Plantparasieten van Europa

bladmineerders, gallen en schimmels

Protapion fulvipes

Protapion fulvipes (Geoffroy, 1785)

geelvoetklaversnuitkever

op Trifolium

parasiet

De larve leeft in een hoofdje, en vreet het zich ontwikkelende ovarium van één tot drie bloemen. Hier ook de verpopping. volgens Dauphin & Aniotsbehere raakt het hoofdje gehypertrofieerd.

waardplanten, larve

Fabaceae, monofaag

Trifolium aureum, hybridum, medium, repens, spadiceum.

waardplanten, imago

polyfaag

Prunus laurocerasus.

verspreiding binnen Europa

(PESI, 2019).

synoniemen

Apion dichroum Bedel, 1886; Apion flavipes (Paykull, 1792).

literatuur

Buhr (1965a), Dauphin & Aniotsbehere (1997a), Delbol (2013a), Dieckmann (1977a), Dieckmann & Herger (1985a), Ehret (1990a), Friedman & Freidberg (2007a), Hayat, Güçlü, Özbek & Schön (2002a), Heijerman & van der Leij (1997a), Meijer, Smit, Beukeboom & Schilthuizen (2012a), Podlussány (1986a), Rheinheimer & Hassler (2010a), Sprick (1990a), Tyler & Tyler (2016a), Yunakov, Nazarenko, Filimonov & Volovnik (2018a).

Laatste bewerking 22.iv.2023