Plantparasieten van Europa

bladmineerders, gallen en schimmels

Cerodontha phragmitidis

Cerodontha phragmitidis Nowakowski, 1967

Cerodontha phragmitidis mine in Phragmites australis

Phragmites australis, Nieuwendam

15406

puparium in de mijn

mijn

Langgerekte blaasmijn, meestal in het distale deel van het blad, meestal interparenchymaal, minder vaak onderzijdig, en zelden bovenzijdig. Vrij weinig frass in vrij grote korrels, verspreid in de mijn. Meestal 1 larve per mijn. De verpopping is bijna altijd in de mijn.

waardplanten

Poaceae, monofaag

Phragmites australis

Een vermelding door de Meijere (1928a) van Calamagrostis epigeios berust welzeker op een misverstand.

fenologie

Larven in juni-september, soms ook mei en october (Nowakowski, 1973a).

BENELUX

BE waargenomen (Scheirs & De Bruyn, 1992a).

NE waargenomen (de Meijere (1924a,als C. atra).

LUX niet waargenomen (Fauna Europaea, 2007).

verspreiding binnen Europa

Van Scandinavië tot Frankrijk, en van Engeland tot de Baltische Staten en Hongarije (Fauna Europaea, 2007).

larve

puparium

synoniemen

Cerodontha atra: Hendel, Hering, de Meijere ea

opmerkingen

Behoort tot het subgenus Poemyza (Nowakowski, 1973a).

Een enkele maal nam ik waar dat de achterspiracula liggen voor twee kleine gaatjes in de bladepidermis; hoe die gemaakt worden is niet duidelijk.

literatuur

Beuk (2002a), Černý & Merz (2007a), Černý & Vála (1996a), Dursun, Civelek, Barták, Kubík, Yildirim & Černý (2015a), Griffiths (1962a), Kabos (1971a), de Meijere (1924a, 1925a, 1939a), Nartshuk (2011a), Nowakowski (1973a), Pakalniškis (1993a), Papp & Černý (2016a), Robbins (1991a), Scheirs, De Bruyn & von Tschirnhaus (1995a, 1996a), Scheirs, De Bruyn & Verdyck (1993a), Spencer (1954a, 1972a, 1976a), Süss (1982a), von Tschirnhaus (1999a).

28/03/2017

Laatste bewerking 4.viii.2017