Plantparasieten van Europa

bladmineerders, gallen en schimmels

Phytomyza conii

Phytomyza conii Hering, 1931

mijn

Zeer ondiepe bovenzijdige gang, vaak langs de bladrand. Frass in twee rijen, vaak in parelsnoertjes. De larve verlaat voor de verpopping de mijn via een boogvormige snede in de bovenepidermis. Het puparium blijft vaak aan het blad kleven.

waardplanten

Apiaceae, monofaag

Conium maculatum.

fenologie

Larven in juni-juli (Hering, 1957a).

BENELUX

Niet bekend uit de Benelux-landen (Fauna Europaea, 2008).

verspreiding binnen Europa

Engeland, Duitsland, Roemenië (Fauna Europaea, 2008).

larve

puparium

Glanzend bruinzwart.

literatuur

Buhr (1932a), Drăghia (1967a), Griffiths (1962a), Hering (1931f, 1954a, 1957a), Robbins (1991a), Spencer (1971a, 1972a), von Tschirnhaus (1999a).

19/12/2011

Laatste bewerking 25.vii.2017