Plantparasieten van Europa

bladmineerders, gallen en schimmels

Phytomyza cecidonomia

Phytomyza cecidonomia Hering, 1937

Diptera, Agromyzidae

mijn

Larve in een gang in de basis van de hoofdnerf, die als gevolg daarvan galachtig opzwelt. Het puparium bevindt zich in de “mijn”, vlakbij een van tevoren klaargemaakte, bovenzijdige, uitsluip-opening.

waardplanten

Asteraceae, oligofaag

Crepis paludosa; Hypochaeris radicata; Picris hieracioides.

fenologie

Larven tussen mei en juli (Hering, 1957a).

BENELUX

Niet bekend uit de Benelux-landen (Fauna Europaea, 2008).

verspreiding binnen Europa

Van Zweden tot de Pyreneeën, en van Engeland tot Polen (Fauna Europaea, 2008).

larve

Beschreven door Hering (1957b); achterspiraculum met 14 papillen.

synoniemen

Phytomyza britannica Griffiths, 1956.

literatuur

Buhr (1955a, 1964a), Černý (2011a), Černý & Merz (2006a), Ci̇velek, Çikman & Dursun (2008a), Griffiths (1956a), Hering (1957a,b), Robbins (1991a), Spencer (1971a, 1972a, 1976a), Spooner & Bowdrey (2012a), von Tschirnhaus (1999a).

28/04/2017

Laatste bewerking 28.vi.2017