Plantparasieten van Europa

bladmineerders, gallen en schimmels

Agromyza demeijerei

Agromyza demeijerei Hendel, 1920

goude-regenmineervlieg

8208_2

Laburnum anagyroides, Amsterdam

8208_1

in de bladvoet

mijn

Haakvormige bovenzijdige secundaire blaasmijn. Het begin is een vrij smal gangetje, in het centrum van het blad; vandaar loopt de gang, aanvankelijk slechts weinig breder worden, sterk kronkelend in de richting van de bladrand. Vaak keert daar de richting om; altijd wordt de gang daar snel zeer breed. Frass vervloeiend, in een brede groene middenband. Primaire en secundaire vraatlijnen zeer duidelijk. Oude mijnen verdrogen en verbruinen, worden uiteindelijk wittig. Verpopping buiten de mijn.

waardplanten

Fabaceae, oligofaag

Laburnum anagyroides; Thermopsis lupinoides; Wisteria sinensis.

Door Hering (1957a) onder voorbehoud ook vermeld van Lupinus.

fenologie

Larven vooral van midden juni midden juli, in één generatie (Askew, 1968a). Klavs Nielsen vond in Denemarken echter op 5.x.2016 bezette en ogenschijnlijk volgroeide mijnen; dit zou een indictie kunnen zijn van een tweede generatie.

BENELUX

BE waargenomen (Mortelmans & Dekeukeleire, 2012a).

NE waargenomen (de Meijere, 1924a).

LUX niet waargenomen (Fauna Europaea, 2007).

verspreiding binnen Europa

Van Scandinavië tot het Iberisch Schiereiland, en van Engeland tot Popen (Fauna Europaea, 2007).

larve

puparium

Beschreven door de Meijere (1925a): glanzend geel.

opmerkingen

De biologie en parasitoiden worden besproken door Askew (1968a).

literatuur

Askew (1968a), Beuk (2002a), Buhr (1932a), van Frankenhuyzen Houtman & Kabos (1982a), Hartig (1939a), Kabos (1971a), Kollár & Hrubík (2009a), Maček (1999a), Matošević, Pernek, Dubravac & Barić (2009a), de Meijere (1924a, 1939a), Mortelmans & Dekeukeleire (2012a), Nowakowski (1954a), Papp & Černý (2015a), Robbins (1991a), Sønderup (1949a), Spencer (1953a, 1972a, 1976a), von Tschirnhaus (1999a).

06/11/2016

Laatste bewerking 21.xi.2017