Plantparasieten van Europa

bladmineerders, gallen en schimmels

Cerodontha phragmitophila

Cerodontha phragmitophila Hering, 1935

Cerodontha phragmitophila mine

Phragmites australis; uit Hering (1935a)

mijn

Verticaal verlopende gangmijn in de bladschede (zeer zelden ook in de bladschijf). Vaak verscheidene mijnen bijeen, soms samenvloeiend. Frass in verspreide kleine korrels. Puparium in de mijn.

waardplanten

Poaceae, nauw oligofaag

Arundo donax; Phragmites australis.

fenologie

Larven in juni-juli en september-october (Nowakowski, 1973a).

BENELUX

BE waargenomen (Scheirs, De Bruyn & von Tschirnhaus, 1996a).

NE niet waargenomen (Fauna Europaea, 2007).

LUX niet waargenomen (Fauna Europaea, 2007).

verspreiding binnen Europa

Van België tot het Iberisch Schiereiland en Italië, en van Polen tot Servië en Roemenië (Fauna Europaea, 2007).

larve

De mandibel is tweetandig (de Meijere, 1937a, Nowakowski, 1973a).

puparium

Relatief slank; het voorspiraculum is zwak gegaffeld met ca. 10 papillen; het achterspiraculum ziet er uit als een vuist met ca. 15 onregelmatig gerangschikte grote papillen (Venturi, 1946a).

synoniemen

C. arundinis Nowakowski, 1973.

opmerkingen

Lid van het subgenus Cerodontha (Nowakowski (1973a).

In oude mijnen leeft de larve van de galmug Lasioptera donacis

literatuur

Buhr (1941b), Černý (2010a, 2011a), Černý, Andrade, Gonçalves & von Tschirnhaus (2018a), Černý & Merz (2006a), Černý & Vála (2006a), Dursun, Civelek, Barták ao (2015a), Gibbs (2006b), Hering (1935a, 1957a), Maček (1999a), Nartshuk (2011a), Nowakowski (1973a), Papp & Černý (2016a), Scheirs, De Bruyn & von Tschirnhaus (1996a), Spencer (1957f), Venturi (1946a).

Laatste bewerking 15.xii.2018