Plantparasieten van Europa

bladmineerders, gallen en schimmels

Dibolia cynoglossi

Dibolia cynoglossi (Koch, 1803)

op Lamiaceae

mijn

Grote doorzichtige blaasmijn, van waaruit korte, brede uitlopers kunnen uitgaan. Frass geconcentreerd in het centrum. De larve verpopt zich buiten de mijn.

waardplanten

Lamiaceae, oligofaag

? Ballota nigra; Galeopsis angustifolium; Marrubium supinum, vulgare; Stachys recta.

fenologie

Larven in juni-juli (Hering, 1957a); univoltien, overwintering als imago (Cox, 2007a).

BENELUX

BE aanwezig (Fauna Europaea, 2007).

NE Beenen & Winkelman (1993a).

LUX niet aanwezig (Fauna Europaea, 2007).

verspreiding binnen Europa

Van Spanje en Engeland tot de Ukraine (Cox, 2007a; Warchalowski, 2003a).

larve

Doguet (1994a).

pop

Zie Steinhausen (2002a).

synoniemen

Dibolia cynoglossi Hering, 1924.

literatuur

Beenen & Winkelman (1993a), Biondi (1990a) , Buhr (1933a), Cox (2007a), Doguet (1994a), Hering (1924a, 1930a, 1957a), Hubble (2014a), Mohr (1981a), Rheinheimer & Hassler (2018a), Steinhausen (1994a, 2002a), Warchalowski (2003a), Yates & Hodge (2000a).

Laatste bewerking 8.ii.2021