Plantparasieten van Europa

bladmineerders, gallen en schimmels

Phytomyza kyffhusana

Phytomyza kyffhusana Hering, 1928

Diptera, Agromyzidae

mijn

Bovenzijdige blaasmijn, voorafgegaan door een lange smalle gang die (altijd?) ten dele onderzijdig is en vaak de bladrand volgt. Primaire vraatlijnen bij verse mijnen zeer duidelijk. Frass onregelmatig verspreid, deels in korrels, deels in sliertjes. Verpopping buiten de mijn.

waardplanten

Asteraceae, oligofaag

Antennaria dioica; Bupthalmum salicifolium; Filago arvensis, pyramidata; Gnaphalium sylvaticum, uliginosum; Helichrysum graveolens; Inula britannica, helenium, hirta, salicina; Laphangium luteo-album; Leontopodium leontopodioides, palibiniacrum, tataricum.

fenologie

Larven in juni-juli en september (Hering, 1957a).

BENELUX

Niet bekend uit de Benelux-landen (Fauna Europaea, 2008).

verspreiding binnen Europa

Duitsland, Litouwen, Polen, Tsjechië (Fauna Europaea, 2008).

larve

Beschreven door de Meijere (1937a) en Hering (1963a, als gnaphalii); achterspiraculum met 14 papillen.

synoniemen

Phytomyza gnaphalii Hering, 1963.

literatuur

Buhr (1941b, 1964a), Černý & Merz (2005a, 2007a), Dursun, Civelek, Barták, Kubík, Yildirim & Černý (2015a), Hering (1928a, 1949b, 1957a, 1960a, 1963a), Huber (1969a), Maček (1999a), Pakalniškis (1995a), von Tschirnhaus (1999a).

27/01/2017

Laatste bewerking 28.vi.2017