Agromyza mobilis Meigen, 1830

mijn

Lange bovenzijdige zeer groenige gangmijn waarin zich meestal verscheidene larven bevinden die schouder aan schouder vanaf de bladtop neerwaarts grazen. Verpopping buiten de mijn. Larven en mijnen niet te onderscheiden van die van A. nigrella.

waardplanten

Poaceae, breed oligofaag

Alopecurus pratensis; Arrhenatherum elatius; Avenula; Brachypodium sylvaticum; Briza; Bromopsis ramosa; Calamagrostis; Echinochloa crus-galli; Festuca; Holcus; Hordeum murinum, vulgare; Lolium; Milium effusum; Phalaris; Phleum pratense; Poa; Secale cereale, Triticum aestivum.

Wegens de verwarring met A. nigrella zijn lang niet alle opgaven betrouwbaar. Spencer (1973b) accepteert alleen Triticum als waardplant; Beiger (1989a, Polen): Hordeum, Secale, Triticum; Pakalniškis (2000a, Litouwen): Brachypodium, Echinochloa en Triticum.

fenologie

Larven in twee generaties: in mei-juni en augustus (Hering, 1957a).

BENELUX

BE waargenomen (Scheirs, De Bruyn & von Tschirnhaus, 1996a).

NE waargenomen (de Meijere, 1924a, 1939a).

LUX niet waargenomen (Fauna Europaea, 2007a).

verspreiding binnen Europa

Van Scandinavië en Finland tot het Iberisch Schiereiland, Italië en Servië, en van Engeland tot de Baltische Staten en Hongarije; Griekenland, China, Japan (Černý & Merz, 2006a; Fauna Europaea, 2007).

larve

puparium

synoniemen

Domomyza mobilis; van Frankenhuyzen, Houtman & Kabos (1982a) beschouwen mobilis als een synoniem van A. ambigua.

literatuur

Ahr (1966a), Andersen (2016a), Beiger (1958a, 1970a, 1979a, 1989a), Beuk (2002a), Černý (2001a, 2007a, 2009a, 2011a, 2013a), Černý, Andrade, Gonçalves & von Tschirnhaus (2018a), Černý, Barták & Vaněk (2009a), Černý & Merz (2005a, 2006a, 2007a), Černý & Vála (1999a), Černý, Vála & Barták (2001a), Dursun, Civelek, Barták ao (2015a), van Frankenhuyzen, Houtman & Kabos (1982a), Griffiths (1963a), Hering (1955b, 1957a), Kabos (1971a), de Meijere (1924a, 1939a), Michna (1975a), Pakalniškis (1986a, 1990a, 1989a, 2000a), Papp & Černý (2015a), Robbins (1991a), Sasakawa (1961a), Scheirs, De Bruyn & von Tschirnhaus (1996a, 1999a), Spencer (1953a, 1972a, 1976a), Süss (1982a), Venturi (1935b, det. de Meijere, 1936a), von Tschirnhaus (1999a), Withers (2007a).

mod 1.i.2019