Zetterstedt, 1838, gaat, maar om <em>Chirosia griseifrons<\/em>.<\/p>\n<p><br \/>\n<\/p>\n<p><\/p>\n<h3 class=\"head-references\">literatuur<\/h3>\n<p><br \/>\n<\/p>\n<p class=\"references\">Ackland (2002a), Du\u0161ek (1969a), Kabos (1975a) , de Meijere (1911a), Robbins (1991a), Stork (1936a).<\/p>","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Chirosia griseifrons (S\u00e9guy, 1923) op Athyrium, ? Dryopteris kopskelet (uit Du\u0161ek) puparium mijn Lange gang in de bladsteel, afdalend tot aan de basis, daarna weer naar boven lopend. De bladsteel is zwart, en het blad sterk verkommerd en verfomfaaid. De mijngang ligt overal vrij diep, en er zijn geen plekken waar hij bijna aan de [&hellip;]<\/p>\n","protected":false},"author":1,"featured_media":0,"parent":21490,"menu_order":0,"comment_status":"closed","ping_status":"closed","template":"parasite-species.php","meta":{"footnotes":""},"categories":[7],"tags":[],"class_list":["post-21496","page","type-page","status-publish","hentry","category-parasite"],"_links":{"self":[{"href":"https:\/\/bladmineerders.nl\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/pages\/21496","targetHints":{"allow":["GET"]}}],"collection":[{"href":"https:\/\/bladmineerders.nl\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/pages"}],"about":[{"href":"https:\/\/bladmineerders.nl\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/types\/page"}],"author":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/bladmineerders.nl\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/users\/1"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/bladmineerders.nl\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/comments?post=21496"}],"version-history":[{"count":0,"href":"https:\/\/bladmineerders.nl\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/pages\/21496\/revisions"}],"up":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/bladmineerders.nl\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/pages\/21490"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/bladmineerders.nl\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/media?parent=21496"}],"wp:term":[{"taxonomy":"category","embeddable":true,"href":"https:\/\/bladmineerders.nl\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/categories?post=21496"},{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/bladmineerders.nl\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/tags?post=21496"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}