Apoderus coryli (Linnaeus, 1758)

hazelaarbladroller

polyfaag

parasiet

De imagines vreten een aantal rafelige ± ovale gaten in een blad. Het wijfje maakt in totaal ± 30 bladrollen. Daartoe maakt ze een snede in het onderste deel van het blad die loopt van de ene bladrand, via de hoofdnerf tot enkele mm vóór de tegenoverliggende bladrand. Door op een aantal plaatsen de hoofdnerf en dikke zijnerven door te bijten versnelt ze het verwelken van het blad. Ze vouwt het blad dan dubbel over de hoofdnerf en rolt het vanaf de top op tot een cylinder en legt daarin (meestal) één ei. De bladrol valt na verloop van tijd af. De larve ontwikkelt zich in de rol, verpopt zich daar ook.

waardplanten

Alnus glutinosa; Betula pendula; Carpinus betulus; Corylus avellana; Fagus sylvatica; Fagus sylvatica; Pyrus; Quercus; Salix.

Talrijk op hazelaar, zelden op peer, populier, wilg.

fenologie

Univoltien met een zwakke tweede generatie; overwintering vooral als imago.

verspreiding binnen Europa

(PESI, 2019).

literatuur

Benedikt, Borovec, Fremuth ao (2010a), Dieckmann (1974a), Rheinheimer & Hassler (2010a), Sáez Bolaño, Blanco Villero & Sánchez Ruiz (2013a), Urban (2014a).

mod 1.iv.2019