Plantparasieten van Europa

bladmineerders, gallen en schimmels

Rhopalapion longirostre

Rhopalapion longirostre (Olivier, 1807)

stokroossnuitkever

op Alcea, etc.

Rhopalapion longirostre

Haarlemmermeer, 29.v.2021 © Laurens van der Linde

gal

de larve ontwikkelt zich in een enkel deelvruchtje; daar vindt ook de verpopping plaats. Geïnfecteerde bloemen zouden voortijdig verwelken.

waardplanten

Malvaceae, oligofaag

Alcea dissecta, rosea, rugosa, setosa; Althaea officinalis; Gossypium.

synoniemen

Apion longirostre.

literatuur

Avgın & Colonnelli (2011a), Dauphin & Aniotsbehere (1997a), Dieckmann (1977a), Ehret (1990a, 1992a), Friedman & Freidberg (2007a), Gruschwitz (2017a), Hayat, Güçlü, Özbek & Schön (2002a), Kuijper-Nannenga (1995a), Mazur (2007a), Podlussány (1986a), Pupier (1997a), Rheinheimer & Hassler (2010a), Schmitz & Maczey (1993a), Tempère & Péricart (1989a), Ugarte San Vicente & Salgueira Cerezo (2008a), Verdugo & Amarillo (2020a), Wilhelm, Handschuh, Plant & Nemeschkal (2011a), Winkelmann & Bayer (2004a), Yunakov, Nazarenko, Filimonov & Volovnik (2018a).

Laatste bewerking 24.xi.2023