Plantparasieten van Europa

bladmineerders, gallen en schimmels

Cerodontha iraeos

Cerodontha iraeos (Robineau-Desvoidy, 1851)

lissenstreep

Cerodontha iraeos: mine on Iris pseudacorus

Iris pseudacorus, Dronten © Arnold Grosscurt

Cerodontha iraeos: puparium in the mine

bovenin de mijn is het puparium zichtbaar….

Cerodontha iraeos: frass lump

laag de ene zwarte klomp die al de frass bevat.

mijn

Onregelmatige gangmijn, hoofdzakelijk in de lengterichting van het blad. Mijn in bovenaanzicht wit, in doorzicht gelijkmatig lichtgroen. Frass in één, zelden meer, grote zwarte klodder in de mijn. Larve solitair. Verpopping in de mijn; het puparium ligt in de lengterichting van het blad.

waardplanten

Iridaceae, nauw monofaag

Iris pseudacorus.

In tuinen ook I. sibirica.

Chałańska ea noemen de soort ook van Iris x germanica. Surányi (1942a) en Kabos (1971a) noemen ook Typha latifolia als waardplant; dat is intrigerend, want er is uit Europa niet één Cerodontha bekend van Typha (Nowakowski, 1973a). Benavent ea (2004a) noemen, naast Iris, nog Belamcanda, Gladiolus en Typha; ook hier is nadere bevestiging noodzakelijk.

fenologie

Larven van juni tot october (Nowakowski, 1973a).

BENELUX

BE waargenomen (De Bruyn & von Tschirnhaus, 1991a).

NE waargenomen (de Meijere, 1924a [als Dizyomyza morosa], 1939a).

LUX waargenomen (Ellis: Kautenbach).

verspreiding binnen Europa

Van Scandinavië tot het Iberisch Schiereiland, en van Ierland tot Wit-Rusland en Roemenië (Fauna Europaea, 2007); ook Corsica (Buhr, 1941b).

larve

puparium

synoniemen

C. ircos; C. ireos: misspelling; Phytobia iraeos; Dizygomyza morosa: de Meijere, 1925a.

parasitoïden, predatoren

Chrysocharis polyzo; Hemiptarsenus unguicellus.

opmerkingen

Behoort tot het subgenus Dizygomyza (Nowakowski, 1973a).

literatuur

Allen (1958a), Andersen (2012a), Andersen & Jonassen (1994a), Beiger (1979a), Benavent, Martínez, Moreno & Jiménez (2004a), Beuk (2002a), Bland (1992b, 1994b), De Bruyn & von Tschirnhaus (1991a), Buhr (1932a, 1941b, 1964a), Černý (2001a), Černý, Andrade, Gonçalves & von Tschirnhaus (2018a), Černý & Merz (2006a, 2007a), Černý & Vála (1999a), Chałańska, Łabanowski & Soika (2006a), Dempewolf (2001a), Dursun, Civelek, Barták ao (2015a), Eiseman & Lonsdale (2018a), van Frankenhuyzen Houtman & Kabos (1982a), Griffiths (1962a), Guglya (2021a), Hering (1955b, 1957a), Huber (1969a), Kabos (1971a), Kvičala (1938a), Manning (1956a), de Meijere (1925a, 1939a), Michalska (1970a, 1976a), Nowakowski (1973a), Pakalniškis (1986a, 1998a), Papp & Černý (2016a), Popescu-Gorj & Drăghia (1966a), Robbins (1991a), Sasakawa (1961a), Scheirs, De Bruyn & Verdyck (1993a), Skala & Zavřel (1945a), Sønderup (1949a), Spencer (1972a, 1976a), Starke (1942a), Starý (1930a), Stolnicu (2008a), Süss (1999a), Surányi (1942a), von Tschirnhaus (1999a), Zoerner (1969a).

Laatste bewerking 27.vi.2022