Plantparasieten van Europa

bladmineerders, gallen en schimmels

Agromyza salicina

Agromyza salicina Hendel, 1922

Diptera, Agromyzidae

8275

Salix repens, Amstelveen, JP Thijssepark

mijn

Onderzijdige gangmijn die een eindweegs de bladrand volgt, en zich dan plotseling vrij sterk verbreedt. De larve verlaat voor de verpopping de mijn via een onderzijdige boogsnede. Frass in onregelmatige korrels.

waardplanten

Salicaceae, monofaag

Salix caprea, repens.

fenologie

Larven in juni-juli (Hering, 1957a).

BENELUX

BE niet waargenomen (Fauna Europaea, 2007).

NE waargenomen (Ellis: Amstelveen, Bergen NH, Zandvoort).

LUX niet waargenomen (Fauna Europaea, 2007).

verspreiding binnen Europa

Van Scandinavië tot Frankrijk en Polen (Fauna Europaea, 2007).

larve

Beschreven door de Meijere (1925a); mandibel met twee tanden; voorspiraculum knopvormig, met verscheidene papillen; achterspiraculum met 8-10 elliptische papillen in een driekwart cirkel.

puparium

Roodbruin (Spencer, 1976a).

opmerkingen

Jonge mijnen van A. salicina kunnen gemakkelijk worden verward met jonge mijnen van Phyllonorycter quinqueguttella. Het eerste ganggedeelte langs de bladrand is dan diagnostisch voor salicina.

literatuur

Buhr (1932a, 1964a), Hering (1957a), de Meijere (1925a), Papp & Černý (2015a), Skuhravá & Roques, (2000a), Sønderup (1949a), Spencer (1976a), von Tschirnhaus (1999a).

18/01/2016

Laatste bewerking 28.vi.2017