Amauromyza flavifrons (Meigen, 1830)

Amauromyza flavifrons: mine on Silene dioica

Silene dioica, Duin- en Kruidberg

Amauromyza flavifrons: larva in mine on Silene dioica

Silene cf. dioica, Flevoland, Reve-Abbertbos © Hans Jonkman: gele larve in de mijn

mijn

Boven- of, minder vaak, onderzijdige, gang, overgaand in, en vaak later overlopen door, een grote blaas. Als het ganggedeelte overlopen is, is het toch meestal goed terug te vinden in het frasspatroon. Het aspect van de mijn in het veld is wittig. De mijn bevat weinig frass, in kleine verspreid liggende zwarte korrels, vastgeplakt op de bodem van de mijn. Voedingsprikjes bovenzijdig (altijd?). Verpopping buiten de mijn.

waardplanten

Vooral op Caryophyllaceae, in mindere mate ook Chenopodiaceae; nauw polyfaag

Agrostemma githago; Atriplex; Beta vulgaris; Cerastium fontanum subsp. vulgare; Chenopodium album; Dianthus armeria, barbatus, carthusianorum, caryophyllus, chinensis, collinus, scaber, superbus; Gypsophila paniculata, repens; Honckenya peploides; Moehringia trinervia; Myosoton aquaticum; Saponaria ocymoides, officinalis; Silene alba, atropurpurea, baccifera, chalcedonica, coelirosa, coronaria, dioica, flos-cuculi, latifolia, noctiflora, nutans, vulgaris; Spinacia oleracea; Stellaria graminea, holostea, media, nemorum & subsp. montana; Vaccaria.

De vliegen zetten gemakkelijk eieren af op Beta vulgaris, maar de overlevingskans van de larven op deze waardplant is vrijwel nul (Scheffer, 1999a; Uesugi, 2008a).

Starý (1930a) meldt nog Circaea lutetiana. Gil-Ortiz ea (2009a) noemen uit Spanje twee afwijkende waardplanten, Catananche caerulea (Asteraceae) en Cardaria draba (Brassicaceae). Ook de vermelding van Stachys sylvatica (Lamiaceae) door Chałańska ea is niet waarschijnlijk.

fenologie

Larven in mei-juni en augustus-september (Hering, 1957a); zelf heb ik ook vaak larven gevonden in october en november, een enkele zelfs in december.

BENELUX

BE waargenomen (De Bruyn & von Tschirnhaus, 1991a).

NE waargenomen (de Meijere, 1924a. 1939a).

LUX waargenomen (Ellis: Kautenbach).

verspreiding binnen Europa

Bijna alle Europese landen ten westen van Finland – Bosporus (Fauna Europaea, 2007); ook Turkijë (Civelek, Önder & Deeming, 2000a).

larve

synoniemen

Dizygomyza, Phytobia, Trilobomyza flavifrons; Agromyza exigua Meigen, 1830; A. xanthocephala Zetterstedt, 1860.

opmerkingen

Heel gewone soort; in beperkte mate schadelijk op spinazie en suikerbieten (Darvas, Skuhravá & Andersen, 2000a; Spencer, 1973b).

literatuur

Ahr (1966a), Amsel & Hering (1933a), Beiger (1955a, 1960a, 1965a, 1970a, 1979a, 1989a), Benavent, Martínez, Moreno & Jiménez (2004a), Beuk (2002a), Boucher (2012a), De Bruyn & von Tschirnhaus (1991a), Buhr (1932a, 1941b, 1964a), Černý (2001a), Černý, Andrade, Gonçalves & von Tschirnhaus (2018a), Černý & Merz (2007a), Černý & Vála (1999a), Černý, Vála & Barták (2001a), Chałańska, Łabanowski & Soika (2006a), Ci̇velek, Çikman & Dursun (2008a), Civelek, Önder & Deeming (2000a), Csóka (2003a), Darvas, Skuhravá & Andersen (2000a), Diškus & Stonis (2012a), Drăghia (1967a, 1968a, 1970a, 1972a), Eiseman & Lonsdale (2018a), van Frankenhuyzen Houtman & Kabos (1982a), Gil-Ortiz, Falcó-Garí, Oltra-Moscardó ao (2009a), Griffiths (1962a), Hartig (1939a), Hering (1926b, 1930b, 1932g, 1955b, 1957a, 1961a), Huber (1969a), Kabos (1971a), Kvičala (1938a), Maček (1999a), Manning (1956a), Masetti, Lanzoni, Burgio & Süss (2004a), de Meijere (1895a, 1924a, 1925a, 1939a), Michalska (1970a, 1972a, 1976a, 2003a), Michna (1975a), Niblett (1956a), Nowakowski (1954a), Ostrauskas, Pakalniškis & Taluntytė (2003a), Pakalniškis (1982b), Papp (2009a), Papp & Černý (2016a), Popescu-Gorj & Drăghia (1968a), Robbins (1991a), Scheffer (1999a), Scheirs, De Bruyn & von Tschirnhaus (1996a), Šefrová (2015a), Séguy (1950a), Seidel (1957a), Skala (1951a), Skala & Zavřel (1945a), Sønderup (1949a), Spencer (1953a, 1972a, 1973b, 1976a), Stammer (2016a), Starke (1942a), Starý (1930a), Süss & Moreschi (2003a), von Tschirnhaus (1999a), Uesugi (2008a), Utech (1962a), Zoerner (1969a, 1970b).

mod 1.i.2019